Kinderen van de sekte – Mariette Lindstein


Beschrijving
Vijftien jaar zijn verstreken sinds Sofia ontsnapte uit ViaTerra. De notoire sekteleider Franz Oswald is al jaren niet meer in het openbaar gezien, maar wanneer er een verwoestende storm over de Zweedse westkust raast stapt hij uit de schaduw. Met zijn boodschap over wederopbouw en een nieuwe wereld is hij populairder dan ooit. Maar achter die openbare façade botviert hij zijn wrede en manipulatieve tirannie op met name de kinderen in de sekte. Ook Oswalds zonen Thor en Vic zijn klaargestoomd om ViaTerra te dienen. Maar hoe ouder Thor wordt, hoe meer zijn twijfel groeit. Hoe ver wil zijn vader eigenlijk gaan om zijn macht te behouden?

Sofia runt nu een opvangcentrum voor jonge mensen die willen loskomen van sektes. Maar het pand is door de storm met de grond gelijkgemaakt. Ze heeft zichzelf voorgenomen ver uit Oswalds buurt te blijven. Dat blijkt moeilijker dan ze dacht…

Recensie
Niet lang nadat Mariette Lindstein met het schrijven van haar ViaTerra-trilogie begon, hielden haar nachtmerries over haar eigen ervaringen bij de Scientologykerk op. In de trilogie, ze heeft bewust voor het thrillergenre gekozen omdat spannende boeken vooral jongeren meer aanspreken dan non-fictie, wil ze de mensen waarschuwen voor dergelijke bewegingen. Het eerste deel van de serie, De sekte, kwam in 2017 uit en het laatste, Kinderen van de sekte, in oktober 2018. Over haar ervaringen geeft ze ook lezingen op scholen.

Sinds Sofia vijftien jaar geleden uit ViaTerra wist te ontsnappen, is de sekteleider Franz Oswald niet meer in het openbaar verschenen. Dat verandert nadat de westkust van Zweden geteisterd is door een zware storm die voor een flinke ravage heeft gezorgd. Hij werkt mee aan het herstel en komt met plannen om het milieu te beschermen. Hierdoor groeit zijn populariteit, maar zijn ware gezicht toont hij pas aan de kinderen van de sekte. Met harde hand drilt hij ze tot ze loyale volgelingen worden. De storm heeft er ook voor gezorgd dat het opvanghuis dat Sofia runt met de grond gelijkgemaakt is. Ze wil het opnieuw opbouwen en zonder de hulp van Franz Oswald. Dat wordt moeilijker dan ze denkt.

Kinderen van de sekte begint met een dreigende proloog waarvan je even de indruk krijgt dat het een droom van een van de personages is. Dat is volkomen misplaatst, want uit diezelfde proloog, maar ook gedurende de plot, blijkt het tegendeel. Het is vooral bedoeld dat de lezer zich gedurende de plot afvraagt wat zich op die rots voordoet en wat de aanleiding daartoe is geweest. Een goede keuze van Lindstein om op deze manier te beginnen, want het zorgt al meteen voor een spanningsboog en maakt tevens nieuwsgierig.

Dan begint het werkelijke verhaal, dat afwisselend verteld wordt vanuit het perspectief van Sofia en, in verhaalvorm, door een eerst nog onbekend personage en af en toe door Sofia’s dochter Julia. De tweede verhaallijn, door de onbekende, is het meest intens. Daarin wordt verteld wat de kinderen in de sekte moeten doormaken, hoe ze worden geïndoctrineerd, dat ze dingen moeten doen die een volwassene niet eens wil doen en dat ze getraind worden tot een soort kindsoldaat of  Hitlerjugend. De angst van die kinderen is regelmatig voelbaar. Lindstein weet de lezer hiermee te raken. Natuurlijk betekent dit niet dat de twee andere verhaallijnen minder interessant zijn. Zeker niet, maar ze zijn anders, minder onheilspellend.

Omdat Kinderen van de sekte het derde en tevens laatste deel van de trilogie is, wordt er in het begin van het boek wel een korte uitleg gegeven over de terugkerende personages. Dit is echter te weinig om voldoende over hen te weten te komen of hen te begrijpen. Daarom is het sterk aan te bevelen de serie op volgorde te lezen. Dan is ook goed te merken dat Sofia in dit derde deel een sterker en standvastiger karakter heeft gekregen, hoewel ze op momenten nog wel eens naïef kan zijn. Ten opzichte van de twee voorgaande delen heeft ze dus wel een positieve ontwikkeling ondergaan. Haar vijftienjarige (en later zestienjarige) dochter Julia, die voor het eerst in de drieluik voorkomt, is soms wel wat te wijs en te volwassen voor haar leeftijd. Haar gedrag is daarom niet helemaal realistisch.

Het verhaal heeft diverse plotwendingen en kent een aantal verrassende ontwikkelingen. Dat komt de onvoorspelbaarheid, er zijn momenten dat de lezer aan ziet komen wat er gaat gebeuren, ten goede. Van de drie delen uit de trilogie komt Kinderen van de sekte het beste uit de verf en is daardoor Lindsteins sterkste boek van de serie. Ze heeft daarmee voor een waardige afsluiting gezorgd.

Met dank aan A.W. Bruna Uitgevers voor het beschikbaar stellen van een recensie-exemplaar.

