Auteursarchief: leeskees

Wat jij niet ziet – M.J. Arlidge


Beschrijving
Emma Forbes is verliefd. Sinds ze ex-soldaat Mark ontmoette, kan ze aan niets anders denken. Mark is door zijn tijd in het leger zowel mentaal als fysiek beschadigd, maar zijn littekens maken hem alleen maar aantrekkelijker. Eindelijk kan de blindgeboren Emma voor iemand zorgen, in plaats van altijd zelf te worden verzorgd. Dan wordt de stad opgeschrikt door een reeks gruwelijke inbraken. Een mysterieus figuur sluipt in het holst van de nacht huizen in, waar hij zijn nietsvermoedende slachtoffers aanvalt, vernedert en genadeloos martelt. De politie heeft maar één aanknopingspunt: de dader heeft een opvallend litteken in zijn nek. Is het toeval, of maakt Emma’s onvoorwaardelijke liefde haar blind voor wie Mark werkelijk is?​

Recensie
De Britse auteur M.J. Arlidge is bekend geworden door zijn inmiddels langlopende serie met inspecteur Helen Grace in de hoofdrol. Het eerste deel van de reeks, Iene Miene Mutte, verscheen in 2015 en vijf jaar later kwam Nog lange niet, het negende deel, uit. In datzelfde jaar verscheen eveneens het Wat jij niet ziet, het geschenkboekje voor de Spannende Boeken Weken 2020. Behalve thrillers schrijft hij ook scenario’s voor een aantal Britse crimeseries.

Tijdens een avondje uit raakt de blinde Emma Forbes tussen de mensenmassa in paniek. Mark Richardson, een oud-militair, is haar reddende engel en begeleidt haar naar de uitgang. Sindsdien denkt ze voortdurend aan hem en ze beseft dat ze verliefd op hem is, ondanks dat hij niet ongeschonden uit het leger gekomen is. Manchester, de stad waar ze wonen, wordt opgeschrikt door een aantal lugubere mishandelingen en de dader blijkt een litteken in zijn nek te hebben. Emma vraagt zich nu af of Mark zich anders voordoet dan hij werkelijk is.

In het eerste hoofdstuk maakt de lezer kennis met de blinde Emma Forbes. Ze is dan in paniek en dat gevoel weet Arlidge bijzonder goed weer te geven. Het is immers niet niets om als blinde aan je lot overgelaten te worden en in een wirwar van mensen ook nog eens de uitgang proberen te vinden. Ondoenlijk. Daarnaast, en dat komt door de manier waarop dat begin geschreven is, weet je al bijna zeker dat er iets dreigends aan staat te komen. Het is zoiets als de intonatie van het geschrevene. Het duurt dan inderdaad niet zo heel lang voor er inderdaad wat gebeurt, of beter gezegd voordat bekend wordt dat er iets is gebeurd. Het is namelijk in de vorm van een nieuwsbericht van de BBC.

Niet lang daarna hoort Emma op de radio dat er opnieuw een mishandeling heeft plaatsgevonden. Er blijkt dan een signalement van de dader te zijn. De auteur geeft daarmee iets meer prijs, maar het is nog niet zo dat er al meteen vermoedens ontstaan wie er verantwoordelijk kan zijn voor de mishandelingen. Als weer wat later nog meer over de identiteit van de dader bekend wordt, kan de lezer op zijn klompen aanvoelen wie het is. Omdat Arlidge wil voorkomen dat de plot voorspelbaar is, laat hij de lezer nog wel even in het ongewisse. Hij zaait een lichte twijfel en dat zorgt er wel voor dat je toch nieuwsgierig blijft of je het bij het rechte eind had.

Wat jij niet ziet bestaat uit korte hoofdstukken, iets dat de lezer van de auteur gewend is. Het effect daarvan is dat het verhaal een behoorlijk tempo heeft. Waar het echter aan ontbreekt zijn de spanning en de onverwachte plotwendingen. Het enige echt spannende moment doet zich pas voor in de ontknoping, die heeft dan tevens de meeste actie. Voordat het zover is, moet het verhaal het vooral hebben van het willen weten én de onzekerheid, de twijfel die bij Emma heerst. De twee belangrijkste personages zijn trouwens vrij goed uitgewerkt, zeker wanneer je in ogenschouw neemt dat dit in feite maar een dun boekje is. Wel kun je je afvragen of iemand die blind is alles kan doen wat Emma allemaal doet.

Het verhaal vormt een afgerond geheel, maar nadat de geweldpleger gearresteerd is, blijft er nog wel een vraag over. Je komt namelijk niet te weten waarom de mishandelingen gepleegd zijn, wat hiervoor het motief was. Daardoor krijg je toch een beetje het idee dat het toch niet helemaal af was. Desondanks is Wat jij niet ziet een bijzonder plezierig boekje om te lezen. Dit is mede te danken aan de heldere en vlotte schrijfstijl van de auteur.

Waardering: 3/5

Boekinformatie
Auteur: M.J. Arlidge
Titel: Wat jij niet ziet

ISBN: 9789059655201
Pagina’s: 96

Eerste uitgave: 2020

De vegetarische slager – Jeroen Siebelink


Beschrijving
Ontmoet Jaap Korteweg, een boer uit het Brabantse Zevenbergen: nuchter, ambitieus en eigenwijs. Iemand die blind is voor beren op de weg, maar kansen scherp ziet. Een eenvoudige man met een niet zo eenvoudige droom: mensen vegetarisch vlees laten eten. Lékker vlees: kip, gehaktballen, shoarma, rookworst – alles waar hij zelf als vleesliefhebber zo van houdt, maar dan zonder dat er een dier aan te pas komt.

Recensie
Ondanks dat Jeroen Siebelink is opgegroeid in een gezin met een vader die schrijver is (Jan), is het schrijven hem niet met de paplepel ingegeven. Zijn vader had liever niet dat hij auteur werd. Het is echter anders gelopen, want hij werd journalist en schreef als freelancer artikelen voor een groot aantal magazines en dagbladen. Daarnaast is hij auteur van diverse non-fictieboeken, waaronder het in 2017 verschenen Het wereldschokkende en onweerstaanbaar lekkere verhaal van Tony’s Chocolonely. In 2019 kwam zijn eerste roman Pels uit en een jaar later het non-fictieboek De vegetarische slager.

