Categorie archief: Recensies

Geluksmomenten – Clare Chambers

Flaptekst
Engeland, 1957. Jean Swinney is 39 en woont nog thuis bij haar ziekelijke moeder. Ze werkt voor de plaatselijke krant. Als Jean – als de enige vrouw op de redactie – de opdracht krijgt om de bewering van ene Gretchen Tilbury te onderzoeken dat haar dochter Margaret het gevolg is van een onbevlekte ontvangenis, leidt dat tot een verrassende wending van haar leven.

Jean raakt bevriend met Gretchen en de 10-jarige Margaret, maar ze wordt ook verliefd op Gretchens man Howard. Ze heeft eindelijk vriendschap gevonden, maar wat is de prijs die ze zal moeten betalen?

Recensie
Na haar studie Engels vertrok Clare Chambers naar Nieuw-Zeeland waar ze haar eerste roman Uncertain terms (1992) schreef. Na haar terugkeer naar Engeland heeft ze nog acht romans geschreven, waaronder het in 2022 verschenen Geluksmomenten. Voor dit boek liet ze zich inspireren door een radio-uitzending over een Duitse vrouw die medio jaren vijftig van de vorige eeuw beweerde een maagdelijke moeder te zijn. Dit gegeven leek haar fascinerend genoeg om er een roman over te schrijven.

Het is 1957 en Jean Swinney werkt als enige vrouw op de redactie van de lokale krant, de North Kent Echo. Op een redactievergadering gaat een brief rond waarin een jonge vrouw, Gretchen Tilbury, beweert dat bij de conceptie van haar dochter geen man betrokken is geweest. Jean neemt de taak op zich om hier meer over te weten te komen. Ze begint met het onderzoek, raakt bevriend met Gretchen en haar tienjarige dochter Margaret, wordt verliefd op Gretchens man Howard, waarna het leven de vier binnen korte tijd nogal verandert.

Een kort krantenbericht uit de North Echo Kent van vrijdag 6 december 1957 over een treinongeluk dat een paar dagen daarvoor plaatsvond, vormt het begin van het verhaal. Je verwacht dat de auteur hier tijdens de plot op terugkomt, maar niets is minder waar. Pas aan het eind, in het nawoord van de auteur, verwijst een afbeelding van een herinneringsplaquette opnieuw naar deze werkelijk gebeurde treinramp waarbij velen zijn omgekomen. Het eigenlijke verhaal begint in juni van datzelfde jaar en wordt de lezer gedurende een halfjaar deelgenoot gemaakt van het leven van in eerste instantie Jean, maar later ook in dat van Gretchen, Howard en Margaret.

Aanvankelijk beschrijft Chambers de gewone huis-tuin-en-keuken-dingetjes waar Swinney zich mee bezighoudt, zoals het maaien van gras, het kopen van producten voor de maaltijd en het schrijven van een brief. Misschien dat dit allemaal wat gezapig, kneuterig of saai overkomt – en wellicht is dat ook wel zo – maar op de een of andere manier boeit dit ook wel weer. Het zijn uiteindelijk huishoudelijke taken waar iedereen mee te maken krijgt, zeker in de periode waarin het verhaal zich afspeelt. Een en ander is dus behoorlijk herkenbaar. Jeans werkzaamheden bij de krant hebben echter ook een aanzienlijk aandeel, want naast al die privéperikelen heeft ze zichzelf ten doel gesteld de bewering van Gretchen te onderzoeken.

De verhaallijn over dit gestaag verlopende onderzoek heeft een heel andere strekking en is daarom op een andere manier interessant. De lezer wordt namelijk steeds nieuwsgieriger naar de ware toedracht van de conceptie, ook al heb je er een licht vermoeden van. Daarnaast zijn er diverse wendingen, wordt stukje bij beetje meer van de sluier opgelicht en daardoor ontstaat er zelfs een lichte spanningsboog. Bij haar naspeuringen ontmoet Jean diverse personages en die zijn stuk voor stuk markant, hoewel de een wel iets meer dan de ander. Ze geven, net als de protagonisten overigens, zonder twijfel kleur aan het verhaal.

Hoewel het er veel van weg heeft dat er niet zo heel veel gebeurt, gebeurt er in zekere zin wel degelijk veel. De levens van personages worden op z’n kop gegooid, allerlei onthullingen vinden plaats en blijdschap en teleurstellingen wissel elkaar af. Dit alles in een ogenschijnlijk luchtig jasje, maar omdat de auteur verschillende gevoelige thema’s in de plot heeft verwerkt, is het verhaal diepgaander dan op het eerste gezicht lijkt. Maar loodzwaar – enkele trieste en aangrijpende momenten komen wel voor – wordt het nergens en daardoor is Geluksmomenten een bijzonder toegankelijke en realistische roman.

Waardering: 4/5

Boekinformatie
Auteur: Clare Chambers
Titel: Geluksmomenten

ISBN: 9789026160295
Pagina’s: 320
Eerste uitgave: 2022

Vermist op Red River Road – Anna Downes

Flaptekst
Een jaar geleden verdween de vrijgevochten Phoebe spoorloos aan de afgelegen Coral Coast van Australië. Geen getuigen, geen aanwijzingen, geen DNA; de zaak is een cold case geworden. Haar zus Katy weigert haar zus op te geven. Met de socialmedia-accounts van haar zus als leidraad, volgt Katy Phoebes weg terug. Welke aanwijzing heeft de politie gemist? En was ze wel zo gelukkig als haar posts deden vermoeden?
Dan komt Beth op haar pad, een jonge vrouw op de vlucht voor een duister verleden, en mogelijk Katy’s enige kans de waarheid te achterhalen. De vrouwen trekken het ruige achterland in om te achterhalen wat er met Phoebe is gebeurd.

Recensie
Tijdens de coronalockdown van 2021 raakte voormalig actrice Anna Downes volledig geobsedeerd door reizen. Als gevolg van de opgelegde beperkingen was dit uiteraard niet mogelijk, dus stelde haar man voor om erover te gaan schrijven in plaats van zelf een roadtrip te ondernemen. Ze dacht hierover na, liet zich vervolgens inspireren door een werkelijke gebeurtenis waarbij twee reizigers betrokken waren en raakte geïnteresseerd in de geschiedenis van een vrouw die maar liefst drie keer spoorloos verdween. Dit alles vormde uiteindelijk de basis voor haar derde thriller Vermist op Red River Road.

