Auteursarchief: leeskees

Alle slechte meisjes – Chris Whitaker


Beschrijving
Iedereen houdt van Summer Ryan. Ze is een voorbeeldige leerling met een groot muzikaal talent en een zonnestraaltje in het stoffige stadje Grace, Alabama. Ze verschilt dag en nacht van haar moeilijke, rebelse tweelingzusje Raine.

Op een dag verdwijnt Summer. Ze is het zevende meisje in Grace dat niet meer thuiskomt. Na deze nieuwe tragedie heeft de politie moeite de onrust in het stadje te beteugelen. De sheriff gaat ervan uit dat Summer is weggelopen, maar Raine laat het er niet bij zitten en gaat zelf op onderzoek uit.
Was Summer wel zo’n voorbeeldig meisje?

Recensie
Voordat Chris Whitaker met schrijven begon, heeft hij tien jaar lang als beurshandelaar in The City, het financiële hart van Londen, gewerkt. Omdat hij altijd al heeft gelezen, en zelfs ontknopingen van die gelezen boeken wilde veranderen, besloot hij om zelf aan een boek te beginnen. Dat werd de thriller Tall Oaks dat in 2016 is verschenen en waarvoor hij al meteen een prijs won. Zijn tweede boek, Alle slechte meisjes, is het eerste dat in het Nederlands is vertaald en kwam in 2018 uit.

Summer Ryan is een voorbeeldig en muzikaal getalenteerd tienermeisje en woont in het slaperige en nogal suffige stadje Grace, Alabama. Dan blijkt ze opeens te zijn verdwenen en omdat ze een briefje heeft achtergelaten vermoedt de politie dat ze is weggelopen. Toch is ze niet het eerste meisje waar niets meer van wordt vernomen. Haar vrijgevochten tweelingzus Raine is ten einde raad en samen met twee leeftijdgenoten probeert ze haar zus terug te vinden. Dan blijkt ook dat niet iedereen de waarheid vertelt en dat Summer ook wat te verbergen had.

Het verhaal speelt zich af in 1995, het heden, en dan ook nog eens in een stadje waar op zich nooit zo heel erg veel gebeurd is, waar werkloosheid heerst, dat redelijk desolaat ligt en waar het leven stil lijkt te hebben gestaan. Whitaker is erin geslaagd om die sfeer in het verhaal over te brengen. Met beeldende beschrijvingen van zowel de omgeving als de bewoners van Grace kan de lezer zich uitstekend voor de geest halen hoe het er daar uit moet hebben gezien. De dreigende, of is het wellicht bedreigende, situatie, maar ook het naderende slechte weer komen over alsof je je er zelf in bevindt.

Alle slechte meisjes heeft twee verhaallijnen. De kortste wordt verteld vanuit het perspectief van Summer Ryan, het verdwenen meisje. Haar verhaal speelt zich iets eerder af dan het andere, maar wat de interval is, is niet bekend, lang daarvoor kan het echter niet zijn. De tweede verhaallijn in het heden wordt vanuit het perspectief van diverse personages verteld en daarvan zijn Noah, een van de leeftijdgenoten van Summer en Raine, sheriff Black en vooral Raine de belangrijkste. In de subplot van Summer komt de lezer meer over haar te weten, maar ook wat er precies met haar gebeurd is. De andere subplot verhaalt hoofdzakelijk de zoektocht naar Summer, wat in feite ook de rode draad in het boek is. Uiteindelijk komen beide verhaallijnen gedurende de plot geleidelijk en subtiel samen. Tot die tijd blijft de lezer zich afvragen wat er toch precies is gebeurd.

Het verhaal heeft een wat stroeve start, het moet duidelijk op gang komen. Na dit enigszins haperende begin komt het, zonder dat het een hoog tempo heeft, op gang en weet het de lezer aan zich te binden. Dit alles zonder dat daarvoor een zinderende spanning nodig is. Er is wel een soort van spanningsveld aanwezig, die is voornamelijk globaal en psychologisch. Een enkele keer doet zich een onverwachte wending voor, maar niet dusdanig dat de lezer hierdoor op het verkeerde been wordt gezet. En, zonder op details in te gaan, er deden zich ook wat situaties voor waarvan de lezer al op zijn klompen aan kon voelen wat er werkelijk aan de hand was. Op de beleving van het verhaal heeft dit trouwens geen enkele invloed.

De ontknoping is niet standaard en mogelijk ook niet zoals een lezer die het liefst zou willen zien. Toch heeft een dergelijke keuze wel zijn charme en past het sowieso in de geest van het verhaal. Alle slechte meisjes is zonder meer een enigszins zwarte en mysterieuze thriller waarin voor de emotionele kanten van het leven een aanmerkelijke rol hebben.

Waardering: 4/5

Boekinformatie
Auteur: Chris Whitaker
Titel: Alle slechte meisjes

ISBN: 9789044984262
Pagina’s: 400

Eerste uitgave: 2018

Zie mij – Jennifer Hillier


Beschrijving
Toen Angela Wong, een van de populairste meisjes van de school, 16 jaar oud was, verdween ze van de een op de andere dag spoorloos. Niemand weet wat er met haar gebeurde, noch Geo, haar beste vriendin, noch Kaiser, die bevriend was met beide meisjes.

Veertien jaar later worden Angela’s stoffelijke resten gevonden in de bossen bij Geo’s ouderlijk huis. Kaiser, nu rechercheur in Seattle, lijkt de zaak eindelijk te kunnen oplossen. Angela was een van de slachtoffers van de beruchte seriemoordenaar Calvin James.

Destijds was Calvin Geo’s eerste liefde. Ze droeg zijn duistere geheimen met zich mee tot het bewijs rond zijn daden haar in de gevangenis deed belanden. Maar net nu ze op het punt staat te worden vrijgelaten, duiken er opeens nieuwe lichamen op. Ze zijn op exact dezelfde wijze omgebracht als Angela.

Het is overduidelijk: de moordenaar is op weg naar Geo, en met elke moord komt hij dichterbij. Maar de waarheid is nog verontrustender dan iedereen had kunnen bedenken.

Recensie
De Canadese schrijfster Jennifer Hillier is nog onbekend in Nederland, maar toch heeft ze al een aantal thrillers op haar naam staan. Misschien dat aan haar onbekendheid nu een eind gaat komen, want in juni 2020 verscheen Zie mij, haar eerste boek dat door Els van Son in het Nederlands vertaald is en waarvoor ze een jaar eerder de ITW-prijs voor de beste thriller gewonnen heeft. Ze debuteerde echter al in 2011 met Creep, het eerste deel van een serie met Sheila Tao. Ze is tevens columnist bij The Thrill Begins, een online platform voor beginnende thrillerauteurs.