Waardering: 3,5/5

Boekinformatie
Auteur: Mariette Lindstein
Titel: Kinderen van de sekte

ISBN: 9789400508460
Pagina’s: 442

Eerste uitgave: 2018

Advertenties

Onder het ijs – Ellen de Bruin


Beschrijving
Het is 2004. Een groep klimaatwetenschappers doet onderzoek op een schip in het Noordpoolgebied. Een van hen is Bas Fretz, een bijna-volwassen vrouw van 21 die nog met Lego speelt. Zij is mee in plaats van haar hoogleraar, Reinier, nadat die onverwacht is overleden. Ze hield net iets te veel van hem en ze zou graag weten of hij ook iets voor haar voelde, maar daar komt ze natuurlijk nooit meer achter, nu hij dood is.

Daar zit ze dan, als junior onderzoeker, op dat schip in het poolijs, tussen wildvreemde wetenschappers die elk zo hun eigen obsessies hebben. En als de expeditie dreigt te mislukken, wordt de kans steeds kleiner dat Bas er nog in slaagt om Reiniers wetenschappelijke ambities te verwezenlijken – laat staan die van zichzelf.

Recensie
Voor de dagbladen NRC Handelsblad en nrc.next schrijft Ellen de Bruin vooral over wetenschap, psychologie en menselijk gedrag. Haar verhalen zijn over het algemeen niet al te zwaar, maar de inhoud daarvan is wel gestoeld op verregaande research. In 2007 verscheen haar eerste non-fictie, Dutch women don’t get depressed. Iets meer dan tien jaar later is haar debuutroman Onder het ijs uitgegeven.

Omdat haar professor aan de Randstad University, Reinier van Wichteren, plotseling overlijdt, kan de eenentwintigjarige Bas Fretz in zijn plaats mee met een groep klimaatwetenschappers die onderzoek gaan doen in het Noordpoolgebied. Hoewel Reinier haar mentor was, was ze ook verkikkerd op hem, maar ze zal nu niet meer te weten komen of hij dat ook op haar was. Op het onderzoekschip bevindt ze zich tussen voor haar vreemde wetenschappers met ieder hun eigen eigenaardigheden. Bas wil Reiniers wetenschappelijke ambities uitvoeren, maar die kans wordt klein als de expeditie op een fiasco dreigt uit te draaien.

Na een min of meer filosofisch eerste hoofdstuk begint het verhaal hierna echt. Het wordt verteld vanuit het perspectief van Bas en de lezer merkt al snel dat een groot deel daarvan bestaat uit haar herinneringen aan Reinier. Uit alles blijkt dat ze helemaal idolaat van hem was, maar uit niets valt op te maken dat dit wederzijds was. Waar in ieder geval geen enkele onduidelijkheid over is, is dat Bas haar herinneringen aan het verwerken is, dat ze een rouwperiode doormaakt. Ook heeft het er veel van weg dat ze vooral op zoek is naar zichzelf. Gedurende de plot blijkt dit op zich ook wel, want aanvankelijk is ze nogal naïef en spreekt ze, zonder het zelf te beseffen, haar gedachten hardop uit. Dat is aan het eind van het boek anders. Dan is ze evenwichtiger. Haar personage heeft in de zeven weken dat ze zich aan boord van het onderzoeksschip bevond een positieve ontwikkeling doorgemaakt.

Onder het ijs is gebaseerd op een wetenschappelijke expeditie naar de Noordpool die in 2004 werkelijk heeft plaatsgevonden. Hierdoor is een aanzienlijk deel van het verhaal doorspekt met een terminologie waar een leek geen enkele binding mee heeft en die er ook voor zorgt dat het verhaal een nogal traag en saai verloop heeft. Het lijkt erop dat het verhaal voor de helft gevuld is met informatie die door de auteur uit wetenschappelijke boeken heeft gehaald. De andere helft is er dan door haarzelf bij bedacht. Dat verzonnen deel is tevens het meest interessante, hoewel er ook daarin kanttekeningen te plaatsen zijn. Zo is een aantal dialogen nogal aangedikt en dat een drietal Amerikaanse wetenschappers alleen in citaten uit films kan communiceren, wordt na verloop van tijd ronduit vervelend. Wat op een gegeven moment wel erg duidelijk naar voren komt, is dat men elkaar in de wetenschapswereld het succes niet gunt. Het lijkt vooral een wereld van eerst ik en dan de rest. En waarschijnlijk wijkt dat niet eens zo heel veel af van hoe het er elders aan toegaat.

De meeste personages die De Bruin gecreëerd heeft, zijn redelijk interessant en intrigerend. Ze hebben allemaal hun eigen bijzonderheden waardoor een deel van het boek wel enigszins boeiend is. Desondanks kan Onder het ijs als roman niet overtuigen. Hoewel de auteur soms mooi geformuleerde zinnen heeft gebruikt, is het boek een te wetenschappelijk relaas geworden.

Waardering: 2/5

Boekinformatie
Auteur: Ellen de Bruin
Titel: Onder het ijs

ISBN: 9789044634464
Pagina’s: 256

Eerste uitgave: 2018

Kleihuid – Herien Wensink


Beschrijving
Vlaanderen, 1918. In een geïmproviseerd revalidatieoord achter het front delen de Britse officier Rupert Atkins en soldaat Harvey Cole noodgedwongen een kamer. Harvey herstelt moeizaam van zware verwondingen aan zijn gezicht, met Rupert is ogenschijnlijk niets mis maar hij verzet zich tegen zijn verblijf en weigert over zijn frontervaringen te praten. In eerste instantie wordt hun contact getekend door afkeer, maar gaandeweg ontstaat een wederzijdse fascinatie. In de confronterende nabijheid van de ander moeten ze zich leren verzoenen met de schade die de oorlog geestelijk en lichamelijk heeft aangericht.

