Ongecorrigeerde proeven – Stafano Bartezzaghi & Pier Mauro Tamburini

Flaptekst
Ongecorrigeerde proeven is een boek vol fouten, duizend om precies te zijn: typefouten, grammaticale fouten, feitelijke fouten en weglatingen. De lezer moet ze opsporen om de moordenaar te vinden van Niccolò Errante, een raadselachtige Italiaanse schrijver, die een teruggetrokken bestaan leidde en een veelzijdig oeuvre voortbracht. Hij kwam om het leven na een val van zijn balkon – een ongeluk of een duw? De lezer is de detective, de tekst is de sleutel.

Aan het begin van de zomer, na een ontmoeting met enkele medewerkers van zijn uitgeverij, sprong de getalenteerde schrijver Niccolò Errante, volledig dronken, van het balkon van zijn huis. Maar was het wel zelfmoord? Niet volgens zijn vriend, de corrector. Hij heeft de waarheid over de dood van de schrijver verborgen in de duizend fouten die verspreid door dit boek staan, alleen de slimste lezers weten ze te vinden. Zij moeten een geheime boodschap ontcijferen en het mysterie rond zijn dood oplossen. Hoeveel lezers gaan deze uitdaging aan?

Recensie
Het merendeel van de lezers vindt dat fouten in boeken niet mogen voorkomen en als ze er toch diverse tegenkomen, storen ze zich daar vaak aan. De gerenommeerde Italiaanse journalist en auteur Stefano Bartezzaghi is een van hen en had al lang geleden het idee opgevat om een boek over fouten te schrijven. Omdat hij een fervent puzzelaar is, bedacht hij een concept waarin deze taalkundige missers een hoofdrol hebben. Samen met Pier Mauro Tamburini, een expert in boekenspellen, bracht hij Ongecorrigeerde proeven (2026) uit, een boek waarin met opzet duizend fouten zijn aangebracht. Het is aan de lezer om deze te vinden en om vervolgens te achterhalen wie de plotselinge dood van de mysterieuze schrijver Niccolò Errante op zijn geweten heeft.

De niet bij naam genoemde verteller – en tevens zelfbenoemd detective – vertelt in de eerste hoofdstukken iets over zichzelf, zijn werk als corrector bij een uitgeverij en de schrijver Errante. Op dat moment heeft de lezer er nog geen enkel idee van wat er exact van hem verwacht wordt en wat hij met de bewuste en overduidelijk zichtbare fouten moet doen. Een uitleg hierover volgt ‘pas’ in de hoofdstukken dertien tot en met vijftien. De keuze van de auteurs om dit niet aan het begin van het boek te doen, is een merkwaardige, want hierdoor zit je je toch een tijdje af te vragen wat zij als fout beschouwen en wat niet. Als dit eenmaal helder is, kun je écht aan de slag en wordt het in feite een sport om alle fouten op te sporen.

Als je denkt alle fouten gevonden te hebben, wat niet altijd een sinecure is (hersenen hebben over het algemeen een eigen wil), omdat je over sommige erg gemakkelijk heen leest, word je naar een plek op internet verwezen waar niet alleen de oplossing gegeven wordt, maar waar je tevens kunt controleren of je alle fouten ontdekt hebt. Eigenlijk is dit wel een goed besluit, want dit voorkomt enerzijds dat er tijdens het puzzelen gespiekt wordt en anderzijds bevordert dit je nieuwsgierigheid of je écht alle opzettelijke missers hebt weten te vinden. Van het verhaal – als je hier al over kunt spreken – moet niet al te veel verwacht worden. De plot is nogal dun, alles is gericht op die fouten en de schrijfstijl is behoorlijk simpel. Een interessante en daardoor boeiende verhaallijn valt zo goed als niet te ontdekken.

Toch zijn de hoofdstukken waarin de verteller als detective aan de slag gaat het meest aansprekend, want daarin zit nog enige structuur. Voor het overige bestaat het boek uit drukproeven van uiteenlopende aard die vooral tot doel hebben om te laten zien wat het werk van een corrector inhoudt. De manier waarop de auteurs dit opgezet hebben, komt enigszins warrig over en voegen in feite niet zo heel veel toe aan de opsporing van de moordenaar, behalve dan het vinden van de vele expres gemaakte fouten. Desondanks is het zonder meer erg leuk om op deze op zich ongebruikelijke wijze een boek te lezen. Hoe je dit doet, bepaal je zelf, want je kunt ervoor kiezen het boek eerst volledig te lezen en daarna op foutenjacht gaan, maar het is uiteraard ook mogelijk om meteen met je speurtocht te beginnen.

Het concept dat beide auteurs hebben bedacht, is origineel en nodigt zonder meer uit tot puzzelen. De vertalers, Manon Smits en Pieter van der Drift, verdienen eveneens een compliment, want moedwillig fouten in een boek te laten staan, is in feite tegennatuurlijk en is hen erg goed afgegaan. Al met al is Ongecorrigeerde proeven een aardige, maar ook unieke lees- en puzzelervaring die voor het nodige tijdverdrijf kan zorgen.

Waardering: 3/5

Boekinformatie
Auteur: Stefano Bartezzaghi & Pier Mauro Tamburini
Titel: Ongecorrigeerde proeven

ISBN: 9789045053882
Pagina’s: 208

Eerste uitgave: 2026

De ijsengel – Frida Skybäck

Flaptekst
Op een donkere winterochtend rent een jonge vrouw over een bevroren meer in Lund. Het ijs is niet sterk genoeg om haar te dragen, dus verdwijnt ze binnen enkele seconden in het ijskoude, zwarte water…

Was ze op de vlucht? Rechercheur Fredrika Storm, die in de omgeving van Lund opgroeide, wordt op de zaak gezet. Samen met haar excentrieke collega Henry Calment probeert ze uit te zoeken wat er is gebeurd. Het spoor voert haar terug naar geheimen uit haar eigen verleden. Heeft de plotselinge verdwijning van haar moeder, vele jaren terug, misschien iets met de zaak te maken?

Recensie
Op haar twintigste was Frida Skybäck het slachtoffer van een verkrachting en deze nare gebeurtenis is een blijvende impact op haar leven geworden, omdat ze nog steeds achteromkijkt als ze een keer alleen op straat loopt. Aan de andere kant is dit ook een inspiratiebron geweest voor haar thriller De ijsengel, dat in 2026 in een Nederlandse vertaling is verschenen. Met dit boek wilde ze uitzoeken welke impact een dergelijk voorval heeft op de mensen in de omgeving van dat slachtoffer, maar ook wat het betekent voor de familie van de dader.