Veertien jaar na haar verdwijning worden de lichamelijke resten van de toen zestienjarige Angela Wong gevonden. Ze was het eerste slachtoffer van de latere seriemoordenaar Calvin James. Zowel hij als zijn toenmalige vriendin Geo worden voor de moord berecht. Geo wordt vijf jaar later vrijgelaten, maar vlak daarvoor vindt de politie een aantal lichamen, waarvan één op dezelfde wijze is omgebracht als Angela. Het heeft er alle schijn van dat de moordenaar het op Geo gemunt heeft. Heeft ze destijds wel de waarheid verteld en wordt er nu wraak op haar genomen?

Een artikel over de vrouw van een seriemoordenaar die uit de gevangenis werd ontslagen en haar leven opnieuw uitvond, vormde voor Hillier de inspiratie voor Zie mij. Dit, en de Pacific Northwest, een regio in het noordwesten van Noord-Amerika, zijn de enige elementen in het boek die aan de werkelijkheid ontleend zijn. De rest is fictie. Afgezien daarvan geeft een deel van het verhaal wel een beeld van hoe het er in een vrouwengevangenis aan toe kan gaan. Dat ligt, ondanks dat er ook het een en ander aan haar fantasie ontsproten is, voor een groot deel aan de research die de auteur hiernaar gedaan heeft. Hoe Geo de gevangenis ervaren heeft, komt daardoor behoorlijk realistisch over.

Het verhaal begint met een summiere weergave van het proces tegen Geo en deze start is zonder meer aardig en zorgt er eveneens voor dat de lezer meteen al een aantal vragen heeft. Deze vragen worden gedurende de plot steeds meer beantwoord en komt er ook duidelijkheid van zich tijdens Geo’s tienerjaren precies heeft afgespeeld. Hillier doet dit door verhalenderwijs veelvuldig gebruik te maken van flashbacks, die vervolgens tot gevolg hebben dat het mysterie van destijds stukje voor stukje verhelderd wordt en de lezer uiteindelijk te weten komt wat er daadwerkelijk gebeurd is. Hierdoor ontstaat er een lichte spanningsboog, want je wordt immers wel nieuwsgierig gemaakt.

De personages die ertoe doen en het verhaal maken, en dat zijn er niet zo heel erg veel, zijn redelijk goed uitgewerkt. De lezer krijgt ruim voldoende over ze te weten om zich een goed beeld over hen te kunnen vormen. Dan merk je ook dat ieder van hen, dus Geo, Angela en Calvin, zijn duistere kant heeft. Wellicht dat dat er de reden van is dat hun achtergrond in zekere zin wel boeiend is. Dat geldt in principe ook wel voor het verhaal zelf, vooral omdat het je van begin tot eind immers wel bezighoudt. Desondanks bevat het ook wel een aantal licht voorspelbare situaties, waaronder één in de ontknoping. Die zijn echter dusdanig dat het geen enkele invloed heeft op de beleving ervan.

Hoewel het verhaal een afgerond geheel is, blijft de lezer na afloop nog wel met een aantal onduidelijkheden zitten. Hillier komt aan het eind van de plot namelijk met enkele kleine wendingen waarop geen antwoord gegeven wordt en ofschoon Zie mij een alleszins acceptabel Nederlandstalig debuut is, laat dit wel een onbevredigend gevoel achter.

Waardering: 3/5

(Het boek heb ik onlangs gerecenseerd voor Hebban.)

Boekinformatie
Auteur: Jennifer Hillier
Titel: Zie mij

ISBN: 9789400510760
Pagina’s: 384

Eerste uitgave: 2020

De storm – John Grisham


Beschrijving
Wanneer Hurricane Leo plotseling van zijn pad afwijkt en koers zet richting Camino Island voor de kust van Florida, valt het bezoek van bestsellerauteur Mercer Mann aan de boekwinkel van Bruce Cable in duigen. Terwijl de meeste mensen de ramen van hun huizen dicht timmeren en naar het vasteland vluchten, besluit Bruce te blijven en de storm uit te zitten.
De orkaan doet straten onderlopen en gebouwen instorten, en er valt een tiental dodelijke slachtoffers te betreuren. Een van hen is Nelson Kerr, een met Bruce bevriende thrillerschrijver. Nelson blijkt echter verscheidene klappen tegen zijn hoofd te hebben gekregen, wat suggereert dat hij niet in de storm is omgekomen.

Wie zou Nelson willen doden? Het vermoeden bestaat dat enkele van de duistere personages in Nelsons thrillers niet fictief zijn. Zou de oplossing dan ook al zwart op wit kunnen liggen in het manuscript van zijn nieuwe boek dat zich ergens in zijn computer bevindt? Wanneer Bruce op onderzoek gaat, ontdekt hij tussen de regels door een geheim dat veel schokkender is dan welke verzonnen plottwist ook. En veel gevaarlijker…

Recensie
In 2017 sloeg John Grisham, tot dan overwegend bekend vanwege zijn juridische thrillers, een geheel andere weg in. Dat jaar stapte hij namelijk over naar het schrijven van boeken waarin een of meer moorden centraal staan en Het eiland was het eerste van zijn nieuwe succesformule. In deze thriller staat het fictieve eiland Camino Island, waar het werkelijk bestaande Amelia Island overigens model voor staat, centraal. In De storm, dat in juni 2020 is verschenen en vertaald is door Jolanda te Lindert, keert hij terug naar het eiland.

De orkaan Leo teistert zijn omgeving en wijkt regelmatig van zijn pad af. Zo komt het dat Leo ook over Camino Island raast en er voor veel schade en een aantal dodelijke slachtoffers zorgt. Een van hen is Nelson Kerr, een schrijver die met Bruce Cable, de eigenaar van Bay Books, bevriend is. Hij heeft een aantal wonden die niet door de storm veroorzaakt kunnen zijn. Bruce gaat op onderzoek uit, vermoedt dat de moord op zijn vriend wel eens te maken kan hebben met zijn nieuwe boek en doet vervolgens een verbijsterende ontdekking.