Medio mei begint Phoebe Sweeney aan haar grote avontuur: een roadtrip langs de Australische kust. Een paar weken later blijkt ze te zijn verdwenen en een jaar later is niemand meer naar haar op zoek. Haar zus Katy laat het er echter niet bij zitten en volgt de sporen van Phoebe, in de hoop aanwijzingen te vinden die de politie niet ontdekt heeft. Onderweg ontmoet ze de jongere Beth, die op de vlucht is voor keuzes uit haar verleden. Ze besluiten samen verder te trekken om uit te zoeken wat Phoebe overkomen is.

Op voorhand lijkt het er misschien op dat Vermist op Red River Road een dertien in een dozijn-thriller is, want vermissing – meestal gaat het dan om een vrouw – en een zoektocht naar deze persoon zijn immers vaker de rode draad van een verhaal. Downes geeft hier echter een geheel eigen draai aan, waardoor haar nieuwste verhaal behoorlijk afwijkt van de vele andere boeken met dit thema. Ten eerste is het de setting van de plot, die zich afspeelt in het West-Australische kustgebied en daardoor een desolaatheid tentoonspreidt die regelmatig voor een enigszins beklemmend gevoel zorgt. Ook de sfeer is een bepalende factor, want bij vlagen is die nogal duister en mysterieus. Dit komt door diverse aanvankelijk nogal onverklaarbare voorvallen, maar ook door de achtergrond van met name Beth.

Het verhaal wordt voornamelijk verteld vanuit de elkaar afwisselende perspectieven van Katy en Beth, maar er zijn ook hoofdstukken waarin de vijftienjarige Wyatt de verteller is. De verhaallijn van de jongen lijkt in eerste instantie helemaal los van die van de twee vrouwen te staan, maar geleidelijk aan vloeien ze samen waarna alle losse puzzelstukjes op hun plaats gelegd kunnen worden. Deze opzet heeft tot gevolg dat je continu nieuwsgierig blijft naar wat Phoebe is overkomen, of ze nog gevonden wordt en ook wat zich in het leven van de jonge Wyatt en zijn familie heeft voorgedaan. Daarbij blikt ieder van hen zo nu en dan terug naar het verleden, waardoor het langzaamaan steeds inzichtelijker wordt wat er precies speelt.

Toch levert dit alles vooralsnog niet zo veel opwindende momenten op, maar er is wel degelijk sprake van een geladenheid die gestaag wordt opgebouwd. Voor de echte spanning heeft de lezer wat geduld nodig, maar als het eenmaal zover is, wordt hij daarvoor rijkelijk beloond. Sterk van de auteur is om de lezer voortdurend op het verkeerde been te zetten, eventuele vermoedens kunnen daardoor meteen overboord gegooid worden. Als je dan ook nog in ogenschouw neemt dat ieder personage een dubbele agenda heeft, is eigenlijk niets wat het in eerste instantie lijkt te zijn.

Wanneer uiteindelijk helder is hoe een en ander in elkaar steekt, neemt Downes er ruim de tijd voor om het verhaal af te ronden. Dit lijkt wellicht overbodig, maar is het niet, want de gegeven informatie heeft zonder meer te maken met het lot van Phoebe. Net als het uitgebreide nawoord van de auteur is dit daarom een nuttige toevoeging aan het door Frank van der Knoop vertaalde Vermist op Red River Road, waarin enkele psychologische kenmerken eveneens een belangrijke rol hebben.

(Dit boek heb ik voor Hebban gerecenseerd.)

Waardering: 4/5

Boekinformatie
Auteur: Anna Downes
Titel: Vermist op Red River Road

ISBN: 9789026174155
Pagina’s: 384

Eerste uitgave: 2024

De man met duizend gezichten – Lex Noteboom

Flaptekst
Michelle staat op het punt om met haar man Daniel en hun gezin op vakantie te gaan, als ze te horen krijgen dat Daniels tweelingbroer is verongelukt. Vigo Lechkov was de president van Kazichië en Daniel keert voor het eerst in twintig jaar terug naar zijn geboorteland om bij de begrafenis te zijn. Daar aangekomen ziet Michelle algauw dat haar man onder druk wordt gezet om zijn broer op te volgen als president. Ze wil zelf zo snel mogelijk terug naar Amsterdam, maar dat blijkt niet eenvoudig. In het oosten van de voormalige Sovjetstaat is een rebellenleider opgestaan die het volk verenigt in een opstand tegen het regime. Niemand weet wie hij is of hoe hij aan zijn middelen komt, maar hij heeft een rebellenleger achter zich en pleegt aanslagen. Terwijl de Russische geheime dienst en de CIA zich met het conflict bemoeien, en Michelle alles op alles zet om haar gezin veilig thuis te krijgen, gaat Daniel de strijd aan met de ongrijpbare rebel, die bekendstaat als de Man met Duizend Gezichten.

Recensie
Ondanks dat hij vanaf zijn kindertijd schrijft, was het voor Lex Noteboom lastig om een uitgeverij te vinden die een boek van hem wilde publiceren. Het tij keerde, want een artikel over president Assad van Syrië was voor hem de inspiratiebron voor zijn in 2023 verschenen debuutthriller De man van duizend gezichten. Dit boek trok wereldwijd al snel de aandacht en was daarom goed voor een internationale boekendeal. Op de verschijningsdatum van de thriller werd eveneens de podcast De vrouw met duizend gezichten uitgebracht en vertelt de andere kant van het verhaal.

