Niets verlaat de tijd – Luc Vandromme

Beschrijving
Om het heden te begrijpen, moet je het verleden kennen. Die stelling is niet alleen van toepassing op de maatschappelijke ontwikkelingen. Ze geldt ook voor het individu. Luc Vandromme stelde zichzelf de vragen: Wie zijn de mensen op wiens schouders ik sta? Welk erfelijk materiaal is van generatie op generatie doorgegeven en hoe beïnvloedt dat mijn identiteit?

Zijn zoektocht mondde uit in een reeks authentieke levensverhalen van ‘gewone’ mensen. Mensen die vechten voor hun bestaan, mensen in hun zwakke en sterke momenten, mensen die de officiële geschiedenisboeken niet halen, maar nadrukkelijk onderdeel van die geschiedenis zijn.

In Niets verlaat de tijd neemt Luc Vandromme de lezer in negen beklijvende portretten mee op een levensechte reis door de tijd die we misschien allemaal wel zouden willen maken.

Niets verlaat de tijd is een opmerkelijke kroniek die een kleine twee eeuwen omvat. Aangrijpend en meeslepend als een filmserie. Eens te meer is Luc Vandromme op dreef en toont hij zich een meester in het samensmeden van feiten en verbeelding.

Recensie
Na zijn studie pedagogische wetenschappen volgde Luc Vandromme een kunstopleiding, waarna hij voornamelijk werkte als beeldend kunstenaar. In zijn werk spelen schilderkunst, fotografie, video, installatie en teksten een belangrijke rol. Omdat hij altijd al een verhalenverteller is geweest, ging zijn  aandacht grotendeels uit naar het schrijven. In 2002 debuteerde hij met de roman Het oog van Maria Concepcion en twintig jaar later verscheen zijn zesde uitgave Niets verlaat de tijd, een familiegeschiedenis van overlevers.

De roman vertelt het verhaal van verschillende families gedurende een periode van ongeveer twee eeuwen. Het is een levensgeschiedenis over gewone mensen die tijdens hun leven zowel ups als downs hebben gekend. De kroniek is ontstaan uit een aantal vragen die de auteur ervan zichzelf heeft gesteld: wie ben ik, waar kom ik vandaan en hoe komt het dat ik ben zoals ik ben. Om daar een antwoord op te vinden dook hij in de genealogie van zijn eigen voorouders. Het boek dat hieruit voortvloeide is derhalve een combinatie van feiten en fictie.

In negen delen met evenzovele portretten neemt Vandromme de lezer mee in de genealogie van zijn familie. Hun geschiedenis laat hij ongeveer twee eeuwen geleden aanvangen, wanneer de in 1799 geboren en min of meer op de vlucht zijnde Joannes Christiaen Krawczyk aanmonstert op een schip, in Brugge terechtkomt, zich vervolgens Joannes Warnitz noemt, er op late leeftijd trouwt en samen met zijn vrouw een aantal kinderen krijgt. Het portret van hem is niet zo heel erg uitgebreid, maar maakt wel nieuwsgierig naar het vervolg van de familiegeschiedenis en zorgt er tevens voor dat de lezer verschillende vragen heeft en waar hij – uiteraard – ook een antwoord op krijgt.

De diverse levensschetsen worden alle in de eerste persoon verteld, maar telkens door een ander individu. Op geen enkel moment ontstaat onduidelijkheid of verwarring wiens verhaal het is, want aan ieder van hen wordt een afzonderlijk deel besteed, dat ook nog eens voorzien is van een titel. Hoewel het aanvankelijk niet zo lijkt, hebben de verschillende verhalen hoe dan ook een link met elkaar. Soms is dat een familieband, maar vaak doordat een huwelijk plaatsvindt, waardoor twee geslachten met elkaar verbonden raken. Toch heeft ieder karakter zijn eigen verhaal, hoewel zich zo nu en dan wel een herhaling voordoet. Dit is absoluut niet erg of storend, want de desbetreffende gebeurtenis of situatie wordt dan door een ander verteld, dus de lezer ziet het vanuit diverse perspectieven, hetgeen zonder meer interessant genoemd mag worden.

Behalve dat het boek laat zien hoe de generaties hebben geleefd, wat er van hen is geworden en waar ze me te maken kregen, is het eveneens een stukje Belgische historie. De ellende die de twee wereldoorlogen teweeg hebben gebracht, komen goed – en aangrijpend – naar voren, maar aan de gevolgen van de economische crisis van de jaren dertig van de vorige eeuw wordt eveneens aandacht geschonken. Dergelijke historische feiten zijn immers onlosmakelijk verbonden aan het lot van iedere familie, dus ook aan die in de kroniek. Het relaas sluit af met een deel over en van de auteur zelf, over het gezin waarin hij geboren en opgegroeid is, maar dan alleen tot en met zijn achtste levensjaar.

Niets verlaat de tijd, toegankelijk, in overwegend korte en krachtige zinnen geschreven en voorzien van een behoorlijk aantal oude foto’s, geeft een intrigerend beeld van een familie die gedurende vele tientallen jaren veel heeft meegemaakt. De kroniek boeit vanaf het begin en, zoals op de achterflap al aangegeven wordt, vertelt een verhaal over een reis door de tijd die vele anderen ook zouden willen meemaken. Daarvan is geen woord gelogen, want wie zou niet willen weten hoe haar of zijn voorouders geleefd hebben?

(Met dank aan Godijn Publishing voor het beschikbaar stellen van een recensie-exemplaar.)

Waardering: 4/5

Boekinformatie
Auteur: Luc Vandromme
Titel: Niets verlaat de tijd

ISBN: 9789464640557
Pagina’s: 596

Eerste uitgave: 2022

Moord in de bosvilla – Jan Zuidgeest

Beschrijving
Een jonge vrouw wordt hevig verliefd op een tweeling. De broers zijn danig van haar onder de indruk. Er ontstaat een onbevangen driehoeksverhouding als in een alles omvattende liefde. Dan raakt ze in verwachting en onbekend is wie de vader is. Het leidt tot ongelukken, misverstanden, ontrouw en bedrog met vergaande gevolgen.

Recensie
Na zijn studie Nederlands in Leiden werkte Jan Zuidgeest als leraar op verschillende middelbare scholen en hbo’s. Daarnaast heeft hij bij De Toneelcentrale drie toneelstukken geschreven, was hij toneelleider bij de Rotterdamse groep Novem ’62 en publiceerde hij in 1984 een studie over de dichter Hendrik Marsman. In 2014 debuteerde hij als auteur met de roman Heddy’s dochter en acht jaar later, in maart 2022, verscheen zijn eerste thriller Moord in de bosvilla.

