X manieren om te sterven – Stefan Ahnhem

Beschrijving
Het is al bijna donker als een opblaasboot de haven van Råå uit vaart, met aan boord een man die een zwaard op zijn rug heeft. Zijn missie wordt bepaald door de dobbelstenen: er moet iemand sterven. Maar wie, dat weet hij nog niet. De politie van Helsingborg is weken bezig geweest met meerdere, complexe moordzaken. De slachtoffers zijn gemarteld, gewurgd en verbrand. En elke moord is vol precisie uitgevoerd. Als ze ze eindelijk opgelost denken te hebben, wordt er opnieuw een lichaam ontdekt. Fabian Risk en zijn team beseffen dat alles wat ze dachten te weten niet waar is.

Recensie
Zonder gezicht, de in 2014 verschenen debuutthriller van Stefan Ahnhem, was meteen een bestseller en de filmrechten hiervan werden kort na uitgifte aan zeven landen verkocht. Het is tevens het eerste deel van een serie met inspecteur Fabian Risk. In 2021 werd X manieren om te sterven uitgebracht, dat samen met zijn voorgaande boek Motief X (2020) een tweeluik vormt. Zijn thrillers kenmerken zich door de spanning en sfeer van Nordic noir, maar vanwege zijn achtergrond als scenarist tevens door de filmische scènes.

Helsingborg wordt nog steeds geteisterd door een diverse, op het oog willekeurige, moorden en de politie heeft geen enkel aanknopingspunt die naar de dader kan leiden. Wanneer op een van de plaatsen delict een dobbelsteen wordt gevonden, krijgt ze het vermoeden dat de moordenaar door middel van het lot beslist wie omgebracht moet worden. Ondertussen is het onderzoek dat Risk naar een van zijn collega’s uitvoert ook nog in volle gang en hebben de diverse teamleden te kampen met persoonlijke perikelen. Zal het hen desondanks lukken beide zaken tot een goed einde te brengen?

Om het geheugen van de lezer die Motief X, het eerste deel van het tweeluik, al geruime tijd geleden gelezen heeft even op te frissen, geeft Ahnhem voorafgaand aan het verhaal een korte samenvatting van wat zich allemaal heeft afgespeeld. Dit is een goede keuze, waardoor je weer helemaal bij de les bent en tevens meteen weer bij de personages en wat er gebeurd is betrokken bent. Omdat X manieren om te sterven een vervolg is (het bestaat uit de delen drie en vier), is het ten zeerste aan te raden om bij deel één te beginnen. Als je dit niet doet, kom je niet in dit verhaal en is er in bepaald opzicht niet zo heel veel touw aan vast te knopen.

Het verhaal wordt afwisselend vanuit verschillende perspectieven verteld, maar Risk is toch degene waar het vooral om draait. Hij is degene die de echte jacht op de moordenaar maakt, degene die – zonder medeweten van zijn collega’s – onderzoek doet naar een van hen en ook degene over wiens privéleven het meest wordt verteld. De perspectiefwisselingen zorgen ervoor dat de lezer continu nieuwsgierig blijft naar wat er nog allemaal gaat gebeuren, vooral omdat veel hoofdstukken eindigen met een cliffhanger. Het liefst zou je direct te weten willen komen hoe het verdergaat. Hierdoor komt de spanningsboog aan het begin van het verhaal al aardig strak te staan, iets dat tijdens de hele plot hoe dan ook gehandhaafd blijft. Daarnaast volgen de gebeurtenissen zich in rap tempo op en zijn er talloze onverwachte plotwendingen. De lezer hoeft zich geenszins niet te vervelen.

Als de ontknoping in zicht is, neemt de actie toe en lijkt de dader in het Deense attractieprak Tivoli een soort armageddon te veroorzaken. Er wordt dan actief jacht op hem gemaakt, maar met behulp van de dobbelstenen lijkt het erop dat hij Risk telkens weet af te troeven. Uiteindelijk komt het tot een treffen tussen de politieman en de moordenaar, maar wie van hen tweeën aan het langste touw trekt, laten ze door het lot (van een dobbelsteen) beslissen. Dat die kleine kubusvormige voorwerpen zo’n belangrijke rol hebben in het doen en laten van de dader is origineel en interessant, maar of het helemaal realistisch is, valt te betwijfelen. Erg is dit overigens niet, want het doet absoluut geen afbreuk aan het verhaal.

De schrijfstijl van Ahnhem is, behalve filmisch, rechttoe rechtaan – moeilijke zinsconstructies zijn niet aan hem besteed. In X manieren om te sterven weet de auteur de lezer voldoende te verrassen om hem van begin tot eind in spanning en op het puntje van de stoel te laten zitten. Deze nieuwste Risk is er opnieuw een die er zijn mag en door een onvervalste cliffhanger in het laatste hoofdstuk weet je dat de inspecteur zijn kruit nog niet verschoten heeft.

Waardering: 4/5

Boekinformatie
Auteur: Stefan Ahnhem
Titel: X manieren om te sterven

ISBN: 9789044359848
Pagina’s: 510

Eerste uitgave: 2021

Een tien met een griffel – De Waal & Baantjer

Beschrijving
Rechercheur van Opperdoes en zijn trouwe collega Jacob staan voor een raadsel als een bewaarder uit een gevangenis ‘’s nachts dood wordt aangetroffen in het Vondelpark. In eerste instantie lijkt het er namelijk op dat hij onwel is geworden tijdens het joggen, maar er zijn te veel vraagtekens. Als blijkt dat hij veel vijanden had, zowel privé als op zijn werk, moeten de twee rechercheurs alle zeilen in het onderzoek bijzetten. Niet alleen om te bewijzen dat de bewaarder daadwerkelijk vermoord is, maar vooral om de dader te ontmaskeren.

Recensie
Oud-politieman en auteur Appie Baantjer is vooral bekend geworden door de langlopende boekenserie met rechercheur De Cock in de hoofdrol. In 1964 verscheen De Cock en de strop voor Bobby, dat het eerste deel van de reeks is. Na zijn overlijden in 2010 heeft Peter Römer het stokje overgenomen. In 2009 startte hij samen met Simon de Waal een serie met rechercheur Peter van Opperdoes als belangrijkste personage. In 2010 werd Een tien met een griffel, de jubileumeditie en tevens tiende deel van de reeks uitgebracht.