Als Michelle en Daniel Lechkov hun vakantie naar Dubai willen beginnen, krijgen ze bericht dat Daniels tweelingbroer Vigo, president van Kazichië, door een ongeval om het leven is gekomen. In plaats van naar het oliestaatje, vertrekken ze, om de begrafenis bij te wonen, naar het Oost-Europese land. Zodra ze daar zijn aangekomen wordt Daniel onder druk gezet om zijn broer op te volgen. Michelle wil echter weer zo snel mogelijk terug naar Amsterdam. Dat wordt haar zo goed als onmogelijk gemaakt, want tijdens hun aanwezigheid breekt een opstand uit waarbij de strijd wordt aangegaan met een rebel die de Man met duizend gezichten wordt genoemd.

Na een uitgebreide proloog, die enkele vragen oproept en zonder meer interessant is, heeft het verhaal een relatief lange aanlooptijd nodig om echt op gang te komen. In die fase is het vooral informatief en laat de auteur de lezer kennismaken met enkele personages. Veel spanning moet dan nog niet verwacht worden, maar later in de plot kom je wat dit betreft volledig aan je trekken, want geleidelijk aan nemen de enerverende momenten toe en word je getrakteerd op allerlei onverwachte ontwikkelingen, actierijke scènes en gevaarlijke en beangstigende situaties. Daarnaast zijn er diverse politiek getinte intriges en speelt de almaar verdergaande progressie van kunstmatige intelligentie een belangrijke en misschien wel onrustbarende rol.

Lange tijd is het niet echt duidelijk wanneer de verschillende verhaallijnen zich exact afspelen, maar op een gegeven ogenblik wordt er een jaartal genoemd en vanaf dan heb je in gaten hoe de vork in de steel zit en valt alles op zijn plaats. Ook diverse gebeurtenissen die in sommige delen van het boek plaatsvinden, lijken op moment geheel misplaatst, maar door de opzet die Noteboom voor de plot heeft gecreëerd, kun je deze later volledig in zijn context plaatsen. Het onderlinge verband tussen al die voorvallen is knap geconstrueerd, waarbij de auteur het overzicht nergens uit het oog verliest en voor de lezer het grote geheel steeds meer zichtbaar wordt.

Het verhaal, of wellicht beter de verhalen, worden vanuit de perspectieven van verschillende personages verteld. De ene leer je beter kennen dan de ander, en ze zijn niet allemaal even uitvoerig uitgewerkt. Toch is dit geen enkel beletsel om elk van hen te kunnen plaatsen en weet je eigenlijk van zo goed als iedereen wat je eraan hebt. De enige die wat twijfel zaait, is Daniel, het is bij vlagen lastig te achterhalen wat zijn ware aard is. Dit is overigens, zoals aan het eind wel blijkt, ook precies de bedoeling van de auteur. Een van de meest interessante personen is een onbekend blijvende huurling. Deze man wekt zowel anti- als sympathie op en is ogenschijnlijk de enige die zich min of meer ontwikkelt.

De man met duizend gezichten heeft kenmerken van zowel een politieke als AI-thriller, maar biedt daarnaast nog veel meer, vooral omdat niet alles op deze twee thema’s gericht is. Het debuut van Noteboom is veelzijdig, boeiend en veelbelovend. En op de koop toe is het ook nog eens akelig actueel, in meerderlei opzicht.

Waardering: 4/5

Boekinformatie
Auteur: Lex Noteboom
Titel: De man met duizend gezichten

ISBN: 9789044932119
Pagina’s: 448
Eerste uitgave: 2023

Beschermengel – Dolores Redondo

Flaptekst
Aan de oever van een rivier wordt het dode, naakte lichaam gevonden van een meisje. Haar kleren zijn opengesneden en haar lakschoenen staan keurig naast haar gezet. Er is een seriemoordenaar aan het werk, die het voorzien heeft op jonge meisjes: Een maand eerder is eenzelfde moord gepleegd.

Inspecteur Amaia Salazar wordt op de zaak gezet. Het brengt haar naar haar geboortestreek Elizondo, waar ze zich had voorgenomen nooit meer terug te keren. Het is het hart van onopgeloste familieconflicten, wrokgevoelens en een donker geheim uit haar jeugd, dat haar voor altijd beschadigd heeft.

Recensie
Nadat Dolores Redondo haar rechtenstudie afbrak, volgde ze een studie gastronomie en werkte ze in diverse restaurants en later werd ze eigenaar van een eetgelegenheid. Haar bloed kroop echter waar het niet gaan kon, want ze besloot haar droom te verwezenlijken door te gaan schrijven. Eerst alleen korte verhalen, maar toen ze vond dat ze er klaar voor was, begon ze aan een roman. Haar grote doorbraak kwam met de in 2013 verschenen debuutthriller Beschermengel (later ook uitgebracht onder de titel Meisje in het bos), dat het eerste deel is van de Baztán-trilogie.

Aan de rand van de Baztán-rivier in Baskenland is het lichaam van een jong meisje gevonden. Haar dood komt overeen met die van een maand eerder, dus de recherche is het er al snel over eens dat er een seriemoordenaar actief is. Inspecteur Amaia Salazar krijgt de leiding van het onderzoek en daarvoor moet ze, tot haar grote ongenoegen, terug naar haar geboorteplaats Elizondo. Behalve dat de zaak veel inspanning vergt, wordt ze tevens teruggeworpen naar een traumatische ervaring uit haar jeugd, waar ze nog steeds de gevolgen van ondervindt.

Een van de kenmerken van een thriller is spanning en een auteur van dit genre maakt hier in principe dus ook gebruik van, het liefst natuurlijk zo veel mogelijk. Tijdens het schrijven van dit boek heeft Rodondo die intentie ongetwijfeld ook gehad, maar uiteindelijk is ze daar slechts mondjesmaat in geslaagd. De vondst van een jong meisje aan het begin van het verhaal, zorgt er in eerste instantie voor dat de lezer enigszins nieuwsgierig wordt gemaakt, maar in de plot blijkt dat dit een van de zeldzame ogenblikken is. Ongeveer een kwart (en mogelijk is dit zelfs nog aan de hoge kant) van dit thrillerdebuut wijdt de auteur aan de mystiek van Baskenland en vooral aan de diverse privéperikelen van hoofdpersonage Amaia Salazar en haar familie. De thrillerelementen verdwijnen hierdoor danig naar de achtergrond.