De nog maar net achttien jaar oude Christie studeert politicologie in Leiden en tijdens een avondje uit wordt ze aangesproken door de tweelingbroers Arnoud en Olivier. Ze raakt in de ban van het tweetal en begint een liefdesrelatie met hen beiden. Het duurt niet lang dat ze in verwachting raakt, maar wie de biologische verwekker van haar kind zal zijn weet ze niet. Het lot beslist dat ze met Olivier gaat trouwen, waarna hij de wettige vader wordt. Jaren later verhuist ze met haar gezin en Arnoud naar een Twents dorp, waar ze te maken krijgt met een aantal persoonlijke drama’s.

Het verhaal begint met een proloog, waarin onomwonden wordt verteld dat de echtgenote van Christie, een van de personages, is vermoord en dat haar zwager door een ongeval is omgekomen. Deze kennis neemt op voorhand een groot deel van de eventuele spanning weg omdat de lezer al in een vroegtijdig stadium weet wat er gebeurd is. Dat doet de titel in feite eveneens, alleen weet je dan nog niet op wie de moord is gepleegd en waarom. Na deze inleiding wordt er twintig jaar teruggesprongen in de tijd en neemt de auteur de lezer mee naar het moment dat Christie de eeneiige tweeling Olivier en Arnoud ontmoet. Vanaf dan word je deelgenoot gemaakt van hun leven, maar ook van dat van Renice en Diederik, de dochter en zoon van Christie en een van beide broers.

Tot een derde gebeurt er niet zo heel erg veel, behalve een uiteenzetting van waar de personages zich on hun dagelijkse leven mee bezighouden, welke intriges er spelen en hoe sommigen met zichzelf worstelen. Dan wordt Olivier gevonden, vermoord. De toonzetting van het verhaal verandert echter niet zo heel erg veel. Goed, er komen twee rechercheurs om onderzoek te verrichten, maar dat bestaat voornamelijk uit het ondervragen van enkele personages en ook nog eens in een paar hoofdstukken. De overige hoofdstukken waarin de oudste van de twee, Henk Guis, ‘leidend’ is, gaan vooral over zijn eigen leven en hoe hij verlekkerd naar jongere vrouwen kijkt. Zuidgeest heeft er sowieso al een handje van om in zijn boek overdreven veel aandacht te besteden aan de uiterlijke kenmerken van een aantal mensen, in het bijzonder wanneer ze knap zijn.

De auteur heeft zijn verhaal in de derde persoon geschreven. Dat hoeft op zich geen enkel probleem te zijn, maar doordat de personages nogal klinisch en onpersoonlijk overkomen, leeft zijn boek niet. Daarnaast is de schrijfstijl nogal afstandelijk en uit een aantal fragmenten kun je opmaken dat het door een onbekende derde wordt verteld. Waarom Zuidgeest daarvoor gekozen heeft, is en blijft een raadsel. Hoofdstukken worden, dat is althans de bedoeling, afwisselend verteld vanuit verschillende perspectieven. Dat is ten dele geslaagd, want in het merendeel van de hoofdstukken komen ook andere personages dan de verteller aan het woord. Dat is rommelig en verwarrend. Wat eveneens stoort, en dan in redelijk hoge mate, zijn de vele slordigheden in het verhaal. Die bestaan onder andere uit taalkundige fouten, stijlfouten, onnodig gebruik van bepaalde leestekens of inconsequenties. Het lijkt erop dat het boek niet is geredigeerd voordat het is uitgegeven.

Ondanks de goede bedoelingen van de auteur en het op zich niet zo heel verkeerde idee (een driehoeksverhouding waar veel ellende uit voortgekomen is) is het Zuidgeest niet gelukt om Moord in de bosvilla te laten boeien. In het boek staat vermeld dat het een roman is, maar het wordt aangemerkt als thriller. Dat laatste is volledig onterecht.

Waardering: 1/5

Boekinformatie
Auteur: Jan Zuidgeest
Titel: Moord in de bosvilla

ISBN: 9789464491708
Pagina’s: 301

Eerste uitgave: 2022

De Repair Club – Charles den Tex

Beschrijving
John Antink is ex-chef van de geheime dienst. Nu is hij met pensioen en runt hij samen met een paar vrienden een Repair Club, waar ze defecte apparaten herstellen. Op een dag staat er een man voor zijn neus met een kapotte typemachine, een pistool en een opdracht. Die opdracht brengt hem in één klap terug naar de tijd dat hij actief was als geheim agent in Oost-Duitsland. John beseft dat hij jaren geleden een fout heeft gemaakt, waardoor zijn zorgvuldig opgebouwde leven nu op instorten staat.

De Repair Club komt onmiddellijk in actie om ook deze fout te herstellen, maar die blijkt groter dan John ooit had kunnen denken. Opeens staat hij voor een bijna onmogelijke opdracht, want hoe repareer je verraad?

Recensie
Charles den Tex (1952) wordt beschouwd als een van de beste en meest succesvolle thrillerauteurs van Nederland. Het is dan ook niet zo vreemd dat hij drie keer de Gouden Strop, de prijs voor het beste spannende boek, heeft gewonnen. Daarnaast heeft hij nog diverse nominaties en andere prijzen op zijn naam staan. Qua schrijven is hij echter een relatieve laatbloeier, want pas in 1995 lag Dump, zijn eerste boek, in de winkel. Hierna schreef hij, zoals hij zelf zegt, het ene boek na het andere. De Repair Club, dat in 2022 is verschenen, is zijn jongste thriller.

Voormalig chef van de inlichtingendienst John Antink is al een aantal jaren met pensioen en met een drietal vrienden voert hij onder de benaming De Repair Club reparaties uit aan defecte apparaten. Op een middag wordt hij benaderd door een man die hem een typemachine ter reparatie aanbiedt. Deze man richt echter ook een pistool op hem en geeft hem daarbij een opdracht. Dit brengt hem terug naar ruim dertig jaar eerder, toen hij als geheim agent in Oost-Duitsland werkzaam was. Antink realiseert zich dat hij destijds een fout gemaakt moet hebben. Met behulp van zijn vrienden moet hij die nu herstellen.

In een rustig eerste hoofdstuk maakt de lezer beknopt kennis met John Antink en wat hij op dit moment doet. Omdat het verhaal grotendeels vanuit zijn perspectief wordt verteld, kom je ruim voldoende over hem te weten. Dit is belangrijk, want medio jaren tachtig van de vorige eeuw was hij als geheim agent tewerkgesteld in Oost-Duitsland en daar moet hij een fout hebben gemaakt waar hij nu, ruim dertig jaar later, min of meer mee wordt geconfronteerd. In de plot wordt daarom regelmatig teruggeblikt naar die periode en daardoor kom je stukje bij beetje te weten wat er destijds is voorgevallen en wat Antink zoal heeft meegemaakt.

