Auteursarchief: leeskees

Uitbarsting – Michael Crichton & James Patterson

Flaptekst
Twee van de bestverkopende auteurs aller tijden schrijven samen dé blockbuster van 2024: lees het in Uitbarsting van Michael Crichton en James Patterson.

Michael Crichton, bedenker van klassiekers als Jurassic Park en Westworld, was al jaren met een groot project bezig toen hij vroegtijdig stierf: een manuscript over een vulkaanuitbarsting op Hawaï. Zijn weduwe wist hoe bijzonder het verhaal was, en hield zijn aantekeningen en het onafgemaakte manuscript achter totdat ze de juiste auteur had gevonden om het te voltooien. Recent vond ze die: James Patterson, een van de populairste verhalenvertellers ter wereld.

Uitbarsting combineert het tempo van James Patterson met de vindingrijkheid van Michael Crichton, in een van de grootste thrillerlanceringen in jaren. Het resultaat is een zenuwslopend verhaal over een vulkaanuitbarsting die op het punt staat een deel van Hawaï te vernietigen. Maar een geheim dat al decennialang door het leger wordt bewaard, blijkt nóg destructiever dan de vulkaan…

Recensie
Na diens overlijden vond de weduwe van Michael Crichton (1942-2008) in zijn archief een onvoltooid manuscript over een onderwerp dat hem al jaren interesseerde: vulkanologie. Uit de vele bestanden en dossiers kwam ze erachter dat hij zijn beoogde verhaal grondig had voorbereid en gedocumenteerd. Ter ere van de vele arbeid die hij verricht had, wilde ze dat zijn werk voltooid werd en na een zoektocht van jaren vond ze die in de persoon van James Patterson. De populaire auteur vervolmaakte het document en in juni 2024 werd Uitbarsting op de markt gebracht.

Hierin staat de Manua Loa, de op één na grootste vulkaan op aarde, op het punt van uitbarsten en dreigt een deel van het Hawaï te vernietigen. Een groter gevaar voor het eiland, en in feite voor de hele wereld, vormt een geheim dat al sinds 1978 door het Amerikaanse leger in een grot op het eiland wordt bewaard. John MacGregor, wetenschappelijk directeur van het Hawaiian Volcano Observatoory (HVO), doet er, samen met zijn medewerkers en het leger, alles aan om een wereldwijde en allesvernietigende ramp te voorkomen.

Over het algemeen doen rampenfilms het behoorlijk goed en in zekere zin gaat dit eveneens op voor boeken waarin natuurgeweld een bedreiging voor het voortbestaan van de wereld of de mensheid vormt. Uitbarsting hoeft dus geen uitzondering op de regel te zijn, maar is dat ten dele wel. In het grootste deel van het verhaal wordt namelijk uitgebreid aandacht besteed aan een aantal vulkanen, de voorbije uitbarstingen daarvan en de voorbereidingen om een nieuw horrorscenario te voorkomen. Dit alles is zonder meer relevant voor de gebeurtenissen, waaronder de te verwachten eruptie, maar de veelheid aan informatie, die overigens interessant en leerzaam is, doet de spanning geen goed en gaat aanvankelijk ook ten koste van het tempo. Naarmate de plot vordert, verandert dit geleidelijk, komt een en ander in een stroomversnelling terecht en zijn de wendingen talrijker. Uiteindelijk leidt dit naar een spannende en spectaculaire finale.

Het verhaal wordt grotendeels vanuit het perspectief van MacGregor verteld en de lezer leert hem kennen als een man die weet wat hij wil en kan, maar ook van zijn medewerkers verwacht dat ze sterk in hun schoenen staan. Hierdoor komt hij enigszins autoritair over en heeft hij zelfs iets weg van een controlfreak. Toch lijkt dit vooral een houding te zijn, want hij beschikt wel degelijk over een zachte kant. Dit blijkt onder andere uit de sociale activiteiten waar hij zich, naast zijn dagelijkse werkzaamheden, mee bezighoudt. Het is daarom jammer dat hij iets te veel overkomt als de onoverwinnelijke superheld, waardoor hij een fractie van zijn menselijkheid verliest. Ook van de andere personages krijgt de lezer een adequate en prima indruk, want ieder van hen vervult zijn rol met verve.

Hawaï staat vooral bekend om zijn witte stranden, de prachtige natuur en de vele surfmogelijkheden, maar daar wordt terecht – de dreigende vulkaanuitbarsting en bijkomende gevaren zijn immers het thema – amper over uitgeweid. Desalniettemin geven de auteurs een summiere, maar goede impressie van de eilandengroep en hoe de bewoners tegen bepaalde dingen aankijken. De diverse Hawaïaanse termen, die overigens altijd worden verklaard, versterken dit beeld en helpen mee om een klein beetje van de sfeer van deze Amerikaanse staat te kunnen proeven.

De keuze om Patterson het manuscript te laten voltooien heeft prima uitgepakt, want nergens valt uit af te leiden dat twee gerenommeerde auteurs zich hiermee hebben beziggehouden. Een vlotte, toegankelijke en beeldende schrijfstijl zorgt ervoor dat de lezer van begin tot eind bij de vele voorvallen betrokken is, ondanks dat sommige situaties nogal ongeloofwaardig zijn. Helaas heeft Uitbarsting, vertaald door Angelique Verheijen, te veel tijd nodig om écht op gang te komen en is er onvoldoende spektakel om van een zinderende actiethriller te kunnen spreken. Het boek is evenwel goed geschreven, maar een pageturner is het niet.

(Dit boek heb ik voor Hebban gerecenseerd.)

Waardering: 3/5

Boekinformatie
Auteur: Michael Crichton & James Patterson
Titel: Uitbarsting

ISBN: 9789402715316
Pagina’s: 432

Eerste uitgave: 2024

Het eiland van de zielen – Piergiorgio Pulixi

Flaptekst
Rechercheurs Mara Rais en Eva Croce zijn niet blij als ze worden overgeplaatst naar de nieuw opgerichte eenheid voor onopgeloste misdaden in Cagliari, Sardinië. De een is geboren en getogen Sardijns, niet op haar mondje gevallen en hiermee al regelmatig in de problemen gekomen. De ander, een Milanese specialist in rituele moorden, staat privé voor een aantal uitdagingen en werd in Milaan geschorst. Het kantoor: een stoffige kelder vol oude dossiers. Aan de zijde van de twee rechercheurs: de terminaal zieke inspecteur Moreno Barrali. Zijn laatste wens is om een oude zaak op te lossen. Jaren geleden, op de Dag van de Doden, werden twee vrouwen op brute wijze vermoord in de buurt van de fonteintempels. Rituele moorden, denkt Moreno Barrali. Maar zijn superieuren geloven niet in zijn theorie. Het team is een oude sekte op het spoor als plotseling de cold case roodgloeiend wordt: een jonge vrouw is sinds een paar dagen spoorloos verdwenen…

Recensie
Piergiorgio Pulixi (1982), die in 2012 debuteerde met Una bruta storia, heeft in relatief korte tijd al een aanzienlijk oeuvre opgebouwd en is daarvoor beloond met een behoorlijk aantal prijzen. Toch is Het eiland van de zielen (2024) pas zijn eerste in het Nederlands vertaalde thriller. Het boek is tevens het begin van een nieuwe serie met de inspecteurs Mara Rais en Eva Croce en speelt zich volledig af Sardinië, het geboorte-eiland van de auteur.

