Transit – Hella S. Haasse

Flaptekst
Xenia, achttien jaar, heeft een tijd door Europa gezworven en komt aan op het Centraal Station van Amsterdam. Iks (zoals ze zichzelf noemt) hoopt onderdak te vinden bij haar vrienden Alma en Daan, die ze voor haar rondzwervingen achterliet in de stad. Die hoop wordt al snel de bodem in geslagen. Ze treft Daan aan in de meest deplorabele en desolate toestand waarin een zwerver zich kan bevinden, en haar speurtocht naar Alma loopt op niets uit. Alleen een toevallige samenloop van omstandigheden, waarbij ze de oude Cluysman ontmoet, een teruggetrokken intellectueel, voorkomt dat zij zelf op straat moet leven.

Recensie
Hella S. Haasse is een van de meest bekende auteurs van Nederland en heeft een groot aantal prijzen gewonnen. Haar eerste roman Kleren maken de vrouw verscheen in 1947 en een jaar later schreef ze met Oeroeg haar eerste Boekenweekgeschenk, wat tevens een van haar bekendste boeken is. Een ander geschenkboek van haar hand is Transit, dat op de eerste dag van de Boekenweek 1994 werd uitgebracht. In 2023 werd ze op Hebban in een niet officiële verkiezing verkozen als een van de schrijfsters die tot de vrouwelijke Grote Drie zouden moeten behoren.

Nadat ze een paar jaar door Europa heeft gezworven, keert de achttienjarige Iks Westervliet terug naar Amsterdam, waar ze altijd gewoond heeft. Zodra ze het Centraal Station verlaten heeft, ziet ze een van haar vroegere vrienden, Daan, in erbarmelijke staat op straat staan en haar hoop om onderdak te krijgen bij haar vriendin Alma wordt snel de grond ingeboord, omdat niemand weet waar ze is. Iks is nu bang om zelf op straat terecht te komen, maar de vondst van een sleutelbos en haar ontmoeting met de op hoge leeftijd zijnde intellectueel Arnold Cruysman verandert alles.

Dit korte verhaal wordt zo goed als volledig verteld vanuit het perspectief van Iks (Xenia) Westervliet, maar er is tevens een belangrijke rol weggelegd voor voormalig professor Arnold Cruysman. De relatie tussen beide personages loopt aanvankelijk nog wat stroef, maar aan de andere kant is de barricade die tussen hen bestaat snel opgeruimd. Natuurlijk is het niet zo heel erg vreemd dat ze enigszins sceptisch tegenover elkaar staan, want vóór hun plotselinge en onverwachte ontmoeting kenden ze elkaar niet. Ze raken echter al gauw aan elkaar gewend, hun verstandhouding gaat er zienderogen op vooruit en ze steken vervolgens ook nog wat van elkaar op waardoor ze anders tegen bepaalde opvattingen gaan aankijken.

Hoewel er geen jaartal wordt genoemd, is het duidelijk dat Transit zich aan het begin van de jaren negentig van de vorige eeuw afspeelt. Dit uit zich onder andere door de beschrijving van kleding, maar ook door enkele geschetste omstandigheden. Denk hierbij onder andere aan rondzwervende verslaafden of de rolluiken die winkels tegen inbraken en vandalisme moesten beschermen. Toch is dit geen gedateerd verhaal, want veel van dergelijke situaties komen nog steeds voor, het boekje toont hiermee aan dat wat destijds gebeurde nog steeds actueel is. Met enkele ooit door Cruysman gemaakte aantekeningen laat de auteur zelfs zien dat haar personage, op het moment dat hij zijn notities maakte, over toekomstvisie beschikte. Hierin heeft hij het over geweld en oorlog en iedereen die de huidige media volgt, kan zien en lezen dat de wereld daar op dit moment onder gebukt gaat.

De schrijfstijl van Haasse is overwegend toegankelijk en zonder meer beeldend. Vanaf het begin wordt de lezer nieuwsgierig gemaakt naar het pad dat Iks gaat volgen, of het haar lukt om Daan weer mens te laten worden en of ze Alma nog weet te vinden. Uiteindelijk slaagt ze ten dele in haar missie en ondanks dat je aan het eind weet wat er met iedereen gebeurd is of wat ze momenteel doen, blijven er nog wel een paar vragen openstaan. Van sommige personages wil je namelijk wel meer te weten komen, het verhaal lijkt hierdoor enigszins onaf. Waarschijnlijk is dit ook de precies de bedoeling van de auteur, want in transit suggereert – zoals aan het eind van het boek door een automobilist wordt opgemerkt – dat je op doorreis bent. En dat is exact wat Iks in feite doet en daardoor heeft ze er geen behoefte aan om achterom te kijken of om meer over anderen te weten te komen.

Voor een boekje van deze omvang – het is immers niet eenvoudig om in een beperkt aantal woorden een volledig en goed verhaal te vertellen – heeft Haasse prima werk geleverd. Transit is van begin tot eind interessant en boeiend en geeft ook nog eens een boodschap af.

Waardering: 4/5

Boekinformatie
Auteur: Hella S. Haasse
Titel: Transit

ISBN: 9074336086
Pagina’s: 92

Eerste uitgave: 1994

Amerika, Amerika – Marieke de Vries

Flaptekst
In Amerika Amerika geeft NOS-correspondent Marieke de Vries een unieke kijk achter de schermen van haar werk als correspondent in de Verenigde Staten.

In aanloop naar de verkiezingen blikt ze terug op grote gebeurtenissen die het nieuws in Amerika beheersten: de verder toenemende polarisatie tijdens de pandemie, de massale protesten van de Black Lives Matter-beweging na de tragische dood van George Floyd, de tumultueuze verkiezingen en de weigering van een president zich bij de uitslag neer te leggen, de bestorming van het Capitool, de sobere inauguratie van Joe Biden in een zwaar belegerd Washington en de vervolging van Donald Trump.