Normaal gesproken is een dergelijke opzet goed voor een gezonde dosis nieuwsgierigheid, maar in deze spionagethriller is daar zo goed als geen sprake van. Het tempo ligt over het algemeen nogal laag en tot ongeveer twee derde  de plot is de spanning minimaal. Hoewel er op het oog voldoende gebeurt, gebeurt er eigenlijk niet zo heel erg veel. Het is vooral een opsomming van feiten en de auteur geeft veel informatie over Antinks activiteiten uit het verleden. Hierdoor leeft het verhaal niet en leest het alsof het een verslag is. In het laatste derde deel vindt een lichte verandering plaats waardoor het vanaf dat moment wel wat boeiender wordt en er tevens een iets groter spanningsveld ontstaat. De schrijfstijl wordt echter niet anders, die is en blijft overwegend klinisch.Ondanks dat het grootste deel van de plot zich in een traag tempo voortbeweegt en dat het voornamelijk op een verslaglegging lijkt, leest het wel vlot. Dat lijkt tegenstrijdig, en dat is het misschien ook wel, maar de bijzonder toegankelijke schrijfwijze van Den Tex is daar zeker debet aan. Daarnaast laat de auteur eveneens zien dat hij zonder meer een verhaal kan vertellen en dat hij bepaalde waargebeurde feiten in een verder volledig fictief verhaal kan verwerken. Dat heeft hij zonder meer vakkundig gedaan. Hij heeft echter niet kunnen voorkomen dat het aantal onverwachte, plotwendingen niet zo heel erg hoog is. Erg veel verrassingen zijn er dus niet. Over het geheel genomen is De Repair Club, dat in grote mate onwerkelijk en daardoor onrealistisch overkomt, een tamelijk saaie en pas aan het eind meer boeiende spionagethriller.

Waardering: 3/5

Boekinformatie
Auteur: Charles den Tex
Titel: De Repair Club

ISBN: 9789402709520
Pagina’s: 382

Eerste uitgave: 2022

De Magdalenacodex – Jeroen Windmeijer & Jacob Slavenburg

Beschrijving
In het Venetiaanse Marciana, een van de oudste bibliotheken ter wereld, stuit bibliothecaris Marco Visconti op een eeuwenoud manuscript. Het lijkt te zijn geschreven door Simon, een broer van Jezus, en het gaat over Maria Magdalena, de vrouw die al tweeduizend jaar tot de verbeelding spreekt.

Al snel vormt het manuscript het middelpunt van een strijd op leven en dood. Waar de een de waarheid zo snel mogelijk naar buiten wil brengen, wil de ander Maria Magdalena voor altijd het zwijgen opleggen. Drie vrouwen – Sofia, Susanna en Veronica – worden ongewild hoeders van het gevoelige geheim dat het manuscript herbergt. Maar dan blijkt: wie het manuscript in handen heeft, is zijn leven niet zeker…

Recensie
Na afloop van een presentatie van het boek Reis langs de mysteriën van Jacob Slavenburg maakte Jeroen Windmeijer, die in 2015 debuteerde met Het Petrusmysterie, kennis met de historicus. Tijdens een door laatstgenoemde gegeven cursus leerden ze elkaar beter kennen, waarop vervolgens werd besloten samen te gaan werken. Dit leidde ertoe dat in het voorjaar van 2020 hun gezamenlijke thriller Het Isisgeheim verscheen, het begin van een trilogie rond sterke vrouwen. Ongeveer tweeënhalf jaar later werd De Magdalenacodex, het laatste deel van het drieluik uitgebracht.

Broeder Marco Visconti, bibliothecaris van het benedictijner Monastero San Pietro, assisteert zijn mentor Luigi Navagero in de Venetiaanse Biblioteca Marciana bij het rubriceren van manuscripten. Tijdens zijn werk ontdekt hij een manuscript dat vele eeuwen geleden door Simon, de broer van Jezus, geschreven moet zijn en over Maria Magdalena handelt. Hij zorgt ervoor dat het document veilig opgeborgen wordt, maar kan niet voorkomen dat verschillende partijen het in handen proberen te krijgen. Tot overmaat van ramp is degene die de codex in handen heeft niet meer zeker van zijn of haar leven.

Maria Magdalena (ook Maria van Magdala) is een vrouw over wie ongeveer twee eeuwen na haar overlijden nog steeds een enorme mystiek hangt en rond haar persoon zijn in de loop der jaren verschillende thrillers geschreven. Aan het rijtje auteurs kan het auteursduo Windmeijer/Slavenburg worden toegevoegd. In hun gezamenlijke uitgave De Magdalenacodex worden feiten en fictie met elkaar gecombineerd zodat het boek niet alleen spannende elementen bevat, maar eveneens leerzaam en informatief is. De vele wetenswaardigheden hebben vooral betrekking op het christendom, waaruit op te maken valt dat beide auteurs een aanzienlijke kennis over dit onderwerp hebben. Hoewel dit alles erg interessant en leerzaam is, zorgen de feitelijkheden er wel voor dat de echte thrillerspanning enigszins naar de achtergrond verdwijnt.

Toch maakt het verhaal wel degelijk nieuwsgierig. De lezer wil weten wat er exact met het document gebeurt, wat erin geschreven staat en waar het uiteindelijk terecht gaat komen. In de plot, dat verteld wordt vanuit verschillende afwisselende perspectieven, komt daarover heel geleidelijk aan steeds meer duidelijkheid over. Dit gaat gepaard met diverse ontwikkelingen die met regelmaat voor onverwachte situaties zorgen. Met name aan het eind van een aantal delen – het boek heeft er in totaal zeven – zorgt dat voor wat actie en inherent daaraan tevens voor een paar spannende momenten. De laatste fase van het verhaal bevat eveneens enkele scènes die voor een klein beetje opwinding zorgen, hoewel diezelfde voorvallen in geringe mate ook wat onwaarschijnlijk overkomen.

De plot verloopt in een overwegend behoorlijk tempo, voor een groot deel als gevolg van de vlotte en toegankelijke schrijfstijl en de korte hoofdstukken, maar eveneens omdat er voldoende gedeelten zijn die de vaart erin houden. De ettelijke uiteenzettingen over onder andere het al genoemde christendom hebben weinig invloed op de snelheid, vooral omdat ze over het algemeen noodzakelijk zijn voor wat er zoal in het verhaal gebeurt. Desondanks heb je wel het gevoel dat enkele fragmenten overbodig zijn; dit is overigens niet storend en waarschijnlijk dienen ze voornamelijk om de personages een gezicht te geven en om te laten zien waar ze voor staan. Dat laatste is zonder meer gelukt.