Het is een vroege januari-ochtend als een jonge vrouw het Vombmeer in het zuiden van Zweden op rent. Omdat het ijs dat erop ligt nog dun is, kan het haar gewicht niet houden waardoor ze snel door het koude water wordt opgeslokt. Het is onduidelijk waarom ze tot  deze roekeloze daad overging en rechercheur Fredrika Storm en haar collega Henry Calment proberen erachter te komen wat de vrouw hiertoe bewoog. Fredrika vindt een aanwijzing die naar haar eigen verleden verwijst en vraagt zich later af of de plotselinge verdwijning van haar moeder met deze zaak te maken heeft.

De proloog, waarin het voorval met de jonge vrouw beschreven wordt, maakt de lezer enigszins nieuwsgierig naar de toedracht van deze gebeurtenis en wat er exact aan de hand is. Door deze scène lijkt het erop dat de lezer meteen het verhaal wordt ingetrokken, maar niets is minder waar, want na deze inleiding is het in eerste instantie heel gewoontjes. Dit komt voornamelijk omdat de belangrijkste personages worden geïntroduceerd en eveneens doordat de auteur bijzonder uitvoerig aandacht besteedt aan de privéomstandigheden van met name Fredrika Storm. Een pré hiervan is dat je een behoorlijk goede indruk van haar en haar familie krijgt, terwijl dit aan de andere kant ten koste gaat van de thrilleraspecten van het boek. Toch, en dat heb je vrij snel in de gaten, zijn haar professionele en persoonlijke situatie onlosmakelijk met elkaar verbonden. Zoiets komt vaker voor, maar de manier waarop Skybäck dit heeft ingekleed, is net even iets anders en daarom wel origineel.

Ondanks de vele ontwikkelingen en wendingen – een aantal is absoluut onverwacht, andere daarentegen juist weer niet – wil het met de spanning niet erg vlotten. Natuurlijk, er zijn zonder meer diverse momenten die de lezer doen opveren, maar als gevolg van de al genoemde uitgebreide uiteenzettingen die betrekking hebben op Fredrika en haar familie zijn die minimaal. Het meest nieuwsgierig ben je misschien nog wel naar de ware toedracht van de verdwijning van haar moeder. Wat dit betreft word je in ieder geval één keer de verkeerde richting in gestuurd en eigenlijk levert dit feit meer spannende situaties op dan het onderzoek naar de opmerkelijke dood van de jonge vrouw, die vanzelfsprekend in de ontknoping wordt opgehelderd, maar niet honderd procent verrassend is.

Een van de sterkere elementen van de thriller is de sfeer die hij uitstraalt. De omgeving wordt beeldend en kleurrijk beschreven, de houding en opvatting van bewoners van een plattelandsgemeente is realistisch en de vele karakters komen treffend over. De interactie tussen Fredrika en haar collega Henry, die in zo goed als alles haar tegenpool is, is interessant en de manier waarop ze met elkaar omgaan, wijst erop dat dit veelbelovende koppel – er zit nog voldoende rek in – toekomstbestendig zal blijken te zijn.

De schrijfstijl van de auteur is uitermate vlot, toegankelijk en levendig en het is klip en klaar dat ze een vloeiend verhaal kan vertellen. Dit eerste deel van de serie bevat echter wel enkele thrillerclichés waar klaarblijkelijk niet aan te ontkomen valt. Daarnaast is de verhouding werk (het politieonderzoek) en privé enigszins uit balans, maar voor een begindeel kan het er nog mee door. Alles bij elkaar genomen is De ijsengel geen opzienbarende, maar niettemin aardige start van de reeks.

Waardering: 3/5

Boekinformatie
Auteur: Frida Skybäck
Titel: De ijsengel

ISBN: 9789402719475
Pagina’s: 414

Eerste uitgave: 2026

Het stille geweld van dromen – K. Sello Duiker

Flaptekst
Tshepo heeft al een bewogen leven achter de rug als hij afstudeert aan de universiteit van Kaapstad. Hij vindt een werk in een restaurant, maar raakt in de problemen als zijn huisgenoot hem afperst en ervoor zorgt dat hij ontslagen wordt. Uit nood gaat Tshepo in een massagesalon werken, waar hij als de prostitué Angelo in de escort-service terechtkomt. Als een van de weinige zwarte ‘dekhengsten’ verdient hij goed. Hij kleedt zich modieus, legt wat geld opzij en investeert. Geleidelijk wordt hij zich bewust van zijn seksuele geaardheid en de maatschappelijke gevolgen van zijn huidskleur.

Recensie
De in 2005 overleden Zuid-Afrikaanse auteur K. Sello Duiker zag zijn studie journalistiek als dé aanzet om auteur te worden. Toen hij in aanraking kwam met een groep straatkinderen in Kaapstad  kwam de echte schrijver in hem naar boven en dit contact inspireerde hem om te gaan schrijven over zaken die in zijn land bij voorkeur stilgehouden werden. Zo kwam het dat hij in 2000 debuteerde met de roman Thirteen cents. Een jaar later verscheen The quiet violence of dreams (Het stille geweld van dromen, 2003). Voor beide boeken werd hij met een prijs beloond.

In de laatstgenoemde roman studeert Tshepo, die in zijn nog jonge leven al aardig wat heeft meegemaakt, af aan de universiteit. Hij weet nog niet wat hij wil gaan doen, maar vindt desondanks werk als ober in een eenvoudig restaurant. Door toedoen van zijn huisgenoot en collega wordt hij daar ontslagen en om toch aan geld te komen, besluit hij in een massagesalon te gaan werken waar ook speciale diensten aan de klanten worden aangeboden. Geleidelijk aan wordt hij zich steeds meer bewust van zijn geaardheid en ontdekt hij eveneens de maatschappelijke gevolgen van zijn huidskleur.