Recensie
Tijdens haar studie cultuurwetenschappen volgde Herien Wensink het college cultuurbeschouwing en de moderne tijd en moest ze het boek Lenteriten van Modris Ekstein lezen. Dit boek was er de aanleiding van dat ze zich voor de Eerste Wereldoorlog ging interesseren en zich specialiseerde in literatuur uit die oorlog. Het idee om zelf een roman over deze oorlog te schrijven dateert van bijna twintig jaar geleden. Na diverse pogingen verscheen begin 2018 Kleihuid, haar debuut als romanschrijver. Daarnaast werkt ze ook nog als theaterredacteur bij de Volkskrant.

Het is 1918 en de Eerste Wereldoorlog is nog in volle gang. De Britse officier Rupert Atkins komt in een provisorische revalidatiekliniek in Vlaanderen terecht. Hij krijgt een kamer die hij met soldaat Harvey Cole moet delen. Harvey heeft zware verwondingen, maar Rupert lijkt niets te mankeren. Hoewel ze uit verschillende milieus afkomstig zijn, groeien ze steeds meer naar elkaar toe en beginnen ze elkaar te waarderen, te respecteren en elkaar na verloop van tijd ook te helpen. Daarbij moeten ze ook nog leren leven met de gevolgen die de oorlog voor hen persoonlijk heeft gehad.

Kleihuid wordt verteld vanuit het perspectief van twee personages: Rupert en Harvey. De eerste aanvankelijk vanuit zijn aristocratische inslag, de tweede vanuit zijn eenvoudigere afkomst. Dit klassenverschil wordt vanaf het begin duidelijk naar voren gebracht, maar omdat ze elkaar hun eigen verhaal vertellen, naderen ze elkaar steeds meer en lijkt er een soort onafscheidelijkheid te ontstaan. Door deze opzet komt ook de lezer steeds meer over beide personages te weten en worden hun karakters prima uitgewerkt. Uit de beschrijving van beide karakters en wat ze te vertellen hebben, is goed te merken dat deze oorlog nogal wat impact op hen heeft gehad. Daarom is het boek niet zozeer een uiteenzetting van de Eerste Wereldoorlog, maar meer wat de psychologische, en in mindere mate de fysieke, gevolgen hiervan zijn geweest. Hierdoor heeft Kleihuid niet het echte karakter van een historische roman, terwijl het zonder meer een geschiedkundige inslag heeft.

Ondanks het wat zwaarbeladen thema is het verhaal in een eigentijdse, toegankelijke en beeldende stijl geschreven. De dialogen zijn realistisch, vooral die aan het front. Verder maakt Wensink regelmatig gebruik van mooi geformuleerde zinnen en uitdrukkingen. Dat neemt echter niet weg dat het verhaal zich over het algemeen vrij traag voortsleept en zo goed als nergens nieuwsgierig maakt. Ook wordt de lezer te weinig verrast met plotwendingen. De eerste echte doet zich ongeveer halverwege voor, terwijl de auteur de ontknoping ook verrassend wil laten zijn. Maar helaas, al ruim voor het eind kan de lezer al vermoeden hoe het werkelijk in elkaar steekt. De paar plotwendingen die erin voorkomen, zijn te summier om het verhaal van begin tot eind te laten boeien. Het moet echter wel gezegd worden dat de tweede helft boeiender is dan de eerste, maar overtuigen doet het nog steeds niet.

Herien Wensink heeft zeker geen onaardige poging gedaan om van Kleihuid een intrigerende en boeiende roman te maken. Er zijn echter te veel kanttekeningen om de lezer aan het boek te laten kluisteren. Dit debuut had boeiender, spannender en vooral afwisselender mogen zijn.

Waardering: 2/5

Boekinformatie
Auteur: Herien Wensink
Titel: Kleihuid

ISBN: 9789029515580
Pagina’s: 304

Eerste uitgave: 2018

Ik ben de nacht – Ethan Cross


Beschrijving
Wil je met me spelen?
Wie wint, blijft leven…

Mijn naam is Francis Ackerman jr. Ik ben wat men wel een seriemoordenaar noemt. Al mijn slachtoffers krijgen een eerlijke kans, ik moord heus niet zomaar. Want ik speel een spel met ze. Wie wint, blijft leven. Ik heb nog nooit verloren. De meeste mensen zullen van mij gruwen. Sommigen zullen mij aanbidden. Zij zijn net als ik. Maar iedereen zal zich mij herinneren.

Mijn naam is Francis Ackerman jr. Ik ben de nacht, en ik wil een spel met je spelen.

Recensie
Zijn werkelijke naam is Aaron Brown, maar omdat deze in de Verenigde Staten zo algemeen is en een aantal bekendheden deze naam ook dragen, heeft hij, mede uit marketingoverwegingen, de schrijversnaam Ethan Cross aangenomen. Voordat hij met schrijven begon, was hij muzikant, maar eigenlijk wilde hij altijd al auteur worden. Omdat hij gefascineerd is door thrillers, was de keuze van het genre niet zo moeilijk. Zijn debuut uit 2011, The Shepherd, verscheen in 2015 in het Nederlands onder te titel Ik ben de nacht. Dit betekende het eerste deel van een serie over de seriemoordenaar Francis Ackerman.