De twee rechercheurs, die elkaar niet kenden, zijn recentelijk overgeplaatst naar de nieuw opgerichte afdeling Onopgeloste Zaken van de politie in Cagliari, waar ze zich op een groot aantal oude dossiers mogen storten. Een van die zaken betreft de dood van enkele jonge vrouwen, lang geleden. Inspecteur Moreno Barrali, een terminaal zieke collega, onderzoekt deze ogenschijnlijk rituele moorden al veertig jaar en het enige dat hij nu nog wil, is dat ze opgelost worden. De oude zaak wordt akelig actueel na de vermissing van een jonge vrouw, die zich had aangesloten bij een sekte die zich bezighoudt met neopaganisme.

Een korte proloog, waarin een dan nog niet bij naam genoemde inspecteur de zaak waar hij of zij aan heeft gewerkt, overdenkt, zorgt ervoor dat de lezer nieuwsgierig wordt naar de gebeurtenissen die hebben plaatsgevonden. Tevens krijgt hij al een globale indruk van de mystieke sfeer die rond het verhaal, of in ieder geval een deel daarvan, hangt. Dit komt vooral tot uiting in een tweede verhaallijn, waarin een in het Sardijnse binnenland levende Ladu-gemeenschap centraal staat en hun culturele en rituele gebruiken de nodige aandacht krijgen. Deze subplot – hoewel interessant – is in zekere zin overbodig, want een direct verband met de te onderzoeken moord is er niet en lijkt grotendeels in de plot opgenomen te zijn om de lezer een idee te geven van een discutabele Ladu-traditie.

Ondanks een aantal intrigerende en mysterieuze voorvallen, waaronder de moord, duurt het vrij lang voordat de eerste tekenen van spanning zichtbaar worden. Tot ongeveer halverwege gaat het er betrekkelijk rustig aan toe en krijgt de lezer nogal wat informatie over de personages, het eiland en diens tradities en legendes voorgeschoteld. Hierna nemen de thrilleraspecten de overhand en komt de nadruk op het politieonderzoek te liggen. Nagelbijtend spannend wordt het dan overigens niet, maar het aantal onverwachte ontwikkelingen en wendingen neemt gestaag toe. Deze leiden er, samen met het speurwerk van de rechercheurs, uiteindelijk toe dat de moordenaar in de kraag wordt gevat. Enerzijds is zijn identiteit verrassend, anderzijds eigenlijk ook weer niet, vooral omdat het in feite niemand anders had kunnen zijn.

Het verhaal wordt vanuit verschillende perspectieven verteld, maar hoofdzakelijk uit dat van Rais en Croce. Ze moeten noodgedwongen met elkaar samenwerken en daardoor blinkt hun onderlinge communicatie niet altijd uit in vriendelijkheid. Aanvankelijk acceptabel, maar na verloop van tijd beginnen hun vinnige en zo nu en dan kinderachtig aandoende sneren danig te storen. Desondanks zijn beide dames, ondanks hun persoonlijke problemen, sterke persoonlijkheden die uit kunnen groeien tot een succesvol koppel dat in de nabije toekomst mogelijk ook nog eens goed met elkaar overweg kan. De eerste tekenen daarvan zijn aan het eind van de epiloog al min of meer waarneembaar.

Uit veel blijkt dat Pulixi, die een toegankelijke en beeldende schrijfstijl heeft, een gedegen en overwegend boeiend verhaal kan vertellen. Niet alle situaties komen realistisch over, maar passen zonder meer bij de ambiance en omstandigheden in de door Guanita Milder-Wolbers en Saskia Peterzon-Kotte vertaalde thriller. Het eiland van de zielen is daarom geen groots, maar wel veelbelovend begin van deze Sardijnse serie.

(Dit boek heb ik voor Hebban gerecenseerd.)

Waardering: 3/5

Boekinformatie
Auteur: Piergiorgo Pulixi
Titel: Het eiland van de zielen

ISBN: 9789044936568
Pagina’s: 478

Eerste uitgave: 2024

Alter ego – Esther Verhoef

Flaptekst
Het leven lacht Lynn eindelijk toe. Ze is getrouwd met de twintig jaar oudere Camiel Storm, een bekende chef-kok, en verzorgt met verve de pr voor diens sterrenrestaurant De Luwte. Voor de buitenwereld vormen de twee een succesvol powerkoppel. Maar terwijl Camiel avond na avond de sterren van de hemel staat te koken, onderhoudt Lynn een passievolle affaire met de jonge, opvliegende Laurens.

Door ambitieuze uitbreidingsplannen komt het huwelijk verder onder druk te staan. En wanneer er onverklaarbare dingen gebeuren in en rond de villa van Camiel en Lynn, kan Lynn bij niemand terecht.

Recensie
Voordat Esther Verhoef bij het grote publiek bekend werd, bracht ze al een vijftigtal informatieve boeken over huisdieren uit. Inmiddels schrijft ze iets meer dan twintig jaar spannende boeken, waarvan het in 2003 verschenen Onrust de eerste was en dat meteen voor de Gouden Strop werd genomineerd. In 2023 publiceerde ze haar tiende psychologische thriller, Alter ego, waarvoor ze diverse lovende reacties ontving.

Lynn Fleer is begin dertig en getrouwd met de twintig jaar oudere en van televisie bekende chef-kok Camiel Storm. In zijn sterrenrestaurant De Luwte verzorgt ze de public relations. Ze leiden beiden een druk leven, zien elkaar daardoor weinig en de vergevorderde plannen om in het hele land verschillende filialen te openen vergt veel van hun tijd en huwelijk. Daarnaast is Lynn een affaire begonnen met de nogal heetgebakerde Laurens. Dan vinden er in en rond de woning van het echtpaar diverse merkwaardige voorvallen plaats, die alleen Lynn opvallen. Er is echter niemand die haar wil geloven.