Amerika Amerika biedt zowel een kijkje in het ongewone leven van een buitenlandverslaggever, de blik van een insider op Amerika in aanloop naar de presidentsverkiezingen op 5 november 2024. Daarnaast toont dit boek de mens achter de liberale en conservatieve stemmers in het diep verdeelde land van de onbegrensde mogelijkheden.

Recensie
Marieke de Vries werkt sinds 1 april 2019 in de Verenigde Staten als verslaggever voor het NOS Journaal en daardoor ziet en hoort ze natuurlijk erg veel, maar het meeste daarvan past niet in de diverse nieuwsbulletins. Haar uitgever kwam op een dag met het voorstel om deze verhalen op te schrijven en ze vervolgens als boek uit te brengen. Dit leidde er uiteindelijk toe dat in september 2024 Amerika, Amerika verscheen, waarin niet alleen talloze inwoners van de grootmacht aan het woord komen, maar dat eveneens laat zien wat het werk van een correspondent inhoudt.

‘Woon je echt in D.C.?’ Deze ogenschijnlijk heel gewone vraag die De Vries, woonachtig in Washington, regelmatig te horen krijgt, is niet zo onschuldig als hij in eerste instantie lijkt. De hoofdstad van de VS, zo blijkt aan het begin van het boek, staat voor Trump-aanhangers namelijk synoniem voor corruptie, smerige politieke spelletjes en een onaangename herinnering aan 6 januari 2021 (de bestorming van Het Capitool). Uit de vele veelal korte gesprekken die de auteur gevoerd heeft, komen deze onderwerpen vaak naar voren en voor een grote groep Republikeinen zijn dat argumenten om te willen terugkeren naar het Amerika van de jaren vijftig van de vorige eeuw. De Democraten denken hier uiteraard heel anders over en, ondanks dat vooral de conservatieve Amerikaan aan het woord komt, laat De Vries toch zien dat de tegenstellingen in het land groter zijn dan ooit. Maar, zo valt te lezen, zijn er ook steeds meer tegengeluiden te horen. Veel jongeren zijn anders over bepaalde zaken gaan denken en willen daarom een tolerantere samenleving, waarin afwijkende meningen en uitingen geaccepteerd worden.

De onderwerpen en gebeurtenissen die in Amerika, Amerika ter sprake komen, zijn natuurlijk ook al door de diverse media naar buiten gebracht, maar het verschil is dat De Vries er een iets andere draai aan geeft. De verhalen zijn persoonlijker – aan verschillende meningen wordt ruimte gegeven – en de lezer krijgt in grote lijnen mee wat een verslaggever moet doen om bovenop het nieuws te zitten en daar vervolgens te blijven zitten. Zo bevonden de auteur en haar team zich op die bewuste zesde januari, ondanks de waarschuwende opmerking van niemand minder dan Steve Bannon in september van het jaar ervoor om de hoofdstad te mijden, wel degelijk in Washington D.C. om verslag te doen van wat zich die dag allemaal voordeed, maar tevens om korte interviewtjes met het publiek te houden.

Hoewel de gesprekjes over het algemeen niet bijzonder uitvoerig op allerlei zaken ingaan, krijgt de lezer zonder meer een goede indruk van wat er bij de Amerikaanse bevolking leeft. De geïnterviewden komen meteen ter zake en draaien nergens om heen. Soms is hun verontwaardiging bij wijze van spreken te proeven en heb je te doen met mensen die vertellen over hun schrijnende omstandigheden. Een enkele keer sla je spreekwoordelijk steil achterover als je leest dat kogels en contant geld zijn uitgedeeld om mensen te bewegen zich tijdens de coronapandemie te laten vaccineren. Uit dergelijke voorbeelden, maar ook uit de besluitvorming die de afzonderlijke staten zelf kunnen nemen, valt op te maken dat Amerika, ongeacht welke partij de regering vormt, nog immer een land van uitersten is.

Amerika, Amerika, waarin ieder hoofdstuk voorafgegaan wordt door een foto van een daarin besproken thema, kan deels beschouwd worden als een autobiografie, maar is daarnaast eveneens een globale weergave van de politieke situatie in de VS vanaf het moment dat Trump in beeld kwam. De Vries laat, zonder een eigen standpunt in te nemen, zowel de Democraat als de Republikein aan het woord, beschrijft hoe zij over belangrijke onderwerpen denken en ook dat velen in onwaarheden en complottheorieën geloven. Daarom geeft het boek een goede en boeiende impressie van wat ooit het land van de onbegrensde mogelijkheden werd genoemd.

 

(Dit boek heb ik voor Hebban gerecenseerd.)

Waardering: 4/5

Boekinformatie
Auteur: Marieke de Vries
Titel: Amerika, Amerika

ISBN: 9789026366246
Pagina’s: 256

Eerste uitgave: 2024

Himalaya – Michael Palin

Flaptekst
Michael Palins epische reizen hebben hem in alle uithoeken van de wereld gebracht. Hij reisde van de noord- naar de zuidpool, doorkruiste alle landen rond de Grote Oceaan en stak de Sahara-woestijn over. Zijn zesde reis, door het uitgestrekte en meedogenloze Himalaya-gebergte, is ook nu weer vol avontuur, mysterie en uitdaging. Er is sowieso geen gemakkelijk manier om dit te doen en Michael Palin maakt het zichzelf niet eenvoudig.

Recensie
Michael Palin is niet alleen bekend van Monty Python’s Flying Circus en diverse films waarin hij als acteur speelde, maar vanaf 1980 eveneens van de vele reisprogramma’s die hij voor de Britse omroep BBC maakte. Hij wordt daarom ook wel beschouwd als een wereldreiziger. Zijn reizen en programma’s veroorzaakten een massale toename van het toerisme (het Palin-effect). Van al zijn rondzwervingen over de wereld hield hij dagboeken bij, die alle in boekvorm zijn uitgebracht. Hieronder het in 2004 verschenen Himalaya, waarin hij beschrijft hoe zijn van 12 mei 2003 tot en met 7 april 2004 onderneming door diverse landen rondom het gelijknamige hooggebergte in het midden van Azië verlopen is.