Hoewel het meteen in het begin al glashelder is dat de protagonist Tshepo is, is er eveneens een ruime hoeveelheid hoofstukken die vanuit het perspectief van anderen worden verteld, maar het is onmiskenbaar dat deze jongeman de grote gemene deler is. De lezer komt derhalve niet alleen te weten wie hij is, wat hij zoal doet en hoe hij in elkaar steekt, edoch ook wat zich allemaal in zijn hoofd afspeelt. En dat is heel wat, want hij denkt wat af, al dan niet onder invloed van diverse geestverruimende middelen. Die drugs zijn er dan ook de oorzaak van dat hij met psychische problemen te kampen heeft gehad en, ondanks de hulp die hij gekregen, heeft in feite nog steeds niet van zijn demonen verlost is. Pas aan het eind van de plot komt hij met zichzelf in het reine, heeft hij zijn ware ik gevonden en kan hij – eindelijk – zichzelf zijn.

Door de opzet van het verhaal krijg je niet alleen een beeld van het leven van Tshepo, maar wordt eveneens inzichtelijk gemaakt met welke problemen Zuid-Afrika aan het eind van de vorige eeuw te maken had en waar het nu – iets meer dan vijfentwintig jaar later – ten dele nog steeds last van heeft. Wat heel duidelijk naar voren komt, zijn de gevolgen van de afschaffing van de apartheid. Veel blanken konden of wilden het niet accepteren, en de donkere Afrikanen zaten met hun nog lang niet verwerkte trauma’s. Daarnaast heeft Sello Duiker meer thema’s in de roman verwerkt. Hierbij valt onder andere te denken aan cultuurverschillen (die in de verhaallijn van Tshepo’s goede vriendin Mmabatho uitgelicht worden), maar ook de armoede in de diverse townships wordt onder de aandacht van de lezer gebracht. En wat te denken van de aids- en drugsproblematiek, waar destijds maar geen eind aan leek te komen.

In een over het algemeen bijzonder beeldende schrijfstijl en met hantering van korte, soms bijna staccato zinnen, leidt de auteur je van de ene scène naar de andere en neemt hij je mee in de hoofden en levens van de diverse personages. Soms maakt hij daarbij gebruik van woorden uit onder andere het Afrikaans en het Xhosa. Deze keuze geeft een en ander absoluut een authentiek tintje en doen niet bevreemdend aan. Omdat Sello Duiker eveneens persoonlijke ervaringen in het verhaal heeft verwerkt, komt wat gebeurt behoorlijk realistisch over. Alles bij elkaar genomen is Het stille geweld van dromen een boeiende roman die de lezer van begin tot eind in zijn greep houdt.

Waardering: 4/5

Boekinformatie
Auteur: K. Sello Duiker
Titel: Het stille geweld van dromen

ISBN: 9789044503326
Pagina’s: 576

Eerste uitgave: 2003

Badgasten – Liz Ouwens

Flaptekst
Rosie groeit op in Bergen aan Zee, met zomers vol zon, zee en strand. Maar de komst van de mysterieuze badgasten Herman en Sonja verandert Rosies onbezorgde leven voorgoed.

Jaren later keert Rosie, nu rechercheur, terug naar de badplaats, omdat haar vader is verdwenen. Ze zet alles op alles om hem te zoeken, maar al snel komen heftige herinneringen boven. Dan zet een onverwachte ontmoeting haar wereld op z’n kop. Kan ze haar vader op tijd vinden of is het al te laat?

Recensie
In 2016 begon Liz Ouwens aan een opleiding op de Schrijversacademie en een van de vakken die ze koos wat thrillers. Het resultaat was dat ze zes jaar later debuteerde met het goed ontvangen Wie zwijgt…, dat aanvankelijk alleen als e-boek werd uitgebracht, maar in 2023 eveneens als paperback. Haar derde thriller Badgasten verscheen in de zomer van 2025 en is het tweede deel van een serie met de rechercheurs Rosie van Henegouwen en haar collega Julian.

Hierin krijgen ze te maken met de plotselinge verdwijning van Rosies vader. In eerste instantie weet niemand waar hij is, maar hij blijkt gezien te zijn in Bergen aan Zee, de badplaats waar ze is opgegroeid. Vanzelfsprekend willen ze hem zo snel mogelijk vinden, maar als Rosie terug is in haar geboorteplaats keert ze als het ware terug naar het verleden, waarin zij en haar ouders kennismaken met Herman en Sonja, twee badgasten met wie ze het goed kunnen vinden, maar er wel voor zorgen dat er verandering in hun rustige bestaan komt.

Het verhaal wordt volledig vanuit de perspectieven van Rosie en Helena verteld en speelt zich in twee perioden af. Eerstgenoemde doet dat in het heden (2025) en de laatste ruim veertig jaar eerder (1981). Snel wordt inzichtelijk gemaakt dat dit respectievelijk dochter en moeder zijn, maar de lezer blijft erg lang in het ongewisse over het onderlinge verband tussen beide verhaallijnen. Je hebt hierover wel een vermoeden en ongeveer halverwege lijkt het erop dat dit bevestigd wordt. Toch duurt het hierna nog een tijd voordat daar écht zekerheid over is. Op zich is het niet zo bezwaarlijk dat dit vrij lang duurt, want een dergelijke opzet zorgt er vaak voor dat je nieuwsgierigheid gewekt wordt en dat de spanning oploopt. In dit geval gaat dit absoluut niet op, want van geen van beide is maar enige sprake. Dit komt onder andere omdat de plot nogal voorspelbaar verloopt en zich zo goed als geen opzienbarende ontwikkelingen voordoen. In feite is het allemaal veel, en dan ook echt veel te gezapig.

De gebeurtenissen die zich voordoen spelen zich voornamelijk af in de privésfeer waardoor je vrij veel over de belangrijkste personages te weten komen. Over het algemeen zijn ze redelijk goed uitgewerkt, maar het is lastig om je met een van hen te vereenzelvigen, vooral omdat de meesten tamelijk clichématig zijn. Dit geldt eveneens voor diverse situaties, zoals bijvoorbeeld een nogal zelfingenomen gevangene die, ondanks dat hij vastzit, doet voorkomen alsof hij de baas is en de bezoeker in zijn macht heeft. Bij veel andere omstandigheden weet Ouwens de lezer evenmin te verrassen, ondanks dat ze hiertoe wel diverse pogingen onderneemt. Zo nu en dan is er namelijk wel een cliffhanger, maar het beoogde effect daarvan blijft helaas uit. Het wil maar niet spannend worden. Dit komt grotendeels doordat alle voorvallen veel te passief worden verteld, je zit er niet middenin en dat pakt dus erg nadelig uit.