De uitgebreide proloog beschrijft een situatie die wel vaker in spannende boeken voorkomt en heeft al een enigszins beklemmende spanning. De lezer begrijpt hoe de dan nog jonge Lynn – de scène speelt zich af in 1999 en wordt vanuit haar perspectief verteld – zich moet voelen en kan zich vrij gemakkelijk in haar verplaatsen. Daarna wordt meteen een sprong naar het heden (2022) gemaakt en verandert de toonzetting van het verhaal. Alles gaat er een stuk bedaarder aan toe en worden de meeste personages geïntroduceerd. Deze rustige tendens blijft eigenlijk in de hele plot gehandhaafd, want de auteur heeft geen ruimte ingebouwd voor allerlei spectaculaire wendingen en daverend spannende omstandigheden. Wel is er zo nu en dan ietwat dreiging, maar dat beperkt zich tot een paar momenten. Verhoef richt zich voornamelijk op wat zich in het hoofd van Lynn afspeelt en daar slaagt ze redelijk in.

Hoewel het erop lijkt dat er heel wat gebeurt, gebeurt er in feite niet eens zo ontzettend veel. In het grootste deel van de plot wordt uitgebreid aandacht besteed aan de zorgen en stress die een nieuw project met zich meebrengen en zo nu en dan worden de mysterieuze voorvallen in de woning van Lynn en Camiel naar voren gebracht. Heel uitvoerig is dit niet, maar wel voldoende om te kunnen bevatten welke invloed dit op Lynn heeft. Hierbij worden enkele personages in een kwaad daglicht geplaatst, maar dit is allemaal behoorlijk voorspelbaar. Zelfs de identiteit van degene die al deze voorvallen op zijn geweten heeft – diverse hoofdstukken, die aanvankelijk voor enige nieuwsgierigheid zorgen, worden vanuit diens oogpunt verteld – is uiteindelijk geen verrassing meer. Al ruim voor de ontknoping kan de lezer, ondanks enkele verwoede pogingen van Verhoef om hem te misleiden, kan hij een aanwijzing ontdekken waaruit dit op te maken valt.

Zoals van de auteur verwacht mag worden, is de schrijfstijl uitermate verzorgd en vlot. Opvallend is echter dat ze meegaat in het geleidelijk aan toenemende en vaak onnodige gebruik van Engelstalige woorden. Waarom bijvoorbeeld het woordje food vermelden, terwijl hier een goed Nederlandstalig alternatief voor is. Het eind van het verhaal, waarin alle eventueel openstaande vragen worden beantwoord, valt een klein beetje uit de toon. Goed, er komt duidelijkheid over wat er gebeurd is, wie hiervoor verantwoordelijk is en wat deze persoon wilde bereiken, maar daar blijft het in feite bij, want over de beweegredenen blijft de auteur enigszins vaag.

Over het geheel genomen levert Alter ego zonder meer het nodige leesplezier op, maar is in grote lijnen tamelijk oppervlakkig, ondanks dat Lynn Fleer hier een positieve uitzondering op is.

Waardering 3/5    

Boekinformatie
Auteur: Esther Verhoef
Titel: Alter ego

ISBN: 9789044652901
Pagina’s: 416
Eerste uitgave: 2023

De reus van Amsterdam – Tanya Commandeur

Flaptekst
Amsterdam, 1918. Albert Kramer wordt ontdekt door een Duitse impresario die hem in Berlijn voor een publiek van drieduizend man zet. Albert is op dat moment eenentwintig jaar en de nieuwe reus van het gezelschap. Na deze vuurdoop belandt hij bij het circus, waar de kleine Seppi zijn showpartner en allerbeste vriend wordt. De twee trekken veel bekijks, ook in de cafés waar ze na hun optredens tot laat in de nacht bier drinken. Ondertussen begint Albert gevoelens te ontwikkelen voor Seppi’s zus Mina. Maar noodgedwongen scheiden hun wegen: Albert vertrekt naar Amerika en Mina blijft in Zwitserland. Zal Albert haar ooit weer zien? En hoe zit het met Alberts grote geheim?

Recensie
Al op erg jonge leeftijd begon Tanya Commandeur met schrijven, alhoewel ze het toen nog in stripvorm deed. De echt fijne kneepjes van het vak leerde ze toen ze voor diverse bladen schreef, waaronder de schoolkrant en Marie Claire. Haar eerste roman Wallada’s gasten verscheen in 2008 en haar meest recente boek is De reus van Amsterdam, dat in 2023 werd uitgebracht. Dit goed ontvangen werk is gebaseerd op het leven van Albert Kramer, met zijn 2 meter 42 de langste Nederlander ooit gemeten.

Al snel na zijn geboorte wordt duidelijk dat de groei van Albert Kramer grote proporties aanneemt. In de Amsterdamse wijk De Pijp, waar hij woont, wordt hij al snel Lange Appie genoemd. Als hij eenentwintig jaar oud is, wordt hij door een Duitse impresario geronseld om in een show in Berlijn op te treden. Het publiek zal zijn reusachtige lengte geweldig vinden. Hierna komt hij in het circus terecht, waar hij met de kleine Seppetoni de bezoekers vermaakt. Hij wordt tevens verliefd op Mina, de zus van Seppi. Albert vertrekt echter naar Amerika en vraagt zich af of hij zijn grote liefde nog weer terug zal zien.

Het is net alsof het voertuig uit een andere wereld kwam. Zo begint het grotendeels fictieve verhaal van en over Albert Kramer, de langste man van Nederland en uit wiens perspectief de volledige plot wordt verteld. De roman speelt zich dan ook ongeveer een eeuw geleden af en de auto zorgt voor verwondering, want zo heel vaak gebeurde het in die tijd niet – en al helemaal niet in een volkswijk – dat er een automobiel te bewonderen viel. Deze opening geeft meteen al wat prijs van de sfeer waarin alles zich afspeelt. Het zijn de jaren (vlak) na de Eerste Wereldoorlog en de armoede, de latere crisisjaren en de opkomst van enkele destijds moderne snufjes komen erg goed over. De lezer waant zich als het ware zelf in de eerste helft van de twintigste eeuw.