In dit nieuwste boek vertelt de auteur het verhaal van Jaap Korteweg, een Noord-Brabantse akkerbouwer en gepassioneerd jager. Terwijl Korteweg op zijn tractor zijn land bewerkt, denkt hij veel na en besluit op een dag biologisch te gaan boeren. Omdat dit niet genoeg voor hem is, wordt hij veganist. In de vleesvervangers mist hij echter de smaak van vlees. Hij denkt hier steeds meer over na en tijdens een kampeervakantie ontmoet hij Niko Koffeman aan wie hij zijn plan voorlegt. Hij wil plantaardig vlees produceren en daarmee de grootste van de wereld worden. Het eerste zaadje voor de start van De Vegetarische Slager is geplant.

In het verhaal van en vooral over Jaap Korteweg wordt in een viertal hoofdstukken verteld hoe hij op het idee kwam om plantaardig vlees te willen produceren en dat hij daarin de grootste van de wereld wil worden. Het begint in 2005 en heeft vervolgens een chronologisch verloop tot in het voorjaar van 2020. Drie korte hoofdstukken gaan over hemzelf en zijn boerenbedrijf en het eerste begint in 1970 en het laatste eindigt in 2003, de interval is echter groter dan in de hoofdstukken over De Vegetarische Slager. Beide verhaallijnen zijn onlosmakelijk met elkaar verbonden, want zonder Jaap Korteweg zou er geen Vegetarische Slager zijn en vice versa geldt dat ook.

Al vanaf het begin springt de luchtige schrijfstijl in het oog. Siebelink heeft er geen saai, taai en droog verhaal van gemaakt. Met een vlotte pen weet hij de lezer vanaf het allereerste moment te boeien, mede dankzij de in het verhaal verwerkte anekdotes van en over Korteweg. Daarbij valt vooral de nuchterheid en ongedwongenheid van laatstgenoemde op. Soms misschien wel op het naïeve af. Je vraagt je tijdens het lezen van het verhaal regelmatig af hoe het hem gelukt is om een succesvol bedrijf op te zetten. Misschien dat de eerder genoemde eigenschappen, maar ook zijn no-nonsense mentaliteit de belangrijkste factoren zijn om dat bereikt te hebben.

Het ‘zakelijke’ verhaal vertelt onder andere over de beginperiode van De Vegetarische Slager. Wanneer iedereen maar wat ‘aanmoddert’. Het enthousiasme van Korteweg spreekt daarbij boekdelen. Ondanks diverse tegenslagen blijft Korteweg alles van de zonnige kant bekijken, wat wel blijkt uit de door hem vaak gebruikte en ogenschijnlijk nonchalante woorden ‘komt goed’. Verder krijg je als lezer niet de indruk dat er iets achtergehouden wordt, ook over de moeizame onderhandelingen over de overname door Unilever en de soms wel negatieve reacties daarop worden niet uit het boek weggelaten. Over Kortewegs privéleven wordt niet zo heel veel verteld, dat is voor dit boek ook niet zo heel erg belangrijk. Wat wel interessant is, zijn zijn beweegredenen om over te gaan naar een diervriendelijke leefwijze. Uit dit ideaal is in feite ook zijn droom ontstaan.

Behalve informatief, boeiend en interessant, is De vegetarische slager op momenten zelfs ook nog een beetje spannend. Een voorbeeld daarvan komt goed naar voren wanneer de deadline voor het openen van de Haagse winkel steeds dichterbij komt en er nog bergen werk verzet moeten worden. Natuurlijk is dit te danken aan de manier waarop de auteur het verhaal geschreven heeft, maar waarschijnlijk ook aan de wijze waarop iedereen hem dit verteld heeft. Siebelink heeft met zijn laatste boek zonder meer een goed en duidelijk beeld gegeven van de opkomst van een bedrijf dat ontstaan is uit idealisme. En daarin is hij overtuigend geslaagd.

Waardering: 4/5

Boekinformatie
Auteur: Jeroen Siebelink
Titel: De vegetarische slager

ISBN: 9789401611923
Pagina’s: 368

Eerste uitgave: 2020

Val – Toni Coppers


Beschrijving
Alex Berger, ex-commissaris bij de Moord in Brussel, heeft zijn traumatische verleden overboord gegooid en zich teruggetrokken in Oostende. Hij leeft er eenvoudig en niet echt ongelukkig, kijkt naar de zee en praat tegen de meeuwen. Hij knoopt de eindjes aan elkaar als privédetective. In zijn leven is slechts plaats voor twee andere gekneusde zielen: een boekhandelaar en Sara Cavani, zijn ex-collega die pas haar tweelingzus verloor.

Wanneer Sara als verbindingsofficier bij Interpol opgezadeld wordt met een onmogelijk dossier, roept ze de hulp van Alex in. In Londen werd Roisin Benting, eenentwintig en in de fleur van haar leven, in haar luxueuze studentenlift koelbloedig gewurgd. De moordenaar liet een souvenir achter op haar buik: een sneeuwbol van glas met daarin een miniatuur van het Atomium.

Als er een tweede slachtoffer valt, dit keer in Brussel, komt de familie Bonard in beeld: steenrijke reders met aan het hoofd de mythische David Bonard, een man die niemand kent en van wie niemand iets weet. De jacht op de vreemde moordenaar brengt Alex Berger naar Londen en Zuid-Frankrijk en ten slotte naar het mondaine Sankt-Moritz in de Zwitserse bergen. En dan krijgt Alex een bericht van David Bonard zelf: een uitnodiging voor een verblijf in zijn mysterieuze landhuis aan het meer van Lugano…

Recensie
Na een jarenlange radiocarrière besloot Toni Coppers het over een andere boeg te gooien en besloot hij om auteur te worden. Omdat hij een liefhebber is van het misdaadgenre was de keuze om thrillers te schrijven geen moeilijke. Zijn eerste spannende boek, Dixit, verscheen in 2005 en een jaar later kwam Niets is ooit, het eerste van de Liese Meerhoutserie, uit. In 2019 nam hij de beslissing haar wat rust te gunnen, zodat hij zelf ook wat anders kon doen. Het gevolg is Val, zijn jongste boek dat in mei 2020 verscheen.