Hoewel De storm zich net als Het eiland op Camino Island afspeelt en er gedurende de plot ook enkele verwijzingen naar dat voorgaande deel in voorkomen, kan deze sequel onmogelijk een vervolgdeel genoemd worden. Natuurlijk, er zijn overeenkomsten, want de setting en de belangrijkste personages zijn hetzelfde, maar goed beschouwd blijft het daar dan ook bij. Het verhaal in deze tweede Camino Island-thriller staat op zichzelf en waar nodig geeft Grisham een korte toelichting op wat zich in het voorgaande boek heeft afgespeeld. Dit is ruim voldoende om niet het gevoel te krijgen iets te missen.

Net als zijn voorganger is De storm een luchtig geschreven thriller, ditmaal overgoten met een wat flauw feelgood-sausje. Het verhaal kabbelt rustig voort zonder dat het echt verheffend en verrassend wordt. Spannende situaties doen zich eigenlijk niet voor, of het moeten al de hoofdstukken zijn waarin de storm van zich laat horen. Tot halverwege is het gewoon een aardig, maar vrij simpel verhaal waarin het vooral over de eilandbewoners en de soms desastreuze gevolgen van de storm gaat. Daarna wordt het, zonder tot grote hoogte te stijgen, iets boeiender en zijn er zelfs enkele fragmenten die doen denken aan de oude Grisham, dus zoals hij was toen hij nog juridische thrillers schreef. Dan merk je ook dat de auteur op zijn best is als hij over advocaten en ondervragingen kan schrijven, het is immers niet voor niets zijn expertise en iets waarmee hij groot geworden is.

Met het concept van het verhaal is in principe niet zo heel veel mis. Een moord die tijdens een allesverwoestende storm gepleegd wordt, maar vooral de missstanden binnen de farmaceutische industrie bieden voldoende mogelijkheden om er een spannende en verrassende thriller van te maken. Grisham heeft hier echter geen gebruik van gemaakt, hetgeen tot gevolg heeft dat het allemaal tamelijk oppervlakkig blijft. Dat geldt deze keer ook voor de personages, waarvan enkele eveneens redelijk ongeloofwaardig zijn. Want wie denkt er tijdens het hoogtepunt van een orkaan nou aan om eens goed aan de drank te gaan, iets waar ze zich sowieso al flink aan bezondigen. Verder geeft de auteur nogal af op de politie, hij schetst ze als dom en onkundig. Hierdoor krijg je de indruk dat hij zijn eigen mening in het verhaal ventileert.

Dat de auteur een keer wat anders wil schrijven dan alleen maar juridische thrillers is te billijken en te begrijpen. Dat hij dit kan heeft hij eerder al bewezen, maar omdat De storm op veel fronten ondermaats is, kun je daar deze keer wel je vraagtekens bij zetten.

Waardering: 2/5

(Het boek heb ik onlangs gerecenseerd voor Hebban.)

Boekinformatie
Auteur: John Grisham
Titel: De storm

ISBN: 9789400512788
Pagina’s: 320

Eerste uitgave: 2020

Suikerbastaard – Jaap Scholten


Beschrijving
Frederik leeft teruggetrokken in een Roemeens dorp. Overdag knapt hij oude schuren op, ’s avonds zwerft hij weemoedig door de lege slaapkamers van zijn kinderen. Op een avond verschijnt een zwarte man in het televisieprogramma Spoorloos en beweert een zoon van zijn grootvader te zijn. De claim zorgt voor beroering bij de Duponts en dwingt Frederik naar de Hoorn van Afrika af te reizen om de man te zoeken. Een jeugdliefde staat erop hem te vergezellen.

In de jaren vijftig en zestig trokken tientallen jongens van Machinefabriek Dupont naar het Abessinië van Keizer Haile Selassie en stampten er suikerfabrieken uit de grond. De fabrieksjongens kwamen in een ruig, sprookjesachtig universum terecht; ze hadden ineens bediendes, paarden, vrouwen, motoren, auto’s. Ze waren koningen. Maar koningen voor korte duur. Zodra het driejarig contract afliep moesten ze terug naar de stempelklok, de draaibank en de boerenkool in Hengelo. Een van de jongens kon dat niet.

Recensie
De naam Jaap Scholten zal niet meteen bij iedereen een belletje doen rinkelen. Toch heeft hij al een dozijn boeken geschreven, waarvan de meeste in een aantal talen zijn vertaald. Hij debuteerde in 1990 met de verhalenbundel Bavianehaar & Chipolatapudding. In veel van zijn werk schrijft hij over zijn familie en ook in zijn in 2020 verschenen roman Suikerbastaard speelt zijn familieachtergrond een belangrijke rol. Voor sommige boeken heeft hij een prijs ontvangen en enkele hebben op een short- of longlist gestaan.

Een halfjaar na de uitzending van het televisieprogramma Spoorloos, waarin een item zat over een Ethiopische man die claimt familie van hen te zijn, komen de Spenglers bijeen om te dineren. Ze houden echter eerst familieberaad om de uitzending te bespreken en besluiten dat Frederik naar het land afreist om naar de man op zoek te gaan. Ethiopië is echter ook het land waar halverwege de vorige eeuw Twentse jongens naartoe vertrokken om er suikerfabrieken te bouwen. Ze hadden er een goed leven, maar na drie jaar moesten ze weer terug naar Nederland. Een van hen dacht daar echter anders over.

Het verhaal in Suikerbastaard bestaat uit drie delen, waarbij het eerste en laatste, ondanks dat de titel van deze delen anders doet vermoeden, vanuit het perspectief van Frederik worden verteld. In het tweede deel maakt de lezer kennis met Marinus Hilbrink, een van de jonge Twentenaren die naar Ethiopië is vertrokken om er te helpen met de bouw van suikerfabrieken. Voor het hele verhaal geldt dat het fictief is, maar, en dat licht de auteur in zijn nawoord ook toe, zijn fictie en feiten nauw met elkaar verweven. Hierdoor krijgt de lezer al vanaf het begin het gevoel dat het geen verzonnen verhaal is, maar non-fictie. Dat komt grotendeels omdat het gebaseerd is op het waargebeurde feit dat HVA en Stork zich daadwerkelijk met de bouw van dergelijke fabrieken heeft beziggehouden en er inderdaad medewerkers van hen naar het Afrikaanse land vertrokken zijn, maar ook omdat de Scholten enkele andere gebeurtenissen in het verhaal verwerkt heeft die zich daadwerkelijk voorgedaan hebben.