Op hun vrije zaterdag worden rechercheur Peter van Opperdoes en zijn collega Jacob opgeroepen in verband met de moord op een jonge vrouw in een Amsterdamse woning. Niet lang daarna vindt de politie op een verlaten terrein het lichaam van de eigenaar van die woning. Ondanks dat de dood van deze man, een gevangenbewaarder, op zelfmoord lijkt, zijn er twijfels. De rechercheurs komen erachter dat zowel de vrouw als de man niet bij iedereen geliefd waren. Tijdens hun onderzoek merken ze dat ze er alles aan moeten doen om de dader te vinden.

Het verhaal begint met een beeldende beschrijving van de straten van de Amsterdamse grachtengordel en de wijk de Jordaan. Het is dan tevens een – eventueel hernieuwde – kennismaking met rechercheur Peter van Opperdoes. Deze politieman, dat valt uit zijn personage in ieder geval goed op te maken, is nog van de oude signatuur en laat zich door niets of niemand gek maken. Een tien met een griffel wordt dan ook voornamelijk vanuit zijn perspectief verteld. Toch komt de lezer niet zo heel veel over hem te weten en behalve de informatie dat zijn vrouw een tijd geleden overleden is, is en blijft hij vrij oppervlakkig. Dat geldt eveneens voor de andere personages die in het verhaal voorkomen. Is dat dan erg? Nee, eigenlijk helemaal niet. Je hebt namelijk nooit het gevoel iets te missen. Daar komt dan ook nog eens bij dat deze politieroman niet diepgaand hoeft te zijn. Dat zou alleen maar afbreuk doen aan de sfeer.

Ondanks dat het verhaal een aantal interessante ontwikkelingen heeft, is het nergens echt spannend. Er zijn uiteraard enkele situaties die een gering spanningsveld hebben, maar niet dusdanig dat je daardoor op het puntje van de stoel gaat zitten. Het draait vooral om het politieonderzoek, het speuren naar de dader en het ondervragen van een aantal personen, waaronder een paar verdachten. Daaruit kun je overigens opmaken dat de auteur zelf een rechercheur is, want hoe Van Opperdoes en zijn collega’s hun werkzaamheden uitvoeren, is erg realistisch. De Waal heeft zijn kennis gebruikt om dat in dit boek te verwerken en dat is vakkundig gedaan. Desalniettemin ontkomt hij niet aan een aantal kleine clichés die vaak in dergelijke verhalen voorkomen. Waarschijnlijk kan dat niet anders.

De schrijfstijl is, zoals hiervoor min of meer al genoemd is, is beeldend en bijzonder toegankelijk. Er zijn geen ingewikkelde zinsconstructies of dialogen, maar mooi geformuleerde zinnen komen evenmin voor. Wel heeft de auteur verkapte kritiek op het beleid rond de politie in het verhaal verwerkt (bedenk daarbij wel dat het verhaal niet recentelijk geschreven is. Een voorbeeld daarvan is het sluiten van diverse politiebureaus, Van Opperdoes is het daar niet mee eens en lijkt de mening van De Waal te ventileren. Hierdoor waren die fragmenten uit het boek op moment van verschijnen zelfs enigszins actueel. Een storend element in de politieroman is dat de rechercheur met regelmaat oud genoemd wordt, de beste man moet ergens in de zestig zijn en dat kun je tegenwoordig onmogelijk oud noemen. Dat dit vaak benadrukt wordt, is niet van deze tijd. Zelfs zeven jaar geleden al niet.

Alles bij elkaar is Een tien met een griffel, dat aan de ene kant wel, maar aan de andere kant niet voorspelbaar is, wel prettig en ontspannend om te lezen.

Waardering: 3/5

Boekinformatie
Auteur: De Waal & Baantjer
Titel: Een tien met een griffel 

ISBN: 9789048819225
Pagina’s: 170

Eerste uitgave: 2014

Zo’n mooi meisje – Carla Kovach

Beschrijving
Een jonge vrouw valt uit een busje dat met hoge snelheid over een afgelegen weg raast. Haar lichaam is gekneusd en beurs en met haar laatste kracht wendt ze zich tot de persoon die haar te hulp schiet. ‘Help haar,’ fluistert ze voordat ze haar ogen voorgoed sluit.

Een paar dagen later wordt in een ondiep graf, slechts enkele kilometers verderop, het lichaam van een ander meisje gevonden. De gelijkenissen tussen de twee meisjes zijn verontrustend – dezelfde leeftijd, hetzelfde fragiele lichaam en tot slot dat felrode haar. Rechercheur Gina Harte moet haar privézorgen opzijzetten, voordat de moordenaar zijn oog op het volgende perfecte meisje laat vallen.

Recensie
Hoewel Carla Kovach, het pseudoniem van Carla Buckley, al van jongs af aan dol op schrijven is, was haar werk als actrice voor haar de drijfveer om er zelf mee te beginnen. Eerst schreef ze voor toneel, maar later ook boeken. Tijdens haar schrijfproces gaat ze op zoek naar de duistere kant van de mens en daarom vindt ze dat haar werk zich kenmerkt door een sterke psychologie. In september 2021 verscheen Zo’n mooi meisje, dat het derde deel van de succesvolle en langlopende serie met inspecteur Gina Harte is.

Op een vroege zaterdagmorgen valt een meisje uit een busje en komt hard op het wegdek terecht. De achteroprijdende chauffeur belt meteen de politie en ambulance en probeert haar zo goed mogelijk te helpen. Vlak voordat ze het bewustzijn verliest en naar het ziekenhuis wordt gebracht, fluistert ze de woorden ‘help haar’. Een paar dagen later wordt het lichaam van een meisje aangetroffen dat heel erg op haar lijkt. Inspecteur Gina Harte en haar team ontdekken dat er een derde meisje is en om te voorkomen dat ook zij om het leven komt, doen ze er alles aan om de moordenaar te vinden.

Door een interessante proloog, die zich op een dag in 1963 afspeelt, en een enigszins spannend eerste hoofdstuk vijfenvijftig jaar later, heeft Zo’n mooi meisje een veelbelovend begin. Aan deze hoopvolle en misschien zelfs wel ambitieuze start wordt geen vervolg gegeven, want vanaf het moment dat Gina Harte en haar team in beeld komen – en dat is al heel snel – verdwijnt de spanning volledig en is het een standaardverhaal van een routineus politieonderzoek, waarbij de privéperikelen van Harte veelvuldig benadrukt worden. Het tempo, dat aanvankelijk redelijk aanvaardbaar is, zakt steeds meer in en krijgt op den duur een stroperiger karakter waardoor de plot, dat feitelijk een paar dagen in beslag neemt, een nogal traag verloop heeft en het onderzoek maar niet op lijkt te schieten.