In een tijdsbestek van elf maanden reist Palin, samen met zijn productieteam van de BBC – er werden tegelijkertijd opnamen gemaakt voor een reisprogramma – door gebieden in Pakistan, Noordwest-India, Nepal, Tibet, China, Nagaland en Assam, Bhutan en Bangladesh, waar de reis eindigde. Zoals een goed reisdagboek betaamt, geeft de auteur een heldere beschrijving van de desbetreffende reisdag. De ene keer is dit beknopt, de andere keer een stuk uitgebreider, al naar gelang wat hij die dag heeft meegemaakt. Vaak geeft hij beknopte (achtergrond)informatie over een land, een gebeid, een plaats, een gebouw of een bezienswaardigheid. Deze kennis is zonder meer van toegevoegde waarde en is bijzonder lezenswaardig.

Vanzelfsprekend heeft Palin ontmoetingen en gesprekken met diverse lokale bewoners en hier geeft hij een ongetwijfeld globale weergave van. De lezer kan zich echter niet aan de indruk onttrekken dat veel, zo niet de meeste, van deze afspraken al vooraf geregeld zijn. Soms moet dit ook wel, zoals bijvoorbeeld zijn onderhoud met de Dalai Lama, maar van spontaniteit is dan eigenlijk geen sprake meer. Desondanks zijn al die conversaties absoluut interessant, want hierdoor kom je weer wat meer te weten over bepaalde zaken. Hoewel je niet van een gemiste kans kunt spreken, is het jammer dat een babbeltje met ‘de gewone man’ zo goed als niet in het boek voorkomt, want over het algemeen is zoiets uitermate boeiend.

Het verslag van de rondreis is zeer toegankelijk en helder geschreven, zelfs zodanig dat het er vaak op lijkt dat je zelf met de auteur meereist. Natuurlijk ontbreekt een humoristische ondertoon evenmin, maar heel gepast en beslist met mate. Verder is de auteur erg open en schroomt hij niet te vertellen over problemen, ziektes, angsten en andere ongemakken waarmee hij en zijn team te maken krijgen. Het hoort er immers allemaal bij. Tijdens de reis heeft Palin veel te horen gekregen, zoals misstanden en politieke situaties, maar hierover neemt hij geen standpunt in. Hij vermeldt dit in het boek en daar blijft het bij. Misschien is dat tactisch gezien ook wel de beste keuze.

De vele belevenissen van de auteur worden begeleid met een grote hoeveelheid schitterende foto’s van fotograaf Basil Pao. Deze versterken de indruk die je van de gebieden en landen krijgt en zijn daarom sfeerverhogend. Niettemin is het opvallend dat Palin op behoorlijk wat foto’s afgebeeld staat, vast en zeker omdat het om zijn boek over deze prachtige, maar vermoeiende reis gaat. Dit feit neemt echter niet weg dat Himalaya een fascinerend verslag is van een geweldig mooi avontuur.

Waardering: 4/5

Boekinformatie
Auteur: Michael Palin
Titel: Himalaya

ISBN: 9789076341897
Pagina’s: 288 (gebonden uitgave)
Eerste uitgave: 2004

Geluksmomenten – Clare Chambers

Flaptekst
Engeland, 1957. Jean Swinney is 39 en woont nog thuis bij haar ziekelijke moeder. Ze werkt voor de plaatselijke krant. Als Jean – als de enige vrouw op de redactie – de opdracht krijgt om de bewering van ene Gretchen Tilbury te onderzoeken dat haar dochter Margaret het gevolg is van een onbevlekte ontvangenis, leidt dat tot een verrassende wending van haar leven.

Jean raakt bevriend met Gretchen en de 10-jarige Margaret, maar ze wordt ook verliefd op Gretchens man Howard. Ze heeft eindelijk vriendschap gevonden, maar wat is de prijs die ze zal moeten betalen?

Recensie
Na haar studie Engels vertrok Clare Chambers naar Nieuw-Zeeland waar ze haar eerste roman Uncertain terms (1992) schreef. Na haar terugkeer naar Engeland heeft ze nog acht romans geschreven, waaronder het in 2022 verschenen Geluksmomenten. Voor dit boek liet ze zich inspireren door een radio-uitzending over een Duitse vrouw die medio jaren vijftig van de vorige eeuw beweerde een maagdelijke moeder te zijn. Dit gegeven leek haar fascinerend genoeg om er een roman over te schrijven.

Het is 1957 en Jean Swinney werkt als enige vrouw op de redactie van de lokale krant, de North Kent Echo. Op een redactievergadering gaat een brief rond waarin een jonge vrouw, Gretchen Tilbury, beweert dat bij de conceptie van haar dochter geen man betrokken is geweest. Jean neemt de taak op zich om hier meer over te weten te komen. Ze begint met het onderzoek, raakt bevriend met Gretchen en haar tienjarige dochter Margaret, wordt verliefd op Gretchens man Howard, waarna het leven de vier binnen korte tijd nogal verandert.

Een kort krantenbericht uit de North Echo Kent van vrijdag 6 december 1957 over een treinongeluk dat een paar dagen daarvoor plaatsvond, vormt het begin van het verhaal. Je verwacht dat de auteur hier tijdens de plot op terugkomt, maar niets is minder waar. Pas aan het eind, in het nawoord van de auteur, verwijst een afbeelding van een herinneringsplaquette opnieuw naar deze werkelijk gebeurde treinramp waarbij velen zijn omgekomen. Het eigenlijke verhaal begint in juni van datzelfde jaar en wordt de lezer gedurende een halfjaar deelgenoot gemaakt van het leven van in eerste instantie Jean, maar later ook in dat van Gretchen, Howard en Margaret.

Aanvankelijk beschrijft Chambers de gewone huis-tuin-en-keuken-dingetjes waar Swinney zich mee bezighoudt, zoals het maaien van gras, het kopen van producten voor de maaltijd en het schrijven van een brief. Misschien dat dit allemaal wat gezapig, kneuterig of saai overkomt – en wellicht is dat ook wel zo – maar op de een of andere manier boeit dit ook wel weer. Het zijn uiteindelijk huishoudelijke taken waar iedereen mee te maken krijgt, zeker in de periode waarin het verhaal zich afspeelt. Een en ander is dus behoorlijk herkenbaar. Jeans werkzaamheden bij de krant hebben echter ook een aanzienlijk aandeel, want naast al die privéperikelen heeft ze zichzelf ten doel gesteld de bewering van Gretchen te onderzoeken.