In jaar flat in Londen wordt de jonge Roisin Benting naakt in haar bad gevonden. Ze blijkt te zijn gewurgd. Niet veel later vindt er in Brussel ook een moord plaats die erg veel overeenkomsten vertoont met die in Londen. Inspecteur Sara Cavani, tevens verbindingsofficier bij Interpol, krijgt de leiding over het onderzoek. Hierbij laat ze zich assisteren door Alex Berger, ex-commissaris en tegenwoordig privédetective. Hun onderzoek brengt hen naar Frankrijk en Zwitserland en ze komen in contact met de puissant rijke familie Bonard. Wat hebben zij met de verschillende moorden te maken?

Hoewel Sara Cavani en Alex Berger hun opwachting al maakten in De zaak Margitte is daar in Val niets van te merken. Zowel hij als Sara worden uitgebreid aan de lezer voorgesteld. Hierdoor leer je ze goed kennen en kom je ook te weten dat ze beiden met een gevoelig verlies, dat ze nog niet volledig hebben verwerkt. te maken hebben gehad. Door deze kennismaking gebeurt er in de eerste hoofdstukken, uitgezonderd het eerste, niet zo heel erg veel, vooral ook omdat er uitgebreid ingegaan wordt op de Moordbrigade, maar ook op de Moordploeg, een kleine groep buitenstaanders die één keer per maand samenkomt en met toestemming van de politie vastgelopen onderzoeken bespreekt en waar Sara en Alex deel van uitmaken.

Al snel is duidelijk dat Cavani en Berger een en ander hebben meegemaakt, maar ook dat ze interessante personages zijn. Dat geldt overigens ook voor een aantal ander leden van de Moordploeg. Hun samenwerking, maar vooral de interactie tussen Sara en Alex, zijn boeiend en voor eventueel toekomstige delen veelbelovend. Hoewel het thema van het verhaal (wraak) en de patholoog-anatoom (een nogal norse, botte man met ietwat zwarte humor) nogal cliché zijn, is het zonder meer een aardig verhaal geworden. Daarom is het juist zo jammer dat het aan snelheid ontbeert, in twee van de tweeëntwintig hoofdstukken ligt het tempo wat hoger. Het gebrek daaraan komt grotendeels doordat de auteur over sommige dingen vrij lang uitweidt. Een deel daarvan is hiervoor al besproken, het andere is het onderzoek, daar is het in het verhaal voornamelijk om te doen.

Over het geheel genomen heeft het verhaal niet zo bijzonder veel spanning. Het is interessant om te weten hoe een onderzoek vordert, wat Sara en Alex daarin betekenen, maar omdat er te weinig plotwendingen in het verhaal voorkomen, is het allemaal niet zo heel erg spectaculair. Toch wordt het naarmate de ontknoping nadert wel wat pakkender, het onderzoek krijgt dan meer kleur en komt dan ook in een lichte stroomversnelling terecht. In de ontknoping doet zich nog een minimale verrassing voor, wat er gebeurt zag je niet aankomen, maar als je goed bij jezelf te rade gaat, was het min of meer wel weer te verwachten dat er een onvervalste link is met de moorden en de familie Bonard. Toch kan niet gezegd worden dat het een voorspelbaar verhaal is, daar is geen enkele sprake van.

Op de schrijfstijl van Coppers is ook in dit boek niets aan te merken, die is prettig en toegankelijk. Dat neemt echter niet weg dat er wel meer uitgehaald had kunnen worden. Het verhaal leent zich er namelijk wel voor. Nu is Val niets meer of minder dan een degelijke en aangename thriller.

Waardering: 3/5

Boekinformatie
Auteur: Toni Coppers
Titel: Val

ISBN: 9789460416507
Pagina’s: 376

Eerste uitgave: 2020

Façade – Esther Verhoef


Beschrijving
Twee jaar na haar pijnlijke scheiding komt jonge moeder Iris van der Steen eindelijk aan vakantie toe. Een roadtrip dwars door snikheet Europa met oldtimer Toet, en stapels cassettebandjes uit haar jeugd, moet haar dichter bij zichzelf en bij haar reislustige moeder in Portugal brengen.

Wanneer ze de knappe, charismatische sportinstructeur Mischa de Jong laat instappen, lijkt de reis een romantische wending te nemen. Maar Mischa is niet wie hij zegt te zijn. Hij leek zo aardig. Dat ze hem ontmoette, was toeval. Of niet?

Recensie
Als een van de meest succesvolle Nederlandse auteurs heeft Esther Verhoef eigenlijk geen introductie nodig. Veel van haar thrillers zijn bekroond en genomineerd voor een prijs en alleen al in eigen land heeft ze meer dan 2,5 miljoen boeken verkocht, zowel onder eigen naam als onder het pseudoniem Escober (een samenwerkingsverband met haar man Berry Verhoef). Ze debuteerde in 2003 met Onrust en in 2019 verscheen haar jongste thriller Façade. Naast spannende boeken schrijft ze ook romans, verhalenbundels en non-fictie.

Sinds Iris van der Steen twee jaar geleden gescheiden is, voedt ze haar negenjarige zoon Levi alleen op. Haar moeder woont met haar vriend Philippe in Portugal en vraagt Iris om haar onlangs opgeknapte oldtimer Toet naar haar toe te brengen, dan kan ze er meteen een vakantie aan vastknopen. Iris is nog maar net onderweg wanneer ze een lifter aanrijdt. Deze man, Mischa de Jong, moet naar Zuid-Frankrijk en omdat dat op de route ligt, biedt ze hem aan met haar mee te rijden. Vanaf dat moment wordt alles anders dan ze zich vooraf had voorgesteld.

Nog voordat het verhaal goed en wel begonnen is, is het al duidelijk dat Verhoef een beproefd concept hanteert. Hoofdstukken vanuit het perspectief van één hoofdpersoon, in Façade is dat Iris van der Steen, en tussendoor, maar er wordt ook mee begonnen, cursieve tekst die vanuit het oogpunt van de dader worden verteld. Een succesformule die ervoor moet zorgen dat het verhaal spanning heeft. Hoewel dit laatste niet altijd opgaat, weet Verhoef door deze opzet wel een continu spanningsveld te creëren. Een spanning die ook nog gehandhaafd blijft vanaf het moment dat de dader ‘zichtbaar’ wordt. Daarnaast laat de auteur de lezer vanaf het begin twijfelen aan de bedoelingen van Mischa. Je weet in feite niet wat je aan hem hebt, hoort hij bij de goeden of bij de slechten. Ook door deze onzekerheid komt de spanningsboog wat strakker te staan.