Ondanks de non-fictie-indruk die het verhaal wekt, is het in een fijne en aangenaam leesbare stijl geschreven. Een aantal hoofdstukken is enigszins zakelijk en geven vooral informatie, vooral over enkele technische zaken, maar voor het overgrote deel is het toch erg beeldend en speels. Dat geldt vooral voor het levensverhaal van Marinus, dat overigens wel wat weg heeft van een autobiografie. Dit deel spreekt het meest tot de verbeelding van de lezer en is dan ook verreweg het interessantst. De lezer leeft met hem mee en heeft soms ook met hem te doen. Dat geldt in mindere mate voor de personages uit de andere twee delen, Frederik en Mila. Hun karakters zijn nogal wisselvallig, de ene keer komen ze vriendelijk over, de andere keer zijn ronduit onsympathiek. Desondanks wil je toch ook wel weten hoe het hen vergaat en of ze hun doel weten te bereiken.

De belangrijkste personages die in het verhaal voorkomen, Frederik, Mila en Marinus, zijn bijzonder goed uitgewerkt. Door middel van enkele korte flashbacks komt je wat over hun verleden te weten, maar vooral in het heden worden hun karakters prima uitgediept. De lezer leert hen daardoor goed kennen en voor het verhaal is dat uiteindelijk toch wel van wezenlijk belang. Ronduit boeiend zijn de gedeelten waarin de auteur wat over Ethiopië en zijn nog redelijk recente geschiedenis vertelt. Over het roerige verleden van dit land is in feite niet zo heel erg veel bekend, eigenlijk geheel ten onrechte.

In een van de zinnen op de achterflap wordt vermeld dat Suikerbastaard een romantische roadtrip en een hartstochtelijke zoektocht naar een vader is. Dat is nogal sterk aangedikt, vooral omdat dit maar een klein gedeelte van het verhaal betreft. Het neemt echter niet weg dat Scholten een prima naar non-fictie ruikende roman geschreven heeft.

Waardering: 4/5

Boekinformatie
Auteur: Jaap Scholten
Titel: Suikerbastaard

ISBN: 9789492928146
Pagina’s: 576

Eerste uitgave: 2020

De krokodilvogel – Katrine Engberg


Beschrijving
Op een vroege ochtend in het centrum van Kopenhagen loopt de gepensioneerde Gregers Hermansen voorzichtig de trap van zijn appartement af om zijn vuilniszak buiten te zetten. Op de begane grond klemt de deur een beetje. Gregers probeert de deur open te krijgen, maar struikelt en valt door de deur naar binnen. Als hij weer bijkomt, ontdekt hij dat hij boven op het bebloede lichaam van een jonge vrouw ligt. 

Het is het begin van een nachtmerrie voor de bewoners van het appartementencomplex en eveneens voor rechercheurs Jeppe Kørner en zijn collega Anette Werner. Vooral omdat er algauw wordt ontdekt dat een andere bewoner van het complex een thriller schrijft over de moord op een jonge vrouw in een appartementencomplex…

Recensie
De Deense Katrine Engberg was in eigen land al bekend als danseres en choreografe toen ze besloot te gaan schrijven. In 2006 debuteerde ze met een non-fictie boek. Tien jaar later maakte ze met Krokodillevogteren haar thrillerdebuut, dat in 2019 onder de titel De krokodilvogel in het Nederlands is uitgegeven. Het is het eerste deel van een serie met de rechercheurs Jeppe Kørner en Anette Werner. Ze belandde hiermee op de shortlist voor de BogForum Debutant Prize Denmark en wereldwijd was het boek ook een succes.

Gregers Hermansen is niet meer een van de jongsten en als hij zijn afval weg wil brengen, ziet hij dat de deur van zijn onderburen openstaat. Dat verbaast hem en als hij de deur wil sluiten, maakt hij een ongelukkige val en komt daarbij in hun woning terecht. Boven op het lichaam van een jonge vrouw. De rechercheurs Jeppe Kørner en Anette Werner worden met het onderzoek belast en komen erachter dat de moord, want dat blijkt al snel, precies is uitgevoerd zoals in het manuscript van een beginnende thriller beschreven staat.

De krokodilvogel is ingedeeld in zeven delen en ieder deel vertegenwoordigt een dag van de week waarin het verhaal zich afspeelt. Daarbinnen is het onderverdeeld in korte hoofdstukken. Deze opzet zorgt ervoor dat het grootste deel van het verhaal zich in redelijk vlot tempo afspeelt. Het draait vooral om het oplossen van de moord, het politieonderzoek dus, en dat is in het begin goed te merken. Er wordt veel aandacht aan dit onderzoek besteed en daardoor blijven andere zaken, waaronder het uitwerken van de personages, wat onderbelicht. Daar komt gedurende plot verandering in zodat de lezer uiteindelijk toch voldoende over hen te weten komt.

Hoewel het verhaal geen onaardig begin heeft, er gebeurt meteen al wat, heeft het in eerste instantie niet de schwung die voor een thriller belangrijk is, de spanning is op die momenten minimaal. Halverwege het verhaal komt daar verandering in, de spanningsboog wordt aangespannen, het tempo gaat enigszins omhoog en de verassende ontwikkelingen nemen toe. Vanaf dat punt wordt het er niet oninteressanter en zeker niet minder boeiend op. Sterk van Engberg is dat ze de lezer vanaf de meet aan zich weet te binden. Dat komt onder andere door haar beeldende manier van vertellen, maar ook door haar bijzonder toegankelijke schrijfstijl. Daarnaast worden verschillende personages verdacht gemaakt en daardoor blijft het oplossen van de moord ook de lezer bezighouden.

Aan de introductie van de personages is te merken dat dit het eerste deel van een serie is. Niet ieder karakter krijgt namelijk evenveel aandacht. Jeppe is bijvoorbeeld ruim voldoende uitgewerkt, maar voor Anette daarentegen geldt dat wat minder. Waarschijnlijk wacht de auteur daarmee tot een van de volgende delen. Desondanks is het voor het verhaal geen enkele belemmering, daarvoor zijn ze allemaal, zoals al eerder aangegeven, voldoende uitgewerkt. Dit neemt echter niet weg dat ze soms wel wat clichématig overkomen. Want een rechercheur met persoonlijke problemen, een rechercheur die eigenzinnig is, een tatoeëerder met een baard en neusring… dat is allemaal nogal stereotype.

In de ontknoping worden alle nog eventueel openstaande vragen beantwoord. Wat echter nog wel voor vraagtekens zorgt, is waarom het boek in de Nederlandse vertaling De krokodilvogel genoemd is. Deze vogelbenaming bestaat niet, dus was het beter geweest om de oorspronkelijke titel letterlijk te vertalen. De titel luidde dan De krokodilwachter en omdat deze term ook in het verhaal voorkomt, was het passender geweest. Dit neemt echter niet weg dat Engbergs thrillerdebuut een mooie en veelbelovende start van de serie is.