De verhaallijn over dit gestaag verlopende onderzoek heeft een heel andere strekking en is daarom op een andere manier interessant. De lezer wordt namelijk steeds nieuwsgieriger naar de ware toedracht van de conceptie, ook al heb je er een licht vermoeden van. Daarnaast zijn er diverse wendingen, wordt stukje bij beetje meer van de sluier opgelicht en daardoor ontstaat er zelfs een lichte spanningsboog. Bij haar naspeuringen ontmoet Jean diverse personages en die zijn stuk voor stuk markant, hoewel de een wel iets meer dan de ander. Ze geven, net als de protagonisten overigens, zonder twijfel kleur aan het verhaal.

Hoewel het er veel van weg heeft dat er niet zo heel veel gebeurt, gebeurt er in zekere zin wel degelijk veel. De levens van personages worden op z’n kop gegooid, allerlei onthullingen vinden plaats en blijdschap en teleurstellingen wissel elkaar af. Dit alles in een ogenschijnlijk luchtig jasje, maar omdat de auteur verschillende gevoelige thema’s in de plot heeft verwerkt, is het verhaal diepgaander dan op het eerste gezicht lijkt. Maar loodzwaar – enkele trieste en aangrijpende momenten komen wel voor – wordt het nergens en daardoor is Geluksmomenten een bijzonder toegankelijke en realistische roman.

Waardering: 4/5

Boekinformatie
Auteur: Clare Chambers
Titel: Geluksmomenten

ISBN: 9789026160295
Pagina’s: 320
Eerste uitgave: 2022

Vermist op Red River Road – Anna Downes

Flaptekst
Een jaar geleden verdween de vrijgevochten Phoebe spoorloos aan de afgelegen Coral Coast van Australië. Geen getuigen, geen aanwijzingen, geen DNA; de zaak is een cold case geworden. Haar zus Katy weigert haar zus op te geven. Met de socialmedia-accounts van haar zus als leidraad, volgt Katy Phoebes weg terug. Welke aanwijzing heeft de politie gemist? En was ze wel zo gelukkig als haar posts deden vermoeden?
Dan komt Beth op haar pad, een jonge vrouw op de vlucht voor een duister verleden, en mogelijk Katy’s enige kans de waarheid te achterhalen. De vrouwen trekken het ruige achterland in om te achterhalen wat er met Phoebe is gebeurd.

Recensie
Tijdens de coronalockdown van 2021 raakte voormalig actrice Anna Downes volledig geobsedeerd door reizen. Als gevolg van de opgelegde beperkingen was dit uiteraard niet mogelijk, dus stelde haar man voor om erover te gaan schrijven in plaats van zelf een roadtrip te ondernemen. Ze dacht hierover na, liet zich vervolgens inspireren door een werkelijke gebeurtenis waarbij twee reizigers betrokken waren en raakte geïnteresseerd in de geschiedenis van een vrouw die maar liefst drie keer spoorloos verdween. Dit alles vormde uiteindelijk de basis voor haar derde thriller Vermist op Red River Road.

Medio mei begint Phoebe Sweeney aan haar grote avontuur: een roadtrip langs de Australische kust. Een paar weken later blijkt ze te zijn verdwenen en een jaar later is niemand meer naar haar op zoek. Haar zus Katy laat het er echter niet bij zitten en volgt de sporen van Phoebe, in de hoop aanwijzingen te vinden die de politie niet ontdekt heeft. Onderweg ontmoet ze de jongere Beth, die op de vlucht is voor keuzes uit haar verleden. Ze besluiten samen verder te trekken om uit te zoeken wat Phoebe overkomen is.

Op voorhand lijkt het er misschien op dat Vermist op Red River Road een dertien in een dozijn-thriller is, want vermissing – meestal gaat het dan om een vrouw – en een zoektocht naar deze persoon zijn immers vaker de rode draad van een verhaal. Downes geeft hier echter een geheel eigen draai aan, waardoor haar nieuwste verhaal behoorlijk afwijkt van de vele andere boeken met dit thema. Ten eerste is het de setting van de plot, die zich afspeelt in het West-Australische kustgebied en daardoor een desolaatheid tentoonspreidt die regelmatig voor een enigszins beklemmend gevoel zorgt. Ook de sfeer is een bepalende factor, want bij vlagen is die nogal duister en mysterieus. Dit komt door diverse aanvankelijk nogal onverklaarbare voorvallen, maar ook door de achtergrond van met name Beth.

Het verhaal wordt voornamelijk verteld vanuit de elkaar afwisselende perspectieven van Katy en Beth, maar er zijn ook hoofdstukken waarin de vijftienjarige Wyatt de verteller is. De verhaallijn van de jongen lijkt in eerste instantie helemaal los van die van de twee vrouwen te staan, maar geleidelijk aan vloeien ze samen waarna alle losse puzzelstukjes op hun plaats gelegd kunnen worden. Deze opzet heeft tot gevolg dat je continu nieuwsgierig blijft naar wat Phoebe is overkomen, of ze nog gevonden wordt en ook wat zich in het leven van de jonge Wyatt en zijn familie heeft voorgedaan. Daarbij blikt ieder van hen zo nu en dan terug naar het verleden, waardoor het langzaamaan steeds inzichtelijker wordt wat er precies speelt.

Toch levert dit alles vooralsnog niet zo veel opwindende momenten op, maar er is wel degelijk sprake van een geladenheid die gestaag wordt opgebouwd. Voor de echte spanning heeft de lezer wat geduld nodig, maar als het eenmaal zover is, wordt hij daarvoor rijkelijk beloond. Sterk van de auteur is om de lezer voortdurend op het verkeerde been te zetten, eventuele vermoedens kunnen daardoor meteen overboord gegooid worden. Als je dan ook nog in ogenschouw neemt dat ieder personage een dubbele agenda heeft, is eigenlijk niets wat het in eerste instantie lijkt te zijn.