Door middel van enkele flashbacks komt de lezer iets meer over het leven van Iris, maar ook over dat van de dader te weten. Daardoor kom je erachter dat de laatste al lange tijd een erg verknipte geest heeft. Hoewel het verhaal zonder meer onvoorspelbaar is, krijg je gedurende de plot wel een vermoeden of een van de personages zijn of haar ware identiteit wel heeft getoond. Of dat een juiste veronderstelling is, wordt in de ontknoping duidelijk. Bovendien kun je al vrij snel aanvoelen dat enkele anderen zich ook anders voordoen dan ze in werkelijkheid zijn. De onthulling van hun ware aard is in sommige gevallen best verrassend te noemen.

Zoals hiervoor al even aangestipt, is Façade onvoorspelbaar. Dat komt mede door een aantal onverwachte plotwendingen, de lezer ziet ze absoluut niet aankomen. Dit is goed voor het verhaal, maar vooral voor de spanning die, zonder dat het echt zinderend wordt, geleidelijk toeneemt. In de ontknoping wordt het tempo enigszins opgevoerd en bereikt het verhaal zijn wat spectaculairdere climax. Wat Verhoef trouwens goed over weet te brengen, is Iris’ voortdurende angst en achterdocht. Zelfs wanneer het ogenschijnlijk veilig is, voelt ze zich toch nog steeds in enigermate bedreigd. De lezer voelt en leidt als het ware met haar mee. Al met al heeft Verhoef in de haar bekende en toegankelijke schrijfstijl met Façade een van begin tot eind boeiende thriller geschreven.

Waardering: 4/5

Boekinformatie
Auteur: Esther Verhoef
Titel: Façade

ISBN: 9789044641196
Pagina’s: 368

Eerste uitgave: 2019

De taak – Robert Pollack


Beschrijving
De Europese ambtenaar Christine en haar collega Steffen worden naar Sint-Petersburg uitgezonden om de dood van een Russische advocaat in zijn gevangeniscel te onderzoeken. Een voormalig cliënt van de advocaat, de Russisch-Amerikaanse zakenman Zachov, lobbyt in Washington DC voor gerechtigheid. Hoe meer dit over de Russische overheid naar buiten komt, hoe beter. Dan overlijdt een getuige onder verdachte omstandigheden en komt Steffen in contact met De Taak, een ondergrondse organisatie die zich met overheidscorruptie bezighoudt. Als daardoor de officiële missie in gevaar komt, heeft Steffen geen andere keus dan Christine alles te vertellen. Maar is deze informatie bij Christine wel in veilige handen? De Taak is een boek met internationale allures, vol vaart, plotwendingen en een intrigerend web van macht en grote politieke belangen.

Recensie
Tot 2012 heeft Robert Pollack, een pseudoniem van de jurist Rob Polak, bijna vijfentwintig jaar als advocaat gewerkt. In dat jaar nam hij ontslag om meer tijd voor andere dingen te hebben. Een van die dingen is schrijven, een activiteit waar hij altijd al belangstelling voor had. Zo schreef hij op zijn achttiende al een novelle, maar daar heeft hij niets meer mee gedaan. In 2019 verscheen dan ‘eindelijk’ zijn debuut, de thriller De Taak en waarvoor hij zich heeft laten inspireren door de Magnitski-affaire.

Tijdens zijn gevangenschap overlijdt de Russische advocaat Igor Mazovski. De Raad van Europa stuurt twee van zijn mensen, Christine Lavergne en Steffen Rittershaus, naar Rusland om te onderzoeken of zijn rechten zijn geschonden. Nadat ze met een getuige hebben gesproken komt deze ook te overlijden, onder verdachte omstandigheden. Tijdens hun verblijf wordt Steffen benaderd door De Taak, een ondergrondse organisatie en blijkt dat Christine in de gaten wordt gehouden door de Russische geheime dienst. Beiden moeten nu alle zeilen bijzetten om hun onderzoek in goede banen te leiden.

Na het eerste hoofdstuk dat zich in 2010 afspeelt, maakt het verhaal een flashforward naar drie jaar later en vervolgens verloopt het chronologisch. Het is gesitueerd op diverse internationale locaties en daarvan is Sint-Petersburg de belangrijkste. Want daar voeren Christine en Steffen immers hun onderzoek uit. Vaak zorgt een soortgelijke opzet, het wisselt dan namelijk ook van perspectief, ervoor dat een verhaal spanning krijgt, maar op dat eerste hoofdstuk na is daar geen enkele sprake van. Na het begin, dat zonder meer nieuwsgierig maakt, zakt het verhaal drastisch in en ontbeert het iedere vorm van spanning. De minimaal voorkomende plotwendingen hebben niet het gewenste effect, eerder het tegendeel want het verhaal kabbelt in een gezapig tempo voort.

Het uitgangspunt van het verhaal, de dood van een gevangene in een Russische gevangenis, is in principe niet verkeerd. Dat dit voorval vervolgens onderzocht wordt, is aannemelijk, want Mazovski had toch enig aanzien en zijn overlijden is uiteindelijk verdacht. Het probleem is echter dat het verhaal te weinig spektakel heeft, de auteur doet wel enkele pogingen, maar het blijft over het algemeen erg netjes. En als er dan een keer wat gebeurt, lijkt het net even te mooi op zijn plaats te vallen, alsof Pollack het niet aandurft zijpaden in te slaan. Blijkbaar moest het niet te ingewikkeld worden. De personages Christine en Steffen spreken niet tot de verbeelding, ze moeten deskundig zijn in hun vakgebied, maar wekken die indruk niet. Daarnaast blijken ze ook nog een eigen agenda te hebben, dat kan en mag, maar er wordt iets te weinig mee gedaan.

De schrijfstijl van de auteur is vaak nogal zakelijk en formeel, bij vlagen is het taalgebruik ambtelijk. Het verhaal heeft op die momenten veel weg van een opsomming van feiten en de dialogen komen onnatuurlijk over. Dit wordt versterkt doordat met regelmaat gebruikgemaakt wordt van niet alledaagse bewoordingen. Want wie heeft het in het dagelijkse leven tijdens een gesprek nou over poids en apaiseren? In plaats van de (overbodige) lijst van de belangrijkste personages had de auteur er beter aan gedaan achter in het boek een verklarende woordenlijst op te nemen. Wat Pollack vrij goed laat overkomen is de houding van Rusland. Die was altijd al tegendraads en gesloten, en anno 2013 is er niet veel veranderd, coöperatief en open zijn blijkbaar woorden die hen vreemd zijn.