Waardering: 3/5

Boekinformatie
Auteur: Katrine Engberg
Titel: De krokodilvogel

ISBN: 9789044984279
Pagina’s: 392

Eerste uitgave: 2019

Schoon goud – Karin Slaughter & Lee Child


Beschrijving
Will Trent is bezig met een undercoveractie bij Fort Knox. Zijn missie: het oplossen van een ruim twintig jaar oude moordzaak. De naam van zijn verdachte: Jack Reacher.

Jack Reacher is in Fort Knox op een eigen missie: hij probeert een crimineel verbond in het Amerikaanse leger te ontmantelen. Maar dan verschijnt Will Trent opeens ten tonele.

Er is echter een veel grotere samenzwering aan de gang – een situatie die noch de speciaal agent, noch de ex-militair agent had kunnen voorzien. De enige optie die Jack Reacher en Will Trent hebben is samen te werken – als dat lukt…

Recensie
Karin Slaughter en Lee Child (een pseudoniem van Jim Grant) zijn ongeveer twintig jaar bevriend en hebben het er regelmatig over gehad hoe het zou zijn als hun personages Will Trent en Jack Reacher elkaar ontmoetten. Beide heren hebben namelijk hun eigen manier van werken, ondanks dat ze allebei een sterk rechtvaardigheidsgevoel hebben. Slaughter en Child besloten te gaan samenwerken, want uiteindelijk resulteerde in het korte verhaal Schoon goud.

GBI-agent Will Trent wordt gevraagd om als undercover naar Fort Knox te gaan. Daar werkt een verdachte van een moord die twintig jaar geleden heeft plaatsgevonden. Deze man, Jack Reacher, is daar tewerkgesteld omdat hij enkele criminele activiteiten binnen het Amerikaanse leger aan de kaak moet stellen. Hoewel ze beiden een ander doel hebben, zullen ze noodgedwongen moeten samenwerken. Want op de legerbasis blijkt veel meer aan de hand te zijn dan men vooraf had kunnen vermoeden.

Een kort verhaal vergt andere disciplines dan bij een lang verhaal, je kunt de personages minder goed uitwerken, de plot is vaak minder ingewikkeld en in feite moet je ook vrij snel to the point komen. Aan al deze ‘voorwaarden’ wordt in Schoon goud voldaan, dus van die criteria uitgaand, hebben de auteurs het goed gedaan. Toch is het niet zo dat het verhaal van hoogstaande kwaliteit is, daarvoor is het veel te oppervlakkig, te simpel en eigenlijk ook wel aan de dunne kant. Het concept is in beginsel origineel en leent zich ook wel voor een interessant en boeiend verhaal, maar de uitwerking daarvan is verre van optimaal.

Schoon goud begint met een korte en vluchtige introductie van de personages en ook met een situatieschets. Het duurt niet lang en Trent en Reacher worden aan elkaar voorgesteld, dat gebeurt nogal plompverloren, er gaat helemaal niets aan vooraf. Ze werken opeens samen en de lezer moet het daar maar mee doen, heeft het te accepteren. Het had de auteurs gesierd als dit, hoe lastig het in een kort verhaal ook zal zijn, wat meer geleidelijk aan had plaatsgevonden. Vervolgens focussen ze zich samen op hun doelwit en ook hun strijdplan komt plotseling uit de lucht vallen. Een paar regels extra, meer was absoluut niet nodig geweest, had dit kunnen voorkomen. Nu heeft de lezer het gevoel dat de auteurs het verhaal zo beknopt mogelijk wilden houden en dat er geen enkele plaats is voor wat meer uitleg.

Beide auteurs geven in een kort voorwoord aan dat hun geschreven hoofdstukken op een gegeven moment door elkaar zijn gaan lopen en dat niet herkenbaar zou moeten zijn wie wat geschreven heeft. Desondanks kan iemand die het werk van hen tweeën kent min of meer wel aanvoelen wat door Slaughter en wat door Child geschreven is. Daar is helemaal niets mis mee, maar wellicht waren de personages krachtiger geweest als ieder van hen zich met hun eigen protagonist had beziggehouden. Nu zijn ze in wezen een slap aftreksel van hun eigen ik, een karikatuur van zichzelf.

Op de schrijfstijl is niet veel aan te merken, die is verzorgd en leesbaar. De dialogen zijn helder en af en toe gevat, maar spanning heeft het korte verhaal niet. De wetenswaardigheden die over Fort Knox gegeven worden, zijn interessant en voegen ook wat aan het verhaal toe. Voor het overige is Schoon goud een hopelijk eenmalig experiment en blijven de auteurs voortaan trouw aan hun eigen vertrouwde personages.

Waardering: 2/5

Boekinformatie
Auteur: Karin Slaughter & Lee Child
Titel: Schoon goud

ISBN: 9789402704181
Pagina’s: 128

Eerste uitgave: 2019

Motief X – Stefan Ahnhem


Beschrijving
In Helsingborg vindt een reeks ogenschijnlijk willekeurige moorden plaats. Hoofdinspecteur Fabian Risk wordt geacht het onoplosbare op te lossen, maar ziet geen enkel verband tussen de moorden. De moord op de jonge vluchteling lijkt niet gepleegd uit vluchtelingenhaat. De dood van de man in het winkelcentrum was een wrede executie. Objectief bekeken is het niks anders dan een reeks bloedige moorden zonder motief. Maar wat als dat precies de bedoeling is? Wat als moorden het enige doel van de dader is? En hoe ontmasker je dan een moordenaar zonder motief? Fabian Risk wordt echter afgeleid van de zaak door zijn vastberadenheid om een corrupte collega te ontmaskeren en omdat hij zijn gezin bij elkaar moet proberen te houden. Terwijl de jacht op de dader steeds wanhopiger wordt, begint zijn hechte team uit elkaar te vallen.

Recensie
Op elfjarige leeftijd zag Stefan Ahnhem een affiche van de Star Wars en moest en zou hij die film zien. Vanaf dat moment was hij helemaal in de ban van films en later ook televisieseries. Dat leidde ertoe dat hij zelf ook scenarioschrijver werd en schreef hij onder andere voor de series Wallander en Irene Huss. Omdat hij wat meer vrijheden wilde hebben, besloot hij om een boek te gaan schrijven.  Dat werd Zonder gezicht, zijn thrillerdebuut dat in 2014 is verschenen. Zes jaar later, in het voorjaar van 2020 kwam Motief X, het vierde deel met Fabian Risk, uit.