Ouwens’ schrijfstijl is ongecompliceerd en eenvoudig en daarom hoeft de lezer niet veel moeite te doen om het verhaal te kunnen volgen. Hoewel de opbouw van het boek niet slecht is, komen sommige gebeurtenissen plotseling uit de lucht vallen en is de overgang van de ene naar de andere scène af en toe te drastisch. Je krijgt dat het gevoel dat je iets gemist hebt. Omdat de auteur soms nog wel op een ogenschijnlijk ontbrekende situatie ingaat, kom je er in die gevallen wel achter wat dat geweest is, maar toch is het een enigszins vreemde gewaarwording. Verder zijn enkele omstandigheden behoorlijk overdreven en vergezocht; het realiteitsgehalte is dan ver te zoeken.

Zo nu en dan merk je wel dat dit een tweede deel van een serie is, maar in principe kan Badgasten prima afzonderlijk van het voorgaande gelezen worden. Desondanks is dit geen boek waar je van ondersteboven raakt, want zoals gezegd is de spanning zo goed als nihil, terwijl de voorspelbaarheid aanzienlijk is.

Waardering: 2/5

Boekinformatie
Auteur: Liz Ouwens
Titel: Badgasten

ISBN: 9789465170299
Pagina’s: 302

Eerste uitgave: 2025

De poppendokter – Bregje Rebergen

Flaptekst
Na een serieuze doodsbedreiging wordt officier van justitie Rixt van Leeuwen gedwongen om met haar gezin onder te duiken, en wordt ze van lopende zaken gehaald. Onder 24/7-beveiliging mag ze alleen nog aan medische zaken werken, iets heel anders dan het vertrouwde jagen op de grootste drugscriminelen.

Dan worden er op een groot landgoed in Laren menselijke resten gevonden. Maurice, de eigenaar van het landgoed en het illegale casino dat hij er runt, heeft zo zijn eigen demonen en kan dit onderzoek er geenszins bij hebben. Zijn zus Magali is, net als hun vader vroeger, poppendokter. Met de gruwelijke vondst dreigt een decennialang bewaard geheim onthuld te worden…

Lukt het Rixt haar gezin te beschermen én dit steeds heftigere onderzoek vol geheimen, intriges en moord af te ronden voor het te laat is?

Recensie
Tijdens een etentje vroeg iemand aan Bregje Rebergen wat haar passie was. Het antwoord op deze vraag moest ze toen schuldig blijven, maar nadat ze zich had ingeschreven aan de Schrijversacademie en er een eerste les volgde, wist ze het ineens: schrijven. Terwijl ze de opleiding volgde, kreeg ze een idee voor een boek en twee jaar later verscheen haar debuuttriller Dubbelspel (2024). Het tweede deel van de serie met officier van justitie Rixt van Leeuwen kwam in 2025 uit: De poppendokter.

Omdat OvJ Rixt van Leeuwen een serieuze doodsbedreiging heeft ontvangen, moet ze noodgedwongen met haar gezin onderduiken en mag ze zich, voor hun veiligheid, alleen maar met kleinere zaken bezighouden. Ze krijgt een dossier toebedeeld over de vondst van menselijke botten op een landgoed. Deze zaak lijkt op het eerste gezicht eenvoudig, maar bij nader inzien is het groter dan verwacht. Met name omdat op het domein diverse schimmige praktijken plaatsvinden waarbij geen pottenkijkers gebruikt kunnen worden. Rixt moet zich hier wel mee bezighouden, terwijl tegelijkertijd de vraag rijst of ze haar gezin nu wel voldoende kan beschermen.

Hoewel de proloog in feite alleen maar de werkzaamheden van een poppendokter beschrijft – voor hem is dat eigenlijk een gewone en alledaagse situatie – straalt de sfeer van deze enigszins onheilspellend aandoende inleiding toch een bepaalde spanning uit die de lezer onmiddellijk nieuwsgierig maakt. Deze nieuwsgierigheid blijft gehandhaafd tot het eind van het verhaal, wanneer alles wat zich in de plot voordoet opgehelderd wordt. Voor het echter zover is, krijg je te maken met allerlei ontwikkelingen, wendingen, verrassingen en intriges. Onder andere hierdoor heeft de thriller meer dan voldoende afwisseling en weet je zo goed als niet wat je allemaal nog te wachten staat.

Het verhaal wordt verteld vanuit een aanzienlijk aantal perspectieven en als gevolg daarvan zijn er eveneens diverse verhaallijnen. Van een aantal daarvan is meteen duidelijk dat ze met elkaar te maken hebben, maar sommige staan volledig los van de werkzaamheden van de officier van justitie. Toch hebben ook deze zijdelings iets met het totaalplaatje te maken, zodat alles aan het eind toch min of meer bij elkaar komt. Natuurlijk draait het grotendeels om de zaak waar Rixt zich mee bezighoudt en die alleen al is, los van de verschillende zijwegen, interessant en boeiend genoeg om de lezer aan het boek gekluisterd te houden. Er gebeurt meer dan voldoende en de geheimen die in de subplots heel geleidelijk aan steeds meer naar boven komen, zijn de spreekwoordelijke kers op de taart.

Een groot aantal personages passeert de revue, maar desondanks is het voor de lezer altijd helder wie wie is. De belangrijkste van hen zijn naar behoren uitgewerkt en zelfs over de minder prominent aanwezige karakters kom je het een en ander te weten. Verder zijn ze allemaal neergezet als mensen van vlees en bloed, ze komen derhalve natuurgetrouw over. Rebergen heeft enkele waargebeurde feiten in het verhaal verwerkt en deze gebeurtenissen, alsmede de gevolgen daarvan, maken het geheel nog realistischer dan het al is. In het nawoord geeft de auteur nog een toelichting op deze zaken, hetgeen een mooie toevoeging is.

De schrijfstijl van Rebergen is vlot, toegankelijk, beeldend en bijzonder eigentijds. Het tempo ligt voortdurend hoog, ondanks dat er wel degelijk rustigere momenten zijn. Een van de leuke aspecten van dit boek is dat een officier van justitie de protagonist is, dit komt niet vaak voor en daardoor krijg je een goede indruk van dit beroep. Dat De poppendokter het tweede deel van een serie is, is bijna niet te merken, dus het boek kan afzonderlijk van diens voorganger gelezen worden. In ieder geval is dit een aangenaam en spannend boek om te lezen, en heel stiekem ben je al benieuwd naar de volgende Rixt van Leeuwen.