De sfeer en omstandigheden van de regio in het noorden van Spanje komen daarentegen wel vrij goed over, zowel op het klimatologische als op het mystieke vlak. Redondo maakt handig gebruik van de legenden die in dit gebied rondwaren, hoewel je deze natuurlijk met een korrel zout moet nemen en het soms nogal behoorlijk voor de hand liggend is. Toch passen die volksverhalen goed in het verhaal, want hierdoor krijgt de lezer een globaal beeld van de Baskische regio en diens mysterieuze atmosfeer en folklore. De geheimzinnigheid moet in enige mate versterkt worden door de tarotleggingen van Salazars tante, maar in feite is deze vorm van waarzeggerij nietszeggend en irrelevant voor de plot.

Hoewel de schrijfstijl van de auteur vlot en toegankelijk is, zijn er ook diverse passages die wat stroef verlopen. Op die momenten gaat ze te veel op bepaalde zaken in waardoor saaiheid op de loer ligt. Opvallend is het nogal formele taalgebruik tussen de collega’s van de recherche. Ze spreken elkaar met ‘u’ aan, terwijl elkaar tutoyeren al een aantal jaren voor verschijnen van het boek gebruikelijk was. Het verhaal bevat daarnaast nog een aantal slordigheden, waarvan sommige te wijten zijn aan de vertaling. Deze missertjes zijn overigens niet van invloed op de gebeurtenissen. Een aantal wendingen in de plot was onverwacht, maar desondanks zijn er eveneens enkele voorspelbaarheden, waaronder de identiteit van de seriemoordenaar.

Uiteindelijk eindigt de plot in een ontknoping waarin eindelijk een klein beetje actie en opwinding voorkomt. Over het geheel genomen heeft Beschermengel veel meer weg van een iets spannendere roman dan van een thriller. Omdat het boek niet heel erg vervelend was om te lezen verdient het met moeite een krappe voldoende.

Waardering: 3/5

Boekinformatie
Auteur: Dolores Redondo
Titel: Beschermgenel/Meisje in het bos

ISBN: 9789401610735
Pagina’s: 412

Eerste uitgave: 2013

Tibetaanse perziken – Carolijn Visser

Flaptekst
Na jarenlange omzwervingen arriveert Samuel van der Putte in 1730 in Tibet. Wat de Zeeuwse wereldreiziger daar heeft meegemaakt, is niet bekend; er zijn slechts enkele papiersnippers van zijn hand overgeleverd. Carolijn Visser trok naar Tibet, in de hoop iets van de informatie op te ontrafelen.Tijdens een boeddhistische ceremonie in de stad ontmoet Visser Dolma, een jonge Tibetaanse die uit ballingschap is teruggekeerd. Zij laat zien hoe de Tibetanen hun leven voortzetten in de schaduw van de Chinese bezetting. Iedereen droomt van hoe Tibet zou kunnen zijn.

Recensie
Enkele papiersnippers, waaronder één met een getekende kaart van een deel van Tibet, uit de overlevering van de achttiende-eeuwse Zeeuwse ontdekkingsreiziger Samuel van der Putte waren voor Carolijn Visser de drijfveer om diens onderneming naar dat gebied te herbeleven. Hierdoor hoopte ze meer informatie te kunnen achterhalen over het doel van die reis, maar ook over de man zelf, die vlak voor zijn overlijden opdracht gaf alle documentatie die hij tijdens zijn vele tochten had opgeschreven en verzameld te vernietigen. In haar in 2003 verschenen boek Tibetaanse perziken doet de auteur verslag van de drie reizen die ze voor dit doel naar Tibet, India en China maakte.

Op een vlotte, levendige en – voor een reisverslag kenmerkende – beeldende schrijfwijze vertelt Visser onder andere over het doel van haar naspeuringen naar de expedities die haar voormalige provinciegenoot eeuwen geleden heeft gemaakt. Natuurlijk ontkomt ze, als ze in Tibet is, niet aan de politieke situatie van dit Himalayaland, dat velen tot de verbeelding spreekt en eveneens een grote hoeveelheid sympathie oproept. Zo nu en dan valt tussen de regels door wel op te maken wat haar eigen opvattingen hierover zijn, maar een concreet en helder standpunt neemt ze echter niet in. Misschien is dit ook wel het verstandigst.

Vanzelfsprekend ontkomt de auteur er niet aan om veel aandacht aan het boeddhisme te besteden, dit is immers de religie die het grootste deel van de Tibetaanse bevolking belijdt. Interessant zijn de gesprekken die ze met een aantal Tibetanen, maar ook met een Chinese boeddhistische vrouw heeft, en met sommigen raakt ze min of meer bevriend. Een van de meest opmerkelijke ontmoetingen is die met de uit Nederland afkomstige en tot boeddhist bekeerde monnik Eugène. Ze trekt een tijdje met hem op en door wat Visser hierover opgeschreven heeft, krijgt de lezer de indruk dat deze man zijn religie intenser beleeft dan de meeste monniken; hij lijkt – in spreekwoordelijke zin – roomser te zijn dan de paus.

De buitenwereld, maar ook veel Tibetanen zelf, zijn vaak de mening toegedaan dat de Chinese overheersing het land ten nadele heeft veranderd. Tijdens haar reizen heeft Visser dit diverse keren gehoord, maar, zo blijkt uit het verslag, er zijn voldoende inwoners die er anders over denken of die er hun voordeel mee hebben gedaan. En ook zonder de inval had modernisering plaatsgevonden of zou zich prostitutie hebben voorgedaan. De auteur schroomt niet dit te vermelden, wat ook goed is, want alles heeft immers twee kanten en beide zijden horen belicht te worden.

Hoewel de naam van Van der Putte een aantal keren genoemd wordt, en hierbij zijn reis dus ook, heeft de lezer niet continu de indruk dat Visser zich in zijn voetsporen begeeft. Het lijkt vooral een reis van en voor haarzelf, maar desalniettemin wel over het traject dat haar voorganger volgde. Het is namelijk de vraag of de ontdekkingsreiziger toentertijd met veel lokale bewoners gesproken heeft. Dit neemt echter niet weg dat de onderneming van de auteur niet uitdagend is geweest. Integendeel, en daarom is Tibetaanse perziken een boeiend en interessant relaas dat ervoor zorgt dat de lezer als het ware met haar meereist.