Na de lugubere moord op een elfjarige Syrische jongen wordt Helsingborg opgeschrikt door nog een aantal moorden. De politie staat voor een raadsel, want er lijkt geen onderling verband te zijn. Hoewel Fabian Risk eigenlijk verlof heeft, maar intussen met een eigen onderzoek naar de handel en wandel van een van zijn collega’s bezig is, wordt hij teruggeroepen om het onderzoek naar de moorden op zich te nemen. Daarnaast hebben hij en zijn collega Irene Lilja ook nog te maken met problemen in de privésfeer. Kan Fabian zichzelf en zijn team motiveren om de dader te vinden?

In tegenstelling tot de voorgaande boeken uit de serie waarin hoofdinspecteur Fabian Risk het belangrijkste personage is, heeft Motief X wat tijd nodig om echt goed op gang te komen. Tot het zover is, vinden wel diverse bijzonderheden plaats die, Ahnhem eigen, voor de nodige vragen zorgen. Gedurende de plot komen op de meeste daarvan antwoorden, maar omdat deze thriller de eerste van een tweeluik is, komt er dus een vervolg en de lezer kan aannemen dat daarin nog veel meer verhelderd wordt. Wanneer het verhaal eenmaal los is, is het bij wijze van spreken niet meer te stoppen. Dan wordt het steeds boeiender, interessanter en nemen de soms gecompliceerde ontwikkelingen toe. Dit zorgt ervoor dat er geleidelijk aan een wat groter spanningsveld ontstaat.

Het verhaal wordt verteld vanuit diverse perspectieven, maar omdat hij de protagonist is, heeft dat van Risk de overhand. Daarnaast bestaat het uit verschillende verhaallijnen, die elk hun eigen ontwikkelingen hebben. Dit lijkt enigszins complex, maar de auteur is er prima in geslaagd het eenvoudig en eenduidig te houden, hij voorkomt hiermee dat het voor de lezer verwarrend wordt. De meest intrigerende subplots zijn die van de moordenaar (wat beweegt hem en waarom is het voor hem een spel) en het onderzoek waar Risk zich op eigen houtje aan werkt. In een andere verhaallijn heeft Ahnhem met een schuin oog naar de actualiteit gekeken, het opkomende rechtsextremisme heeft daarin namelijk een belangrijke rol.

Ahnhem wijkt ook in dit boek niet af van zijn eigen stijl, hij houdt het, zoals al gezegd, eenvoudig. Hierdoor leest het prettig en is het toegankelijk voor iedereen. Hij gaat veel in op de privéomstandigheden van de personages, iets dat kenmerkend is voor de Scandinavische thriller, maar daarnaast ook zorgt voor diepgang van het verhaal. De lezer kan zich daarom met ieder van hen identificeren. Hoewel Motief X een verhaal is dat op zichzelf staat, gaat het in veel gevallen door op de voorgaande boeken. Het is daarom wel aan te raden ze op volgorde te lezen, niet zozeer omdat dit verhaal dan niet te volgen is, maar vooral om alles wat eerder gebeurd is en enkele dingen die nu gebeuren dan beter te begrijpen zijn.

In de ontknoping wordt een van de zaken die het rechercheteam onderzoekt opgelost, maar omdat dit boek het begin van een tweeluik is, staat de deur nog wel wagenwijd open naar het vervolg. De lezer zal dus nog even geduld moeten hebben om te weten te komen hoe de andere verhaallijnen zullen aflopen. Motief X is in ieder geval een goede en solide thriller die doet uitkijken naar het vervolg.

Waardering: 4/5

Boekinformatie
Auteur: Stefan Ahnhem
Titel: Motief X

ISBN: 9789044359879
Pagina’s: 528

Eerste uitgave: 2020

Washington Black – Esi Edugyan


Beschrijving
Wanneer Washington Black, een elfjarige slaaf op een suikerplantage in Barbados, de persoonlijke bediende van de excentrieke Titch Wilde wordt, krijgt hij de kans op een nieuw leven. Titch is bioloog, ontdekkingsreiziger en uitvinder, geobsedeerd door zijn creatie: de heteluchtballon. Maar de dood van een familielid vermorzelt zijn idealistische plannen en Washington komt in gevaar. Ze besluiten te vluchten, maar dan verdwijnt Titch. Washington moet zijn weg alleen zien te vinden, op zoek naar echte vrijheid.

Recensie
Omdat de Canadese schrijfster Esi Edugyan altijd al een obsessie voor lezen had, wist ze al op jonge leeftijd dat ze wilde gaan schrijven. Ze besloot om journalistiek te gaan studeren, maar dat heeft ze maar één semester volgehouden. Hierna richtte ze zich volledig op een studie creatief schrijven aan de Universiteit van Victoria en haalde ze een graad van Johns Hopkins Writing Seminars. In 2005 debuteerde ze met de novelle Het tweede leven van Samuel Tyne, dat werd genomineerd voor de Hurston Wright Legacy Award. In het voorjaar van 2019 verscheen haar derde roman Washington Black.

Washington (Wash) Black is een slaaf op de Faith-plantage op het eiland Barbados. Na het overlijden van de eigenaar wordt Erasmus Wilde de nieuwe meester en wordt Wash de persoonlijk assistent van diens excentrieke broer Titch. Samen werken ze aan een soort luchtballon, De Wolkenkliever. Na een ongelukkig voorval besluiten ze ermee te vluchten, waarna hun grote avontuur begint. Dan verdwijnt Titch plotseling en vanaf dat moment staat Wash er in feite alleen voor. Hij weet zich te redden, maar in een racistische wereld moet hij wel op zijn hoede blijven.

Anno 2020 is het slavernijverleden weer een heet hangijzer en haalt het bijna dagelijks het nieuws. In Washington Black is de slavernij uit de eerste helft van de negentiende eeuw zo’n beetje de rode draad van het verhaal. Dat begint al meteen in de eerste hoofdstukken, waarin je niet alleen kennismaakt met George Washington Black, maar ook geconfronteerd wordt met de onmenselijke en gruwelijke wreedheden die donkere mensen destijds werden aangedaan. Het verhaal is daardoor al meteen al aangrijpend en als lezer voel je, voor zover natuurlijk mogelijk is, ook aan hoe de slaven zich gevoeld moeten hebben. De angst en de achterdocht die deze mensen hadden, zijn welhaast voelbaar.