Waardering: 4/5

Boekinformatie
Auteur: Bregje Rebergen
Titel: De poppendokter

ISBN: 9789401623902
Pagina’s: 304

Eerste uitgave: 2025

Een meesterwerk van geweld – Jordan Harper

Flaptekst
Los Angeles staat op instorten. Een pedofiel die tot alles in staat is om vrij te komen. Een jonge vrouw die spoorloos verdwijnt. Een losgeslagen seriemoordenaar die een bloedig spoor achterlaat…

Jake is een livestreamende, sensatiebeluste journalist die alles vastlegt. Met zijn camera’s en verborgen microfoons infiltreert hij privéclubs. Daar stuit hij op een complot dat diep verweven is met de machtigste mannen van LA.

Doug is een ‘straatadvocaat’ die probeert het systeem te hervormen. Maar wanneer hij wordt ingehuurd door een pedofiel, blijkt dat hij te veel hooi op zijn vork heeft genomen.

Kara is een fixer voor de superrijken. Haar beste vriendin Phoebe is verdwenen en Kara is de enige die weet dat Phoebe’s huis door mannen in zwarte rubberen handschoenen is leeg geveegd.

Wanneer hun paden kruisen, belanden ze in een web van corruptie, geweld en geheime machtsstructuren. Ze ontdekken techbro-orgies, een sadistische ‘Tarzan’, geheime kluizen in Beverly Hills en een incident dat alles kan doen instorten. Samen moeten ze vechten om een gruwelijke misdaad te voorkomen.

Recensie
Wie Stad der engelen (2023), de eerste Los Angeles-thriller van Jordan Harper gelezen heeft, kan denken dat de misdaad in deze Californische stad alom vertegenwoordigd is. In zijn nieuwste boek, Een meesterwerk van geweld (2026) doet hij dit nog eens dunnetjes over en wekt hij de indruk dat het er écht niet veilig is, terwijl dit in werkelijkheid nogal mee schijnt te vallen. Zijn gevoel over de stad – hij is er dol op – maar ook het feit dat hij boos is over de huidige toestand van de wereld, probeert de auteur in deze thriller tot uiting te brengen.

Deze keer is het in L.A. behoorlijk raak, want een seriemoordenaar slacht op elkaar lijkende vrouwen af, wordt een jonge vrouw vermist en is een bekende tv-producent gearresteerd wegens misbruik van tieneractrices. Livevlogger Jake, allesregelaar Kara en advocaat Doug kennen elkaar niet, maar door het lot krijgen ze op een bepaald moment met elkaar te maken. Alle drie hebben ze het geweld in de stad meegemaakt en gezien en daarom besluiten ze samen te werken om te voorkomen dat de misdaad in L.A. nog grotere vormen aanneemt.

Net als in zijn voorgaande boek windt de auteur er ook deze keer geen doekjes om en laat hij de lezer geloven dat met name de nachten in Los Angeles bijzonder gevaarlijk zijn, de criminaliteit er hoogtij viert en de jetset tamelijk decadent is. In drie verhaallijnen, elk afwisselend verteld door een van de drie protagonisten, gaat het er vaak heftig aan toe en zijn de gruwelijkheden, die soms tot in detail beschreven worden, bij tijd en wijle te erg of te bizar voor woorden. De sfeer die onder andere hierdoor gecreëerd wordt, is er een van duisternis en verschrikking, ondanks dat het verhaal wel degelijk enkele mooiere momenten kent.

Zoals gezegd zijn Jake, Kara en Gibson (van dit trio is deze laatste de enige die zo goed als voortdurend bij zijn achternaam wordt genoemd) de belangrijkste personages en derhalve komt de lezer het nodige over hen te weten. Genoeg om een indruk van hen te krijgen – ze hebben elk het een en ander meegemaakt dat hen min of meer gevormd heeft – maar te weinig om een band met hen op te bouwen, hoewel de advocaat met zijn sociale instelling wel extra punten scoort. Heel anders is dit voor Los Angeles, want door de vele gebeurtenissen die zich in de stad en onder de rijken afspelen, wordt een beeld geschetst van verdorvenheid en zedeloosheid. Natuurlijk kun je je afvragen of dit allemaal waarheidsgetrouw is, maar Harper krijgt het, mede doordat hij diverse waargebeurde feiten en maatschappijkritische elementen in de plot heeft verwerkt, voor elkaar om alles realistisch over te laten komen.

Omdat de schrijfstijl van de auteur nogal afwijkend is – veel staccato taalgebruik, weinig vloeiende zinnen of dialogen en met regelmaat alleen een opsomming van feiten en voorvallen – kost het de lezer wel wat moeite om hieraan te wennen. Als deze overbrugbare horde eenmaal genomen is, krijgt het verhaal voor je gevoel ook meer structuur, want tot dan is het eveneens onduidelijk waar het naartoe gaat. Uiteindelijk komen de afzonderlijke verhaallijnen geleidelijk en ingenieus samen en begrijp je beter waarom de auteur voor de huidige opzet heeft gekozen. Ondanks dat er meer dan voldoende aan de hand is, is de spanning aanvankelijk betrekkelijk onzichtbaar, maar vanaf het moment dat het drietal gaat samenwerken verandert dit drastisch, waarna het in de ontknoping zelfs nog explosief wordt.

Een meesterwerk van geweld, dat vertaald is door Dennis Keesmaat en leest als een draaiboek voor een film of televisieserie, is een thriller die niet voor iedereen is weggelegd. Het boek, dat even de kans moet krijgen om te gaan boeien, laat de obscure en zwarte kant van Los Angeles zien en met enkele huiveringwekkende taferelen is het daarom behoorlijk rauw van aard.  

(Dit boek heb ik voor Hebban gerecenseerd.)

Waardering: 4/5

Boekinformatie
Auteur: Jordan Harper
Titel: Een meesterwerk van geweld

ISBN: 9789021063959
Pagina’s: 432

Eerste uitgave: 2026

De logica van het moorden – Aifric Campbell

Flaptekst
Jay Hamilton is naast psychoanalyticus een gevierd schrijver. Zijn broer Robert, een geniaal linguïst, werd in 1971 vermoord, waarschijnlijk door schandknapen. Roberts biografe dreigt nu de ware toedracht van de moord te onthullen en Jays professionele aanzien ernstig te beschadigen.