Twee politieagenten worden opgeroepen omdat er een moord is gepleegd. De man die de melding gedaan heeft, is de beruchte seriemoordenaar Francis Ackerman. Op de plaats delict speelt hij, net als hij met al zijn slachtoffers doet, een spel met de agenten. Het loopt in zijn voordeel af. Oud-rechercheur Marcus Williams woont sinds kort in het plaatsje Asherton. Hij heeft er een slechte start, want na een avond uit wordt hij belaagd door een aantal mannen. Het loopt goed af, maar vanaf dat moment verloopt zijn verblijf anders dan Marcus zich vooraf had voorgesteld.

Het eerste dat aan het boek opvalt, is de vormgeving. Een zwarte omslag met dito letters en ook de zijkanten van het boek zijn zwart met daarin, in het wit, de titel en de naam van de auteur. Een originele vondst en vooral een blikvanger, zodat het boek meteen de aandacht trekt. Ook het formaat van Ik ben de nacht is enigszins afwijkend, maar dat is niet uniek. De eerste gedachte die je hebt, is dat dit wel een duistere thriller moet zijn. Maar is dat wel zo? Aan de ene kant wel, aan de andere kant ook weer niet.

In ieder geval begint het verhaal veelbelovend, het is al meteen intrigerend en zorgt voor diverse vragen. Die vragen worden gedurende de plot overigens beantwoord. De auteur weet de omgeving beeldend te beschrijven en de acties van de seriemoordenaar laten niets aan de verbeelding van de lezer over. Op sommige momenten kun je als het ware de angst van de slachtoffers voelen, maar ook de dreiging die van Ackerman uitgaat. Het is dan ook niet zo heel erg vreemd dat de hoofdstukken waarin het verhaal vanuit zijn perspectief wordt verteld de meeste spanning hebben. Cross probeert dat spanningsveld in de andere hoofdstukken wel aanwezig te laten zijn, maar dat is hem zo goed als niet gelukt. Daardoor is het niveau van het boek niet overal gelijk.

De schrijfstijl van de auteur is behoorlijk, het is toegankelijk, dus zeker niet ingewikkeld, soms komt het zelfs veel te simpel over. Dat laatste zou een verbeterpunt voor hem kunnen zijn, tenzij hij van die eenvoud zijn eigen stijl wil maken. De personages zijn over het algemeen beperkt uitgewerkt. Over Ackerman komt de lezer meer te weten, over Marcus een klein beetje en daar blijft het eigenlijk wel bij. In zijn ijver om Ik ben de nacht een daverende ontknoping te geven, laat Cross alle realiteitszin achterwege. Dat slot is, hoewel buitengewoon verrassend, veel te vergezocht en verliest daardoor alle geloofwaardigheid.

Ackerman en Williams zullen opnieuw van zich laten horen. Want de auteur laat aan het eind van het verhaal de deur op een erg grote kier staan. Cross zal er in dat vervolg goed aan doen om meer spanning in te bouwen. De seriemoordenaar is zonder meer een interessant en intrigerend personage, maar Williams zal beter ontwikkeld moeten worden. Hun onderlinge strijd, die zich ongetwijfeld zal voortzetten, kan spannender en duisterder. Als dat de auteur gaat lukken, staat hem nog een mooie toekomst te wachten. En kan Ik ben de nacht als een aardige introductie worden gezien.

Waardering: 3/5

Boekinformatie
Auteur: Ethan Cross
Titel: Ik ben de nacht

ISBN: 9789022573693
Pagina’s: 438

Eerste uitgave: 2015

Als ik doodga voor ik opsta – Emily Koch


Beschrijving
Iedereen denkt dat Alex in coma ligt en nooit meer wakker zal worden. Maar hij hoort alles wat er rondom zijn ziekenhuisbed wordt gezegd. Hij hoort dat er op zijn vriendin wordt ingepraat – ze moet hem vergeten en verder leven. Hij hoort zijn familieleden opperen dat een milde dood misschien het beste is. En dan hoort hij dat zijn noodlottige ongeluk misschien helemaal geen ongeluk was.
Alex duikt in zijn herinneringen en pijnigt zijn hersenen om te ontdekken wie de moordaanslag heeft gepleegd. Vanuit de gevangenis van zijn eigen lichaam moet hij het antwoord vinden voordat zijn behandeling wordt stopgezet, en voordat er nieuwe slachtoffers vallen. Want Alex is niet het enige doelwit…

Recensie
Al op jonge leeftijd wist Emily Koch dat ze ooit een verhaal wilde schrijven dat lezers hetzelfde plezier zou geven als de vele boeken die haar dat hebben gegeven. Toch heeft het nog jaren geduurd voordat ze deze wens kon verwezenlijken. Ze heeft eerst acht jaar als journalist bij de Bristol Post gewerkt voordat ze een cursus creatief schrijven ging volgen. Inmiddels is ze dus schrijfster geworden en geeft ze workshops in schrijven. In februari 2018 verscheen haar debuut Als ik doodga voor ik opsta. Ze heeft plannen voor een tweede boek, maar die is ze nog aan het uitwerken.

Alex Jackson is een jonge, maar ervaren bergbeklimmer. Toch raakt hij na een val in coma en belandt in het ziekenhuis. Diverse onderzoeken wijzen uit dat hij nooit meer uit die coma zal raken. Desondanks krijgt Alex alles mee wat er rond zijn ziekenhuisbed gebeurt en wat er wordt gezegd. Zo hoort hij dat er gesproken wordt over euthanasie, dat zijn vriendin verder gaat met haar leven, maar ook dat zijn val misschien geen ongeluk was. Alex denkt daarover na en wil weten wie een aanslag op zijn leven heeft gepleegd. Het probleem is alleen dat hij door zijn vegetatieve toestand niemand iets kan laten weten. Ook niet als blijkt dat er nog een slachtoffer moet vallen.