Wanneer uiteindelijk helder is hoe een en ander in elkaar steekt, neemt Downes er ruim de tijd voor om het verhaal af te ronden. Dit lijkt wellicht overbodig, maar is het niet, want de gegeven informatie heeft zonder meer te maken met het lot van Phoebe. Net als het uitgebreide nawoord van de auteur is dit daarom een nuttige toevoeging aan het door Frank van der Knoop vertaalde Vermist op Red River Road, waarin enkele psychologische kenmerken eveneens een belangrijke rol hebben.

(Dit boek heb ik voor Hebban gerecenseerd.)

Waardering: 4/5

Boekinformatie
Auteur: Anna Downes
Titel: Vermist op Red River Road

ISBN: 9789026174155
Pagina’s: 384

Eerste uitgave: 2024

De man met duizend gezichten – Lex Noteboom

Flaptekst
Michelle staat op het punt om met haar man Daniel en hun gezin op vakantie te gaan, als ze te horen krijgen dat Daniels tweelingbroer is verongelukt. Vigo Lechkov was de president van Kazichië en Daniel keert voor het eerst in twintig jaar terug naar zijn geboorteland om bij de begrafenis te zijn. Daar aangekomen ziet Michelle algauw dat haar man onder druk wordt gezet om zijn broer op te volgen als president. Ze wil zelf zo snel mogelijk terug naar Amsterdam, maar dat blijkt niet eenvoudig. In het oosten van de voormalige Sovjetstaat is een rebellenleider opgestaan die het volk verenigt in een opstand tegen het regime. Niemand weet wie hij is of hoe hij aan zijn middelen komt, maar hij heeft een rebellenleger achter zich en pleegt aanslagen. Terwijl de Russische geheime dienst en de CIA zich met het conflict bemoeien, en Michelle alles op alles zet om haar gezin veilig thuis te krijgen, gaat Daniel de strijd aan met de ongrijpbare rebel, die bekendstaat als de Man met Duizend Gezichten.

Recensie
Ondanks dat hij vanaf zijn kindertijd schrijft, was het voor Lex Noteboom lastig om een uitgeverij te vinden die een boek van hem wilde publiceren. Het tij keerde, want een artikel over president Assad van Syrië was voor hem de inspiratiebron voor zijn in 2023 verschenen debuutthriller De man van duizend gezichten. Dit boek trok wereldwijd al snel de aandacht en was daarom goed voor een internationale boekendeal. Op de verschijningsdatum van de thriller werd eveneens de podcast De vrouw met duizend gezichten uitgebracht en vertelt de andere kant van het verhaal.

Als Michelle en Daniel Lechkov hun vakantie naar Dubai willen beginnen, krijgen ze bericht dat Daniels tweelingbroer Vigo, president van Kazichië, door een ongeval om het leven is gekomen. In plaats van naar het oliestaatje, vertrekken ze, om de begrafenis bij te wonen, naar het Oost-Europese land. Zodra ze daar zijn aangekomen wordt Daniel onder druk gezet om zijn broer op te volgen. Michelle wil echter weer zo snel mogelijk terug naar Amsterdam. Dat wordt haar zo goed als onmogelijk gemaakt, want tijdens hun aanwezigheid breekt een opstand uit waarbij de strijd wordt aangegaan met een rebel die de Man met duizend gezichten wordt genoemd.

Na een uitgebreide proloog, die enkele vragen oproept en zonder meer interessant is, heeft het verhaal een relatief lange aanlooptijd nodig om echt op gang te komen. In die fase is het vooral informatief en laat de auteur de lezer kennismaken met enkele personages. Veel spanning moet dan nog niet verwacht worden, maar later in de plot kom je wat dit betreft volledig aan je trekken, want geleidelijk aan nemen de enerverende momenten toe en word je getrakteerd op allerlei onverwachte ontwikkelingen, actierijke scènes en gevaarlijke en beangstigende situaties. Daarnaast zijn er diverse politiek getinte intriges en speelt de almaar verdergaande progressie van kunstmatige intelligentie een belangrijke en misschien wel onrustbarende rol.

Lange tijd is het niet echt duidelijk wanneer de verschillende verhaallijnen zich exact afspelen, maar op een gegeven ogenblik wordt er een jaartal genoemd en vanaf dan heb je in gaten hoe de vork in de steel zit en valt alles op zijn plaats. Ook diverse gebeurtenissen die in sommige delen van het boek plaatsvinden, lijken op moment geheel misplaatst, maar door de opzet die Noteboom voor de plot heeft gecreëerd, kun je deze later volledig in zijn context plaatsen. Het onderlinge verband tussen al die voorvallen is knap geconstrueerd, waarbij de auteur het overzicht nergens uit het oog verliest en voor de lezer het grote geheel steeds meer zichtbaar wordt.

Het verhaal, of wellicht beter de verhalen, worden vanuit de perspectieven van verschillende personages verteld. De ene leer je beter kennen dan de ander, en ze zijn niet allemaal even uitvoerig uitgewerkt. Toch is dit geen enkel beletsel om elk van hen te kunnen plaatsen en weet je eigenlijk van zo goed als iedereen wat je eraan hebt. De enige die wat twijfel zaait, is Daniel, het is bij vlagen lastig te achterhalen wat zijn ware aard is. Dit is overigens, zoals aan het eind wel blijkt, ook precies de bedoeling van de auteur. Een van de meest interessante personen is een onbekend blijvende huurling. Deze man wekt zowel anti- als sympathie op en is ogenschijnlijk de enige die zich min of meer ontwikkelt.

De man met duizend gezichten heeft kenmerken van zowel een politieke als AI-thriller, maar biedt daarnaast nog veel meer, vooral omdat niet alles op deze twee thema’s gericht is. Het debuut van Noteboom is veelzijdig, boeiend en veelbelovend. En op de koop toe is het ook nog eens akelig actueel, in meerderlei opzicht.