Behalve dat Edugyan de gevoelens van de personages prima weet over te brengen, lukt het haar ook goed om de sfeer van bijna twee eeuwen geleden weer te geven. Het verhaal is daardoor beeldend, de lezer kan zichzelf zonder moeite in die periode verplaatsen. Daarnaast maakt ze regelmatig gebruik van mooi taalgebruik en prachtig geformuleerde zinnen. Hoewel Washington Black absoluut geen thriller is, heeft het verhaal wel degelijk spanning. Een aantal hoofdstukken eindigt zelfs met cliffhangers die de lezer nieuwsgierig maken en het verhaal is tevens doorspekt met verrassende plotwendingen. Er zijn auteurs van spannende boeken die hier een voorbeeld aan kunnen nemen.

De auteur voert een beperkt aantal personages op en die zijn, of ze nu wel of niet sympathiek zijn maakt daarbij niet uit, meer dan voldoende uitgewerkt. Ondanks dat de nadruk vanzelfsprekend op Wash gelegd wordt, zijn veel van de andere karakters net zo bijzonder en interessant als hij. Titch is bijvoorbeeld een bijzondere figuur die het hart op de goede plaats lijkt te hebben, ondanks dat er later in de plot anders gesuggereerd wordt. Maar het sterkt van allemaal is toch wel Wash. Zijn ontwikkeling van een angstig jongetje dat opgegroeid is in slavernij naar een jongeman die weet wat hij wil, is een van de krachtigste onderdelen van het verhaal.

Hoewel de slavernij en de geschiedenis daarvan een beladen onderwerp is, weet de auteur te voorkomen dat het lezen van deze enigszins historische roman een zware bevalling is. In een aangename en toegankelijke schrijfstijl bindt ze de lezer van begin tot eind aan het verhaal. Soms is het aandoenlijk en aangrijpend, maar er zijn ook mooie en ontroerende momenten. Maar Washington Black is vooral het verhaal van een avonturier die op zoek is naar zijn eigen vrijheid. En door dat over te laten komen, schiet Edugyan rechtstreeks in de roos.

Waardering: 4/5

Boekinformatie
Auteur: Esi Edugyan
Titel: Washington Black

ISBN: 9789056726324
Pagina’s: 448

Eerste uitgave: 2019

In de donkere nacht – Sarah Bailey


Beschrijving
Gemma Woodstock is verhuisd naar Melbourne, waar ze zich verloren voelt en alleen. Ze twijfelt of ze de juiste keuze heeft gemaakt door haar geboorteplaats te verlaten en ze mist haar zoontje verschrikkelijk. Haar nieuwe werkplek is chaotisch en collega-rechercheur Nick Fleet, haar nieuwe partner, is ronduit onsympathiek en nurks.

Tijdens de opnames voor een grote film wordt een van de hoofdrolspelers vermoord. Hoewel er honderden getuigen zijn, is het totaal onduidelijk wie dit misdrijf heeft kunnen plegen. Gemma en haar partner krijgen de zaak toegewezen, en om de mysteries rond het leven en de dood van de acteur op te lossen, zullen ze toch echt nauw moeten samenwerken.

Recensie
In het dagelijkse leven heeft Sarah Bailey een managementfunctie in een groot reclame- en marketingbedrijf in Melbourne. Om haar creativiteit kwijt te kunnen, besloot ze op haar dertigste een boek te gaan schrijven, iets dat ze altijd al had willen doen. Haar debuut, Het duistere meer, verscheen in september 2019 en in het voorjaar van 2020 werd haar door Jetty Huisman vertaalde tweede thriller In de donkere nacht, gepubliceerd. Beide boeken maken deel uit van een trilogie rond rechercheur Gemma Woodstock. Op dit moment werkt ze aan een losstaande thriller, maar ze kan niet uitsluiten dat er nog een vierde deel met Woodstock komt.

Om haar problemen weer de baas te worden, is rechercheur Gemma Woodstock haar oude woon- en geboorteplaats Smithson ontvlucht en heeft ze een haar aangeboden baan bij de politie in Melbourne geaccepteerd. Omdat ze nog niet kan wennen, twijfelt ze of ze de juiste keuze gemaakt heeft. Ze heeft echter niet veel tijd om daarover na te denken, want tijdens de opname van een film wordt een van de hoofdrolspelers vermoord. Samen met haar nieuwe partner Fleet krijgt ze de leiding over het onderzoek. De weinige aanwijzingen en de vele getuigen maken dit een gecompliceerde zaak. Mede omdat er veel aandacht op gevestigd wordt.

Hoewel In de donkere nacht het tweede deel van de trilogie rond rechercheur Gemma Woodstock is, is daar niets van te merken. Omdat Bailey ervoor gekozen heeft het verhaal op een geheel andere locatie te laten plaatsvinden, heeft het zo goed als geen enkele verwijzing naar het eerste deel. Het enige waar je uit kunt afleiden dat het een vervolgdeel is, is het privéleven van Gemma. De auteur vertelt daar trouwens ruim voldoende over zodat dit boek uitstekend onafhankelijk van het andere gelezen kan worden.

Het verhaal speelt zich in een relatief korte periode af, tweeënhalve week. Over het algemeen goed voor een redelijk tot hoog tempo, maar daar is hier geen sprake van. De plot, dat eigenlijk alleen bestaat uit het politieonderzoek en een aantal privéperikelen, kabbelt rustig voort zonder dat zich al te veel onverwachte ontwikkelingen voordoen. Het is, ondanks het minimale aantal wendingen, niet verheffend of verrassend genoeg. Pas in de ontknoping doet zich iets werkelijk onvoorziens voor, het gevolg daarvan is dat er ook meteen wat spanning ontstaat, iets wat daarvoor eigenlijk nog niet waarneembaar was. Toch was de afloop niet geheel onvoorspelbaar. De reden van de dood van een van de personages kon je ruim van tevoren al op je klompen aan voelen komen.

In de donkere nacht wordt, net als het vorige deel, volledig verteld vanuit het perspectief van Gemma. De lezer krijgt daardoor voldoende over haar te weten, maar ten opzichte van het voorgaande boek heeft ze praktisch geen ontwikkeling doorgemaakt. Ze blijft een beetje in hetzelfde hangen en dat is jammer omdat ze het in zich heeft om uit te groeien tot een krachtig personage. De auteur zou er goed aan gedaan hebben wat meer in haar te investeren, ze is immers degene die het verhaal moet dragen. Voor de overige personages geldt eveneens dat er niet helemaal uitgehaald wordt wat erin zit. Op het verhaal heeft dit geen enkele invloed, maar echt leren kennen doe je ze niet.