Als ik doodga voor ik opsta is een verhaal dat wordt verteld vanuit het perspectief van Alex. Op zich niet zo bijzonder, maar het originele hieraan is dat hij in coma ligt en dus niet kan communiceren. Het uitgangspunt van dit debuut van Koch is erg goed, maar daar blijft het dan in feite ook wel bij. Het verhaal kruipt namelijk voorbij en, op een enkel moment na, ontbreekt de spanning. Als daarbij ook in aanmerking genomen wordt dat verrassende plotwendingen zo goed als achterwege blijven, is het niet zo moeilijk meer om te concluderen dat het boek als thriller is mislukt. Jammer, want de auteur had er meer van kunnen maken.

Koch weet wel goed over te brengen hoe het moet voelen om in coma te liggen, alles wat om je heen gebeurt mee te krijgen, maar vervolgens geen enkele mogelijkheid hebt om duidelijk te maken wat je gedachten zijn. Dan voel je je onmachtig en deze onmacht is bij de lezer ook voelbaar. Het is jammer dat daar ook weer onrealistische gebeurtenissen tegenover staan. Want waarom kan er van alles in een ziekenhuiskamer plaatsvinden zonder dat het verplegend personeel ingrijpt? Dit komt erg onwerkelijk over.

De schrijfstijl van Koch is vlot en erg toegankelijk en daardoor is het zeker niet ingewikkeld om te lezen. Ondanks dat het misschien een wat zwaar thema heeft. Helaas heeft het boek, zoals gezegd, zo goed als geen spanning en daardoor het veel meer weg van een beetje spannende roman dan van een thriller. Dat wordt mede gevoed door de ontknoping die redelijk voorspelbaar was. De auteur heeft zeker haar best gedaan er wat van te maken, maar niet voldoende om er een uitzonderlijke thriller van te maken.

Waardering: 2/5

Boekinformatie
Auteur: Emily Koch
Titel: Als ik doodga voor ik opsta

ISBN: 9789044633207
Pagina’s: 320

Eerste uitgave: 2018

Nelleke Noordervliet wint Constantijn Huygensprijs 2018

In het radioprogramma Kunststof is donderdag 20 september 2018 bekendgemaakt dat de schrijfster Nelleke Noordervliet de winnaar is geworden van de Constantijn Huygensprijs 2018. Deze prijs, die jaarlijks wordt uitgereikt en 12.000,00 euro bedraagt, ontvangt ze voor haar hele oeuvre. De eindconclusie van de jury, die uit negen leden bestaat, is de volgende: “Uit het werk van Noordervliet spreekt steeds de actualiteit van het verleden en de historiciteit van het heden. Ze gebruikt haar aanzienlijke stilistische en vertelkwaliteiten om in literatuur iets wezenlijks te zeggen over de wereld.”

Nelleke Noordervliet werd op 6 november 1945 geboren in Rotterdam. Na haar opleiding aan het gymnasium studeerde ze Nederlands in Leiden en terwijl ze werkte volgde ze ook een studie aan de Universiteit van Utrecht, waar ze cum laude afstudeerde. Ze debuteerde in 1987 met de roman Tine of de dalen waar het leven woont, waarin de eerste vrouw van Multatuli, Everdine Douwes Dekker-van Wijnbergen het onderwerp was. Hierna schreef ze onder andere nog vele romans, novellen, verhalen en columns. Ze was tevens gastschrijver aan een aantal universiteiten. Voor haar werk heeft ze verschillende nominaties ontvangen en in 1994 ontving ze de inmiddels niet meer bestaande  Multatuliprijs voor haar roman De naam van de vader.

De prijsuitreiking van de Constantijn Huygensprijs, die al sinds 1947 wordt uitgereikt, zal op 20 januari 2019 tijdens het Schrijversfeest, de afsluiting van Winternachten internationaal literatuurfestival Den Haag, plaatsvinden.

Uitgebroed – Pat Craenbroek


Beschrijving
Verteerd door pijn en verdriet besluit Lilith van Winckel om zichzelf voor een aankomende trein te gooien. Er wordt om haar getreurd, maar niemand in haar omgeving is echt verbaasd. Nadien gaat het leven voor haar familie en vrienden verder. Al snel blijkt dat er meer aan de hand is en dat de vrouw de maanden voor haar dood een plan met verstrekkende gevolgen heeft uitgebroed.

Recensie
Toen ze nog een kind was, werd Pat(ricia) Craenbroek geprezen voor haar taalgevoel. Ze las veel en nam ook deel aan verschillende opstelwedstrijden waarvan ze er een aantal won. Het was altijd al een droom om een boek te schrijven, maar tot de zomer van 2017 was het er nooit van gekomen. Ze heeft als gerechtsarts gewerkt, maar nu werkt ze zowel in een kliniek als in het zakenleven. Haar kennis en ervaring als forensisch arts heeft ze gebruikt in haar debuutthriller Uitgebroed. Op dit moment is ze bezig met een opvolger, maar ook met een novelle.

Een aantal gebeurtenissen doen Lilith Van Winckel besluiten een eind aan haar leven te maken. Ze stort zich van een viaduct en komt voor een aanrazende goederentrein terecht. Omdat ze daarvoor al psychische problemen had, en er ook voor opgenomen is geweest, kijkt niemand hier van op. Maar voor iedereen gaat het leven door. Dan blijkt dat Lilith al ver voor haar dood een plan heeft gemaakt die verregaande gevolgen heeft.