Waardering: 4/5

Boekinformatie
Auteur: Lex Noteboom
Titel: De man met duizend gezichten

ISBN: 9789044932119
Pagina’s: 448
Eerste uitgave: 2023

Beschermengel – Dolores Redondo

Flaptekst
Aan de oever van een rivier wordt het dode, naakte lichaam gevonden van een meisje. Haar kleren zijn opengesneden en haar lakschoenen staan keurig naast haar gezet. Er is een seriemoordenaar aan het werk, die het voorzien heeft op jonge meisjes: Een maand eerder is eenzelfde moord gepleegd.

Inspecteur Amaia Salazar wordt op de zaak gezet. Het brengt haar naar haar geboortestreek Elizondo, waar ze zich had voorgenomen nooit meer terug te keren. Het is het hart van onopgeloste familieconflicten, wrokgevoelens en een donker geheim uit haar jeugd, dat haar voor altijd beschadigd heeft.

Recensie
Nadat Dolores Redondo haar rechtenstudie afbrak, volgde ze een studie gastronomie en werkte ze in diverse restaurants en later werd ze eigenaar van een eetgelegenheid. Haar bloed kroop echter waar het niet gaan kon, want ze besloot haar droom te verwezenlijken door te gaan schrijven. Eerst alleen korte verhalen, maar toen ze vond dat ze er klaar voor was, begon ze aan een roman. Haar grote doorbraak kwam met de in 2013 verschenen debuutthriller Beschermengel (later ook uitgebracht onder de titel Meisje in het bos), dat het eerste deel is van de Baztán-trilogie.

Aan de rand van de Baztán-rivier in Baskenland is het lichaam van een jong meisje gevonden. Haar dood komt overeen met die van een maand eerder, dus de recherche is het er al snel over eens dat er een seriemoordenaar actief is. Inspecteur Amaia Salazar krijgt de leiding van het onderzoek en daarvoor moet ze, tot haar grote ongenoegen, terug naar haar geboorteplaats Elizondo. Behalve dat de zaak veel inspanning vergt, wordt ze tevens teruggeworpen naar een traumatische ervaring uit haar jeugd, waar ze nog steeds de gevolgen van ondervindt.

Een van de kenmerken van een thriller is spanning en een auteur van dit genre maakt hier in principe dus ook gebruik van, het liefst natuurlijk zo veel mogelijk. Tijdens het schrijven van dit boek heeft Rodondo die intentie ongetwijfeld ook gehad, maar uiteindelijk is ze daar slechts mondjesmaat in geslaagd. De vondst van een jong meisje aan het begin van het verhaal, zorgt er in eerste instantie voor dat de lezer enigszins nieuwsgierig wordt gemaakt, maar in de plot blijkt dat dit een van de zeldzame ogenblikken is. Ongeveer een kwart (en mogelijk is dit zelfs nog aan de hoge kant) van dit thrillerdebuut wijdt de auteur aan de mystiek van Baskenland en vooral aan de diverse privéperikelen van hoofdpersonage Amaia Salazar en haar familie. De thrillerelementen verdwijnen hierdoor danig naar de achtergrond.

De sfeer en omstandigheden van de regio in het noorden van Spanje komen daarentegen wel vrij goed over, zowel op het klimatologische als op het mystieke vlak. Redondo maakt handig gebruik van de legenden die in dit gebied rondwaren, hoewel je deze natuurlijk met een korrel zout moet nemen en het soms nogal behoorlijk voor de hand liggend is. Toch passen die volksverhalen goed in het verhaal, want hierdoor krijgt de lezer een globaal beeld van de Baskische regio en diens mysterieuze atmosfeer en folklore. De geheimzinnigheid moet in enige mate versterkt worden door de tarotleggingen van Salazars tante, maar in feite is deze vorm van waarzeggerij nietszeggend en irrelevant voor de plot.

Hoewel de schrijfstijl van de auteur vlot en toegankelijk is, zijn er ook diverse passages die wat stroef verlopen. Op die momenten gaat ze te veel op bepaalde zaken in waardoor saaiheid op de loer ligt. Opvallend is het nogal formele taalgebruik tussen de collega’s van de recherche. Ze spreken elkaar met ‘u’ aan, terwijl elkaar tutoyeren al een aantal jaren voor verschijnen van het boek gebruikelijk was. Het verhaal bevat daarnaast nog een aantal slordigheden, waarvan sommige te wijten zijn aan de vertaling. Deze missertjes zijn overigens niet van invloed op de gebeurtenissen. Een aantal wendingen in de plot was onverwacht, maar desondanks zijn er eveneens enkele voorspelbaarheden, waaronder de identiteit van de seriemoordenaar.

Uiteindelijk eindigt de plot in een ontknoping waarin eindelijk een klein beetje actie en opwinding voorkomt. Over het geheel genomen heeft Beschermengel veel meer weg van een iets spannendere roman dan van een thriller. Omdat het boek niet heel erg vervelend was om te lezen verdient het met moeite een krappe voldoende.

Waardering: 3/5

Boekinformatie
Auteur: Dolores Redondo
Titel: Beschermgenel/Meisje in het bos

ISBN: 9789401610735
Pagina’s: 412

Eerste uitgave: 2013

Tibetaanse perziken – Carolijn Visser

Flaptekst
Na jarenlange omzwervingen arriveert Samuel van der Putte in 1730 in Tibet. Wat de Zeeuwse wereldreiziger daar heeft meegemaakt, is niet bekend; er zijn slechts enkele papiersnippers van zijn hand overgeleverd. Carolijn Visser trok naar Tibet, in de hoop iets van de informatie op te ontrafelen.Tijdens een boeddhistische ceremonie in de stad ontmoet Visser Dolma, een jonge Tibetaanse die uit ballingschap is teruggekeerd. Zij laat zien hoe de Tibetanen hun leven voortzetten in de schaduw van de Chinese bezetting. Iedereen droomt van hoe Tibet zou kunnen zijn.