Het verhaal wordt afwisselend verteld vanuit diverse perspectieven, maar vooral uit dat van Harte. In eerste instantie is het niet helemaal duidelijk wat sommige verhaallijnen met het geheel te maken hebben en dat is in het begin een beetje verwarrend. Tijdens de plot komt daar langzaam verandering in en merkt de lezer dat er wel degelijk een onderling verband is, waarna alles in de ontknoping keurig samenvalt. Met het pad dat Kovach daarnaartoe bewandelt, kan ze zich in principe zo goed als geen buil vallen. Ze voldoet in grote lijnen aan de verwachting van veel lezers, ondanks dat er hoegenaamd geen onverwachte wendingen zijn en ontmoetingen of uitkomsten van onderzoeken herhaaldelijk gunstig uitpakken voor het rechercheteam. Verrassingen of grote tegenslagen blijven uit, waardoor Zo’n mooi meisje een tamelijk brave thriller is.

Net als in het voorgaande deel van de reeks hebben de terugkerende personages opnieuw geen ontwikkeling doorgemaakt. Ze blijven stuk voor stuk hangen in hun eigen comfortzone of, in geval Harte, in haar min of meer traumatische verleden. De inspecteur blijft daar maar over doormalen en de door haar gevolgde therapie lijkt geen resultaat te hebben opgeleverd. Die herhaling van zetten kan zich op den duur tegen haar keren, want behalve dat de lezer onderhand wel weet wat haar problemen zijn, bestaat het risico dat ze zichzelf daardoor steeds minder geliefd maakt. Een serie staat of valt immers met afwisseling en sterke personages die voortdurend persoonlijke vooruitgang laten zien. Daar is in dit geval eigenlijk geen sprake van.

De schrijfstijl van Kovach is toegankelijk en rechttoe rechtaan. Maatschappelijke thema’s als dakloosheid en (mantel)zorg heeft ze in het verhaal verwerkt. Toch lukt het haar niet de lezer van begin tot eind te boeien. Daarvoor is Zo’n mooi meisje, in een verzorgde vertaling van Barbara Lampe, te middelmatig en kan het niet overtuigen.

(Dit boek heb ik voor Hebban gerecenseerd.)

Waardering: 2/5

Boekinformatie
Auteur: Carla Kovach
Titel: Zo’n mooi meisje

ISBN: 9789402317121
Pagina’s: 352

Eerste uitgave: 2021

Iskari, de laatste Namsara – Kristen Ciccarelli

Beschrijving
In den beginne was de Oude eenzaam. Daarom maakte hij twee metgezellen voor zichzelf. De eerste noemde hij Namsara. De tweede metgezel noemde hij Iskari. Waar Namsara blijdschap en liefde bracht, bracht Iskari dood en verderf.

Asha is niet alleen de dochter van de koning van Firgaard, maar ook de Iskari; de meest gevreesde drakendoder van het land. Dit kan haar echter niet redden van wat haar thuis te wachten staat: een gedwongen huwelijk met de meedogenloze, vreselijke commandant van haar vaders leger.

Er is één uitweg: Asha kan haar vrijheid terugkopen in ruil voor de kop van Kozu, de gevaarlijkste draak van Firgaard -en ook de draak die verantwoordelijk was voor de totale verwoesting van haar stad.

Tijdens de jacht ontrafelt Asha een eeuwenoud geheim over het lot van de Iskari en de laatste Namsara. Met hulp van een stiekeme vriend – de slavenjongen Torwin, die toebehoort aan de familie van haar verloofde – moet Asha achter de waarheid zien te komen, ook al zet ze daarbij haar leven en dat van Torwin op het spel.

Recensie
Kristen Ciccarelli heeft, ondanks dat ze het altijd leuk vond om verhalen te vertellen, nooit gedacht dat het mogelijk was om van schrijven je beroep te maken. Dit veranderde nadat ze het boek Graceling van Kristin Cashore las en zich vervolgens realiseerde dat zoiets wel kon. Ze begon op haar zeventiende aan een eerste versie van De laatste Namsara. Deze Young Adult-fantasy, dat tevens het eerste deel van de Iskari-trilogie is, is eind 2017 – zeven à acht jaar later – uitgebracht en in twaalf talen vertaald en werd meteen een internationale bestseller.

Asha is de dochter van de drakenkoning en wordt door hem uitgehuwelijkt aan een man die ze het meeste haat. Hij geeft haar echter nog een uitweg: als ze hem de kop van de reusachtige draak Kozu bezorgt, zal hij ervoor zorgen dat de geplande verbintenis niet doorgaat. Deze draak was er verantwoordelijk voor dat een grote brand van een paar jaar eerder de medina heeft verwoest en voor veel slachtoffers zorgde. Asha neemt dit aanbod dankbaar aan, maar als ze een eeuwenoud geheim ontdekt heeft dit gevolgen voor haar eigen toekomst.

Hoewel De laatste Namsara het debuut van Ciccarelli is, krijg je in het begin af en toe de indruk dat er een verhaal aan voorafgegaan is. Dat komt omdat er verwezen wordt naar een aantal gebeurtenissen die eerder hebben plaatsgevonden dan wat Asha, het hoofdpersonage, in het heden meemaakt. Dit is echter schijn, want in diezelfde aanvangsfase wordt aan het eind van de eerste hoofdstukken teruggegaan naar een aantal eerdere periodes en die geven een globale indicatie van wat er destijds gebeurd kan zijn en welke gevolgen dit zou kunnen hebben. Deze keuze zorgt er vanaf het allereerste moment voor dat er een klein spanningsveld ontstaat, maar ook dat je als lezer nieuwsgierig wordt gemaakt naar de werkelijkheid – het is immers duidelijk dat er meer aan de hand was, en is, dan op dat moment wordt verteld.

Tijdens de plot wordt er langzaam maar zeker steeds meer onthuld en daardoor ga je bepaalde situaties en handelingen in een heel ander daglicht plaatsen. Wat eveneens gebeurt, is dat de spanning heel geleidelijk aan toeneemt en dat zich daarnaast verschillende onverwachte ontwikkelingen voordoen. Soms gaat dit gepaard met wrede scènes waarbij nogal wat bloed vloeit. De auteur zorgt er echter wel voor dat het nergens luguber wordt of dat er een soort van horrorscenario ontstaat. Uiteindelijk komt het verhaal in een ontknoping terecht die zonder meer onvoorspelbaar is, waarin de spanningsboog vrij strak gespannen staat en die in feite alle kanten op kan gaan, hoewel je wel hoopt dat het dan wel de meest gunstige voor Asha zal zijn.