Wat beweegt vrouwen (en mannen) om met gevangenen te corresponderen. De reden daartoe is voor iedereen verschillend. Caroline Dumoulin is een van hen en met haar begint het verhaal door middel van een proloog. Het duurt even voordat de lezer doorheeft waarom ze specifiek voor deze gevangene gekozen heeft. Gedurende de plot komt daar uiteraard steeds meer duidelijkheid over en dat zorgt ervoor dat de lezer, zeker tot net iets over de helft van het verhaal, wat dit betreft min of meer in het ongewisse blijft. Dat hierdoor de nieuwsgierigheid wordt aangewakkerd zal niemand verbazen. Overigens gaat dat ook op voor het grootste deel van Uitgebroed.

Daarnaast heeft dit debuut ook nog een aantal andere verhaallijnen. Ogenschijnlijk hebben ze niets met elkaar te maken, maar naarmate het verhaal vordert kruipen ze steeds dichter naar elkaar toe tot ze samensmelten tot één geheel. Aanvankelijk is dat nog in een rustig tempo zonder dat zich al te veel verrassingen voordoen. Dat verandert wanneer het eenmaal op gang gekomen is, dan neemt de spanning toe en daarmee ook de plotwendingen. De ontknoping is zonder meer verrassend, die kun je met de beste wil van de wereld niet zien aankomen. Het verhaal wordt afgesloten met een epiloog, deze is licht onheilspellend en sluit een herhaling van daden niet uit. Of dit gaat leiden tot een vervolg waarin sommige personages opnieuw worden opgevoerd, is daar niet concreet uit op te maken. Het kan, maar het hoeft niet.

De auteur heeft haar kennis en ervaring van de forensische geneeskunde op een ingenieuze wijze in het verhaal verwerkt. Het komt levensecht en realistisch over. Misschien zelfs wel zo goed dat het lijkt alsof het een handleiding tot de perfecte moord is. De geloofwaardigheid van het verhaal krijgt nog een extra boost door aansprekende en actuele thema’s als wraak, mishandeling, eenzaamheid en zwerfjongeren. Hierdoor kan Uitgebroed beter aangemerkt worden als psychologische thriller in plaats van een literaire, zoals het nu wordt gedaan.

Hoewel er wel wat kleinigheden op dit debuut zijn aan te merken, heeft Pat Craenbroek met Uitgebroed een origineel, vlot lopend en goed uitgewerkt verhaal met interessante en intrigerende personages geschreven. Ze bewijst hiermee dat ze kan schrijven en zo goed als zeker geen eendagsvlieg zal zijn.

(Het boek heb ik onlangs gerecenseerd voor Hebban.)

Waardering: 4/5

Boekinformatie
Auteur: Pat Craenbroek
Titel: Uitgebroed
ISBN: 9789492883230
Pagina’s: 324

Eerste uitgave: 2018

Tim MacNab zoekt kopij – Marten Toonder


Beschrijving
Op volle zee komen kapitein Sixma en journalist MacNab voor de onaangename taak te staan de moord op een van de passagiers op te lossen. Aan boord van een schip is iedereen verdacht en het lijkt slechts een kwestie van tijd tot de moordenaar in hun midden het volgende schot lost…

Recensie
Marten Toonder is vooral bekend geworden als de bedenker van Olivier (Ollie) B. Bommel en Tom Poes. Het eerste verhaal van dit roemruchte tweetal was Het geheim van de blauwe aarde (ook wel De laarzenneuzen) en verscheen voor het eerst in 1941. Hoewel hij voornamelijk strips en stripromans tekende en schreef, was niet bekend dat hij in 1937 een detectiveverhaal geschreven heeft. Dit verhaal, met als titel Tim MacNab zoekt kopij, is gevonden in het archief van het Letterkundig Museum en is in 2017 in boekvorm heruitgegeven.

De S.S. Wega, een passagiersschip, vertrekt van Rotterdam naar Montevideo en Buenos Aires. Aan boord bevindt zich een tiental passagiers. Vlak nadat het schip vertrokken is, komt kapitein Sixma voor een probleem te staan. Een van de reizigers wordt vermoord. Aan hem nu de taak om deze moord op te lossen. Daarbij biedt de journalist Tim MacNab spontaan zijn hulp aan. Al snel blijkt dat iedereen aan boord als verdachte aangemerkt kan worden. Toch is het lastig de moordenaar te ontmaskeren. Tot er een nieuwe moord plaatsvindt.

Vriendelijk. Dat is min of meer de sfeer die Tim MacNab zoekt kopij uitstraalt. De ambiance van de jaren dertig van de vorige eeuw wordt vanaf het begin van het verhaal heel goed weergegeven en ook de onderlinge communicatie is over het algemeen een en al vriendelijkheid. Het enkele ‘onvertogen’ woord dat in het verhaal voorkomt, is dermate onschuldig dat in de huidige tijd niemand hier aanstoot aan zal en kan nemen.

Bij het schrijven van dit verhaal heeft Toonder zich overduidelijk laten inspireren door Agatha Christie en Arthur Conan Doyle. Hij heeft er een onvervalste whodunnit van gemaakt, maakt zo’n beetje iedereen verdacht en laat dat aantal door middel van deductie minder worden. Misschien dat dit clichématig overkomt, en dat is waarschijnlijk ook wel zo, maar daarbij moet wel in ogenschouw genomen worden dat de auteur nog maar vijfentwintig jaar oud was toen hij dit verhaal schreef, maar vooral dat dat al meer dan vijfenzeventig jaar geleden is.