Recensie
De onopgeloste moord op de Amerikaanse wiskundige, filosoof en taalkundige Richard Montague, maar vooral diens leven en werk, inspireerde Aifric Campbell tot het schrijven van haar debuut De logica van het moorden, dat in 2009 in een Nederlandse vertaling werd uitgebracht. Voordat ze aan de roman begon, verrichtte ze uitgebreid onderzoek en over het schrijven van het boek heeft ze, omdat ze tegelijkertijd ook nog met een promotieonderzoek bezig was, uiteindelijk drie jaar gedaan.

Hierin gaat het om de in Londen woonachtige Amerikaanse psychoanalyticus en succesvol schrijver Jay Hamilton, maar in feite ook om zijn in 1971 vermoorde en achttien jaar oudere broer Robert en tevens een briljant semanticus was. Een biografe uit de Verenigde Staten heeft het plan opgevat om een biografie over de oudste broer te schrijven en daarmee dreigt de ware toedracht van zijn dood boven water te komen. Als dit bekend wordt, kan de status van Jay een behoorlijke deuk oplopen en hier zit hij uiteraard niet op te wachten.

Misschien is het maar goed ook dat de roman niet al te dik is, want als lezer moet je er niet aan denken om er nog veel langer dan nodig mee opgescheept te zitten. Oké, het tweede deel is nog wel enigszins te doen, maar het eerste is een heuse worsteling en je moet er alles voor over hebben om hier doorheen te komen. Dit gedeelte bestaat bijna volledig uit een ellenlang aanvoelende uiteenzetting van de gedachten van protagonist Jay Hamilton. Hierin neemt hij je terug naar het verleden en wijdt hij voornamelijk uit over zijn oudere broer Robert, maar maakt hij je eveneens deelgenoot van flink wat psychoanalytisch gebazel. Op zich kunnen beide interessant zijn, maar de manier waarop een en ander gebracht wordt, is ronduit saai en taai, een enkele uitzondering daargelaten.

Wat het ook nog eens moeilijk maakt, is het grotendeels ontbreken van aansprekende dialogen en als ze er al zijn, is het snel weer afgelopen met de pret. Een ander nadeel is de schrijfstijl van de auteur, want ze maakt gebruik van oneindig lijkende zinnen en onbegrijpelijke woorden, die afwisselend wel en niet worden verklaard. Om eerlijk te zijn ziet de lezer door de bomen het bos niet meer en kun je geen enkele logische verhaallijn ontdekken. Dat het ook anders kan, bewijst Campbell in het slotdeel. Hierin kun je – althans gedeeltelijk – een structuur ontdekken. Dit komt vooral omdat er eindelijk iets gebeurt dat de moeite waard is, er gesprekken worden gehouden en de manier van schrijven een heel stuk natuurlijker is. De auteur creëert dan zelfs een klein beetje spanning door een paar thrillerelementen aan het verhaal toe te voegen.

Omdat Jay tamelijk veel over hemzelf en zijn broer en hun vroegere omstandigheden vertelt, krijg je een vrij goede indruk van beiden, maar in feite ook van hun moeder. Het is echter lastig je met hen te identificeren, want het charisma dat ze hadden kunnen hebben ontbreekt volledig. Wat de auteur wel weet te bereiken, is dat de lezer de sfeer van het begin van de jaren zeventig van de vorige eeuw (en soms van nog iets eerder) goed overbrengt. Een van de thema’s die in het boek naar voren wordt gebracht, is homoseksualiteit en dat werd destijds, met name in Amerika, bij lange na niet geaccepteerd. Hoe men daar toen tegen aankeek komt uit sommige fragmenten tot uiting, evenals hoe de homo’s er zelf mee omgingen.

De logica van het moorden, dat een appendix (in feite een heel kort derde deel) heeft die niet zo heel veel toevoegt, is over het geheel genomen een moeilijk te doorgronden boek, waarin de snelheid ver te zoeken is en waarvoor de lezer over een flinke dosis doorzettingsvermogen moet beschikken.  

Waardering: 2/5

Boekinformatie
Auteur: Aifric Campbell
Titel: De logica van het moorden

ISBN: 9789044517132
Pagina’s: 286

Eerste uitgave: 2009

Petit Café du Bonheur – Ilja Gort

Flaptekst
De Nederlandse Fleur Blom (34) heeft in een opwelling een zwaar verlieslijdend café gekocht in het Zuid-Franse Valfleury-en-Provence. Maar achter de charme van het dorpje schuilen, roddel, rivaliteit en een corrupte burgemeester. Met lef en humor weet ze het vertrouwen van de dorpelingen te winnen en haar stervende café te veranderen in het bruisende middelpunt van het dorp. Maar tegen welke prijs?

Recensie
Toen voormalig muzikant Ilja Gort, die al geruime tijd wijnboer en auteur is, door de stichting CPNB werd benaderd met de vraag of hij het zomerlezengeschenk van 2026 wilde schrijven, moest hij wel even slikken. Natuurlijk vond hij het leuk, maar de gedachte om iets voor een behoorlijk groot publiek – iets dat hij niet gewend is – te moeten schrijven, bezorgde hem ook een schrikreactie. Hij ging aan de slag en koos ervoor het verhaal zowel dicht bij zichzelf te houden als enige afstand te scheppen. Dit deed hij door uit eigen ervaringen te putten en om een vrouwelijke protagonist op te voeren.

Het boekje in kwestie is Petit Café du Bonheur, waarin de dertiger Fleur Blom met haar collega Ton naar Zuid-Frankrijk vertrekt om daar de zomer door te brengen. Onderweg komen ze door het plaatsje Valfleury-en-Provence, waar ze blijven hangen. Na het drinken van een aantal wijntjes en een gekscherende opmerking van Ton koopt Fleur in een opwelling het café waar ze zijn gestrand. Hoe lieflijk het café en plaatsje ook zijn, niets is wat het lijkt, want er heerst corruptie, er is afgunst en er wordt geroddeld. Bovendien is het etablissement ook nog eens verliesgevend. Het is dus de vraag of de Nederlandse het vertrouwen van de lokale bewoners kan winnen.