Het verhaal wordt volledig vanuit Asha’s perspectief verteld. De lezer leert haar dan ook vrij goed kennen en krijgt een bepaalde band met haar. Dit wil echter niet zeggen dat de andere personages voor haar onderdoen. Verre van zelfs, want met de meeste van hen kun je je prima vereenzelvigen. Het inlevingsvermogen in alle karakters, inclusief de draken Kozu en Schaduw, is een van de sterke kanten van het boek, een andere is dat het bijzonder beeldend geschreven is. Je waant je in een wereld waarin draken leven – er zijn zelfs scènes dat het lijkt alsof je zelf op een vliegende draak zit – en je ziet precies voor je hoe het er in bijvoorbeeld de medina uit moet zien.

Aan De laatste Namsara is absoluut niet te merken dat dit het eerste boek is dat de auteur geschreven heeft. De plot zit goed in elkaar, er is ruim voldoende afwisseling, de personages zijn prima uitgewerkt en er is volop spanning en emotie. Kortom, het is een erg sterk en indrukwekkend debuut en tevens een bijzonder goede start van de Iskari-trilogie is.

Waardering: 4/5

Boekinformatie
Auteur: Kristen Ciccarelli
Titel: Iskari, de laatste Namsara

ISBN: 9789463490184
Pagina’s: 384

Eerste uitgave: 2017

De nieuwe dood – Corine Hartman

Beschrijving
Volgens borderliner Faye van Laar heeft professor Max Harris een geniaal plan bedacht om de toekomst van de mensheid te redden, met grensverleggende inzichten over gezondheid, leven en dood. Psychiatrische inrichting Groot Loenen, haar thuis, is een proeftuin voor Harris’ ideeën en dat zij en haar ‘familie’ nu gelukkiger zijn dan ooit, vormt voor Faye het overtuigende bewijs. Samen met medepatiënte Lisa helpt ze Harris om een tegenstander van zijn plan op een zijspoor te zetten. Maar is Harris wel helemaal te vertrouwen? Faye en Lisa worden meegezogen in een gevaarlijke, geheime missie die verhoudingen op scherp zet en slachtoffers eist. En die leidt tot een gruwelijke ontknoping.

Recensie
Corine Hartman is een van de meest bekende en gewaardeerde thrillerschrijfsters van Nederland. Ze is diverse keren genomineerd voor de Gouden Strop, heeft nominaties voor de oeuvreprijs De Gouden Vleermuis en heeft twee keer een Hebban-award gewonnen. In 2007 debuteerde ze met de Schone kunsten, het eerste deel van de Nelleke de Winter-trilogie. Het meest bekend werd ze door de serie met Jessica Haider, die in 2013 in Bloedlijn haar opwachting maakte. In maart 2021 verscheen haar nieuwste thriller De nieuwe dood, dat tevens het derde en laatste deel is met Faye van Laar.

De wereldberoemde professor Max Harris heeft een concept bedacht om zowel de toekomstige wereld en mens te redden. Zijn revolutionaire plan heeft drastische gevolgen voor de gezondheidszorg en leven en dood in het algemeen. Niet iedereen is hier even enthousiast over, maar borderliner Faye van Laar is dat wel. Zij en Lisa, beiden patiënten in de psychiatrische kliniek Groot Loenen, helpen Harris om een tegenstander van zijn plannen monddood te maken. Toch lijken de bedoelingen van de professor niet helemaal zuiver te zijn.

Uit een paar aanwijzingen in de proloog valt op te maken dat deze zich ergens aan het eind van de jaren zestig afspeelt. Deze inleiding heeft een enigszins dramatische ondertoon waar de trieste uitzichtloosheid van een ongeneeslijk zieke van afdruipt. Het gevoel dat je daar als lezer bij krijgt, grijpt je naar de keel. Het voorval van toen is tevens de opmaat voor het verhaal dat zich in het heden afspeelt en waar het baanbrekende plan van professor Max Harris een behoorlijk zichtbare rode draad in heeft. Op een enkel moment na lukt het Hartman niet om de sfeer van het begin opnieuw te creëren. De emotie ontbreekt, hoewel de essentie van Harris’ plan volkomen helder is.

Waar het eveneens aan schort is de spanning. Pas iets over de helft van het verhaal ontstaat er een eerste moment waarop de spanningsboog iets strakker komt te staan, maar dat ogenblik is van korte duur. Ongeveer honderd pagina’s voor het eind begint het er echt op te lijken dat De nieuwe dood een thriller is. Behalve dat er enkele spannende situaties ontstaan, vallen er ook een paar plotwendingen te bespeuren. Het beste is echter bewaard voor de ontknoping, de spanning is dan het grootst, er doen zich een paar verrassingen voor en het tempo ligt hoger dan op alle pagina’s daarvoor. Desondanks laat dat slot de lezer wel met een ietwat onbevredigd gevoel achter. De oorzaak daarvan is dat gerechtigheid niet altijd zegeviert.

De nieuwe dood is het derde en laatste deel van de Faye van Laar-serie, maar kan in principe als zelfstandig deel gelezen worden. Toch lijkt het erop dat er aan dit verhaal het een en ander voorafgegaan is. Het probleem is niet zozeer dat er wat verwijzingen naar enkele omstandigheden uit de voorgaande boeken zijn, maar vooral dat de lezer de indruk heeft een voorgeschiedenis te missen. De serie op volgorde lezen is daarom aan te bevelen, mede om de ontwikkeling van terugkerende personages beter te kunnen plaatsen en volgen.

De thema’s die de auteur voor dit verhaal gekozen heeft, zijn interessant en, hoewel ze al vrij lang spelen, nog steeds actueel. De gezondheidszorg, de macht van de farmaceutische industrie en ook de teloorgang van de wereld maken er namelijk deel van uit. Dit alles heeft ze verwerkt in een qua stijl toegankelijk en goed geschreven en verhaal, maar het grotendeels ontbreken van de spanning en ook het feit dat een behoorlijk aantal situaties nogal onwaarschijnlijk is, maken dat De nieuwe dood nog maar net een voldoende haalt.