De plot heeft in beginsel een chronologisch verloop, maar zo nu en dan is er een flashback naar eerdere perioden in het leven van Kramer. Vanwege de uitgebreide beschrijvingen daarvan leer je hem vrij goed kennen, kom je erachter hoe de mensen tegen hem aankijken en welke moeilijkheden en problemen zijn pad kruisen, uiteraard veroorzaakt door zijn enorme lengte. Van zijn gestalte maakt hij, hoewel aanvankelijk niet van harte, echter ook handig gebruik. Als rondreizend artiest probeert hij de kost te verdienen en het grootste deel van het verhaal gaat daarom over deze fase van zijn bestaan. Hierin maakt hij het een en ander mee en daarom bevat de roman talloze wendingen, die voor onverwachte, bijzondere en eveneens mooie situaties zorgen.

Commandeur heeft een erg vlotte en levendige schrijfstijl, die bovendien behoorlijk beeldend is. De ambiance van toen wordt goed beschreven en in bepaalde gevallen is het woordgebruik van de auteur afgestemd op de desbetreffende periode. Zo komen in de roman soms woorden voor die tegenwoordig uit den boze zijn, denk hierbij bijvoorbeeld aan dwerg of freak. Dat ze dit doet, is absoluut niet storend, want in deze context past dit wel, waarbij de lezer zich vanzelfsprekend wel in die tijd moet verplaatsen. Omdat ze waargebeurde feiten en werkelijk bestaande personen (in het verleden dan) in het verhaal heeft verwerkt, komt het geheel zeer realistisch over. Nergens bestaat het gevoel dat veel van wat er gebeurt verzonnen is.

In haar nawoord geeft Commandeur nog wat aanvullende informatie over de echte Albert Kramer. Dit is een mooie aanvulling op de roman en heeft daarom wel toegevoegde waarde, je bent er immers nieuwsgierig naar hoe het hem vergaan is. Al met al boeit De reus van Amsterdam van begin tot eind en ga je gaandeweg toch wel wat van de grote man houden.

Waardering: 4/5

Boekinformatie
Auteur: Tanya Commandeur
Titel: De reus van Amsterdam

ISBN: 9789026361531
Pagina’s: 304
Eerste uitgave: 2023

Vinex – Bernice Berkleef

Flaptekst
Hein en Simone verruilen hun appartement in het hippe Amsterdam-Zuid voor een landelijk gelegen nieuwbouwwijk in Amstelveen. Ondanks het grotere huis en de natuur om hen heen komt de burgerlijkheid van de Vinex-wijk hen algauw tegen te staan. Maar onder die schijn van braafheid gaat het nodige schuil… Een buurvrouw die niet gelukkig is in haar huwelijk en de grenzen opzoekt. Een agente die in de ziektewet is beland en een klein privéonderzoek start om zich maar nuttig te voelen. Een tiener die in een pleeggezin is geplaatst en een ijzingwekkende ontdekking doet. Op hun eigen manier gaan ze allemaal stukje bij beetje over de schreef, totdat het tijdens een buurtfeest volledig uit de hand loopt.

Recensie
Omdat Bernice Berkleef – ze heeft een rechtenstudie afgerond – niet gelukkig werd van het vooruitzicht om juridisch werk te verrichten, koos ze ervoor om freelancejournalist te worden en eveneens boeken te gaan schrijven. Vervolgens debuteerde ze in 2013 met de Young Adult Flame en vijf jaar later verscheen haar eerste thriller Cody, dat lovende reacties ontving. In 2023 werd Vinex uitgebracht, waarvoor de Amstelveense vinexwijk waar ze zelf woont enigszins model voor staat.

Een paar weken geleden zijn de Amsterdammers Simone en Hein naar het rustigere Amstelveen verhuisd. Ze hebben een woning betrokken in een vinex-nieuwbouwwijk, maar al snel blijkt dat met name Hein er zijn draai niet kan vinden. Het is sowieso niet allemaal koek en ei, want een van de buurvrouwen voelt zich ongelukkig in haar huwelijk. Een andere vrouw in de straat voelt zich, nadat ze in de ziektewet is beland, nutteloos en zeventienjarig meisje, die bij Hein en Simone schoonmaakt, en in een pleeggezin woont, heeft haar zo eigen problemen. Een en ander escaleert tijdens een buurtfeest, dat in principe voor verbondenheid had moeten zorgen.

Het verhaal begint met een korte proloog waarvan de setting overduidelijk een gevangenis is. Dit begin zorgt voor een aantal vragen en de lezer wordt eveneens benieuwd naar het vervolg. Je verwacht dat de auteur later in de plot terugkomt op deze inleiding of op z’n minst hier aan het eind een keer naar verwijst, maar niets van dit alles. Het gevolg is dat deze opening er min of meer als los zand bijhangt en in feite volledig overbodig is. Dan vangen de eigenlijke gebeurtenissen aan en word je in het leven van een aantal uiteenlopende vrouwen geïntroduceerd. De verschillende verhaallijnen worden dan ook vanuit hun perspectief verteld en de enige overeenkomst is de Amstelveense vinexwijk.

Berkleef neemt er zeer uitgebreid de tijd voor om het kwartet aan de lezer voor te stellen en hen te laten weten wat de dames bezighoudt, welke problemen ze hebben en hoe ze hun dagen doorbrengen. Veel ruimte voor allerlei ontwikkelingen, spannende momenten en onverwachte wendingen is er niet. Van meet af aan is het natuurlijk duidelijk dat er op een bepaald moment iets moet gebeuren, en het is ook helder dat de auteur hier heel geleidelijk aan naartoe werkt, maar dit gaat gepaard zonder al te veel verrassingen. De lezer wordt zo goed als niet nieuwsgierig gemaakt, ondanks dat zich toch diverse onverkwikkelijke dingen afspelen. Het staat onomstotelijk vast dat Berkleef haar best heeft gedaan om de spanning op te bouwen, dit komt echter niet uit de verf, want pas in de ontknoping zorgt een tweetal hoofdstukken voor een klein beetje actie en enkele licht enerverende minuten.

De schrijfstijl is overwegend vlot en bij vlagen wat ongebruikelijk. Hierdoor komt het verhaal af en toe klinisch over en is het daarom iets lastiger om je in de personages in te leven en om zowel een gevoel als beeld bij hen en de omstandigheden te hebben. Soms komt het taalgebruik zelfs ietwat formeel over, het speelse wat de taal vaak mooi kan maken, ontbreekt op die momenten. Desondanks is het een gemakkelijk en redelijk plezierig leesbaar boek, waarin de duistere kant die sommige mensen kunnen hebben onmiskenbaar naar voren komt. Tussen neus en lippen door lijkt de auteur ook nog wat kritiek op de jeugdzorg te geven, waardoor het verhaal een actueel tintje heeft.