Recensie
Enkele papiersnippers, waaronder één met een getekende kaart van een deel van Tibet, uit de overlevering van de achttiende-eeuwse Zeeuwse ontdekkingsreiziger Samuel van der Putte waren voor Carolijn Visser de drijfveer om diens onderneming naar dat gebied te herbeleven. Hierdoor hoopte ze meer informatie te kunnen achterhalen over het doel van die reis, maar ook over de man zelf, die vlak voor zijn overlijden opdracht gaf alle documentatie die hij tijdens zijn vele tochten had opgeschreven en verzameld te vernietigen. In haar in 2003 verschenen boek Tibetaanse perziken doet de auteur verslag van de drie reizen die ze voor dit doel naar Tibet, India en China maakte.

Op een vlotte, levendige en – voor een reisverslag kenmerkende – beeldende schrijfwijze vertelt Visser onder andere over het doel van haar naspeuringen naar de expedities die haar voormalige provinciegenoot eeuwen geleden heeft gemaakt. Natuurlijk ontkomt ze, als ze in Tibet is, niet aan de politieke situatie van dit Himalayaland, dat velen tot de verbeelding spreekt en eveneens een grote hoeveelheid sympathie oproept. Zo nu en dan valt tussen de regels door wel op te maken wat haar eigen opvattingen hierover zijn, maar een concreet en helder standpunt neemt ze echter niet in. Misschien is dit ook wel het verstandigst.

Vanzelfsprekend ontkomt de auteur er niet aan om veel aandacht aan het boeddhisme te besteden, dit is immers de religie die het grootste deel van de Tibetaanse bevolking belijdt. Interessant zijn de gesprekken die ze met een aantal Tibetanen, maar ook met een Chinese boeddhistische vrouw heeft, en met sommigen raakt ze min of meer bevriend. Een van de meest opmerkelijke ontmoetingen is die met de uit Nederland afkomstige en tot boeddhist bekeerde monnik Eugène. Ze trekt een tijdje met hem op en door wat Visser hierover opgeschreven heeft, krijgt de lezer de indruk dat deze man zijn religie intenser beleeft dan de meeste monniken; hij lijkt – in spreekwoordelijke zin – roomser te zijn dan de paus.

De buitenwereld, maar ook veel Tibetanen zelf, zijn vaak de mening toegedaan dat de Chinese overheersing het land ten nadele heeft veranderd. Tijdens haar reizen heeft Visser dit diverse keren gehoord, maar, zo blijkt uit het verslag, er zijn voldoende inwoners die er anders over denken of die er hun voordeel mee hebben gedaan. En ook zonder de inval had modernisering plaatsgevonden of zou zich prostitutie hebben voorgedaan. De auteur schroomt niet dit te vermelden, wat ook goed is, want alles heeft immers twee kanten en beide zijden horen belicht te worden.

Hoewel de naam van Van der Putte een aantal keren genoemd wordt, en hierbij zijn reis dus ook, heeft de lezer niet continu de indruk dat Visser zich in zijn voetsporen begeeft. Het lijkt vooral een reis van en voor haarzelf, maar desalniettemin wel over het traject dat haar voorganger volgde. Het is namelijk de vraag of de ontdekkingsreiziger toentertijd met veel lokale bewoners gesproken heeft. Dit neemt echter niet weg dat de onderneming van de auteur niet uitdagend is geweest. Integendeel, en daarom is Tibetaanse perziken een boeiend en interessant relaas dat ervoor zorgt dat de lezer als het ware met haar meereist.

Waardering: 4/5

Boekinformatie
Auteur: Carolijn Visser
Titel: Tibetaanse perziken

ISBN: 9789045701318
Pagina’s: 304

Eerste uitgave: 2003

Een kille rilling – Bernard Minier

Flaptekst
Een bergdorp in de Pyreneeën. Op weg naar hun werk vinden werknemers van een waterkrachtcentrale een bevroren, onthoofd paard. Politiecommandant Servaz wordt meteen op de zaak gezet. Waarom is het paard op tweeduizend meter hoogte vermoord? Is de gruwelijke verminking van het dier een waarschuwing? Wraak? En waar is het hoofd?

Als Servaz op het kadaver DNA vindt van Julian Hirtmann, een van de gevaarlijkste seriemoordenaars van Europa, roept hij de hulp in van de jonge psycholoog Diane Berg. Zij werkt in de gesloten psychiatrische inrichting waar Hirtmann vastzit. Een reeks onverklaarbare moorden volgt, waarbij al het bewijsmateriaal in Hirtmanns richting wijst. Maar hij zit opgesloten in de zwaarst beveiligde instelling ter wereld. Kan hij wel iets met de moorden te maken hebben?

Recensie
Net als veel andere auteurs heeft ook Bernard Minier zijn hele leven lang al geschreven. Hij schreef – dit waren onder andere gedichten, fantasy en strips – in eerste instantie alleen voor zichzelf, maar om zijn stijl te oefenen begon hij aan een volledig boek. Dit werd het in 2011 uitgebrachte en al meteen lovend ontvangen Glacé, dat onder de titel Een kille rilling drie jaar later in het Nederlands is verschenen. In dit eerste deel van een serie maakt politiecommandant Martin Servaz eveneens zijn debuut.

Op een van de bergen in de Pyreneeën wordt een onthoofd paard aangetroffen. Inspecteur Martin Servaz wordt met deze zaak belast. Al snel wijst DNA-onderzoek uit dat op de plaats delict speeksel van de Zwitserse seriemoordenaar Julian Hirtmann gevonden is. Hij zit echter voor de rest van zijn leven opgesloten op een gesloten afdeling van een nabij gelegen psychiatrische kliniek. Het is daarom zo goed als uitgesloten dat hij iets met de dood van het dier, of een aantal onverklaarbare moorden die vlak daarna plaatsvinden en in zijn richting wijzen, te maken heeft.