Dat het niet meevalt om in een beperkt (en in dit geval vastgesteld) aantal woorden een aansprekend en afgerond verhaal te schrijven, is al vele malen aangetoond. Het lukt de ene auteur immers beter dan de andere, maar allen hebben één overeenkomst: het is zonder meer een prestatie. Gort heeft ervoor gekozen een boekje te schrijven dat zich zo goed als volledig afspeelt in een niet al te groot plaatsje in Frankrijk. Wat hij hierbij bijzonder goed tot uiting laat komen, is de sfeer en uitstraling van zo’n typisch Frans dorpje: de lokale bewoners die samenkomen op een terrasje (of eventueel binnen) van een knus café waaraan al tientallen jaren niets is veranderd, de petanque spelende oudere mannen, de bakkerij met zijn croissantjes en stokbroden, en zo zijn er nog wel wat meer voorbeelden te noemen. Natuurlijk is dit alles heel clichématig, maar desondanks volledig passend bij dit kortverhaal en de omstandigheden.

De gebeurtenissen worden volledig verteld vanuit het perspectief van Fleur, maar daarnaast zijn er nog enkele andere personages die van belang zijn. Hoewel je van met name het hoofdpersonage wel iets te weten komt, blijft ze – net als alle anderen – overwegend oppervlakkig. Niet erg, want Gort heeft helemaal niet de bedoeling haar doopceel te lichten en alles over haar te vertellen. Het gaat voornamelijk om haar onbezonnen actie door in een min of meer aangeschoten opwelling het café te kopen, haar interactie en verhouding met de dorpsbewoners en het weer draaiend krijgen van haar nieuw verworven aanwinst. Deze elementen komen allemaal goed uit de verf, want daarin zie je een duidelijke, maar lichte ontwikkeling.

Gorts schrijfstijl is ook deze keer zoals de lezer van hem mag verwachten: luchtig, humoristisch, ongedwongen en eigentijds. Verder is het beeldend, waardoor je gevoel krijgt dat je jezelf eveneens op dat dorpspleintje in een klein Frans plaatsje bevindt. Dit keer geeft het zomerlezengeschenk de lezer ook nog eens een goed gevoel, want over het algemeen is het vrolijkheid troef. Het eind van Petit Café du Bonheur (letterlijk vertaald: het kleine café van geluk) maakt de lezer tevens nieuwsgierig naar hoe met Fleur verdergaat (te lezen in Grand Café du Malheur) en kan daarom gezien worden als een aangenaam en vlot en prettig te lezen opwarmertje.

Waardering: 3/5

Boekinformatie
Auteur: Ilja Gort
Titel: Petit Café du Bonheur

ISBN: 9789465033426
Pagina’s: 96

Eerste uitgave: 2026

Stille geheimen – Karin Slaughter

Flaptekst
De woning aan Iris Drive 1601 ziet er net zo uit als de andere huizen in de buurt. Maar er doen talloze geruchten de ronde over wat zich achter de voordeur van de familie Vickery afspeelt.

De rust in North Falls wordt ruw verstoord als Allison Vickery op een dag dood in haar keuken wordt aangetroffen. Haar tienerdochter is zwaargewond en buiten kennis. Sheriff Emmy Clifton en haar zus Jude Archer, voormalig FBI-agent, moeten achterhalen wat er is gebeurd.

Iedereen in het stadje denkt te weten hoe de vork in de steel zit, maar niemand wil erover praten. Emmy en Jude staan er alleen voor. Hoe dieper ze naar de waarheid graven, hoe gevaarlijker het wordt…

Recensie
Begin juni 2026 verscheen Stille geheimen, het door Karin Slaughter geschreven tweede deel van de serie waarin sheriff Emmy Clifton de rust in de kleine (fictieve) gemeenschap North Falls probeert te bewaren en er tevens de misdaad wil bestrijden. Het voorgaande boek uit de reeks (Gebroken engelen, 2025) werd goed ontvangen en de verwachting is dat dit vervolg hier niet voor zal onderdoen.

Deze keer krijgt Emmy te maken met de moord op haar oud-collega Allison Vickery, wier zestienjarige dochter bij de schietpartij zwaargewond is geraakt. Hoewel Emmy een paar uur eerder haar moeder heeft begraven en haar hoofd in principe ergens anders naar staat, doet ze er meteen alles aan om te achterhalen wie de schutter is geweest. Hierbij krijgt ze hulp van haar oudere zus en voormalig FBI-agent Jude Archer. De meeste bewoners van North Falls denken te weten hoe de vork exact in de steel zit, maar er is geen mens die er iets over kwijt wil.

Na de korte proloog, die de lezer nieuwsgierig maakt naar het voorval dat zich daarin voordoet en waarin eveneens een klein beetje spanning voorkomt, gaat het verhaal ongeveer drie kwartier terug in de tijd en zit de lezer midden in een situatie waar iedereen weleens mee te maken krijgt: een begrafenis. Dit duurt echter niet lang, want al snel moeten sheriff Emmy Clifton en haar zus Jude Archer in actie komen vanwege de schietpartij waar ze auditief getuige van zijn. Vervolgens bevat de plot een grote hoeveel ontwikkelingen waardoor eigenlijk geen moment hetzelfde is. Deze hebben zowel betrekking op het onderzoek naar de moord, diverse bijkomende zaken in North Falls en de privéomstandigheden van Emmy en Jude. Kortom, er is meer dan voldoende afwisseling en dit zorgt ervoor dat de lezer zich geen seconde hoeft te vervelen.

Evenals in Gebroken engelen, het eerste deel van de serie, is Emmy de protagonist en wordt het verhaal voornamelijk vanuit haar perspectief verteld. Daarnaast heeft haar zus Jude ook een uitgebreidere rol toebedeeld gekregen, wat vanwege hun niet altijd soepel verlopende onderlinge verhouding zonder meer een interessante en mooie aanvulling is, maar ook omdat je haar hierdoor iets beter leert kennen en er tevens enkele familiegeheimen worden blootgelegd. De nadruk ligt uiteraard op het onderzoek naar de moord en daarbij komt de hulp die Jude verleent Emmy goed van pas, hoewel haar ondersteuning niet altijd gewaardeerd wordt. Ondanks de vele wendingen en verdachtmakingen krijgt de lezer ver in de plot een vermoeden wie verantwoordelijk is voor de dood van Allison. Dit blijkt uiteindelijk te kloppen, maar dat je dit zag aankomen komt niet door de eventuele voorspelbaarheid van het verhaal, maar meer door hoe een en ander verloopt.