Het eind is, zoals gezegd, iets spectaculairder, maar tamelijk voor de hand liggend. Vooral omdat de lezer eigenlijk al weet wat het plan van enkele personages is. Het verrassende is er daarom af. Vinex is al met al niet onaardig en krijgt een krappe voldoende. Het thema en de gedachte erachter zijn origineel, maar de uitwerking daarvan is niet thrillerwaardig.

Waardering: 3/5

Boekinformatie
Auteur: Bernice Berkleef
Titel: Vinex

ISBN: 9789044354942
Pagina’s: 302
Eerste uitgave: 2023

Ik kan je redden – Sofie Delporte

Flaptekst
Een jonge lerares op de vlucht voor haar verleden probeert een nieuw bestaan op te bouwen in een stad aan zee. Wanneer ze een charismatische muzikant ontmoet, denkt ze haar kans op geluk gevonden te hebben. Ze heeft het mis.

Inspecteur Olivia Leroy is recent overgestapt naar het Bureau Vermiste Personen. Ze worstelt met zichzelf, haar liefdesleven en de rest van de wereld. Als in de Polders het lichaam van een onbekende vrouw wordt opgegraven, krijgt ze de opdracht het slachtoffer te identificeren. Ze bijt zich vast in de zaak, erop gebrand zich te bewijzen, maar er zijn amper aanknopingspunten en elk spoor loopt dood. Dan wordt in de buurt een tweede lijk gevonden. Terwijl de moordsectie focust op het vinden van de dader, blijft Olivia koppig haar eigen onderzoek voeren. Dat wordt haar niet door iedereen in dank afgenomen. Om de slachtoffers hun namen terug te geven en ervoor te zorgen dat de moordenaar niet vrijuit gaat, zal Olivia haar eigen blinde vlekken onder ogen moeten zien.

Recensie
In het dagelijkse leven is Sofie Delporte bibliothecaresse, maar daarnaast gepassioneerd door het schrijven zelf. Bij het Gentse Schrijverscollectief schreef ze enkele kortverhalen en nadat ze een lezing bijwoonde van een politiefunctionaris van de Cel Vermiste Personen (een onderdeel van de Belgische federale politie) bijwoonde, besloot ze een thriller te schrijven. Ze heeft hier vervolgens vijf jaar aan gewerkt en dat heeft erin geresulteerd dat in mei 2023 Ik kan je redden werd uitgebracht. Dit is het eerste deel van een serie met inspecteur Olivia Leroy in de hoofdrol.

Inspecteur Olivia Leroy werk sinds kort bij de dienst Cel Vermiste Personen van de Gentse politie en krijgt de taak om de identiteit van een vermoorde jonge vrouw te achterhalen die in de Polders is gevonden. Door gebrek aan informatie boekt ze echter nog weinig resultaat. Niet veel later wordt een tweede lichaam gevonden, en ondanks dat ze zich niet met het oplossen van de moord mag bemoeien, blijft Olivia zich, tegen de zin van anderen, met de zaak bemoeien. Ze is namelijk vastberaden om de naam van de slachtoffers te achterhalen en de moordenaar er niet mee weg te laten komen.

In dit debuut maakt de lezer kennis met inspecteur Olivia Leroy en merkt daarbij al snel dat ze een verleden én persoonlijke problemen heeft. Het fijne hiervan komt in de plot echter niet naar voren, dus blijft er in feite een zweem van geheimzinnigheid rond haar persoon zweven. Wellicht dat de auteur hier in een vervolgdeel op terug gaat komen, maar alvast een tipje van de sluier oplichten was prettig geweest, vooral omdat haar doen en laten dan beter begrepen zou worden. Nu komt ze over als nogal eigenzinnig, als een buitenbeentje en als iemand die het niet zo nauw neemt met de politievoorschriften. Aan de ene kant heeft dit natuurlijk wel iets, maar aan de andere kant is dit ook behoorlijk cliché, er zijn veel thrillers waarin een protagonist soortgelijke eigenschappen heeft.

Na een korte proloog die zonder meer nieuwsgierig maakt, wisselen heden en verleden elkaar af. Dit verleden begint twee jaar eerder en verloopt chronologisch. Hierdoor krijg je inzicht in wat er in het leven van muzikant Tristan De Raeve en zijn vrouw Tess gebeurt. Hoewel je wel in de gaten hebt dat niet alles rozengeur en maneschijn is, is de spanning niet bepaald om te snijden. Wat dat betreft is het allemaal een nogal tamme bedoening. Dit geldt eveneens voor de diverse onderzoeken waar Leroy en haar collega’s zich mee bezig houden. Weinig sprankelende momenten waarbij de vorderingen heel gestaag verlopen en het aantal verrassende en/of onverwachte wendingen niet zo heel erg groot is.

De gebeurtenis uit de inleiding blijft de lezer op de achtergrond een klein beetje bezighouden, je vraagt je voortdurend af wat dit met de rest van de plot te maken heeft. In het laatste hoofdstuk komt hier duidelijkheid over en pas dan wordt je nieuwsgierigheid bevredigd. Ondertussen speelt Delporte op veilig, want erg veel situaties zijn nogal standaard voor een politiethriller. Dit geldt eveneens voor het gedrag van veel personages en een aantal dialogen. Niet vervelend, maar heel erg onderscheidend is het evenmin. Bovendien is het verhaal op enkele vlakken nogal voorspelbaar, een oplettende lezer weet op voorhand hoe gereageerd gaat worden, hoe onderlinge verhoudingen zich gaan ontwikkelen en wie voor de moord(en) verantwoordelijk is.

Ondanks de genoemde kritische noten is dit debuut zeker niet onaardig. Het boek leest uitermate vlot, is niet bijster ingewikkeld en zorgt voor enkele ontspannen uurtjes. De auteur mag in de komende delen wel iets minder braaf zijn en de personages meer een eigen gezicht geven. Nu is het vooral veel dertien in een dozijn. Ik kan je redden is daarom niets meer of minder dan een aardig en middelmatig begin, waarin wel aangetoond wordt dat Deporte een verhaal kan schrijven.

Waardering: 3/5

Boekinformatie
Auteur: Sofie Delporte
Titel: Ik kan je redden

ISBN: 9789464759341
Pagina’s: 416
Eerste uitgave: 2023

Dochters van Kiev – Erin Litteken

Flaptekst
In 1929 leidt de zestienjarige Katya nog een onbezorgd leven; ze wordt omringd door familie en is verliefd op haar buurjongen. Maar Stalins plan om Oekraïne, de graanschuur van Europa, in te lijven bij het communistische collectief roept een afschuwelijke hongersnood over het land af. Buren verdwijnen, voedsel wordt schaars en verzet wordt betaald. Toch lonkt er zelfs in de donkerste tijden liefde voor Katya.