Pollack toont in zijn debuut aan dat hij het beheerst om een verhaal te schrijven. Hij heeft echter nog wel wat werk te verzetten om een goed verhaal te schrijven. Als personages beter worden uitgewerkt, als plotwendingen vaker voorkomen en verrassender zijn, maar ook als het taalgebruik speelser wordt, zal hij een enorme vooruitgang boeken. In De taak is dit het allemaal net niet.

Waardering: 2/5

Boekinformatie
Auteur: Robert Pollack
Titel: De taak

ISBN: 9789026346019
Pagina’s: 376

Eerste uitgave: 2019

Door het sleutelgat – Ruth Ware


Beschrijving
Wanneer Rowan online een vacature tegenkomt, lijkt het bijna te mooi om waar te zijn: een betrekking als inwonend oppas met een onthutsend riant salaris. Als ze arriveert bij Heatherbrae House, valt ze meteen als een blok voor deze luxueuze slimme woning en de perfecte familie die er woont. Wat ze niet weet is dat ze in een regelrechte nachtmerrie terechtkomt – een die eindigt met een dood kind en met Rowan in de cel, beschuldigd van moord. Ze weet dat ze fouten heeft gemaakt. Maar ze is niet schuldig – zeker niet aan moord. Wat betekent dat iemand anders dat wel is…

Recensie
Ondanks dat Ruth Ware al van jongs af aan schreef, had ze nooit verwacht dat haar boeken ooit gepubliceerd zouden worden. Totdat ze in 2012 als Ruth Warburton debuteerde met de Young Adult-roman A Witch in winter bewaarde ze al haar boeken onder haar bed. Onder dit alias schreef ze vijf boeken. Na een gesprek met een vriendin stapte ze over naar een ander genre en in 2016 publiceerde ze haar eerste thriller In een donker donker bos. Haar jongste boek, Door het sleutelgat, verscheen eind april 2020 in een Nederlandse vertaling.

Hoewel ze eigenlijk niet op zoek is naar nieuw werk solliciteert Rowan Caine toch naar een betrekking als nanny bij een rijk gezin. Als ze is aangenomen vertrekt ze naar Heatherbrae House in het Schotse Carn Bridge, waar Bill en Sandra Elincourt met hun kinderen wonen. Een dag na haar aankomst staat Rowan er een tijdje alleen voor. Als zich dan enkele geheimzinnige voorvallen voordoen, wordt het er steeds angstaanjagender. Het eindigt met de dood van een van de kinderen, waarop Rowan van moord wordt beschuldigd. Maar ze weet dat ze onschuldig is. Wie heeft het meisje dan wel vermoord?

Het eerste dat opvalt, is de originele opzet waarin de auteur Door het sleutelgat geschreven heeft. In een aantal brieven smeekt Rowan de heer Wrexham, die een advocaat blijkt te zijn, om haar te helpen haar onschuld in de zaak-Elincourt aan te tonen. In deze brieven vertelt ze in de vorm van een flashback hoe het gekomen is dat ze op beschuldiging van moord gevangen genomen is. Die sprong terug begint op het moment dat Rowan de vacature leest en verloopt vervolgens in chronologie naar de dag dat ze de brief schrijft. Doordat ze haar verhaal stapsgewijs aan de advocaat vertelt, komt de lezer eveneens te weten wat zich allemaal in en rond het huis heeft afgespeeld.

Er wordt gezegd dat er in Heatherbrae House geesten ronddolen en het mysterieuze en spannende dat daar omheen hangt probeert Ware ook over te brengen. Dit lukt haar echter niet. Dit komt vooral doordat Bill en Sandra, beiden zijn architect, hun grondig verbouwde huis van de nieuwste en meest geavanceerde technologie hebben voorzien. De lezer heeft daarom voortdurend het gevoel dat al het onverklaarbare wordt veroorzaakt door alle aangebrachte technische snufjes of dat er een mensenhand achter zit. Het huis leeft niet, is niet authentiek en dan is het ondoenlijk om het verhaal een geheimzinnige sfeer mee te geven. De auteur heeft zich met deze misser aardig in de vingers gesneden.

Door het sleutelgat is geen verhaal dat uitblinkt door zijn onverwachte plotwendingen en verrassingen. Pas twaalf hoofdstukken voor het eind wordt de lezer getrakteerd op een situatie die de schijn oproept verrassend te zijn, maar die je in een eerder stadium eigenlijk wel had kunnen zien aankomen. De eerstvolgende doet zich voor in de ontknoping. Dit geringe aantal is veel te mager voor een boek dat zich thriller noemt. Ook op de personages valt het een en ander aan te merken. De meeste van hen gedragen zich onsympathiek en lijken, net als Rowan, een dubbel gezicht te hebben. Het wordt de lezer moeilijk gemaakt zich met een van hen te identificeren.

Net als het begin, eindigt het verhaal eveneens met een aantal brieven. Hierdoor krijgt het verhaal een zo goed als afgerond geheel, maar desondanks blijft de lezer wel met een wat onbevredigd gevoel achter. Het enigszins open einde mag blijkbaar door hemzelf ingevuld worden. Verder verhult de toegankelijke en prettige schrijfstijl van Ware niet dat Door het sleutelgat de kwaliteit ontbeert die je van een auteur, die ruimschoots bewezen heeft een goed verhaal te kunnen schrijven, mag verwachten. Daarvoor heeft het te veel tekortkomingen.

Waardering: 2/5

(Het boek heb ik onlangs gerecenseerd voor Hebban.)