Hoewel de raadselen rond Maria Magdalena in De Magdalenacodex niet worden weggenomen – een zo goed als onmogelijke missie – weet het verhaal wel van begin tot eind te boeien. Het boek is leerrijk, maar voor een thriller is de spanning niet al te groot. Dit neemt echter niet weg dat het samenwerkingsverband tussen beide auteurs wel degelijk geslaagd is.

Waardering: 3/5

Boekinformatie
Auteur: Jeroen Windmeijer & Jacob Slavenburg
Titel: De Magdalenacodex

ISBN: 9789402711370
Pagina’s: 382

Eerste uitgave: 2022

Slagschaduw – Jo Claes

Beschrijving
Thomas Berg, hoofdinspecteur bij de Federale Politie van Leuven, krijgt op een dag de vraag van zijn buurvrouw Tine om samen naar de film Slagschaduw te gaan kijken. De prent vertelt het verhaal van een uit de hand gelopen burenruzie over een boom in de tuin van het ene koppel die het licht wegneemt uit de tuin van het andere. Tenminste, dat lijkt zo, maar volgens Tines zus Karlien is er iets heel anders aan de hand. De regisseur van de film is haar ex-man en Karlien is ervan overtuigd dat de film symbolisch is en een verschrikkelijk geheim onthult over de plotse dood van haar vriend.

Berg laat zich overhalen om naar de bioscoop te gaan. De film is spannend en heeft een onthutsend slot, meer is er zijns inziens niet aan de hand. Wanneer Karlien hem een reeks argumenten geeft die haar vermoeden moeten staven, blijft Berg bij zijn mening, maar door de corona-epidemie heeft hij niets omhanden en uit verveling besluit hij om de zaak toch te onderzoeken. Wat hij stap voor stap ontdekt, is zo gruwelijk en ongelooflijk dat hij geen idee heeft hoe hij ooit Karliens gelijk kan bewijzen.

Recensie
De Vlaming Jo Claes is in het dagelijks leven leraar Nederlands en Engels en daarbuiten is hij eveneens auteur. Hij debuteerde in 1985 met de verhalenbundel De stenen toren, waarvoor hij een jaar later de Prijs voor het Beste Debuut ontving. Vanaf 2002 schreef hij zes jaar lang alleen nog maar non-fictie, echter in 2008 verscheen zijn fictieve misdaadroman De zaak Torfs, waarin inspecteur Thomas Berg voor het eerst zijn opwachting maakte en in 2022 werd Slagschaduw, het alweer zeventiende deel uit de serie, uitgebracht.

Karlien Debraekeleer ontvangt van haar ex-man een vrijkaartje om de door hem geregisseerde speelfilm te bekijken. Ze vertelt haar zus Tine dat de film veel overeenkomsten heeft met haar eigen leven, maar ook dat in de slotscène een bekentenis verborgen zit. Tine haalt Thomas Berg over de film eveneens te gaan zien en om vervolgens zijn mening te geven over wat Karlien beweert. Aanvankelijk is Berg nogal sceptisch, maar hoe meer hij zich erin verdiept, hoe meer hij van haar gelijk overtuigd raakt. Hij gaat vervolgens op onderzoek uit en komt tot een onthutsende ontdekking.

Het verhaal, dat uit vijf delen bestaat, begint overwegend informatief. Karlien Debraekeleer wordt geïntroduceerd, er wordt iets verteld over haar ex-man Jonathan van Cauwenbergh, maar de nadruk ligt in de eerste vijf hoofdstukken vooral op een uiteenzetting van de plot van de film die door Van Cauwenbergh is geregisseerd en de hieraan gerelateerde overeenkomsten die Debraekeleer met haar eigen leven ziet. Veel spanning levert deze aanvangsfase nog niet op, maar desondanks is het zonder meer interessant en zorgt die ogenschijnlijk lange beschrijving er wel voor dat de lezer benieuwd is naar alle overeenkomende verbanden en of het inderdaad klopt wat de ex-vrouw van de regisseur beweert.

In het tweede deel komt inspecteur Thomas Berg in beeld. Voor de lezer die nooit eerder een roman uit de misdaadserie heeft gelezen, komt dat nogal plompverloren over. Hij weet immers niets van de achtergrond van deze man. In de plot wordt hierover wel wat meer bekend, maar dat beperkt zich wel tot wat algemene en uiterst summiere details. Toch kan Slagschaduw uitstekend los van alle eerdere boeken gelezen worden. Het verhaal staat immers op zichzelf en van zowel Berg als zijn vriend en collega Jan Zeebos (hij heeft een bescheiden, maar niet onbelangrijke rol) kun je je, zonder dat er dus heel uitvoerig op hun karakters wordt ingegaan, een vrij goed beeld vormen.

De misdaadroman moet het niet hebben van actie en spectaculaire situaties. Dat wil echter niet zeggen dat er niets gebeurt of dat de spanning ondermaats is. Allerlei ontwikkelingen zorgen er namelijk voor dat het verhaal wel degelijk verschillende wendingen aanneemt en dat de plot niet verloopt zoals je wellicht verwacht. In een bepaald opzicht kan dat een spanningsgevoel veroorzaken, maar die is van een heel ander kaliber, het doet denken aan een vorm van psychologische spanning. Ook het feit dat de lezer voortdurend nieuwsgierig gemaakt wordt, en dit blijft, zorgt voor een licht spannend gevoel.

Claes’ schrijfstijl is bijzonder toegankelijk, vlot en eigentijds. De personages worden stuk voor stuk als mens neergezet, waardoor je niet aldoor de indruk hebt een fictief verhaal te lezen. Dat komt mede omdat de auteur het begin van de coronapandemie en de destijds genomen maatregelen in de roman heeft verwerkt. Al met al is Slagschaduw, dat een onverwachte ontknoping heeft die voor de een misschien wel en voor de andere wellicht niet bevredigend is, een boeiend en ingenieus opgezet misdaadverhaal.