Zeventig jaar later. Omdat Katya’s kleindochter Cassie jong weduwe is geworden, trekt ze tijdelijk bij haar oma in. Daar ontdekt ze het dagboek van haar grootmoeder, dat het schokkende verhaal achter haar familie onthult: een verhaal over hoop, doorzettingsvermogen en liefde onder de meest barre omstandigheden.

Recensie
Het in 2022 verschenen debuut Dochters van Kiev van Erin Litteken is geïnspireerd op de verhalen die haar bij hen inwonende Oekraïense overgrootmoeder haar vertelde toen ze nog een kind was. Ze raakte hierdoor zodanig gefascineerd dat ze op latere leeftijd de geschiedenis van deze verhalen ging onderzoeken om antwoorden te vinden op de vele vragen die haar hierover bezighielden. Hoewel alle personen die in de roman voorkomen fictief zijn, representeren ze wel wat de toenmalige bewoners van Oekraïne aan het eind van de jaren twintig en begin jaren dertig van de vorige eeuw hebben moeten doormaken.

Aan het gelukkige leven van de jonge Katya komt een abrupt eind als de Russische dictator Jozef Stalin begin 1930 besluit om Oekraïne in te lijven bij het communistische collectief. Omdat de bevolking alles wordt afgenomen, ontstaat er een verschrikkelijke hongersnood die miljoenen levens heeft gekost. Ondanks deze ellende is er voor Katya ook veel liefde. Ruim zeventig jaar later, ze woont inmiddels in de VS, komt haar kleindochter Cassie, die een jaar eerder weduwe geworden is – tijdelijk en ter ondersteuning – bij haar wonen. Cassie vindt het dagboek van haar grootmoeder en komt erachter wat Katya destijds allemaal heeft doorstaan.

De roman heeft twee verhaallijnen en wordt daardoor vanuit evenzoveel perspectieven verteld. In het heden (2014) is dat Cassie en in het verleden (eind 1929 en het begin van de jaren dertig van de vorige eeuw) door Katya. Er is echter één overeenkomst, namelijk de grootmoeder van eerstgenoemde. Zij is niet alleen de jonge vrouw uit de flashbacks, maar eveneens Cassie’s oma. De strekking van beide subplots verschillen echter aanzienlijk, want het deel dat zich in Oekraïne afspeelt gaat vooral over de mensonterende verschrikkingen die zich in die periode hebben voorgedaan. Een tamelijk onbekende geschiedenis waar je niet vrolijk van wordt en die onomwonden duidelijk maakt dat de bevolking van het land enorm te lijden heeft gehad.

Behalve de ontberingen heeft Litteken ook ruimte ingebouwd voor een grote hoeveelheid romantiek, zowel in het leven van Katya als in dat van Cassie. Dit levert een aantal mooie en liefdevolle scènes op, maar zo nu en dan druipt het suikerzoete er allemaal net iets te veel vanaf. Daarnaast kun je wat dit betreft veel van mijlenver zien aankomen, dus kan de lezer in zijn glazen bol heel helder zien hoe sommige verstandhoudingen en situaties er in de nabije toekomst uit gaan zien. Doorzichtig en redelijk voorspelbaar dus. Je kunt je verder afvragen of het gedrag van de twee vrouwen helemaal realistisch is wat dit thema betreft. Voor de Oekraïense kun je hier overigens nog wel een argument voor vinden, want in de eerste helft van de twintigste eeuw was alles natuurlijk heel anders.

Over het algemeen is de schrijfstijl van de auteur ongecompliceerd en oogt daardoor nogal simpel. Waarschijnlijk wil ze met eenvoudige bewoordingen duidelijk maken wat ze met haar boek wil bereiken, en daar is ze aardig in geslaagd. Dit neemt echter niet weg dat de tijdlijn zo nu en dan voor vraagtekens zorgt, niet alles lijkt namelijk te kloppen. Verder komen enkele dingen wel heel plotseling uit de lucht vallen. Litteken komt dan met een feit op de proppen waar ze het niet eerder over heeft gehad, ze gaat er dan van uit dat de lezer hiervan op de hoogte is. Een voorbeeld daarvan is de longontsteking die Bobby (een verbastering van het Oekraïense woord babusya, dat grootmoeder betekent) heeft. Pas ver in de plot blijkt ze hier opeens last van te hebben.

Dochters van Kiev, dat gezien de huidige ontwikkelingen met Rusland en Oekraïne enigszins actueel is, geeft een dubbel gevoel. Aan de ene kant is het aangrijpend en verhelderend, aan de andere kant betrekkelijk naïef, maar een straf om te lezen is de roman nou ook weer niet.

Waardering: 3/5

Boekinformatie
Auteur: Erin Litteken
Titel: Dochters van Kiev

ISBN: 9789402711271
Pagina’s: 368
Eerste uitgave: 2022

De flessentrekker – Ilja Gort

Flaptekst
Maxim Dupont vervalst kostbare wijnen. Hij doet dat op een geniale manier en wordt de rockster van de wijn. Op het toppunt van zijn roem krijgt hij een affaire met Claudine, de eigenares van een vooraanstaande wijnwinkel. Beiden blijken een dubbele agenda te hebben. Toch worden ze partners in crime en gaan de strijd aan met een machtige organisatie uit de hoogste regionen van Frankrijk die op veel grotere schaal wijnen vervalst.

Recensie
Ilja Gort was, en is eigenlijk nog steeds, een veelzijdig man die er een groot aantal passies op na houdt. Voor 2000 was hij actief in en met muziek, maar vanaf dat jaar legde hij zich toe op het produceren van wijn en het schrijven van boeken. Als auteur debuteerde hij in 2004 met het inmiddels vele malen herdrukte boek Leven als Gort in Frankrijk. In De flessentrekker, zijn nieuwste roman die twintig jaar later is verschenen, is het vervalsen van wijnen het belangrijkste thema en is derhalve gebaseerd op enkele bekende wijnfraudezaken.

De jonge en gesjeesde student Maxim Dupont ontdekt bij zichzelf een gave die hem veel roem en rijkdom kan brengen: het vervalsen van kostbare en soms zeldzame wijnen. Zijn vriendschap met de ongeveer even oude Claudine d’Hollosy, eigenares van een gerenommeerde wijnwinkel, komt hem daarbij goed van pas en beiden nemen het niet zo nauw met de geldende regels. Op een dag ontmoet Dupont de charismatische Bernard de Rochemorin, waarna hij zich aansluit bij diens organisatie. Claudine ontdekt dat deze man op nog grotere schaal wijnen vervalst en gaat samen met Maxim de strijd met hem aan.