De auteur heeft een toegankelijke en prettige schrijfstijl, met regelmaat maakt ze gebruik van mooie metaforen en de dialogen zijn eigentijds en realistisch. Situaties en omgeving weet ze beeldend weer te geven, waardoor de lezer zich er een goede voorstelling van kan maken. Wellicht dat hierdoor de thrillerelementen enigszins zijn ondergesneeuwd. Omdat In de donkere nacht het tweede deel van de trilogie is, mogen de verwachtingen hoger zijn dat bij het eerste deel. Maar alle goede bedoelingen ten spijt, Bailey heeft daar niet volledig aan kunnen voldoen.

Waardering: 3/5

(Het boek heb ik onlangs gerecenseerd voor Hebban.)

Boekinformatie
Auteur: Sarah Bailey
Titel: In de donkere nacht

ISBN: 9789460687495
Pagina’s: 416

Eerste uitgave: 2020

Licht in de tunnel – Marc de Hond


Beschrijving
‘We wachten niet tot het licht aan het einde aan de tunnel, maar we hangen zelf de lampjes op.’

Toen Marc de Hond eind 2018 hoorde dat hij ziek was, besefte hij dat er een grote kans was dat hij zijn kinderen niet groot zou zien worden. Hij besloot een dagboek te gaan bijhouden. Het werd een periode van veel slecht nieuws en donkere momenten. Maar hij en zijn gezin traden ook de moeilijke momenten met optimisme en humor tegemoet. De lampjes in de tunnel waren het bijzondere huwelijksaanzoek in Carré tijdens de eerste chemo, het afscheidsfeest voor zijn blaas die verwijderd moest worden, de pretparkbezoeken met de kinderen op goede dagen en het huwelijksfeest toen Marc en zijn vrouw Remona al wisten dat hij niet meer beter zou worden, maar dat geheim hielden voor hun gasten.

Licht in de tunnel is een bijzonder boek met een unieke en inspirerende kijk op leven en dood. Naar Marcs wens verschijnt het na zijn dood. Hij overleed op 3 juni 2020.

Recensie
Eind 2002 werd bij Marc de Hond een tumor in zijn ruggenmerg ontdekt. Hieraan werd hij drie keer geopereerd en bij een van die operaties raakten de zenuwen aan zijn ruggenmerg bekneld. Door een medische misser kreeg hij een dwarslaesie en werd hij rolstoelafhankelijk. Over zijn revalidatieproces en de acceptatie van zijn handicap schreef hij het boek Kracht, dat in augustus 2008 is verschenen. Ruim tien jaar later kreeg hij een nieuwe tegenslag te verwerken, hij kreeg blaaskanker. Nadat hij dit hoorde, besloot hij een dagboek bij te houden om daarin zijn verhaal, zijn belevenissen, tot zijn dood in op te tekenen. Op 3 juni 2020 overleed hij en conform zijn wens is het boek, Licht in de tunnel, na diens overlijden uitgegeven.

En als de klok luidt, het tijd is
Ik zing voor de laatste keer
En als ik daar lig, in vrede
Zing deze dan nog een keer

En als de klok luidt, bouw dan een mooi feest voor mij
Zo eentje, die doorgaat, doorgaat voor altijd
Mocht ik heengaan, ergens, treur dan niet om mij
Maar proost op het leven, en treur niet om mij.

Met deze tekst, die hem verdriet en troost gaf, sloot Marc de Hond altijd zijn theatertour af. Het zijn nu tevens de laatste woorden van Licht in de tunnel, zijn dagboek dat begint op 31 juli 2018 en eindigt op zijn sterfdag, 3 juni 2020. In dit dagboek begint de auteur met te vertellen dat hij een Olympische medaille voor geluk heeft gewonnen (de geboorte van zijn zoon James), maar ook een voor pech (de keiharde mededeling dat hij blaaskanker heeft). Vanaf dat laatste moment, het is inmiddels half december 2018, doet hij verslag van zijn nieuwe omstandigheden, hoe hij ermee omgaat, maar ook wat deze flinke tegenvaller voor zijn gezin en familie betekent.

Hoewel De Hond ongetwijfeld niet alles wat hij in die anderhalf jaar heeft door- en meegemaakt aan het papier toevertrouwd zal hebben, is hij over veel dingen toch heel openhartig. Hij vertelt over zijn vele ziekenhuisopnames, momenten dat de emoties de overhand namen, waarbij hij en zijn vrouw Remona in huilen uitbarstten, maar ook over de vele nieuwe teleurstellingen waarmee hij en zijn gezin mee geconfronteerd werden. Hoewel vaak emotioneel en aangrijpend, is Het licht in de tunnel niet alleen maar een boek vol ellende. Want ook de mooie en dierbare gebeurtenissen die de auteur heeft meegemaakt worden beschreven. De dagjes uit met het hele gezin, zijn enorme drive om weer in theaters te gaan optreden en het plezier dat hij daaraan beleeft, maar ook de knuffels die hij zijn kinderen kan geven en daar enorm van geniet.

Ondanks de moeilijke en vaak slopende periode heeft De Hond zijn gevoel voor humor altijd behouden. Een van de voorbeelden daarvan is die keer dat hij het ziekenhuis gekscherend vergelijkt met het huis van bewaring. Toch lijkt hij dit wel met een cynische ondertoon gezegd te hebben, want wanneer hij langer dan een dag in het ziekenhuis moest verblijven, had hij vaak het gevoel dat hij erin opgesloten zat. Natuurlijk had hij het mentaal ook wel eens zwaar, daar was hij eerlijk in, maar dan pakte hij zichzelf aan en even later, of in ieder geval de volgende dag, was hij weer de oude Marc. Uit alles kan de lezer opmaken dat de rasoptimist in hem niet zo heel snel klein te krijgen was. Hij zette het negatieve al heel snel weer om in het positieve.

Het licht in de tunnel is geschreven vanuit gevoel, dat is aan alles te merken. Daarom is het oprecht, is het vaak aangrijpend en kan het op momenten ook confronterend zijn. Maar wat het bovenal is, is dat het geschreven is uit liefde. Voor Remona, voor Livia, voor James en voor alle andere dierbaren van Marc. En daar is hij buitengewoon in geslaagd.

Waardering: 5/5

(Het boek heb ik onlangs gerecenseerd voor Hebban.)

Boekinformatie
Auteur: Marc de Hond
Titel: Licht in de tunnel

ISBN: 9789400513440
Pagina’s: 248

Eerste uitgave: 2020