Waardering: 4/5

Boekinformatie
Auteur: Jo Claes
Titel: Slagschaduw

ISBN: 9789089249180
Pagina’s: 400

Eerste uitgave: 2022

Astarte – Petra Spark

Beschrijving
Rechercheur Sam Faingart wordt ingeschakeld wanneer een vrouw vermoord wordt teruggevonden in een ondergrondse parkeergarage. In zijn zoektocht naar de identiteit van het slachtoffer krijgt hij hulp van de forensisch patholoog Olivia Vandenberghe. Zij komt tijdens de autopsie tot een lugubere ontdekking. Sams zoektocht wordt steeds complexer wanneer menselijke resten worden ontdekt in een Vilvoords kasteel en vrouwen verdwijnen. Uit de lijkschouwing blijkt dat er een gruwelijk verband is tussen de verschillende zaken. Wat hebben een vijftig jaar oude moord, twee vermoorde vrouwen en de ontvoering van een kasteeleigenares met elkaar te maken?

Recensie
Na haar studie communicatiewetenschappen aan de KU Leuven had Petra Spark, een pseudoniem van Petra Kerckhoven, verschillende administratieve functies. Omdat ze altijd graag schreef, begon ze in 2016 aan haar eerste boek en een jaar later debuteerde ze met Artikel 13, een thriller die gebaseerd is op een herinnering die ze als zevenjarig meisje had. In oktober 2021 verscheen haar inmiddels vierde boek Astarte.

In een verborgen ruimte van een kasteel in Vilvoorde worden de restanten van een vrouw gevonden. Ongeveer tegelijkertijd wordt bij forensisch patholoog Olivia Vandenberghe het lichaam van een andere vrouw binnengebracht. Ze is vermoord en in een garagebox aangetroffen. Rechercheur Sam Faingart krijgt de leiding over het onderzoek en tijdens de lijkschouwing doen Vandenberghe en hij een macabere ontdekking. Tevens blijkt dat er een verband bestaat tussen deze moord en de in het kasteel aangetroffen botten. Wanneer er opnieuw een dode vrouw gevonden wordt en twee anderen spoorloos verdwijnen, wordt de zaak wel heel erg complex.

Astarte begint met een proloog die zich tweeëntwintig jaar eerder afspeelt dan de rest van het verhaal. Deze inleiding, maar ook de eerste hoofdstukken, zorgen ervoor dat de lezer nieuwsgierig gemaakt wordt naar de rest van de plot en de geschetste scènes met elkaar te maken hebben. Hierdoor wordt er al vanaf het begin een spanningsveld gecreëerd. Diverse plotwendingen en cliffhangers hebben tot gevolg dat de spanning onveranderd aanwezig blijft. De ene keer iets meer dan de andere keer, maar het is er altijd. Daarnaast doen zich tijdens de plot verschillende situaties voor die een verhoogde spanning hebben. Dit gaat zo door tot in de actievolle en enigszins onverwachte ontknoping.

Het verhaal wordt vanuit verschillende perspectieven verteld en boven ieder hoofdstuk staat altijd vermeld wie het op dat ogenblik vertelt. Het grootste deel van de plot beleeft de lezer mee uit het oogpunt van rechercheur Faingart. Over hem kom je dus het meest te weten, zonder dat de andere personages overigens tekort wordt gedaan. Ieder van hen is goed tot voldoende uitgewerkt om je een beeld van en over hen te kunnen vormen. Dan kom je er ook achter dat een paar minimale clichés op hen van toepassing zijn. Zo hebben bijvoorbeeld Vandenberghe en Faingart in het verleden problemen gehad waar ze op dit moment nog over inzitten. De auteur weet dit echter goed te doseren, zodat hun besognes niet de overhand hebben.

De schrijfstijl van Spark is toegankelijk, eigentijds en prettig leesbaar. Ze maakt geen gebruik van ingewikkelde volzinnen en daardoor is het van meet af aan een begrijpelijk en bijzonder goed te volgen verhaal. De dialogen zijn realistisch en dat geldt tevens voor het motief achter de moorden. Het gedrag van de recherche is dat overigens niet altijd: ze bieden personages die ze van de moorden en ontvoeringen verdenken wel heel vaak excuses aan. Aan het eind lijkt de plot een paar inconsequenties (of zijn het kleine slordigheden?) te bevatten. Er zijn dan namelijk enkele situaties – vanwege spoilergevaar worden ze hier niet vermeld – die elkaar tegenspreken. Op het verloop  en de afloop hebben ze totaal geen invloed, het is alleen opmerkelijk.
Overwegend korte hoofdstukken, waarin bij tijd en wijle het nodige gebeurt, zorgen voor een behoorlijk tempo. Door al die gebeurtenissen en de snelheid ben je voortdurend bij het wel en wee van iedereen betrokken. Al met al heeft Spark met Astarte een interessante en boeiende thriller geschreven. En wie weet volgt er nog meer met Faingart en Vandenberghe, want de epiloog lijkt daar wel wat op te zinspelen.

Waardering: 4/5

Boekinformatie
Auteur: Petra Spark
Titel: Astarte

ISBN: 9789493192140
Pagina’s: 310

Eerste uitgave: 2021

De schaduwlelie – Johanna Mo

Beschrijving
Als Jenny thuiskomt op het Zweedse eiland Öland treft ze een leeg huis aan; haar man Thomas en hun veertien maanden oude zoontje Hugo zijn nergens te bekennen. Moet ze zich zorgen maken of staan ze zo weer voor de deur? Als de twee na een tijdje nog steeds spoorloos zijn, duiken rechercheurs Hanna Duncker en Erik Lindgren in de zaak. Ze ontdekken dat Thomas veel dingen verborgen hield voor zijn gezin, onder meer een volwassen dochter uit een vorige relatie. Maar Thomas is niet de enige die geheimen met zich meedraagt. Hanna’s werk wordt gehinderd door een stille strijd met het verleden. En dan wordt Thomas dood gevonden. Alle bewoners van Öland verenigen zich om de kleine Hugo te vinden – voordat het te laat is… 

Recensie
Rond haar tiende jaar wist Johanna Mo (1976) al dat ze schrijfster wilde worden, maar na haar studie werkte ze onder andere als redacteur, vertaler en boekrecensent. In 2007 zette ze haar eerste literaire stappen, want in dat jaar werd haar debuutroman gepubliceerd. Nadat ze nog een roman schreef, kwam ze erachter dat thrillers meer haar genre waren. De nachtegaal (2021) is haar eerste in het Nederlands vertaalde boek en tevens de start van een serie met rechercheur Hanna Duncker. Begin 2022 werd de opvolger De schaduwlelie uitgebracht.

Na een kort bezoek aan Stockholm ontdekt Jenny Ahlström bij thuiskomst dat haar man Thomas en hun ruim één jaar oude zoontje Hugo verdwenen zijn. Het team waar de rechercheurs Hanna Duncker en Erik Lindgren deel van uitmaken, wordt met de vermissing belast en ze gaan op onderzoek uit. Uiteindelijk vinden ze het ontzielde lichaam van Thomas, komen erachter dat hij een dochter uit een eerdere relatie heeft, maar ook dat veel anderen een geheim met zich meedragen. Voor de recherche heeft het vinden van Hugo nu de hoogste prioriteit. Daarnaast probeert Duncker antwoorden te vinden op een gebeurtenis uit haar verleden.