Waardering: 3/5

Boekinformatie
Auteur: Corine Hartman
Titel: De nieuwe dood

ISBN: 9789403109916
Pagina’s: 350

Eerste uitgave: 2021

De duisternis tussen ons – Rolf & Molly Böjrlind

Beschrijving
Tijdens een winderige week in oktober verrast de 25-jarige Emmie haar ouders in hun huis in de archipel van Stockholm. Ze wil weten wat er echt gebeurde met haar broertje Robin, die verdween toen ze nog klein waren. Hij zou zijn verdronken, maar zijn lichaam werd nooit gevonden. Ze mist hem nog steeds verschrikkelijk.

Om verder te kunnen met haar leven heeft ze duidelijkheid nodig, maar haar ouders willen haar vragen niet beantwoorden. Haar moeder reageert kil, haar ouders maken ruzie en het eens zo prachtige huis is in verval geraakt.

De dichtstbijzijnde buurman is een bejaarde kunstenaar, die in een oude vuurtoren woont. Tijdens een bezoek aan zijn studio ziet Emmie een aquarel van twee spelende kinderen. Tot haar ontsteltenis ziet ze dat het een portret is van Robin en haarzelf, uit de zomer dat haar broertje verdween…

Recensie
Rolf Börjlind schreef samen met zijn vrouw Cilla tot nu toe vijf succesvolle thrillers, waarin Olivia Rönning en Tom Stilton de belangrijkste personages zijn. Speciaal voor de audioboekenmarkt heeft hij met zijn dochter Molly Börjlind, die aan de filmacademie gestudeerd heeft en aan diverse filmprojecten heeft deelgenomen, het in mei 2021 verschenen De duisternis tussen ons geschreven. Voor haar betekent dit haar schrijversdebuut. Het boek wordt aangeprezen als een intense psychologische thriller over de duistere geschiedenis van een familie.

Het is jaren geleden dat Emmie haar familie voor het laatst heeft gezien, maar omdat haar broertje Oliver vijftien jaar wordt, besluit ze hen te verrassen in hun huis op een van de eilanden van de Stockholmse scherenkust. Haar vader en broertje zijn blij met haar komst, haar moeder niet. Emmie wil echter ook antwoorden op de vraag wat er werkelijk met haar broertje Robin is gebeurd. Hij zou verdronken zijn toen ze nog kinderen waren, maar een lichaam is nooit gevonden. Omdat haar ouders haar niet willen of kunnen helpen, besluit ze om er zelf meer over uit te zoeken.

De duisternis tussen ons wordt volledig verteld vanuit het perspectief van Emmie, dus leer je haar vrij goed kennen en denk je te weten wat haar problemen zijn. Want dat ze die heeft, is van begin af aan al duidelijk. Dat blijkt vooral uit het grootste deel van de cursieve fragmenten waarin ze haar verhaal vertelt aan een onbekend blijvende en grotendeels luisterende man. Je vermoedt dat dit een psychiater is, maar daar wordt geen enkel uitsluitsel over gegeven. Die cursieve stukken tekst zijn kort en spelen zich in het heden af. Het verhaal dat Emmie vertelt, zijn dus haar herinneringen en ervaringen uit het verleden.

In het begin bestaat het verhaal van Emmie nog uit een introductie van het beperkte aantal personages en een beschrijving van de omgeving, maar eveneens van de omstandigheden waarin het gezin met elkaar leeft. Dan merk je behoorlijk snel dat er in hun onderlinge verhoudingen iets heel erg scheef zit en gedurende de plot wordt dat steeds meer bevestigd. Op ieder personage is wel wat aan te merken en geen van hen kan daarom echt sympathiek genoemd worden. Een uitzondering daarop is de jonge Oliver; zijn rol in het geheel is echter niet zo heel erg groot. De troebele verstandhoudingen moeten een beklemmende sfeer oproepen, maar dat is niet volledig gelukt. Daarvoor is het verhaal niet duister genoeg.

Wat eveneens ontbreekt is de spanning. Pas in het laatste van de acht lange hoofdstukken doet zich een situatie voor waarbij daar in enige mate sprake van is. Natuurlijk is dat veel te laat voor een boek dat onder het thrillergenre valt. Dat het geen spannend verhaal is, komt in de eerste plaats doordat zich hoegenaamd geen onverwachte en verrassende ontwikkelingen voordoen, de lezer niet verblijd wordt met nieuwsgierig makende cliffhangers en het verhaal ook nog eens in een tergend traag tempo voorbijkruipt. Daarnaast is het funest dat de plot een voorspelbaar verloop heeft. Robin is destijds verdwenen, maar de lezer kan op zijn klompen aanvoelen wat er met hem gebeurd is en wie daarvoor verantwoordelijk is.

Het is knap van de auteurs – of is het verhaal toch door een van hen (Molly) geschreven en had de ander (Rolf) een corrigerende rol? – dat ze van een vrij dun plot toch nog iets hebben kunnen fabriceren. Het is evenwel veel te mager om de lezer van begin tot eind te kunnen boeien. De duisternis tussen ons, waarvan de schrijfstijl redelijk toegankelijk is, is geen verhaal dat een diepe indruk achterlaat. Het zal daardoor heel snel naar de achtergrond verdwijnen.

Waardering: 2/5

Boekinformatie
Auteur: Rolf & Molly Böjrlind
Titel: De duisternis tussen ons

ISBN: 9789044984729
Pagina’s: 256

Eerste uitgave: 2021

De opdrachtgever – Rudy Soetewey

Beschrijving
Peter Loukens, IT’er in de kerncentrale van Doel, gaat na een terreuractie met verregaande gevolgen op zoek naar de opdrachtgever. Zijn speurwerk wordt niet door iedereen in dank afgenomen. Voor hij het beseft, is hij helemaal opgeslokt door nieuwe criminele verwikkelingen…

Recensie
Het schrijven is Rudy Soetewey als het ware met de paplepel ingegeven. Zijn vader had een passie voor toneel en schreef daar ook voor. Toch koos hij voor een carrière in het onderwijs, een beroep dat hij tot aan zijn pensioen heeft uitgeoefend. Het schrijven kon hij niet loslaten en in 1992 debuteerde hij met de verhalenbundel Bedrieglijke eenvoud. In 2001 verscheen zijn eerste thriller, Inbraak, die werd genomineerd voor de Hercule Poirotprijs van dat jaar. Zijn nieuwste thriller De opdrachtgever is in juni 2021 uitgebracht. Naast boeken heeft hij eveneens diverse toneelstukken geschreven.