Boekinformatie
Auteur: Ruth Ware
Titel: Door het sleutelgat

ISBN: 9789024588602
Pagina’s: 352

Eerste uitgave: 2020

Alibi – Denise Mina


Beschrijving
Anna McDonald luistert tijdens het klaarzetten van de schoolspullen van haar kinderen naar een truecrimepodcast. Dan staat haar beste vriendin Estelle voor de deur en komt haar man de trap af met een koffer in zijn hand. Ze vertrekken samen en nemen de kinderen mee. Anna blijft in shock achter. Nu haar leven ineengestort is, zoekt ze afleiding in de podcast; over een gezonken jacht en een vermoord gezin, met een vleugje corruptie en machtsmisbruik. Dan ontdekt Anna dat ze een van de genoemde slachtoffers uit een vorig leven kent en raakt ze ervan overtuigd dat ze weet wat er is gebeurd. Dat betekent dat ze haar verleden niet langer verborgen kan houden. Ze besluit op jacht te gaan naar de waarheid, maar ze beseft niet dat daarmee alles waarvoor ze zo hard gewerkt heeft als een kaartenhuis zal instorten.

Recensie
Nadat Denise Mina op haar zestiende de school verliet, had ze verschillende baantjes tot ze jaren later besloot toch weer te gaan studeren. De studiefinanciering die ze ontving, gebruikte ze echter om haar debuutthriller Garnethill (De kwetsbare getuige, 1999), dat in 1998 verscheen en het eerste deel van een trilogie is, te schrijven. Met dit boek won ze meteen al een aantal prijzen. Voor Alibi, dat in 2020 uitgekomen is, liet ze zich inspireren door haar verslaving aan podcasts. Behalve thrillers schreef ze ook een aantal strips, toneelstukken en enkele korte verhalen.

Voordat Anna McDonald haar kinderen wekt om naar school te gaan, luistert ze naar de eerste aflevering van een nieuw truecrimepodcastserie. Als ze de lunchtrommeltjes van haar dochters vult, wordt er op de deur geklopt. Het is haar vriendin Estelle. Tegelijkertijd komt haar man Hamish de trap aflopen met een koffer in zijn hand. Hij vertelt haar dat hij samen met Estelle en de kinderen voor een korte vakantie naar Portugal vertrekt. Hierna stort Anna zich volledig op een podcast over een gezonken jacht en een vermoord gezin. Ze komt erachter dat ze een van de genoemde slachtoffers kent. Omdat ze zich ook realiseert dat er nu meer over verleden bekend gaat worden, probeert ze de waarheid te achterhalen.

Het is interessant om te zien hoe Mina haar podcastverslaving in het verhaal heeft verwerkt. Alibi als boek is vanzelfsprekend al een verhaal op zich, maar de podcast die Anna beluistert is dat ook. Daarnaast richt ze zich rechtstreeks tot de lezer en dat doet ze in de vorm van een boek, dus ook dat is een verhaal. Deze verhalenwirwar kan ogenschijnlijk ingewikkeld lijken, maar is dat zeker niet. Er zit een prima structuur in en het is daardoor al van begin af aan bijzonder goed te volgen. Omdat de eerste hoofdstukken tamelijk informatief zijn, duurt het even voordat Alibi goed op gang komt. Het is echter wel nodig dat de auteur deze de lezer deze kennis geeft, het vormt namelijk de basis voor het vervolg en daarmee maakt het het geheel uiteindelijk compleet.

Na deze spreekwoordelijke hindernis komt het tempo erin, wordt het bij vlagen mysterieus en neemt de nieuwsgierigheid van de lezer langzaam maar zeker steeds meer toe. Dat komt vooral omdat vanaf dat moment veel hoofdstukken met een cliffhanger eindigen en zich ook regelmatig onverwachte ontwikkelingen voordoen. Hierdoor ontstaat er een voornamelijk onderhuidse spanning, die gedurende de plot alleen maar toeneemt. Hoewel halverwege het verhaal wel bekend wordt wat er in het verleden met Anna is gebeurd, is dat van geen enkele invloed op de beleving daarvan. Je wilt immers nog altijd weten of het haar en Fin gaat lukken te achterhalen wie er verantwoordelijk is voor de moord op het gezin, je voelt in feite aan dat er nog het een en ander moet gebeuren.

Omdat Alibi volledig vanuit het perspectief van Anna wordt verteld, komt de lezer ruim voldoende over haar te weten. Ondanks dat het in het verhaal wat minder om de nevenpersonages draait, ze hebben overigens wel degelijk een belangrijke rol, zijn ze toch behoorlijk goed uitgewerkt. De meest aansprekende van hen is Fin, de man van Estelle en zijdelings betrokken geraakt bij Anna’s speurtocht, waarin hij trouwens telkens iets fanatieker wordt. Van elk van de personages kan de lezer zich bovendien een prima en levendige voorstelling maken, ze komen natuurgetrouw en echt over en dat is zonder meer goed voor het verhaal. In een aangename en toegankelijke schrijfstijl krijgt Mina het voor elkaar de lezer bij Alibi te betrekken. Hoewel er dus wel een aantal minder boeiende hoofdstukken in voorkomt, wint het gedurende de plot wel degelijk in kracht. Met een verrassende ontknoping tot gevolg.

Waardering: 4/5

(Het boek heb ik onlangs gerecenseerd voor Hebban.)

Boekinformatie
Auteur: Denise Mina
Titel: Alibi

ISBN: 9789026351037
Pagina’s: 304

Eerste uitgave: 2020

Godendrank – Ilja Gort


Beschrijving
Met veel humor beschrijft Gort de avonturen van dromer Abel en zijn nuchtere vrouw Angela die hun winkeltje in de Amsterdamse Jordaan verkopen om een wijnboerderij in Zuid-Frankrijk te beginnen.
Ze worden getroffen door bizarre tegenslagen en Abel besluit wiet te gaan telen om zijn wijn te voorzien van een scheut geestverruiming. Daarmee kruisen ze het pad van lieden die het niet zo nauw nemen met de wet, hetgeen leidt tot hilarische gebeurtenissen en een spetterende ontknoping.

Recensie
Wijnboer in Frankrijk. Al meer dan twintig jaar heeft Ilja Gort een wijnkasteel in de buurt van Bordeaux. Daarvoor hield hij zich bezig met muziek en was hij drummer bij onder andere de Haagse band After Tea. Naast wijn en muziek is schrijven een van zijn andere liefhebberijen. In 2004 verscheen zijn eerste boek Leven als Gort in Frankrijk en in 2008 kwam zijn debuutroman Het Merlot mysterie uit. Zijn jongste roman is Godendrank en werd in april 2020 uitgegeven. Behalve romans, thrillers en non-fictie schrijft hij ook kinderboeken.