De schaduwlelie bestaat uit zeven delen en ieder deel stelt één dag van een week voor, te beginnen op 18 augustus. Het vangt aan op ‘De laatste dag’, een verhaallijn die vanuit het perspectief van Thomas Ahlström wordt verteld, en die tussen de hoofdstukken door regelmatig terugkeert. Zijn verhaal, dat in de aanvangsfase voor wat nieuwsgierigheid zorgt, geeft inzicht in wat er werkelijk met hem en Hugo is gebeurd. De genummerde hoofdstukken worden vanuit verschillende perspectieven verteld, maar vooral uit dat van Duncker. Het draait dan hoofdzakelijk om het vinden van Thomas en Hugo en na de vondst van Ahlströms lichaam ook om te achterhalen wie hem vermoord heeft. Dit politieonderzoek slokt natuurlijk een aanzienlijk deel van de plot op, maar er is ook erg veel ruimte ingebouwd voor Dunckers privéomstandigheden, met name over een moord die haar inmiddels overleden vader gepleegd zou hebben.

Omdat er in dit tweede deel van de serie toch vrij veel privésituaties naar voren komen, is het aan te raden om eerst De nachtegaal te lezen. De terugkerende personages zijn dan veel beter te volgen en te begrijpen. Je merkt dan echter wel dat ze in hun ontwikkeling enigszins zijn blijven steken, het is zo’n beetje hetzelfde als in dat voorgaande boek. Identiek is ook de opzet van de plot, die wijkt niet zo heel erg veel af van die in zijn voorganger: er is een laatste dag, het verhaal speelt zich in een week af, de persoonlijke omstandigheden van vooral Duncker en in mindere mate Lindgren krijgen veel aandacht. Het heeft er daarom alle schijn van dat de auteur vooralsnog op veilig speelt door voort te borduren op een eenmaal bedacht patroon.

Hoewel het uitgangspunt van het verhaal zonder meer aardig is, komt het niet voldoende uit de verf. Dat komt voornamelijk door het gebrek aan verrassende plotwendingen, het zo goed als achterwege blijven van de spanning en het, ondanks dat alles zich in één week afspeelt, trage tempo van de plot. Mo doet zonder meer voldoende pogingen om de lezer nieuwsgierig te maken. Dat uit zich bijvoorbeeld in ogenschijnlijke cliffhangers en voor de hand liggende wendingen, maar het is het allemaal net niet. Pas in het laatste hoofdstuk, op de allerlaatste bladzijde, weet ze de lezer écht te verrassen. Dit heeft dan ook nog enigszins betrekking op de persoonlijke omstandigheden van Duncker. Om te weten te komen wat dat is, zal moeten worden gewacht op het derde boek uit de reeks.

Al met al is De schaduwlelie, dat een bijzonder toegankelijke en prettig te lezen schrijfstijl heeft, een aardige, maar ietwat tegenvallende thriller. Mo zal zichzelf en de vaste personages meer moeten ontwikkelen om de Duncker-serie succesvol te laten zijn en blijven.

Waardering: 4/5

Boekinformatie
Auteur: Johanna Mo
Titel: De schaduwlelie

ISBN: 9789402709575
Pagina’s: 400

Eerste uitgave: 2022

Waterkoud – A.M. Ollikainen

Flaptekst
Op de ochtend van midzomerdag worden inspecteur Paula Pihlaja en haar team na een gruwelijke vondst opgeroepen. Voor het landgoed van een ondernemersfamilie ten westen van Helsinki staat een vrachtcontainer met daarin het lijk van een zwarte vrouw. Ze moet een afschuwelijke dood zijn gestorven, want de container is tot de nok gevuld met zeewater.

De vrouw heeft geen papieren bij zich en niemand lijkt te weten wie ze is. Paula wantrouwt de verklaringen van de familie echter en zet alles op alles om de waarheid boven water te krijgen. Als de identiteit van de vermoorde vrouw eindelijk wordt achterhaald, start Paula met de reconstructie van haar laatste uren. Waarom was universitair docente Rauha Kalando een paar uur voor haar dood overgevlogen uit Namibië? En welke rol speelt het document dat in haar hotelkamer wordt gevonden – ondertekend door niemand minder dan de voormalige directeur van het bedrijf?

Recensie
Tien jaar geleden heeft Aki Ollikainen zijn baan als journalist opgezegd om te gaan schrijven. Inmiddels heeft hij drie romans en enkele gedichten voor kinderen op zijn naam staan. Zijn vrouw Milla is journalist, maar heeft ook een aantal thrillers geschreven, die overigens niet in het Nederlands vertaald zijn. In 2021 brachten ze onder de schrijversnaam A.M. Ollikainen hun gezamenlijke thrillerdebuut Kontti (Waterkoud, 2022) uit, het eerste boek van een vijfdelige serie waarin inspecteur Paula Pihlaja de hoofdrol heeft.

Het is midzomerdag en op het landgoed van de Lehmus-stichting, waarvan een rijke ondernemersfamilie eigenaar is, wordt een zeecontainer gevonden waarin zich het lijk van een vermoorde donkere vrouw bevindt. Ondanks haar onbekende identiteit – niemand lijkt te weten wie ze is – doet het rechercheteam van inspecteur Paula Pihlaja er alles aan om de moord op te lossen. Uiteindelijk achterhaalt Pihlaja de naam van de vrouw, die niet lang voor haar dood vanuit Namibië naar Finland is overgekomen. Een door de oprichter van de stichting ondertekend document dat in haar hotelkamer wordt gevonden, zorgt vervolgens voor een aantal vragen.

Voordat de lezer kennismaakt met inspecteur Paula Pihlaja en haar drie collega’s is hij er getuige van dat een dan nog onbekende vrouw in volledige duisternis bijkomt en zich niet realiseert waar ze is en wat er met haar gebeurd is. De onzekerheid en paniek die dit bij haar teweegbrengt, is merkbaar en de situatie waarin zij is beland zorgt voor vragen. In de plot komt hier heel langzaam steeds meer duidelijkheid over, maar omdat het verhaal niet uitblinkt in snelheid heeft het schrijversduo daar erg veel tijd voor nodig. Daarnaast zijn de ontwikkelingen in het grootste deel van het verhaal vrij mager, waardoor het lijkt alsof er zo goed als niets gebeurt. Pas in het laatste gedeelte – de thriller bestaat uit drie delen – wordt het tempo enigszins opgevoerd en doen zich enkele hachelijke momenten voor.