Hoewel er af en toe wel een beetje sprake van is, is de echte spanning in het verhaal te verwaarlozen. Het is een verhaal met een kop en een staart en daar tussenin wordt geprobeerd de moordenaar te ontmaskeren. En aan dat laatste doet de lezer gretig mee, want ook voor hen is het een puzzel die opgelost moet worden. Marten Toonder vond het zelf een uitprobeersel en was er niet laaiend enthousiast over, maar Tim MacNab zoekt kopij is zonder meer een geslaagd verhaal geworden.

Waardering: 4/5

Boekinformatie
Auteur: Marten Toonder
Titel: Tim MacNab zoekt kopij

ISBN: 9789079287925
Pagina’s: 144

Eerste uitgave: 2017

De val/Pech/Smithy – Friedrich Dürrenmatt


Beschrijving
In dit boek zijn drie verhalen van Friedrich Dürrenmatt gebundeld.

De val verhaalt over een zitting van een Oost-Europees politbureau, waarin de dictator ten val komt en de macht opnieuw wordt verdeeld.

In Pech is meneer Traps de hoofdpersoon. Door autopech en toeval belandt hij aan tafel met vier oude mannen, gepensioneerde gerechtsdienaren, die een proces nabootsen waarin hij de beklaagde blijkt te zijn.

Smithy is een arts die lijken opruimt voor de New Yorkse maffia. Als hij een klus weigert, werkt hij zich daarmee ernstig in de nesten.

De val, Pech en Smithy zijn verontrustende verhalen. Het onvermijdelijke noodlottige einde dient zich al in de eerste regels van elk verhaal aan, en wordt door de protagonisten op een uiterst gelaten manier aanvaard. Er is niets aan te doen.

Recensie
Hoewel hij in beginsel schilderde, is de Zwitser Friedrich Dürrenmatt vooral bekend geworden als een van de belangrijkste toneelschrijvers van de twintigste eeuw. Dit werk bestond vooral uit komedies of satires, die nogal grotesk en absurd waren, waarbij de verhaallijn overigens nooit uit het oog werd verloren. In zijn literaire werk vinden we deze satire eveneens terug, maar sociale problemen worden ook aan de kaak gesteld. Een aantal van zijn korte verhalen is gebundeld in het boek De val/Pech/Smithy, dat op 14 augustus 2018 is verschenen.

Eén auteur, drie afzonderlijke en totaal verschillende, maar korte verhalen. Dat bewijst de veelzijdigheid van Dürrenmatt. De verhalen hebben desondanks toch enkele overeenkomsten, ze hebben iets duisters, iets sinisters, en in iedere vertelling maakt de auteur gebruik van lange, soms zelfs wel erg lange, zinnen. In minimaal een van deze verhalen gaat dat ten koste van de duidelijkheid, het wordt er namelijk ingewikkelder door.

In dat verhaal, De val, gaat het over een vergadering van het Politbureau in een zo goed als zeker voormalig Oostblokland. Iedere deelnemer wordt aangeduid met een letter van het alfabet. Dit is natuurlijk symbolisch, omdat een dergelijke bijeenkomst in feite in iedere communistische staat had kunnen plaatsvinden. Toch zorgt deze keuze ervoor dat de personages niet leven bij de lezer. Ze zijn onpersoonlijk, niet meer of minder dan een willekeurig nummer. Dat is zo goed als zeker ook wat Dürrenmatt duidelijk wil maken, dat iedere functionaris in een dergelijk regime vervangbaar is, maar ook dat ze niet zeker van hun leven zijn. De angstcultuur die in die landen geheerst heeft, en in sommige zelfs opnieuw heerst, weet de auteur goed over te brengen. Het toont ook aan dat je het ene moment nog machtig bent en niet veel later diep kunt vallen.

Het tweede verhaal uit de bundel is Pech. In dit verhaal is Alfredo Traps het personage waar het vooral om draait. Na een werkdag krijgt hij autopech en vindt hij onderdak bij een oude rechter. Samen met hem en drie eveneens oude mannen bootsen ze tijdens het diner een rechtszaak na. Traps wordt ondervraagd en van moord beschuldigd. Ondanks dat het in scène is gezet, heeft dit  dramatische gevolgen. Pech is zonder meer het meest interessante van de drie, het wordt beeldend beschreven, is interessant, boeiend en maakt nieuwsgierig. Dat is vooral een gevolg van de interactie tussen de weinige personages. Hun onderlinge samenzijn en het spel dat ze spelen, zorgt ook voor een spanningsveld. Het is intrigerend dat een aantal mannen iemand zover kunnen krijgen dat hij een bekentenis doet van iets wat hij niet heeft gedaan, maar vooral dat hij er zelf nog in is gaan geloven ook.

Verhaal nummer drie, Smithy, is het kortst, maar misschien wel het meest bizar. Hoofdpersoon Smithy is iemand die lijken wegwerkt voor de maffia in New York. Een nachtelijk avontuur doet hem besluiten een opdracht te weigeren. Deze ontmoeting neemt voor hem een dramatische wending aan. Ondanks de lengte van dit verhaal heeft het een begin en een eind en is het intrigerend en boeiend. Echte spanning heeft het nergens, maar door de opzet wordt de lezer wel enigszins nieuwsgierig naar het verloop. Het verhaal laat zien dat de maffia tot in alle lagen van de maatschappij doorgedrongen is.