Waardering: 4/5

Boekinformatie
Auteur: Carolijn Visser
Titel: Tibetaanse perziken

ISBN: 9789045701318
Pagina’s: 304

Eerste uitgave: 2003

Een kille rilling – Bernard Minier

Flaptekst
Een bergdorp in de Pyreneeën. Op weg naar hun werk vinden werknemers van een waterkrachtcentrale een bevroren, onthoofd paard. Politiecommandant Servaz wordt meteen op de zaak gezet. Waarom is het paard op tweeduizend meter hoogte vermoord? Is de gruwelijke verminking van het dier een waarschuwing? Wraak? En waar is het hoofd?

Als Servaz op het kadaver DNA vindt van Julian Hirtmann, een van de gevaarlijkste seriemoordenaars van Europa, roept hij de hulp in van de jonge psycholoog Diane Berg. Zij werkt in de gesloten psychiatrische inrichting waar Hirtmann vastzit. Een reeks onverklaarbare moorden volgt, waarbij al het bewijsmateriaal in Hirtmanns richting wijst. Maar hij zit opgesloten in de zwaarst beveiligde instelling ter wereld. Kan hij wel iets met de moorden te maken hebben?

Recensie
Net als veel andere auteurs heeft ook Bernard Minier zijn hele leven lang al geschreven. Hij schreef – dit waren onder andere gedichten, fantasy en strips – in eerste instantie alleen voor zichzelf, maar om zijn stijl te oefenen begon hij aan een volledig boek. Dit werd het in 2011 uitgebrachte en al meteen lovend ontvangen Glacé, dat onder de titel Een kille rilling drie jaar later in het Nederlands is verschenen. In dit eerste deel van een serie maakt politiecommandant Martin Servaz eveneens zijn debuut.

Op een van de bergen in de Pyreneeën wordt een onthoofd paard aangetroffen. Inspecteur Martin Servaz wordt met deze zaak belast. Al snel wijst DNA-onderzoek uit dat op de plaats delict speeksel van de Zwitserse seriemoordenaar Julian Hirtmann gevonden is. Hij zit echter voor de rest van zijn leven opgesloten op een gesloten afdeling van een nabij gelegen psychiatrische kliniek. Het is daarom zo goed als uitgesloten dat hij iets met de dood van het dier, of een aantal onverklaarbare moorden die vlak daarna plaatsvinden en in zijn richting wijzen, te maken heeft.

Een enigszins dreigende en nieuwsgierig makende proloog zorgt er meteen voor dat de lezer in het verhaal getrokken wordt. Niet lang daarna maakt hij kennis met inspecteur Martin Servaz, zijn collega Irène Ziegler en – in mindere mate – met psycholoog Diane Berg. Het verhaal wordt dan ook voornamelijk vanuit hun perspectieven verteld en daarom krijg je een goede indruk van deze drie personages. Servaz is echter degene die het meest in beeld komt en hem leer je derhalve het beste kennen en kun je hem kenschetsen als een rustige en ietwat in zichzelf gekeerde man, maar niettemin interessant genoeg om hem te blijven volgen. Dit alles wil overigens niet zeggen dat aan andere personen die een belangrijke rol vervullen geen aandacht wordt besteed, het is alleen een stuk minder.

Meteen in het begin geeft Minier een beschrijving van de desolaatheid van de Pyreneeën, een gebied dat hij erg goed kent omdat hij er is opgegroeid. De sfeer die er hangt, komt bijzonder goed over en de dreiging die van zo’n gebied uit kan gaan blijft voortdurend aanwezig. Hierdoor bevat de plot in feite al een continue spanning, die regelmatig versterkt wordt door de vele onheilspellende gebeurtenissen en diverse hachelijke omstandigheden. Aan het eind leidt dit tot een ongekende climax die de lezer de adem een klein beetje doet ontnemen. Voor het zover is, trakteert de auteur hem op een groot aantal onverwachte ontwikkelingen, waaronder enkele verrassende. Daarnaast zorgen de kliniek, haar medewerkers en de desolate locatie in een dal in het gebergte voor een min of meer naargeestig gevoel.

De schrijfstijl van de auteur is uitermate aangenaam, vlot en toegankelijk. Door de beeldende beschrijvingen, waarheidsgetrouwe dialogen en soms cynische ondertoon vlieg je door het boek heen. Natuurlijk heeft dit eveneens te maken met het tempo waarin het verhaal zich afspeelt, dat is namelijk overwegend hoog. Zo nu en dan kan de lezer ook een klein beetje kritiek op de Franse samenleving tussen de regels door lezen, hier lijkt Minier zijn eigen opvatting in de plot en de gebeurtenissen verwerkt te hebben. Over het algemeen is zoiets wel een mooie toevoeging aan het geheel.

Het verhaal wordt afgesloten met een licht zoetsappige en daardoor uit de toon vallende epiloog, waaruit wel op te maken valt dat Servaz nog terug zal keren (hetgeen uiteraard al helder is). Desondanks is Een kille rilling een buitengewoon sterke debuutthriller. Het is echter jammer dat zelfs de derde druk nog té veel (vertaal)fouten en slordigheden bevat.

Waardering: 4/5

Boekinformatie
Auteur: Bernard Minier
Titel: Een kille rilling

ISBN: 9789401605434
Pagina’s: 582

Eerste uitgave: 2014

Een aardig meisje – Elvin Post

Flaptekst
Megan Smit is een aardig meisje. Helaas is het leven tot nu toe niet zo aardig voor háár. Op jonge leeftijd verloor ze haar vader, ze liep haar gedroomde carrière als filmactrice mis en haar moeder wil maar niet begrijpen waarom ze een einde maakte aan de disfunctionele relatie met haar ex-vriend Rex. Wanneer Megan een nieuw appartement betrekt in Rotterdam, lijkt het leven haar eindelijk toe te lachen. Lijkt. Want nog geen vijf maanden later ligt haar buurman dood in het trappenhuis en wordt ze beschuldigd van moord. Is Megan onschuldig, zoals ze beweert, of liegt ze en is ze opgehouden een aardig meisje te zijn?