Het uitgangspunt waar het echtpaar Ollikainen voor gekozen heeft, is interessant en overwegend origineel; het politieonderzoek waar de plot voornamelijk uit bestaat, is aanmerkelijk minder uniek. Dergelijke thrillers zijn er in overvloed en dan is het aan de auteur om enigszins onderscheidend te zijn, hetgeen dit tweetal redelijk is gelukt. Waar ze zonder meer in geslaagd zijn, is het opvoeren van een aantal boeiende personages. Dit geldt zowel voor het rechercheteam als de mensen die een directe relatie met de Lehmus-stichting hebben. Van alle personages leert de lezer Pihlaja het beste kennen en komt te weten dat zij een groot geheim met zich meedraagt, net als enkele anderen overigens. Van ieder ander wordt voldoende verteld om een goed beeld van hen te krijgen. Daarbij springt de diversiteit van de rechercheurs in het oog.

Ondanks het goeddeels achterblijven van de spanning zorgen de gebeurtenissen wel voor een continue nieuwsgierigheid. Je wilt immers weten wat de reden is dat de vrouw naar Finland is gekomen, waarom ze is omgebracht, wie daarvoor verantwoordelijk is en wat ieders geheimen zijn. Daarin word je gesterkt door een paar hoofdstukken die zich in het verleden afspelen en waarin door de ogen van een vooralsnog anonieme vrouw verteld wordt wat jaren eerder in Namibië is voorgevallen. Mede door haar relaas wordt de lezer trouwens wel op het verkeerde been gezet, want de ontknoping, waarin de meeste vragen worden beantwoord, wijst uit dat niet alles is zoals je verondersteld had.

Na afloop blijven nog wel wat losse eindjes overeind staan, maar daar gaan de auteurs in het volgende deel van de serie zo goed als zeker op door. Waterkoud, in een prima vertaling van Annemarie Raas, vormt in ieder geval een afgerond geheel en is een rustige en aardige start van de reeks rond Team Helsinki, zoals deze reeks ook wel wordt genoemd.

(Dit boek heb ik voor Hebban gerecenseerd.)

Waardering: 3/5

Boekinformatie
Auteur: A.M. Ollikainen
Titel: Waterkoud

ISBN: 9789402766158
Pagina’s: 352

Eerste uitgave: 2022

In Barbarije – John Meilink

Flaptekst
1678. De Westinjevaarder Sint Joris vertrekt vol goede moed met een lading Schiedamse jenever en een aantal passagiers richting Paramaribo. Ter hoogte van de Kaapverdische Eilanden slaat het noodlot echter toe: Algerijnse kapers enteren het schip en alle opvarenden worden in de boeien geslagen. Na een reis vol ontberingen verdwijnen de Hollanders in de wrede wereld van Moorse slavenhandelaren.

Thomas Hees, afgezant van de Republiek in Algerije, probeert uit alle macht een vredesverdrag met de plaatselijke machthebbers te sluiten, om zo de Hollandse koopvaarders in de Middellandse Zee te vrijwaren van piraterij en de Hollandse slaven vrij te kopen. Maar de concurrentie is hevig: Engelsen en Fransen schuwen geen middel om Hees dwars te zitten. Tot overmaat van ramp verschijnt er, te midden van intriges, bruut geweld en verraad, een nog grotere vijand in Algiers: de Zwarte Dood.

Recensie
In 2019 debuteerde John Meilink met de historische roman Kroesvee, waar hij zes jaar aan gewerkt heeft. Dit is het eerste deel van de serie Zonen van Jafeth, een viertal los van elkaar staande verhalen over de Nederlandse slavenhandel in de zeventiende eeuw. Het vervolgdeel In Barbarije verscheen medio 2022 en beide boeken zijn inmiddels opgenomen in de nieuwe Canon van Nederland (vensters VOC en WIC).

In het najaar van 1678 vertrekt het Hollandse fluitschip Sint Joris met een aantal passagiers en een kostbare lading naar Suriname. Bij de Kaapverdische Eilanden worden ze onderschept door Algerijnse kapers en iedereen die zich aan boord bevindt, wordt gevangengenomen en niet veel later als slaaf verkocht. Ondertussen is Thomas Hees, afgezant van de Staten-Generaal in Algiers, bezig om vrede te sluiten met de lokale autoriteiten om te voorkomen dat Hollandse schepen geënterd worden. Hierin wordt hij gehinderd door de Engelsen en Fransen, maar nog erger is dat op een gegeven moment de gevreesde Zwarte Dood ongenadig toeslaat.

In Barbarije, het tweede deel van het vierluik dat tezamen de serie Zonen van Jafeth vormt, is uitstekend los van het voorgaande te lezen. De setting is volledig anders (deze keer vormt Noord-Afrika het decor), er zijn geen terugkerende personages en de insteek van de plot wijkt in alles af van die in Kroesvee. Het enige dat qua stijl overeenkomt is de opzet van de roman: een aantal delen, overwegend korte hoofdstukken die alle worden voorafgegaan door een kort fragment uit de Koran, uit brieven of uit andersoortige beschrijvingen. Daarnaast is er zo nu en dan een hoofdstuk dat terugspringt naar enkele jaren eerder en waarin de lezer iets meer te weten komt over een paar personages.

Wanneer het slavernijverleden ter sprake komt, wordt over het algemeen aan de slaven met een donkere huidskleur gedacht, maar in deze roman besteedt Meilink juist aandacht aan blanke – en Europese – slaven; een stukje geschiedenis dat bij de massa vrij onbekend en onderschat is en waarvan velen dus niet weten dat dit ooit voorgekomen is. Het verhaal, dat op zich fictief is, maar waarin wel degelijk waargebeurde feiten naar voren worden gebracht, kan daarom gerust als een eyeopener worden beschouwd. In diverse verhaallijnen volgt de lezer zowel het leven van een aantal slaven, dat van hun onderdrukkers en ook dat van de afgezant van de Staten-Generaal Thomas Hees. Dat de nadruk daarbij niet specifiek op de onderworpene ligt, maar tevens op de onderdrukker is van toegevoegde waarde, want daardoor krijg je een vrij volledig beeld van wat zich destijds zoal heeft afgespeeld.