Op een vroege ochtend schrikt Peter Loukens, IT’er bij de kerncentrale van Doel, wakker van een onbekend geluid. Het blijkt dat drie mannen hebben ingebroken in zijn woning, waarna ze hem en zijn gezin bedreigen. Om het leven van zijn vrouw en dochter te redden, wordt hij gedwongen het netwerk van de centrale te saboteren. Dit mislukt, omdat de beveiliging ontdekt waar hij mee bezig is. Peter vertelt waarom hij tot zijn daad gekomen is, maar dat heeft verstrekkende gevolgen. Hierna krijgt hij geen antwoord op zijn vragen en gaat zelf op onderzoek uit. Hij zet zijn leven daarbij echter wel op het spel.

In de eerste twee hoofdstukken van De opdrachtgever wordt vooral de nadruk gelegd op een korte en summiere introductie van een aantal personages. De lezer weet hierdoor met wij hij zoal te maken heeft en wat hun relatie met het hoofdpersonage, Peter Loukens, is. Hierna wordt het echter anders, want doordat Peter en zijn gezin worden bedreigd, heeft het verhaal al in een vrij vroeg stadium actie en spanning. Je komt eveneens met een aantal vragen te zitten, waar – uiteraard – gedurende de plot een antwoord op gegeven wordt. Soetewey zorgt in die beginfase tevens voor een aantal plotwendingen, waarvan sommige ronduit verrassend zijn waardoor een situatie net even iets anders wordt dan aanvankelijk lijkt.

Vanaf hoofdstuk negen komt het verhaal in een rustiger vaarwater terecht en verdwijnt het grootste deel van de wat explosievere momenten. Dat is dan tevens het moment dat Peter antwoorden op zijn vragen wil hebben. Het afgenomen tempo heeft echter niet tot gevolg dat de nieuwsgierigheid van de lezer afneemt, er gebeurt immers nog ruim voldoende om dat gevoel te laten handhaven. Ook de vaak ontbrekende cliffhangers aan het eind van een hoofdstuk zorgen er niet voor dat je niet meer geïnteresseerd bent in het vervolg. Integendeel zelfs, want als lezer zit je met dezelfde vragen als Peter en daarom wil je dezelfde antwoorden hebben als hij.

De auteur heeft diverse actuele zaken in het verhaal verwerkt, denk daarbij aan de mogelijke sluiting van de kerncentrale in Doel en de problemen waar die centrale mee te maken heeft, maar ook de (negatieve) invloed die de sociale media op iemands leven kunnen hebben. In combinatie met de fictie maakt dat De opdrachtgever over het algemeen vrij realistisch overkomt. Natuurlijk zijn er enkele situaties waarbij je je kunt afvragen of die in het echte leven ook zou zouden voorkomen, maar die zorgen er juist voor dat de lezer het verhaal geboeid blijft volgen en er in zekere zin ook bij betrokken is.

Hoewel de personages over het algemeen vrij oppervlakkig blijven, over Peter komt je het meest te weten, is dat voor dit verhaal niet erg. Er wordt voldoende over hen bekendgemaakt om het prima te kunnen volgen. De opdrachtgever, dat in een aangename en fijne schrijfstijl geschreven is, eindigt zoals het begonnen is: met meer actie en spanning en een ontknoping die met de beste wil van de wereld niet te voorspellen valt. De lezer en Peter krijgen uiteindelijk antwoord op hun vragen, maar of de laatste helemaal tevreden is, is nog te bezien. We zullen het echter nooit te weten komen.

Waardering: 4/5

Boekinformatie
Auteur: Rudy Soetewey
Titel: De opdrachtgever

ISBN: 9789464340006
Pagina’s: 312

Eerste uitgave: 2021

Anomalie – Hervé le Tellier

Beschrijving
Op weg van Parijs naar New York komt een vliegtuig in een monsterstorm terecht. Aan boord bevinden zich onder anderen de architect André en zijn minnares Lucie, de huurmoordenaar Blake, de Nigeriaanse afropopzanger Slimboy, de Franse schrijver Victor Miesel en een Amerikaanse actrice. Het vliegtuig landt veilig op JFK, maar de echte problemen beginnen pas honderd dagen later als precies dezelfde vlucht, met dezelfde passagiers, nog eens aankomt in New York… Terwijl de passagiers van de eerste vlucht door zijn gegaan met hun leven, worden ze nu allemaal geconfronteerd met zichzelf.

Recensie
Voordat de Franse auteur Hervé le Tellier voor een carrière als auteur koos, was hij heel kort wiskundige en een langere tijd wetenschapsjournalist. Hij heeft onder andere voor Le Monde en Charlie Hebdo gewerkt, tot hij aan het begin van de jaren negentig van de vorige eeuw begon met het schrijven van romans, toneelstukken en poëzie. Hoewel hij al een flink oeuvre op zijn naam heeft staan is het in 2021 verschenen Anomalie zijn eerste roman die in het Nederlands is vertaald. In Frankrijk won hij hiervoor de prestigieuze Prix Goncourt en wereldwijd         zijn er meer dan een miljoen exemplaren van verkocht.

Tijdens een vlucht van Parijs naar New York komt een Air France-vliegtuig in een onverwachte, hevige en beangstigende storm terecht. Er bevinden zich 243 mensen aan boord, waaronder de huurmoordenaar Blake, de Nigeriaanse zanger Slimboy en de Franse auteur Victor Miesel. Het vliegtuig wordt veilig aan de grond gebracht en iedereen gaat door met zijn of haar leven. Drie maanden later landt dezelfde vlucht met dezelfde passagiers en bemanning opnieuw. Men staat voor een groot raadsel en het enige dat rest is dat alle betrokkenen met zichzelf worden geconfronteerd.

Anomalie bestaat uit drie delen die ieder een periode omvatten vanaf het moment dat het vliegtuig van Air France in een hevige storm is beland. In het eerste deel (maart-juni 2021) worden enkele personages geïntroduceerd die deze bewust vlucht hebben meegemaakt. De lezer komt wat van en over hen te weten en ondanks dat je dan nog niet weet dat een identieke vlucht gaat plaatsvinden, word je al wel enigszins nieuwsgierig gemaakt en heb je het gevoel dat er iets mysterieus staat te gebeuren. Dit zorgt voor vragen die tijdens de plot voor een groot deel beantwoord worden. Het tweede deel (24-26 juni 2021) bevestigt de mysterieuze inslag, want wetenschappers proberen hierin het raadsel rond die twee vluchten te ontrafelen. Het laatste gedeelte (na 26 juni 2021) betreft vooral de confrontatie die een aantal passagiers met zichzelf heeft.