Op de schrijfstijl van Slaughter valt, zoals je eigenlijk wel van haar verwacht, niets aan te merken, die is namelijk uitermate verzorgd en soms meeslepend. Vanaf de eerste tot en met de laatste pagina weet ze de lezer te boeien en hem aan het verhaal en de personages te binden. De opbouw van de thriller is goed, het tempo behoorlijk, er zijn verrassingen en vanzelfsprekend ook diverse spannende momenten. Het is trouwens aan te raden om in het eerste deel van de reeks te beginnen, want de persoonlijke aangelegenheden hebben in dit boek namelijk een vervolg. Aan het eind van de ‘limited edition’ is overigens een scène opgenomen die uit het definitieve verhaal geschrapt is. Dit is een keuze die goed heeft uitgepakt, want de oorspronkelijke tekst is minder sterk dan hoe die nu is geworden.

Al met al is Stille geheimen een prima en intrigerend tweede deel van de North Falls-serie een doet heel stiekem alweer uitkijken naar de voortzetting ervan.

Waardering: 4/5

Boekinformatie
Auteur: Karin Slaughter
Titel: Stille geheimen

ISBN: 9789402721119
Pagina’s: 448

Eerste uitgave: 2026

Kogelbrief – Bobby Lammers

Flaptekst
Rechercheur Robert Lavarre wordt geconfronteerd met de dood van zijn oude legerdienstmaat en diens vrouw. Al snel neemt het onderzoek een verrassende wending, en daardoor zijn alle ogen op Robert gericht.

Vastbesloten om de waarheid te achterhalen, bijt Robert zich vast in de zaak. Wat hij niet beseft, is dat iemand wil voorkomen dat het verleden opgerakeld wordt, een verleden dat teruggaat naar de woestijn van Irak. Als de dader zijn vizier op Robert richt, start er een race tegen de klok…

Recensie
Nadat Bobby Lammers zijn militaire loopbaan vaarwel zegde, koos hij ervoor om bij de politie te gaan werken, waar hij inmiddels is uitgegroeid tot rechercheur. Omdat hij moeite had met het schrijven van processen verbaal, verslagen en verklaringen volgde hij een schrijfcursus en kwam vervolgens tot de ontdekking dat hij plezier in schrijven had. Uiteindelijk leidde dit ertoe dat hij, mede ingegeven door zijn ervaringen in het leger en bij zijn huidige werkgever, aan een verhaal begon. Dit groeide uit tot de thriller Kogelbrief, dat begin 2025 is uitgebracht.

Hierin maakt de lezer kennis met oud-militair en huidig rechercheur Robert Lavarre, die midden in de nacht een merkwaardig telefoontje krijgt en hij er niet veel later achter komt dat een van zijn oude dienstmakkers en diens vrouw niet meer leven. Kort daarna blijkt iemand het op hem gemunt te hebben. De waarschijnlijke reden is dat dit te maken heeft met een voorval dat zich in Irak, waar hij tien jaar eerder naar uitgezonden was, heeft afgespeeld. De vraag is nu wat zich daar exact heeft voorgedaan wat ten koste van alles verzwegen moet blijven.

Persoonlijke ervaringen, zowel uit het verleden als het heden, zijn voor veel auteurs een prima inspiratiebron voor het schrijven van een boek. Een groot voordeel hiervan is dat het verhaal authentiek is en overwegend realistisch overkomt. De lezer kan zich de omstandigheden waarin de fictieve personages terechtkomen dan goed voorstellen en heeft bijna nergens het gevoel ‘verzinsels’ te lezen. Ook Lammers heeft veel eigen ondervindingen in zijn thriller verwerkt en dat doet hij op zich met verve. Je hebt meteen door dat hij weet waarover hij het heeft en dat hij een soort van ervaringsdeskundige is. Dit blijkt onder andere uit de grote hoeveelheid legerterminologie, maar tevens uit enkele kleine details die alleen een insider kan weten.

Het uitgangspunt van Kogelbrief is zonder meer aardig, maar absoluut niet uniek. De auteur geeft hier uiteraard wel zijn eigen draai aan, hetgeen heel behoorlijk heeft uitgepakt. Hij heeft gekozen voor een aantal verhaallijnen, waarvan één zich in 2004 afspeelt en de andere tien jaar later. Vanzelfsprekend hebben beide met elkaar te maken, maar het duurt tot het eind voordat dit verband duidelijk wordt. Hierdoor blijft de lezer lange tijd in het ongewisse en vraagt hij zich af wat zich destijds in Irak heeft voorgedaan waardoor de voorvallen in 2014 verklaard kunnen worden. In ieder geval blijf je hier continu nieuwsgierig naar. Dit gaat gepaard met diverse plotwendingen en momenten met lichte spanning.

De schrijfstijl van Lammers is ongecompliceerd, beeldend, gedetailleerd en volledig afgestemd op de verschillende situaties. Het taalgebruik in het leger is volledig anders dan die bij de politie of in de burgermaatschappij, en dit wordt erg goed overgebracht. Het is echter overduidelijk dat dit het eerste boek van de auteur is, want het bevat verscheidene onvolkomenheden die je bij een door de wol geverfde schrijver niet meer ziet. Daarnaast bevat het verhaal, overigens zonder dat het gigantisch voorspelbaar is, eveneens een aantal doorzichtigheden. Soms komt het voor dat scènes elkaar te plotseling opvolgen, hierdoor bestaat de kans dat dat de lezer enigszins in verwarring raakt. Verder bevat de plot een paar thrillerclichés, maar dat kan Lammers nauwelijks aangerekend worden, omdat hier lang niet altijd aan te ontkomen valt.

Met Kogelbrief bewijst Lammers zonder meer dat hij een interessant en overwegend boeiend verhaal kan vertellen en laat hij zien dat hij plezier beleeft aan het schrijven. Desondanks zijn er nog wel enkele aspecten die wat meer aandacht verdienen, zoals het beperken van te veel en/of overbodige details waardoor meer ruimte gemaakt kan worden voor écht spannende omstandigheden. Niettemin is dit niet onaangename debuut een veelbelovende aanzet tot meer.  

Waardering: 3/5

Boekinformatie
Auteur: Bobby Lammers
Titel: Kogelbrief

ISBN: 9789402717013
Pagina’s: 336

Eerste uitgave: 2025