Recensie
Vroeger heeft Elvin Post nooit de ambitie gehad om schrijver te worden – voetballer zijn was zijn grote droom – maar in Manhattan, waar hij voor de agent van onder anderen Stephen King heeft gewerkt, ontdekte hij dat het schrijven van boeken ook wel heel erg leuk is. Hij ging aan de slag en dit leidde tot zijn in 2004 verschenen debuut Goede vrijdag. Inmiddels heeft hij diverse thrillers en één young adult op zijn naam staan, waaronder zijn nieuwste werk Een aardig meisje, dat in oktober 2024 wordt uitgebracht.

Nadat Megan Smit haar vriend Rex heeft verlaten, betrekt ze een appartement in de Rotterdamse wijk Schiebroek. Ze heeft er zin in en ziet de toekomst rooskleurig in, vooral omdat ze blij is uit haar danig verstoorde relatie bevrijd te zijn. Ze leert haar buren kennen en sluit vriendschap met overbuurvrouw Sharon. Vijf maanden later slaat het noodlot toe, want op een decemberdag wordt de man van haar vriendin dood in het trappenhuis gevonden en Megan ervan beschuldigd hem vermoord te hebben. Megan beweert onschuldig te zijn. Liegt ze hierover of is ze echt het aardige meisje waar iedereen haar voor houdt?

De beginfase, die bestaat uit een korte proloog en een 112-melding, zorgt ervoor dat de lezer enigszins nieuwsgierig wordt naar de aanleiding van de oproep naar dit alarmnummer en tevens met een enkele vraag komt te zitten. Heel opwindend zijn die eerste ogenblikken niet en later zal blijken dat de plot sowieso niet veel spanning bevat. Het enige dat daar redelijk dichtbij in de buurt komt, zijn de onderlinge verhoudingen tussen enkele bewoners van de portiekwoningen. Intriges, onenigheden en verstoorde verhoudingen voeren in feite de boventoon. Geen kenmerken die expliciet bij een thriller horen, maar er wel voor kunnen zorgen dat een boek uit dat genre wel of niet spannend is. In dit geval is het laatste van toepassing.

Omdat de gebeurtenissen worden verteld vanuit verschillende wisselende perspectieven krijg je een goed beeld van wat er bij de bewoners leeft en speelt, en heb je tevens een goede indruk van hoe ieder van hen in elkaar steekt. Stukje bij beetje licht de auteur een klein stukje van de sluier op zodat de lezer geleidelijk aan te weten komt wat uiteindelijk tot de dood van een van de bewoners heeft geleid. Van de diverse verhaallijnen is er één die min of meer uit de toon valt, die ogenschijnlijk veel minder met de andere te maken heeft. Ondanks dat Post er wel alles aan doet om een aantal verdachten op te voeren, heeft een ervaren thrillerlezer toch al vrij snel in de gaten wie de dader is en eveneens hoe de vork exact in de steel zit. Aan het eind blijkt hij het dus helemaal bij het rechte eind te hebben.

De schrijfstijl van de auteur is bijzonder vlot, eigentijds en toegankelijk. Dialogen zijn over het algemeen realistisch en de meeste omstandigheden zijn uit het echte leven gegrepen. Sommige dingen liggen er echter iets te dik bovenop en komen daardoor onwerkelijk over. Maar, en dat moet wel benadrukt worden, het is niet onmogelijk dat ze niet kunnen voorkomen. Post heeft het verhaal over het algemeen prima opgebouwd, maar het aantal plotwendingen is nogal beperkt. Veel is voor de hand liggend en verrassingen zijn behoorlijk schaars. Een leuke vondst is het eind van het verhaal, waarin een van de onderzoekende rechercheurs op een ludieke manier te horen krijgt wat er daadwerkelijk gebeurd is.

Al met al is Een aardig meisje een onderhoudend boek dat het midden houdt tussen een tamme thriller en een wat spanning bevattende roman en niets wegheeft van een onvervalste pageturner.

(Met dank aan Ambo|Anthos voor het beschikbaarstellen van een vooruitleesexemplaar.)

Waardering: 3/5

Boekinformatie
Auteur: Elvin Post
Titel: Een aardig meisje

ISBN: 9789026362583
Pagina’s: 320

Eerste uitgave: 2024

De fiets, de fiets – Thijs Zonneveld

Flaptekst
Nederlandse wielrenners dit jaar zijn dominanter dan ze jaren geweest zijn. Mathieu van der Poel wint alle superprestige crossen én het Wereldkampioenschap, de mannen en vrouwen op de baan domineren het WK met maar liefst zes titels en ook op de weg zijn Wout Poels, Tom Dumoulin, Steven Kruijswijk en Niki Terpstra coureurs die om de prijzen rijden. Om van de hegemonie van Anna van der Breggen, Chantal Blaak en Annemiek van Vleuten nog maar te zwijgen. Gouden tijden voor de wielerjournalistiek, kortom. Thijs Zonneveld is bevoorrecht om hen van dichtbij te zien presteren en te vertellen over de ongekende klasse van de huidige wielergeneratie.

Recensie
Oud-wielrenner Thijs Zonneveld is, hoewel hij een juridische opleiding gevolgd heeft, al jarenlang journalist, columnist bij het Algemeen Dagblad en andere nieuwsmedia en tevens auteur van diverse boeken. Een aantal van zijn columns zijn in 2019 samengebracht in het in dat jaar verschenen De fiets, de fiets (en nog veel meer sportverhalen).

Gezien de achtergrond van de auteur bestaat het merendeel van de stukjes in deze bundel uit overwegend korte verhaaltjes en anekdotes over de wielersport. Daarnaast komen ook sporten als voetbal en schaatsen aan bod, en aan de destijds nogal overtrokken hype rond F1-coureur Max Verstappen wordt eveneens enige aandacht besteed. Zonneveld punt in zijn columns deels uit eigen ervaringen en herinneringen, maar tevens hoe hij tegen bepaalde zaken aankijkt. Soms valt tussen de regels zijn mening door te lezen, zoals bijvoorbeeld het in de wielrennerij veelvuldig toegepaste dopinggebruik.