Ondanks de gedachte hoe het moet zijn om met jezelf geconfronteerd te worden en dat dit wel enige spanning met zich mee moet brengen, wil het met de roman niet voor de volle honderd procent lukken. Het verhaal heeft een overwegend traag verloop waardoor de lezer het gevoel heeft dat het maar niet op wil schieten, veel situaties die spannend zouden kunnen zijn, zijn dat niet. Dat komt omdat Le Tellier de spanning er voor een groot deel uit schrijft – hele fragmenten en hoofdstukken zijn ronduit saai en te wetenschappelijk – en de ontmoeting die enkele personages met zichzelf hebben, zijn absoluut niet beklemmend en hebben niet het effect dat je bij een dergelijk treffen zou verwachten. Het meest opwindende in het verhaal is het hoofdstuk waarin het eerste vliegtuig midden in de storm belandt, hoe de gezagvoerders het toestel vervolgens in bedwang proberen te houden en de passagiers gerust te stellen.

Naarmate de plot vordert, worden veel vragen die tijdens het lezen ontstaan beantwoord, maar voor de belangrijkste vraag – wat is de oorzaak van die identieke vlucht met dezelfde bemanning en passagiers – geldt dat in feite niet. Na het dichtslaan van het boek blijf je daarover in het ongewisse en daardoor voelt het einde toch enigszins onbevredigend aan. Dan realiseer je je eveneens dat deze roman er niet om gaat om vragen te beantwoorden, maar om weer te geven wat de gedragingen van mensen kunnen zijn wanneer ze met buitengewoon onverwachte omstandigheden te maken krijgen.

Alles bij elkaar heeft Anomalie, dat een nogal wisselende schrijfstijl heeft (de ene keer is het namelijk toegankelijk en vlot, de andere keer juist het tegenovergestelde) en waarin zich bij de vertaling te veel slordigheden hebben voorgedaan een origineel concept, maar een uitwerking die niet zo heel erg bijzonder is. Het gevolg is dat het niet volledig kan boeien.

Waardering: 3/5

Boekinformatie
Auteur: Hervé le Tellier
Titel: Anomalie

ISBN: 9789401615891
Pagina’s: 304

Eerste uitgave: 2021

Perfecte dood – Helen Fields

Beschrijving
Een seriemoordenaar heeft Edinburgh stevig in zijn greep, zonder dat Luc Callanach en Ava Turner er weet van hebben. Hij slaat berekenend en gewetenloos toe. Zijn slachtoffers legt hij om door middel van gif, zodat deze langzaam en op pijnlijke wijze sterven, zonder enig besef van het gif dat door hun bloedbaan stroomt. Hoe sla je een moordenaar in de boeien als hij zich op de achtergrond verborgen houdt? Deze moordenaar houdt ervan zijn slachtoffers van een afstand te observeren. Callanach en Turner staan deze keer echt voor een onmogelijke taak… 

Recensie
Tijdens haar carrière als officier van justitie en advocaat heeft Helen Fields een ruime kennis opgedaan van verschillende soorten misdaadzaken. Deze bagage heeft ze meegenomen bij het schrijven van haar boeken en daardoor hebben ze alle een behoorlijke intensiteit. In 2017 begon ze aan een serie met de inspecteurs Luc Callanach en Ava Turner en de eerste twee delen van de reeks waren een wereldwijd succes. Perfecte dood is het derde deel van de reeks en is in mei 2021 in het Nederlands verschenen. Onder het pseudoniem H.S. Chandler bracht ze in 2019 de thriller Mate van onschuld uit.

Op Arthur’s Seat, een oude vulkaan bij Edinburgh, wordt het naakte en levenloze lichaam van een jonge vrouw gevonden. In eerste instantie zijn er geen aanwijzingen dat het om een misdrijf gaat, maar nader inspectie wijst anders uit. Het onderzoek, dat geleid wordt door inspecteur Luc Callanach, lijkt vast te lopen. Tot er opnieuw een vrouw onder verdachte omstandigheden komt te overlijden. Ondertussen houdt de vijf maanden eerder tot hoofdinspecteur gepromoveerde Ava Turner zich bezig met een ogenschijnlijke zelfmoord van haar vorige chef George Begbie. Ze kan namelijk niet geloven dat hij zichzelf van het leven heeft beroofd.

Ondanks het feit dat in het eerste hoofdstuk een lijk wordt gevonden, begint Perfecte dood vrij rustig. Er zijn geen beschrijvingen van bloederige taferelen en/of eventuele wrede marteltechnieken en ook de actie blijft dan nog uit. Dit houdt echter niet in dat het verhaal niet boeit, dat doet het vanaf het allereerste moment zeker. De lezer wordt wel degelijk nieuwsgierig naar wat er nog komen gaat, maar ook naar de beweegredenen van de moordenaar. De dood van voormalig hoofdinspecteur Begbie is een interessante en toch wel onverwachte ontwikkeling die ervoor zorgt dat je ook daar meer over wilt weten, zeker als Ava een aantal ontdekkingen doet die hem in een ander daglicht stellen.

Het verhaal bestaat uit twee verhaallijnen, die van de moorden en die van de dood van Begbie. Beide subplots hebben geen enkel onderling verband, de enige overeenkomst is de politie, maar dat is een verklaarbare en logische link en uiteraard een vanzelfsprekende en onvermijdelijke. Doordat het twee verschillende zaken betreft, wordt de samenwerking tussen Callanach en Turner tot een minimum beperkt, iets dat ook wel een gevolg is van de promotie van laatstgenoemde. Perfecte dood wordt vanuit diverse perspectieven verteld, waaronder dat van de dader. Door deze opzet komt de lezer ruim voldoende over hen te weten en leeft hij met de meeste van hen mee.

In dit derde deel van de Perfect-serie besteedt Fields meer aandacht aan de privésituatie van de inspecteurs, vooral aan die van Callanach. De consequentie daarvan is dat je zijn achtergrond nog beter kunt plaatsen, maar ook dat het verhaal wat minder spanning heeft dan je wellicht op voorhand zou verwachten. Natuurlijk is er wel degelijk een spanningsboog aanwezig, maar die is anders en meer gedoseerd, zeker ten opzichte van Perfecte prooi, het voorgaande deel. De onverwachte ontwikkelingen blijven deze keer beperkt tot een paar handen vol en enkele daarvan hebben tot effect dat het verhaal iets anders gaat lopen dan daarvoor. Interessant, ook omdat hierdoor de aandacht van de lezer onverminderd behouden blijft.