Door de beeldende en inlevende schrijfstijl van de auteur heeft de lezer regelmatig het gevoel zelf deel van het verhaal uit te maken. Een langdurige scène in de eindfase van de roman is daar het duidelijkste voorbeeld van, dan leef je echt met enkele personages mee en hoop je met heel je hart dat ze in hun missie zullen slagen. Situaties als deze zorgen er ook voor dat de roman wat spanning heeft. Omdat in de plot woorden voorkomen die stammen uit het eind van de zeventiende eeuw, de scheepvaart of Arabisch zijn, heeft Meilink achter in het boek een verklarende woordenlijst opgenomen of legt hij op diverse bladzijden uit wat de betekenis ervan is. Dit is zonder meer een waardevolle en vaak nodige aanvulling.

Al met al is In Barbarije, waarvan de afloop ietwat onbevredigend is, een roman die een realistisch beeld geeft van de ellende die Nederlandse, maar ook Europese, slaven in het noorden van Afrika hebben moeten ondergaan. Hieruit blijkt dat de Hollanders (zoals ze destijds genoemd werden) zich niet alleen aan slavernij bezondigden, maar dat velen van hen zelf ook het lot van slaaf moesten ondergaan.

(Met dank aan de auteur en LM Publishers voor het beschikbaar stellen van een recensie-exemplaar.)

Waardering: 4/5

Boekinformatie
Auteur: John Meilink
Titel: In Barbarije

ISBN: 9789460229978
Pagina’s: 440

Eerste uitgave: 2022

Sønderho – Fedor de Groot

Beschrijving
Monika Hedegaard, rechercheur bij de politie van Kopenhagen, linkt twee lopende zaken aan elkaar: een vermoorde vrouw die op haar lijkt en een gecodeerde dreigbrief. Vanwege een onverklaarbare DNA-match met haarzelf en het slachtoffer wordt Monika van de zaak gehaald. Samen met haar zus Isabel start ze een eigen onderzoek.

Bij een dossierstudie stuit onderzoeksjournalist Owen Cuperus op het geheime persoonsverwisselingprogramma “GenMedical” uit de Tweede Wereldoorlog. Als hij een link naar Isabel vindt, contacteert hij haar. Dan blijkt dat ze meer raakvlakken hebben dan het onderzoek alleen. Ze bundelen hun krachten om een gevaarlijke tegenstander het hoofd te bieden. Tijdens een confrontatie in een oud laboratorium in Sønderho, een dorpje op het Deense waddeneiland Fanø, komt het verleden opnieuw tot leven en vallen alle puzzelstukjes op hun plaats.

Recensie
Vanwege de stress die zijn reguliere werk met zich meebrengt, zocht Fedor de Groot een uitlaatklep om zich te kunnen ontspannen. Hij koos ervoor om te gaan schrijven, een bezigheid die hem energie gaf. In 2017 begon hij met korte verhalen, deed mee aan diverse schrijfwedstrijden en volgde een aantal schrijfopleidingen. Voor zijn debuutthriller Sønderho, dat in oktober 2021 is uitgebracht, heeft hij uitgebreid research gedaan en het schrijfproces heeft ook geruime tijd in beslag genomen.

Monika Hedegaard, rechercheur bij de politie van Kopenhagen, ontvangt een geheimzinnige brief met een opdracht. Op dezelfde dag krijgt ze met een moord te maken op een vrouw die haar tweelingzus kan zijn. Ze heeft al snel een link tussen beide zaken gelegd, maar als na DNA-onderzoek blijkt dat er een match tussen haar en de vrouw bestaat, wordt ze van het onderzoek afgehaald. Met haar zus Isabel, die ze al achttien jaar niet heeft gezien, gaat ze zelf op zoek naar antwoorden. Als Isabel onderzoeksjournalist Owen Cuperus ontmoet, gaan ze met hem samenwerken en komen ze tot een schokkende ontdekking.

Het verhaal begint met een korte proloog die zich in 1998 afspeelt en anders eindigt dan je aanvankelijk vermoedt. Na dit enigszins verrassende begin van Sønderho spelen de eerste vijf hoofdstukken zich af op verschillende data van bepaalde jaren. De flashbacks en -forwards geven de lezer inzicht in wat er in het verleden gebeurd is, maar voor het verloop van de plot is niet alle informatie die daarin gegeven wordt van belang. Door deze vlot achter elkaar vallende wisselingen in tijd laat de start van het verhaal een licht rommelige indruk achter, maar vanaf het zesde hoofdstuk wordt het anders. Vanaf dat moment verloopt de plot volledig chronologisch en dat zorgt voor meer rust in de structuur. Het geheel wordt er in ieder geval een stuk duidelijker door.

Sønderho wordt verteld vanuit verschillende perspectieven, het zijn nochtans Monika en Isabel die het meest in de schijnwerpers staan. Over hen kom je het meest te weten en hun personages zijn, zonder de anderen tekort te doen, ruim voldoende uitgewerkt. Desondanks lukt het niet om echt een band met hen te krijgen. Een belangrijke reden daarvoor is dat ze, ondanks wat hen in het verleden overkomen is, nogal emotieloos overkomen; iets dat overigens ook opgaat voor alle andere karakters in het verhaal. Mogelijk dat dit komt omdat de auteur nogal wat personages laat opdraven, want soms zie je door de bomen het bos even niet meer. Ze hebben echter wel allemaal een rol, ofschoon je je bij een aantal van hen wel kunt afvragen of het nodig is dat ze bij naam en toenaam genoemd worden.

In de beginfase ontstaat er een klein spanningsveld dat gedurende de plot niet zo heel veel groter wordt. Er zijn wel een paar situaties die wat meer spanning en actie hebben dan de meeste andere, maar niet dusdanig dat je daardoor op het puntje van je stoel gaat zitten. Het verhaal blijft overigens wel boeien, je wilt immers te weten komen of het de zussen lukt hun antwoorden te krijgen. In de ontknoping wordt het zelfs nog enigszins geheimzinnig en – maar dat geldt voor meer fasen in het verhaal – vraag je je zo nu en dan af of een enkeling zich niet voor iemand anders voordoet. Er zijn overigens enkele passages die plotseling uit de lucht komen vallen, dan lijkt het alsof er niets aan voorafgegaan is. Dat komt een beetje verwarrend over.

De auteur heeft grondig research verricht, hetgeen overduidelijk te merken is. Sønderho, hoe bizar een aantal gebeurtenissen ook is, komt realistisch over. Daarmee is het een verdienstelijk debuut, waarin de spanning niet al te hoog is en het verhaal, dat wat gladjes verloopt, niet voor veel verrassingen zorgt. De Groot toont hoe dan ook aan dat hij een verhaal kan vertellen en zal ongetwijfeld verder groeien in het schrijversvak.

Waardering: 3/5

Boekinformatie
Auteur: Fedor de Groot
Titel: Sønderho

ISBN: 9789493233614
Pagina’s: 408

Eerste uitgave: 2021