In een bijzonder vlotte en toegankelijke schrijfstijl, met zo nu en dan een humoristische, kritische of cynische ondertoon, laat de auteur de lezer de diverse columns (her)beleven. Omdat het natuurlijk uitsluitend oudere schrijfsels betreft, zijn ze wel enigszins gedateerd – iets dat overigens voor de meeste gebundelde columns geldt – aardig voor het moment dat ze in een krant of tijdschrift geplaatst zijn, maar van blijvende waarde zijn ze echter niet. Uiteraard is dit geen enkel probleem, want de stukjes zijn leuk om te lezen. Het merendeel daarvan is redelijk oppervlakkig, wat in principe helemaal niet erg is. Toch zijn er een paar hoofdstukken die iets meer diepgang hebben, vooral omdat ze over het overlijden van een sporter gaan. Zonneveld gaat hier op een correcte en juiste manier mee om.

Al met al is De fiets, de fiets een boekje dat lekker vlot wegleest, maar waarvan over het algemeen niet zo heel erg veel blijft hangen. Eigenlijk een prima en prettig leesbaar tussendoortje.

Waardering: 3/5

Boekinformatie
Auteur: Thijs Zonneveld
Titel: De fiets, de fiets (en nog veel meer sportverhalen)

ISBN: 9789048850396
Pagina’s: 192

Eerste uitgave: 2019

In haar voetsporen – Anna E. Wahlgren

Flaptekst
Jill en Isabelle zijn halfzussen. Isabelle heeft het altijd als haar plicht gezien om haar zusje tegen alles te beschermen, terwijl Jill Isabelle wil steunen in haar chaotische leven. En dan verdwijnt Isabelle spoorloos. Volgens de politie wijst alles erop dat Isabelle vrijwillig is vertrokken, maar Jill weigert dit te geloven. Ze weet dat Isabelle geobsedeerd is door true crime en de verdwijning van een jonge vrouw in haar geboorteplaats Gävle onderzocht. Zou ze iets op het spoor zijn? Jill begint haar eigen onderzoek, wat haar leidt naar een gezin dat haar zowel intrigeert als beangstigt. Ze raakt steeds verder verstrikt in een labyrint – ontsnappen lijkt onmogelijk. In haar voetsporen is een psychologische thriller over familiebanden, over een gezin dat uiteenvalt en over het ophouden van een perfecte façade.

Recensie
Met een achtergrond als apotheker en chemisch systeemingenieur zou je niet denken dat Anna E. Wahlgren bijzonder geïnteresseerd is in de psychologie. Toch is dit zo, want toen ze in 2013 besloot om haar eerste boek (Skuggan av henne, 2016) te schrijven – ze heeft er nooit aan getwijfeld dat dit een thriller zou zijn – wist ze dat deze wetenschap hier een aanzienlijke rol in zou spelen. Hier is ze nooit meer van afgeweken, dus ook in In haar voetsporen (2024), haar eerste in het Nederlands vertaalde werk, zijn de psychologische aspecten volop aanwezig.

Hoewel Jill en Isabelle halfzussen zijn, zijn ze zo goed als onafscheidelijk en ondersteunen ze elkaar door dik en dun. Op een dag blijkt Isabelle plotseling te zijn verdwenen en ondanks dat de politie ervan overtuigd is dat ze vrijwillig is vertrokken, heeft Jill daar haar twijfels over. Omdat haar oudere zus zich de laatste tijd erg veel met true crime heeft beziggehouden, denkt Jill dat dit weleens de reden voor haar verdwijning kan zijn. Ze begint haar eigen onderzoek en sluit vriendschap met een gezin dat haar zowel fascineert als verstikt.

Eén woord aan het eind van de behoorlijk lange proloog, waarin protagonist Jill heel summier geïntroduceerd wordt en waaruit haar paniek en wanhoop na de vermissing van Isabelle miniem voelbaar is, zorgt voor een klein beetje nieuwsgierigheid. Deze emotie krijgt, op enkele momenten na, geen passend vervolg, want de diverse gebeurtenissen zijn over het algemeen allemaal nogal voor de hand liggend, ofschoon je niet alles ruim van tevoren ziet aankomen. Desondanks bevat het verhaal wel degelijk een aantal voorspelbaarheden, waaronder de identiteit van degene die verantwoordelijk is voor de vermissing van een jonge vrouw een paar jaar eerder. De auteur doet wel verwoede pogingen om de lezer regelmatig te verrassen met verschillende door haar beoogde wendingen, maar slaagt daar vanwege de al benoemde punten zo goed als nergens in.

Omdat de plot voornamelijk vanuit het perspectief van Jill wordt verteld – er zijn ook enkele hoofdstukken waarin Isabelle aan het woord is en waaruit afgeleid kan worden wat met haar gebeurd is – krijg je een vrij goed beeld van haar, overigens zonder dat er uitvoerig op haar en haar leven wordt ingegaan. In ieder geval krijg je de indruk dat ze bij vlagen nogal naïef en goedgelovig is, zonder erover na te denken tot actie overgaat en dat ze de gevolgen van haar impulsiviteit niet overziet. De andere personages – het zijn er niet zo heel erg veel – krijgen minder aandacht, maar voldoende om hen enigszins in te kunnen schatten. Een aantal van hen wordt door Wahlgren in kwaad daglicht gesteld, waardoor de lezer zich aanvankelijk afvraagt wie wel of niet te vertrouwen is. Deze goed gekozen techniek werkte, totdat ruim voor de ontknoping helder was hoe de vork precies in de steel zit.