Perfecte dood, dat in de kenmerkende Fields-schrijfstijl geschreven is, is een intrigerende thriller die enigszins psychologisch aandoet. De terugkerende personages die meeslepend en bijzonder zijn, zullen in het vervolg van de pakkende serie nog veel meer van zich laten horen en voor de lezer is het te hopen dat een aantal nieuwe dan ook weer van de partij zullen zijn.

Waardering: 4/5

Boekinformatie
Auteur: Helen Fields
Titel: Perfecte dood

ISBN: 9789026354281
Pagina’s: 456

Eerste uitgave: 2021

Wit vuur – Preston & Child

Beschrijving
In lang vervlogen tijden is een groep mijnwerkers op gruwelijke wijze om het leven gekomen. Tegenwoordig is het dorp een exclusief ski-oord en moet de historische begraafplaats geruimd worden om plaats te maken voor projectontwikkelaars. Corrie Swanson gaat erheen om de overblijfselen van de mijnwerkers te onderzoeken. Ze komt echter tot een schokkende ontdekking die het voortbestaan van het dorp in gevaar brengt. FBI-agent Pendergast schiet te hulp als brute brandstichtingen de toeristen afschrikken. Pendergast ontdekt een onwaarschijnlijk geheim in het dorpsverleden, dat samen lijkt te hangen met een toevallige ontmoeting tussen Arthur Conan Doyle en Oscar Wilde. Terwijl het dorp letterlijk onder vuur ligt en Corries leven gevaar loopt, moet Pendergast het raadsel uit het verleden zien op te lossen, voordat alles in vlammen opgaat.

Recensie
Al bijna dertig jaar vormen Douglas Preston en Lincoln Child een succesvol schrijverskoppel. Hun samenwerking begon met het in 1995 uitgebrachte De vloek van het oerwoud, dat tevens het eerste deel is waarin de excentrieke FBI-agent Aloysius Pendergast een nog een bijrol heeft. In de vervolgboeken uit de reeks heeft hij een aanzienlijk grotere rol, waardoor zijn populariteit groter werd. Wit vuur, dat in 2014 is verschenen, is het dertiende deel en belandde, nadat het een jaar eerder in de Verenigde Staten is uitgebracht, al meteen op de derde plaats in de New York Times Best Seller List.

Corrie Swanson vertrekt naar het exclusieve skioord Roaring Fork om onderzoek te doen naar de restanten van de lichamen van een aantal negentiende-eeuwse mijnwerkers die op een barbaarse manier omgekomen zijn. Nadat ze een ontdekking gedaan heeft, is haar leven niet meer zeker. Haar mentor Pendergast schiet haar te hulp, maar helpt ook de lokale politie wanneer het stadje geteisterd wordt door een aantal brandstichtingen. Daarnaast komt de FBI-agent erachter dat een gebeurtenis uit het verleden een link heeft met een verhaal dat Oscar Wilde aan Arthur Conan Doyle verteld heeft. Maar zal het hem lukken dat verband te vinden?

Na een proloog die zich in de tweede helft van de negentiende eeuw afspeelt en waarin een gesprek tussen de auteurs Oscar Wilde en Arthur Conan Doyle de lezer al in een vroegtijdig stadium nieuwsgierig maakt, gaat het verhaal verder in de eenentwintigste eeuw. Het is dan in eerste instantie een kennismaking met enkele personages, waarvan Corrie Swanson en Aloysius Pendergast de belangrijkste zijn. Daarnaast geeft de auteur eveneens een korte uiteenzetting van de omstandigheden waarin zij zich op dat moment bevinden. Wit vuur begint daarom vrij rustig en heeft, ondanks dat het wel degelijk intrigeert en boeit, in dat begin nog niet zoveel spanning. Na een kleine tien hoofdstukken verandert dat en nemen de spannende momenten toe.

Wit vuur wordt vanuit verschillende perspectieven verteld, maar vooral uit die van Swanson en, hoewel in iets mindere mate, Pendergast. De FBI-agent is deze keer vrij goed op dreef en is zijn eigen mysterieuze en eigenzinnige zelf. De oplettende lezer herkent in hem de trekken van een moderne Sherlock Holmes en speciaal in dit verhaal is dat bijzonder, omdat zowel zijn geestelijk vader als de beroemde speurder zelf er een bescheiden, maar niet onbelangrijke rol in hebben. Eén hoofdstuk, in een handgeschreven lettertype en niet gemakkelijk leesbaar, bestaat zelfs volledig uit een kortverhaal waarin Holmes een enigszins voorspelbaar mysterie oplost. De link met de moorden die in het heden plaatsvinden is overigens overduidelijk herkenbaar.

Naast de verhaallijn met Holmes zijn er nog twee: één met het onderzoek door Corrie en één met de brandstichtingen waar Roaring Fork door opgeschrikt wordt. Op het eerste gezicht lijken ze niets of slecht weinig met elkaar te maken te hebben, maar het verband is er wel en uiteindelijk vallen de afzonderlijke subplots aan het eind mooi samen en krijgen ze elk een afgerond geheel. De weg daarnaartoe is geplaveid met allerlei hindernissen en onverwachte ontwikkelingen. Toch komt de bekendmaking van de brandstichter niet helemaal als een verrassing. Tijdens de plot zijn er enkele signalen waaruit op te maken valt wie daarvoor verantwoordelijk is. Omdat er zowel voor als in de ontknoping voldoende gebeurt, heeft deze globale kennis geen invloed op de beleving van het verhaal.

Dat Wit vuur het dertiende deel uit de Pendergast-serie is, is nergens te merken. Er wordt hoegenaamd niet teruggekomen op wat er in eerdere delen gebeurd is en over de belangrijkste personages kom je voldoende te weten om een goede indruk van hen te krijgen. Het boek is dan ook prima afzonderlijk van de andere te lezen. En dat is, ondanks wat er allemaal in gebeurt, zonder meer een soms enerverende, maar zeker aangename ervaring.

Waardering: 4/5

Boekinformatie
Auteur: Preston & Child
Titel: Wit vuur

ISBN: 9789021016276
Pagina’s: 432

Eerste uitgave: 2014