Abel Jongbloed is eigenaar van cd- en platenwinkel en heeft het naar zijn zin. Toch wil hij meer, hij heeft zijn zinnen gezet op een Frans wijnkasteel. Na lang zoeken heeft hij eindelijk wat gevonden, hij verkoopt zijn winkel en vertrekt samen met zijn vrouw Angela naar Zuid-Frankrijk. Ondanks de idyllische omgeving, krijgen ze meteen al diverse tegenslagen te verwerken. Abel besluit om het over een andere boeg te gooien en begint met het telen van wiet om er zijn wijn mee te verrijken. Dit neemt echter een andere wending aan dat hij aanvankelijk had voorzien.

Vanaf het allereerste moment proeft Godendrank naar Gort. De relaxte houding van Abel, de humor en het taalgebruik die het verhaal kenmerken, de wijnterminologie, maar ook de verwijzingen naar muziek. Het is overduidelijk dat de auteur ervaringen uit zijn eigen leven in het verhaal verwerkt heeft, en vanzelfsprekend ook zijn kennis over wijn. In een interview heeft Gort ook bevestigd dat veel elementen uit het boek zijn gebaseerd op eigen ervaringen en dat hij eigenlijk zelf de Abel-figuur is. Dit wil overigens niet zeggen dat de roman autobiografisch is, dat is het verre van.

Het verhaal wordt vooral verteld vanuit het perspectief van Abel, een bijzonder en echt personage, hoewel soms nog wel eens naïef. Misschien dat dat er de reden van is dat hij sympathie oproept. Dat doen een paar andere personages overigens ook, denk daarbij aan zijn nuchtere en down to earth zijnde vrouw Angela, maar ook Fifi Fusil, de oude, bijzondere, maar nog erg krasse dame. Ook voor de overige personages gaat op dat ieder van hen uniek en daardoor authentiek is. Gort heeft ervoor gewaakt ze cliché te maken en dat is een pre voor het verhaal.

Ondanks dat Godendrank een roman is, heeft het al vanaf het begin een lichte spanningsboog. De lezer wordt nieuwsgierig gemaakt. Dit wordt nog eens aangewakkerd door de vele bizarre situaties waarin Abel terechtkomt. Je vraagt je voortdurend af hoe hij zich daar uit kan redden. Het verhaal heeft een behoorlijk tempo dat in de laatste fase ook nog eens wordt opgevoerd. Dan nemen de spannende momenten zelfs toe en wordt het door de wild-west-taferelen ronduit thrillerachtig. De hele plot kenmerkt zich overigens door de vele onverwachte ontwikkelingen. Niets en niemand is voorspelbaar.

Godendrank is trouwens geen literair hoogstandje, daar is het Gort ook helemaal niet om te doen. Wel is het een vlot lopend en luchtig verhaal dat bijzonder beeldend, tegen het filmische aan, geschreven is. Het dient vooral voor vermaak en ondanks dat het verhaal zo ongeloofwaardig is als wat, is de auteur daar volledig in geslaagd.

Waardering: 4/5

Boekinformatie
Auteur: Ilja Gort
Titel: Godendrank

ISBN: 9789082958751
Pagina’s: 236

Eerste uitgave: 2020

Lexicon – Max Barry


Beschrijving
Wil Parke wordt in een wc-ruimte van een vliegveld bruut overmeesterd door twee mannen. Ze stellen hem een reeks vreemde vragen en beweren dat hij de sleutel is tot een geheime strijd waar hij niets van weet, en dat hij `immuun’ is.

Straatschoffie Emily Ruff wordt gerekruteerd door een exclusieve school waar leerlingen les krijgen in overtuigingskracht. Ze leren woorden te gebruiken als wapens. De besten worden `dichters’ en gaan werken voor een sinistere organisatie. Al snel is Emily het grootste talent – totdat ze een catastrofale fout maakt: ze wordt verliefd.

Recensie
Hoewel hij met zijn werk als marketeer bezig had moeten zijn, schreef de Australische auteur Max Barry stiekem aan Syrup, zijn debuutroman, overigens geschreven onder de naam Maxx Barry. Een daverend succes was dit nog niet, maar de opvolger Logoland (Jennifer Government), was dat wel. De gratis online game NationStates is op dit boek gebaseerd. Het in 2013 verschenen Lexicon, in Nederland werd het in april 2014 uitgegeven, is een thriller en vooralsnog het laatste boek dat hij geschreven heeft. Het werd door Time Magazine uitgeroepen tot een van de beste tien boeken van het jaar 2013.

Op de luchthaven van Chicago wordt Wil Parke door een aantal mannen overmeesterd en moet hij vijf bijzondere vragen beantwoorden. Er wordt hem ook verteld dat hij immuun is en dat hij de sleutel is in een voor hem onbekende geheime strijd. In San Francisco wordt het op straat levende meisje Emily Ruff geronseld om naar een exclusieve school te komen waar lesgegeven wordt in overtuigingskracht. De woorden die ze er leert fungeren als wapens en de beste leerlingen worden tewerkgesteld bij een duistere onderneming. Emily is een van de besten, maar maakt de fout om verliefd te worden.

Merkwaardig. Iets anders kan er over het eerste hoofdstuk van Lexicon niet gezegd worden. Want is het een droom van Wil of is het toch iets dat zich in zijn leven afspeelt. Twee vragen waar de lezer in het begin mee komt te zitten. Maar hoe vreemd, en ook wel bijzonder, dit is, het zorgt er wel voor dat je nieuwsgierig wordt. Dat blijft, want het vervolg geeft soms een ander licht op een situatie, je blijft je wel afvragen wat waar is en wat niet. Niet alleen de verhaallijn met Wil roept dit op, maar de tweede, met Emily Ruff, doet er niet voor onder, ondanks dat daar wel wat meer structuur en herkenbaarheid in zit. Beide verhalen doen op momenten erg vreemd aan. Desondanks intrigeren ze wel en verveelt het de lezer niet.