Meteen in het eerste hoofdstuk maakt de lezer kennis met Maxim Dupont, die qua uiterlijk wel heel veel weg heeft van Gorts nog erg jonge kleinzoon Charlie. Het verhaal wordt dan ook grotendeels vanuit zijn perspectief verteld en daardoor krijg je, overigens zonder dat de auteur erg veel over Duponts achtergrond uitweidt, een vrij goed beeld over hem en zijn bezigheden. Ook hierbij blijft Gort – en gelijk heeft hij – dicht bij zichzelf, want net als zijn hoofdpersonage is hij gepassioneerd door wijn, heeft hij veel met Bordeaux en is de achternaam d’Hollosy niet geheel onbekend voor hem. Daarnaast zijn enkele locaties en activiteiten die in het boek beschreven worden herkenbaar uit zijn televisieprogramma Gort over de grens. Hierdoor komen diverse omstandigheden zonder meer waarheidsgetrouw over.

Dit laatste geldt in iets mindere mate voor de plot, ondanks dat het vervalsen van kwaliteitswijnen wel degelijk voorkomt en dit een lucratieve onderneming is waarmee een dik belegde boterham te verdienen valt. Er zijn namelijk verschillende situaties die nogal onrealistisch zijn en waarbij het overduidelijk is dat Gort alle registers opentrekt om de lezer een vermakelijk verhaal voor te schotelen. Hierin is hij zonder meer geslaagd, want de vele aangelegenheden vervelen geen moment. Het tempo ligt voortdurend hoog, er gebeurt meer dan voldoende en diverse scènes neigen zelfs naar het absurdistische. Het zal en kan dan ook niemand verbazen dat in dit boek humor een belangrijke plaats inneemt.

De schrijfstijl van de auteur is bijzonder vlot, ongecompliceerd, erg beeldend en helemaal in de lijn van Gort. Een goed voorbeeld van dit laatste is een mooie en levensechte beschrijving van het proeven van alleen maar één slok wijn. Het verhaal begint nog heel ‘gewoon’ en bedaard, maar gaandeweg de plot en betrekkelijk geleidelijk neemt de spanning zienderogen toe. Om uiteindelijk te eindigen in een nogal drastische, onverwachte, maar eveneens ongeloofwaardige ontknoping. In die slotfase volgt alles elkaar wel heel snel op, het lijkt dan alsof er tussentijds niets voorgevallen is. Dit wekt de indruk dat er rap een eind aan gebreid moest worden, wat waarschijnlijk absoluut niet het geval geweest is.

Hoewel De flessentrekker over het geheel genomen wel oppervlakkig is, komen de frauduleuze handelingen met wijn prima naar voren. Dit doet Gort op een luchtige en onderhoudende manier, waarbij de strekking van het boek langzaam verandert van roman naar thriller.

Waardering: 3/5

Boekinformatie
Auteur: Ilja Gort
Titel: De flessentrekker

ISBN: 9789083343280
Pagina’s: 250
Eerste uitgave: 2024

Diepe rivier – Shusaku Endo

Flaptekst
Een groepje Japanse toeristen maakt een georganiseerde reis langs voor boeddhisten belangrijke plaatsen in India. Stuk voor stuk maken ze een crisis door in Varanasi, de voor hindoes heilige badplaats. De soldaat met zijn herinneringen aan oorlogsgruwelen, de man wiens vrouw aan kanker is overleden, de gescheiden vrouw die op zoek is naar de priester-leerling die ze verleid en vernederd heeft, de schrijver van kinderboeken die liever tegen dieren dan tegen mensen praat; allen ondergaan in de loop van de roman op de een of andere manier de kracht van de liefde die voor Endo God is.

Recensie
De in 1996 overleden auteur Shusaku Endo werd (en wordt wellicht nog steeds) beschouwd als een van de grootste Japanse schrijvers van na de Tweede Wereldoorlog. Hij debuteerde in 1955 met de novelles White man en Yellow river. Niet lang voor zijn overlijden verscheen in 1995 diens roman Diepe rivier (1994) in een Nederlandse vertaling. Hierin is religie, net als in zijn overige werk trouwens, een belangrijke rode draad.

Een groep Japanse toeristen vertrekt om uiteenlopende redenen voor een reis naar India. Aan de oever van de heilige rivier de Ganges vertelt hun reisleider Enami hen het een en ander over de moedergodin Chamunda en welke rol zij heeft in het hindoeïsme. Enkele reizigers zijn echter met een doel naar het land gekomen en hopen bij deze rivier te vinden wat ze zoeken. Zal het hen lukken de rust en vrede in hun leven terug te krijgen?

Van het beperkte aantal personages waar in de roman in meer of mindere mate aandacht aan wordt besteed, worden vier van hen er voortduren uitgelicht. Dat zijn Isobe, een oudere man wiens vrouw kortgeleden overleden is. Mitsuko, een vrouw wier leeftijd in het ongewisse blijft, maar die vroeger de mannen om haar vinger wond. De derde is Numada, schrijver van kinderboeken met dieren in de hoofdrol en tevens natuurliefhebber. Ten slotte ontmoet de lezer Kiguchi, een veteraan die in de Birma-oorlog heeft gevochten. Vier volledig van elkaar verschillende personen, die door de reis met elkaar te maken krijgen en die, zonder dat ze het van de ander weten, zich eenzaam voelen en erop hopen in India de antwoorden te vinden die ze zoeken.

Doordat de auteur uitvoerig over dit kwartet vertelt, kom je vrij veel over hen en hun leven te weten. Van de een is het meer iets uit het verleden dan van de ander, maar eigenlijk hebben ze alle vier hun onzekerheden en hebbelijkheden. In ieder geval leer je hen vrij goed kennen en komt aanvankelijk niet iedereen even sympathiek over. Hun houding lijkt, zo blijkt steeds meer in de plot, voornamelijk uit een vorm van zelfbescherming te voort te komen, of bestaat bij een enkeling uit een soort starheid waarbij de Japanse cultuur een kleine rol speelt. Gaandeweg het verhaal verandert hun houding, worden ze iets socialer en komen ze hun eigen demonen onder ogen. In ieder geval vinden ze zichzelf terug en daarmee hebben ze het doel van hun onderneming min of meer bereikt.