De schrijfstijl van de auteur is over de hele linie toegankelijk, eigentijds en varieert van levendig tot beschrijvend. Hierdoor heb je niet overal een gevoel bij. Vooral in de beginfase springt de auteur plotseling van het heden naar het verleden én van de ene scène naar de andere, de structuur lijkt op die momenten ietwat zoek te zijn. In de loop van de plot verandert dit ten goede en kunnen de diverse situaties beter geplaatst worden. Ondanks enkele licht beklemmende en beangstigende omstandigheden, is de spanning ondermaats. Er gebeurt gewoonweg te weinig om de lezer omver te blazen en de psychologische aspecten waar de auteur patent op heeft, komen vrijwel niet uit de verf.

Het achterliggende idee van In haar voetsporen, waarvan de vertaling in handen lag van Erica Weeda, is niet helemaal origineel, maar evenmin erg slecht. Over het geheel genomen is dit echter een matige thriller die bepaald niet boven de middelmaat uitstijgt en weinig indruk maakt.

 

(Dit boek heb ik voor Hebban gerecenseerd.)

Waardering: 2/5

Boekinformatie
Auteur: Anna E. Wahlgren
Titel: In haar voetsporen

ISBN: 9789026367380
Pagina’s: 368

Eerste uitgave: 2024

Vluchtheuvel – Lidewey van Noord

Flaptekst
Aan de rand van een dorpje in de heuvels in Italië staat een wit huis. De wilde natuur aan de ene kant, het pittoreske dorp met zijn karakteristieke inwoners aan de andere kant. Voor Lidewey van Noord was die plek jarenlang een rustpunt in een leven vol avontuur. Maar nu long covid haar leven heeft vertraagd, doet de rust verdacht veel denken aan isolement. Gedurende twaalf maanden volgen we haar pogingen om zich thuis te voelen op de plek waar ze al jaren woont. We leren het landschap kennen en de inwoners van het dorp, die het wat zorgelijk vinden, zo’n alleenstaande straniera van achter in de dertig die niet kan koken. Maar bovenal reflecteert Van Noord op scherpe en nietsontziende wijze op zichzelf en haar eigen keuzes. Want wat doet ze in hemelsnaam in haar eentje op zo’n afgelegen plek? En waarom wil het bij haar maar niet lukken in de liefde?

Recensie
Freelance journalist en redacteur Lidewey van Noord debuteerde in 2016 als auteur met Pellegrina, waarin de wielersport, waarover ze hierna diverse andere boeken geschreven heeft, een belangrijke rol speelt. Haar hele leven heeft ze eveneens al een sterke band met de natuur – ze wilde vroeger altijd boerin worden – en daarom komt dit thema komt in het meeste van haar andere werk voor. Ook in haar nieuwste publicatie Vluchtheuvel (2024) komt dit onderwerp ruimschoots aan bod, waarbij ze zich dan vooral richt op de schoonheid ervan en zonder iemand proberen te overtuigen van haar opvattingen hierover.

Het boek is namelijk veel meer, want het is tevens een globale weergave van Van Noords leven in een klein bergdorpje in het noorden van Italië, waar ze jarenlang heeft gewoond en in die periode min of meer als haar thuis is gaan beschouwen. Ze heeft er vriendschappen gesloten, maar ook kennisgemaakt met een aantal andere inwoners van het stadje. De auteur heeft er mooie momenten meegemaakt, maar eveneens minder fijne dagen, soms zelfs weken, gehad, veelal als gevolg van long covid, waardoor ze regelmatig aan huis gekluisterd zat en haar beperkte energieniveau haar danig parten speelde.

Haar ziekte en verminderde vitaliteit zijn uiteraard van invloed geweest over hoe ze haar dagen doorbracht, maar Van Noord legt hier in haar boek niet voortdurende de nadruk op. Ze doet dit heel gedoseerd en daarom is haar verhaal absoluut geen klaagzang op die voor haar moeilijke omstandigheden. Natuurlijk komen haar gevoelens hierbij wel naar voren, maar die hebben niet allemaal betrekking op haar ongemak. Want ook over kleine ergernissen aan/over anderen, waaronder Filippo, een Italiaanse vriend, is ze openhartig. Soms stelt de auteur zich zelfs enigszins kwetsbaar op. Hierdoor kunnen veel situaties voor de lezer erg herkenbaar zijn.

Toch beschrijft Van Noord over het algemeen de mooie dingen die ze meemaakt en ziet. Dit zitten hem bijvoorbeeld in kleine details als een prachtig bloempje langs de kant van de weg, een vogel op haar balkon of het opkomen van een tomatenplantje. De schoonheid hiervan wordt liefdevol beschreven en laat zien dat ze enorm om de natuur geeft. De auteur kan hier welhaast lyrisch over vertellen, en veelvuldig heb je als lezer het gevoel dat je naast haar staat, ze zich tot jou persoonlijk richt en je ook nog eens ziet wat zij allemaal ziet. Kortom, haar schrijfstijl is derhalve bijzonder beeldend en invoelend.

Van Noord heeft in het jaar waarover ze in haar boek vertelt vrij veel nagedacht. Over haar verstandhouding met de al eerder genoemde Filippo, over haar zelfgekozen afzondering, over gesloten vriendschappen en over nog heel veel meer. Dit heeft tot bepaalde en soms moeilijke keuzes geleid, waar ze, vooral aan het eind van haar boek, de nodige aandacht aan besteedt en die iedereen wel bekend kunnen of zullen voorkomen. Het dubbele gevoel dat de auteur uiteindelijk krijgt over een lastige beslissing is voor de lezer eveneens voelbaar, dus begrijp je helemaal voor welk dilemma ze is komen te staan.

Behalve dat Vluchtheuvel een kijkje in een periode uit het leven van de auteur geeft en waarin ze haar ziel een klein beetje blootlegt, kan het boek ook gezien worden als een ode aan de natuur en de pracht en grootsheid daarvan. Dit heeft ze op een boeiende manier gedaan, waardoor zowel het boek als de wederwaardigheden van Van Noord aansprekend en intrigerend zijn.

(Met dank aan Atlas Contact/De Club van Echte Lezers voor het beschikbaar stellen van een recensie-exemplaar.)

Waardering: 4/5

Boekinformatie
Auteur: Lidewey van Noord
Titel: Vluchtheuvel

ISBN: 9789045046419
Pagina’s: 280

Eerste uitgave: 2024