Dat komt overigens ook door de schijfstijl van de auteur. Het verhaal speelt zich in een vrij hoog tempo af en de dialogen zijn natuurgetrouw en daardoor is het voor een groot deel erg toegankelijk. Aan de andere kant zijn er ook voldoende frasen die moeilijk te bevatten zijn. Want hoe kun je verklaren dat mensen bizarre opdrachten gaan uitvoeren door alleen maar het aanhoren van een aantal woorden, als ware het een toverspreuk. Goed, het draait dan vooral om het overtuigen, dat is in principe een goed en interessant gegeven, maar het jasje waarin het verpakt is, is nogal onwerkelijk. Lexicon heeft daardoor behalve thrillereigenschappen ook wel wat weg van een sciencefictionboek.

Barry heeft ervoor gekozen om hoofdstukken zo nu en dan af te wisselen met e-mails, korte nieuwsberichten of andersoortige tekst. Een aantal daarvan werkt verhelderend, maar er zijn er ook die niet ter zake lijken te doen. De toegevoegde waarde daarvan is dus onbegrijpelijk. Jammer is dat niet verder verklaard wordt waarom personages de naam van een overleden dichter hebben gekregen en wat hun doel met de woorden is. Dat geeft de lezer na afloop een ietwat katterig gevoel. Toch is Lexicon daarmee geen vervelende thriller geworden. Het heeft twee gezichten, het ene is interessant en boeiend, het andere merkwaardig en bijzonder.

Waardering: 3/5

Boekinformatie
Auteur: Max Barry
Titel: Lexicon

ISBN: 9789024564040
Pagina’s: 432

Eerste uitgave: 2014

Een erfenis van spionnen – John le Carré


Beschrijving
Peter Guillam, loyale collega en volgeling van George Smiley van de Britse Geheime Dienst, beter bekend als het Circus, is stil gaan leven op een boerderijtje aan de zuidkust van Bretagne. Op een dag wordt daar een brief bezorgd van zijn oude Dienst die hem sommeert naar Londen te komen. De reden? Zijn Koude Oorlogsverleden is teruggekeerd om hem op te eisen.

Geheime operaties die ooit het neusje van de zalm binnen de Londense spionagewereld waren worden aan een kritisch onderzoek onderworpen door een generatie die te jong is om iets van de Koude Oorlog bewust te hebben meegemaakt. Iemand zal moeten boeten voor het bloed van onschuldigen, dat werd vergoten ten dienste van het algemeen belang.

Recensie
John le Carré, een pseudoniem van David John Moore Cornwell, werkte nog bij de inlichtingendienst MI6 toen zijn derde boek Spion aan de muur in 1963 een internationale bestseller werd en tegelijk zijn grote doorbraak betekende. Zijn spionagethrillers gaan vooral over de Koude Oorlog en een tweetal daarvan is herwerkt tot een BBC-televisieserie. Als tegenhanger van James Bond creëerde hij de spion George Smiley, die in een aantal van zijn boeken zijn opwachting maakte. In Een erfenis van spionnen, verschenen in 2017, heeft de vooral in Groot-Brittannië legendarische spion, een kleine rol.

Na zijn carrière bij het Circus, zoals de Britse geheime dienst wordt genoemd, woont Peter Guillam in een afgelegen boerderij in het Franse Bretagne. Terwijl hij van zijn rust geniet, wordt er op een dag een brief van het Circus bezorgd. Guillam wordt dringend verzocht om naar Londen te komen. De reden blijkt in het verleden te liggen, ten tijde van de Koude Oorlog. Hij wordt ondervraagd over de geheime operatie Windfall. De ondervragers hebben echter geen flauw benul wat zich destijds afgespeeld heeft, maar iemand moet voor het gebeurde boeten. Verteld Guillam hen de hele waarheid?

Mijmeringen van een op leeftijd zijnde en gepensioneerde oud-spion aan zijn tijd bij de Britse geheime dienst. Dat is de eerste indruk die de lezer aan het begin van het verhaal krijgt. Gedurende de plot blijkt het iets anders in elkaar te steken dan het aanvankelijk lijkt. Het verleden wordt inderdaad opgerakeld, maar vooral in de vorm van verslagen, rapporten, transcripties en ondervragingen. Vooral die eerste drie zijn saai, eentonig, nietszeggend en enigszins slaapverwekkend. Wat het er ook al niet gemakkelijker op maakt, is het aantal personages. Deze zijn talrijk en het vergt de nodige inspanning van de lezer om te weten te komen wie precies wie is en welke rol ze een halve eeuw geleden hadden. Extra lastig is dat er toen ook nog eens gebruik werd gemaakt van schuilnamen. Hierdoor zie je door de bomen het bos niet meer en krijg je de indruk iets gemist te hebben.

Ook de schrijfstijl van Le Carré is niet de meest eenvoudige. In vaak te lange zinnen probeert hij weer te geven wat hij bedoelt. Dit doet zich overigens vooral in het begin van het verhaal voor. Daarnaast is het verwarrend dat niet aangegeven wordt wanneer een deel van het verhaal zich afspeelt. Binnen hoofdstukken verspringt hij, zonder enige vorm van aanwijzing, van het heden naar het verleden en andersom. Voor de duidelijkheid had de auteur er goed aan gedaan om een tijdsaanduiding te gebruiken. Een aantal personages kwam ook al voor in enkele eerdere boeken van de auteur, maar dat wil niet zeggen dat Een erfenis van spionnen niet afzonderlijk gelezen kan worden. Dat kan het wel, hoewel er dan wel rekening mee gehouden moet worden dat ze niet erg uitgewerkt worden en dat je niet erg veel over hen te weten komt. Allen al daarom is het aan te bevelen om de eerdere boeken met hen eerst te gaan lezen.

Door zijn persoonlijke ervaringen, maar ook omdat hij er al zo vaak over heeft geschreven, weet Le Carré wel goed over te brengen hoe het er tijdens de Koude Oorlog aan toe moet zijn gegaan. Dit kan over het algemeen leiden tot spannende, intrigerende en interessante verhalen, maar in Een erfenis van spionnen is daar, op een enkel moment na, geen enkele sprake. Op basis van deze spionageroman doet de auteur er goed aan om zichzelf, maar ook zijn pen, de rust te gunnen die hij verdient om vervolgens van zijn pensioen te gaan genieten. Daarmee voorkomt hij dat een eventueel volgend boek nog onsamenhangender wordt.

Waardering: 2/5

Boekinformatie
Auteur: John le Carré
Titel: Een erfenis van spionnen

ISBN: 9789024578696
Pagina’s: 300

Eerste uitgave: 2017