Endo’s roman is niet de meest eenvoudige, dus de lezer zal zijn aandacht er wel bij moeten blijven houden. Toegankelijke en soms op het oog wat speelsere fragmenten worden afgewisseld met diepzinnigere stukken tekst, min of meer filosofische vragen en wat summiere informatie over zowel de hindoeïstische als christelijke religie. De vier afzonderlijke verhalen van de protagonisten zijn over het algemeen wel goed te volgen, waarbij de wijze waarop de auteur ze samen laat komen kunstig gedaan is. Alsof daar een diepere gedachte achter zit. Toch is dit ook enigszins de valkuil van het boek, want hierdoor kan het verhaal niet voortdurend boeien. Vooral enkele diepzinnigheden over het geloof zijn behoorlijk saai. Deze hebben echter niet de overhand, want alles is voornamelijk op gericht op de ontwikkeling van het viertal, en deze progressie is interessant om te volgen.

De auteur heeft er bewust voor gekozen om het kwartet in Varanasi zichzelf te hervinden, want dit is een van de vier belangrijkste pelgrimssteden van India. En Isobe, Mitsuko, Numada en Kiguchi houden in feite ook een pelgrimstocht. Hoe dit uiteindelijk zijn vruchten afwerpt, heeft Endo op een mooie en soms diepgaande manier gedaan. Daarom blijft Diepe rivier voor het overgrote deel boeien.

Waardering: 4/5

Boekinformatie
Auteur: Shusaku Endo
Titel: Diepe rivier

ISBN: 9789053333136
Pagina’s: 252
Eerste uitgave: 1995

En ik herinner me Titus Broederland – Auke Hulst

Flaptekst
De tweelingbroers Broederland wonen in een afgelegen bos, waar ze zich bezighouden met verboden boeken en hun gitaar. Tot een catastrofe hen van huis verjaagt. Ze trekken een vijandige wereld in waar alles draait om religie en de winning van grondstoffen. Maar waarin schuilt het grootste gevaar? In de opengebarsten aarde, in andere mensen of in henzelf?

Recensie
Journalist, muzikant en auteur Auke Hulst begon zijn schrijverscarrière met de in 2006 verschenen roman Jij en ik en alles daartussen. Tien jaar later, in het najaar van 2016, bracht hij zijn vijfde boek uit: En ik herinner me Titus Broederland, waarvoor hij niet alleen de Harland Awards Romanprijs won, maar ook een aantal nominaties vergaarde. In deze roman, die zich in een andere wereld en tijd dan de onze afspeelt, heeft hij een aantal belangrijke zaken uit zijn eigen leven verwerkt, waaronder zijn broer, muziek en antipathie tegen religie.

Nadat hun moeder in het kraambed is gestorven, worden de tweelingbroers Broederland door hun vader opgevoed. Ze wonen in een afgezonderde en enigszins vervallen woning in het bos en brengen hun tijd hoofdzakelijk door met het spelen op hun gitaar en het lezen van verboden boeken. Door het noodlot getroffen moeten ze hun huis verlaten, waarna ze gedwongen zijn zich in een wereld te begeven die niet de hunne is, want alles draait er om het door hen verafschuwde geloof en de permanente winning van de grondstof aardbloed. De vraag is echter wat het gevaarlijkst voor hen is: deze wereld of zijzelf.

Zoals de titel van de roman al doet vermoeden, bestaat zo goed als het volledige verhaal uit herinneringen. Verteld door de naamloos blijvende helft van de Broederland-tweeling. Diens gedachten gaan voornamelijk over zijn broer Titus, waarvan de lezer meteen weet dat hij niet meer leeft. Voor de plot is het geen enkel probleem om daar in een vroegtijdig stadium al van op de hoogte te zijn, want je wilt immers weten wat de reden van zijn overlijden is. Het duurt echter tot het eind voor hier uitsluitsel over gegeven wordt. Voor het zover is leer je de broers geleidelijk aan steeds beter kennen. Dit varieert van de omstandigheden waaronder ze geboren zijn, hoe ze vervolgens leefden, het lot dat hen getroffen heeft en de uiteindelijke gevolgen daarvan. De auteur gaat daarbij niet heel erg uitvoerig op hun karakters in, hoewel wel overduidelijk is dat de twee behoorlijk van elkaar verschillen.

De sfeer van de tijd waarin het verhaal zich afspeelt – uit alles is op te maken dat dit een behoorlijke tijd geleden is – wordt door Hulst prima weergegeven. Een aantal elementen van het begin van de vorige eeuw is duidelijk herkenbaar. Voorbeelden daarvan zijn de Spaanse griep (De Koorts), de fonograaf  en de overvloedige oliewinning (aardbloed). Ook de armoedige omstandigheden waaronder een groot deel van de mensen destijds leefde, komt erg goed tot uiting. Zo nu en dan laat de auteur zijn afkeer van religie eveneens in het verhaal doorschemeren, uiteraard verwoord door de twee broers en volledig in lijn met de gebeurtenissen in de plot. Dit betekent niet dat de roman een verkapte geschiedenisles is, of dat de auteur zijn opvatting over bepaalde zaken aan de lezer wil opdringen. Verre van zelfs, want hij heeft het allemaal keurig en zeer gedoseerd in het geheel verwerkt.

Het tempo van de diverse wederwaardigheden is niet zo heel erg hoog en daarom lijkt de plot zich amper voort te bewegen. Ook gebeurt er op het oog vrij weinig, maar – en dat is de andere kant van de medaille – eigenlijk gebeurt er wel degelijk het een en ander, alleen niet op het gebied van bedrijvigheid. Het is vooral de tweeling waarbij zich een voortdurende ontwikkeling voordoet. Niet alleen omdat ze ouder worden, maar ook omdat ze zich als persoon evolueren. Een logisch gevolg is dat hun onderlinge relatie eveneens verandert. Toch kan de roman niet voortdurend boeien, er zijn namelijk genoeg fragmenten die behoorlijk langdradig zijn. Mooi daarentegen zijn veel vergelijkingen en uitdrukkingen, waaronder het beeldende ‘de avondlucht bloosde’. Dergelijke poëtisch getinte zinnen zijn evenwel niet voldoende om overdonderd te raken van En ik herinner me Titus Broederland. Daarvoor is de roman per slot van rekening niet pakkend genoeg.

Waardering: 3/5

Boekinformatie
Auteur: Auke Hulst
Titel: En ik herinner me Titus Broederland

ISBN: 9789026333484
Pagina’s: 272

Eerste uitgave: 2016