De kwaliteit van de drie verhalen, vakkundig vertaald door Ria van Hengel, is wisselend. Ze zijn stuk voor stuk goed geschreven, maar het ene verhaal is begrijpelijker dan het andere, ze spreken niet allemaal tot de verbeelding. Maar hoe ingewikkeld een verhaal ook lijkt, Dürrenmatt heeft wel de kwaliteit om ze kloppend te laten zijn. De bundel De val/Pech/Smithy is een alleraardigst boekje dat de liefhebber van Dürrenmatt zeker kan waarderen. Voor wie hem wil leren kennen, doet er beter aan eerst iets anders van hem te lezen.

(Het boek heb ik onlangs gerecenseerd voor Hebban.)

Waardering: 3/5

Boekinformatie
Auteur: Friedrich Dürrenmatt
Titel: De val/Pech/Smithy
ISBN: 9789025309206
Pagina’s: 149

Eerste uitgave: 2018

Mijn laatste leugen – Riley Sager


Beschrijving
Toen
Het was de eerste zomer dat Emma van huis was. In Camp Nightingale maakte ze nieuwe vrienden. Ze had het naar haar zin. Ze leerde leugens te vertellen. Toen verdwenen de drie meisjes met wie ze haar huisje deelde spoorloos in de bossen en bleef ze als enige achter.

Vijftien jaar later
Nu is Emma een gevierd kunstenaar, geplaagd door herinneringen aan die bewuste avond in het zomerkamp. Ze wordt door de kampleiding van Camp Nightingale gevraagd een zomercursus schilderen te geven. Omdat ze het verleden definitief wil verwerken besluit ze te gaan. Eenmaal aangekomen blijkt ze in hetzelfde huisje als toen te overnachten en het verandert opnieuw in een plaats delict.

Recensie
De Amerikaan Riley Sager, een pseudoniem voor Todd Rittter, schreef onder zijn eigen naam al een aantal boeken, waaronder Death notice. Hij is twintig jaar journalist, redacteur en grafisch designer geweest en is momenteel fulltime auteur. Zijn debuut, De laatste meisjes, was al meteen een bestseller en is vertaald in vijfentwintig talen. Universal Pictures heeft de rechten voor een film gekocht. Mijn laatste leugen, gebaseerd op de film Picnic at Hanging Rock, is zijn tweede thriller en is in augustus 2018 verschenen. Opmerkelijk is dat hij, ondanks dat hij schrijver is, meer om films geeft dan om boeken.

Vijftien jaar geleden verbleef de dertienjarige Emma Davis in het zomerkamp Camp Nightingale. Ze deelde er een huisje met drie oudere meisjes waarmee ze bevriend raakte, maar van wie ze ook leerde liegen. Op een nacht verdwenen ze en bleef Emma alleen achter. Nu is Emma achtentwintig en kunstenaar. Het kamp wordt nieuw leven ingeblazen en Emma wordt gevraagd om er een schildercursus te geven. Ondanks haar nare herinneringen van destijds stemt ze toe. Vooral om dat verleden achter zich te laten, maar ook om te achterhalen wat er toen gebeurd is. Ze overnacht in hetzelfde huisje, dat opnieuw het decor wordt van een verschrikking.

Waarheid en leugen. Dat is de rode draad in Mijn laatste leugen, zowel vijftien jaar geleden als in het heden. In beide tijdzones nemen de personages het niet zo nauw met de eigenschap eerlijkheid. Dat houdt niet in dat er voortdurend onwaarheden worden verteld, zeker niet, maar wel is het zo dat feiten achtergehouden worden of dat er zonder blikken of blozen gelogen wordt. Hierdoor is het, voor de personages, maar zeker ook voor de lezer, niet altijd even helder wie er écht te vertrouwen is. De meeste aanwezigen op het zomerkamp lijken een verborgen agenda te hebben en in het heden wordt een aantal van hen met wantrouwen bekeken. Soms zorgt dit voor een wat dreigende en beklemmende sfeer die goed op de lezer wordt overgebracht.

Mijn laatste leugen bestaat uit twee delen en aan ieder deel gaat, in cursief, een weergave van een droom of gedachte van de hoofdpersoon, al snel is duidelijk dat dit om Emma gaat, vooraf. De tweede zet de lezer aanvankelijk op het verkeerde been, maar het hoofdstuk dat erop volgt, maakt dat dit al snel wordt rechtgezet. Toch heeft het verhaal, vooral in het tweede deel en hoofdzakelijk veroorzaakt door de onwaarheden, een paar verrassende ontwikkelingen. Die tweede akte heeft wat meer pit dan de eerste, die niet oninteressant, maar in een over het algemeen redelijk traag tempo verloopt. Desondanks is er vanaf het begin wel degelijk een licht spanningsveld, de lezer heeft regelmatig een aantal vragen die gedurende de plot beantwoord worden. Daardoor blijft het boek zonder meer boeien.

Het bij vlagen mysterieuze verhaal heeft een originele insteek en kent een verrassende ontknoping. Er doen zich echter situaties voor waarbij je je, zonder dat het inbreuk doet aan de plot, wel kunt afvragen of dit niet anders aangepakt had kunnen worden. Ook is het op sommige momenten enigszins voorspelbaar. Want vanaf het begin kan de lezer verwachten dat de geschiedenis zich herhaalt en dat een aantal onschuldige personages onterecht verdacht worden gemaakt. Dit laatste is zelfs ietwat clichématig. Dit neemt echter niet weg dat Mijn laatste leugen een behoorlijke psychologische thriller is, vooral dankzij het tweede deel van het verhaal.

(Het boek heb ik onlangs gerecenseerd voor Hebban.)

Waardering: 3/5

Boekinformatie
Auteur: Riley Sager
Titel: Mijn laatste leugen
ISBN: 9789026341861
Pagina’s: 416

Eerste uitgave: 2018