Een enigszins dreigende en nieuwsgierig makende proloog zorgt er meteen voor dat de lezer in het verhaal getrokken wordt. Niet lang daarna maakt hij kennis met inspecteur Martin Servaz, zijn collega Irène Ziegler en – in mindere mate – met psycholoog Diane Berg. Het verhaal wordt dan ook voornamelijk vanuit hun perspectieven verteld en daarom krijg je een goede indruk van deze drie personages. Servaz is echter degene die het meest in beeld komt en hem leer je derhalve het beste kennen en kun je hem kenschetsen als een rustige en ietwat in zichzelf gekeerde man, maar niettemin interessant genoeg om hem te blijven volgen. Dit alles wil overigens niet zeggen dat aan andere personen die een belangrijke rol vervullen geen aandacht wordt besteed, het is alleen een stuk minder.

Meteen in het begin geeft Minier een beschrijving van de desolaatheid van de Pyreneeën, een gebied dat hij erg goed kent omdat hij er is opgegroeid. De sfeer die er hangt, komt bijzonder goed over en de dreiging die van zo’n gebied uit kan gaan blijft voortdurend aanwezig. Hierdoor bevat de plot in feite al een continue spanning, die regelmatig versterkt wordt door de vele onheilspellende gebeurtenissen en diverse hachelijke omstandigheden. Aan het eind leidt dit tot een ongekende climax die de lezer de adem een klein beetje doet ontnemen. Voor het zover is, trakteert de auteur hem op een groot aantal onverwachte ontwikkelingen, waaronder enkele verrassende. Daarnaast zorgen de kliniek, haar medewerkers en de desolate locatie in een dal in het gebergte voor een min of meer naargeestig gevoel.

De schrijfstijl van de auteur is uitermate aangenaam, vlot en toegankelijk. Door de beeldende beschrijvingen, waarheidsgetrouwe dialogen en soms cynische ondertoon vlieg je door het boek heen. Natuurlijk heeft dit eveneens te maken met het tempo waarin het verhaal zich afspeelt, dat is namelijk overwegend hoog. Zo nu en dan kan de lezer ook een klein beetje kritiek op de Franse samenleving tussen de regels door lezen, hier lijkt Minier zijn eigen opvatting in de plot en de gebeurtenissen verwerkt te hebben. Over het algemeen is zoiets wel een mooie toevoeging aan het geheel.

Het verhaal wordt afgesloten met een licht zoetsappige en daardoor uit de toon vallende epiloog, waaruit wel op te maken valt dat Servaz nog terug zal keren (hetgeen uiteraard al helder is). Desondanks is Een kille rilling een buitengewoon sterke debuutthriller. Het is echter jammer dat zelfs de derde druk nog té veel (vertaal)fouten en slordigheden bevat.

Waardering: 4/5

Boekinformatie
Auteur: Bernard Minier
Titel: Een kille rilling

ISBN: 9789401605434
Pagina’s: 582

Eerste uitgave: 2014

Een aardig meisje – Elvin Post

Flaptekst
Megan Smit is een aardig meisje. Helaas is het leven tot nu toe niet zo aardig voor háár. Op jonge leeftijd verloor ze haar vader, ze liep haar gedroomde carrière als filmactrice mis en haar moeder wil maar niet begrijpen waarom ze een einde maakte aan de disfunctionele relatie met haar ex-vriend Rex. Wanneer Megan een nieuw appartement betrekt in Rotterdam, lijkt het leven haar eindelijk toe te lachen. Lijkt. Want nog geen vijf maanden later ligt haar buurman dood in het trappenhuis en wordt ze beschuldigd van moord. Is Megan onschuldig, zoals ze beweert, of liegt ze en is ze opgehouden een aardig meisje te zijn?

Recensie
Vroeger heeft Elvin Post nooit de ambitie gehad om schrijver te worden – voetballer zijn was zijn grote droom – maar in Manhattan, waar hij voor de agent van onder anderen Stephen King heeft gewerkt, ontdekte hij dat het schrijven van boeken ook wel heel erg leuk is. Hij ging aan de slag en dit leidde tot zijn in 2004 verschenen debuut Goede vrijdag. Inmiddels heeft hij diverse thrillers en één young adult op zijn naam staan, waaronder zijn nieuwste werk Een aardig meisje, dat in oktober 2024 wordt uitgebracht.

Nadat Megan Smit haar vriend Rex heeft verlaten, betrekt ze een appartement in de Rotterdamse wijk Schiebroek. Ze heeft er zin in en ziet de toekomst rooskleurig in, vooral omdat ze blij is uit haar danig verstoorde relatie bevrijd te zijn. Ze leert haar buren kennen en sluit vriendschap met overbuurvrouw Sharon. Vijf maanden later slaat het noodlot toe, want op een decemberdag wordt de man van haar vriendin dood in het trappenhuis gevonden en Megan ervan beschuldigd hem vermoord te hebben. Megan beweert onschuldig te zijn. Liegt ze hierover of is ze echt het aardige meisje waar iedereen haar voor houdt?

De beginfase, die bestaat uit een korte proloog en een 112-melding, zorgt ervoor dat de lezer enigszins nieuwsgierig wordt naar de aanleiding van de oproep naar dit alarmnummer en tevens met een enkele vraag komt te zitten. Heel opwindend zijn die eerste ogenblikken niet en later zal blijken dat de plot sowieso niet veel spanning bevat. Het enige dat daar redelijk dichtbij in de buurt komt, zijn de onderlinge verhoudingen tussen enkele bewoners van de portiekwoningen. Intriges, onenigheden en verstoorde verhoudingen voeren in feite de boventoon. Geen kenmerken die expliciet bij een thriller horen, maar er wel voor kunnen zorgen dat een boek uit dat genre wel of niet spannend is. In dit geval is het laatste van toepassing.

Omdat de gebeurtenissen worden verteld vanuit verschillende wisselende perspectieven krijg je een goed beeld van wat er bij de bewoners leeft en speelt, en heb je tevens een goede indruk van hoe ieder van hen in elkaar steekt. Stukje bij beetje licht de auteur een klein stukje van de sluier op zodat de lezer geleidelijk aan te weten komt wat uiteindelijk tot de dood van een van de bewoners heeft geleid. Van de diverse verhaallijnen is er één die min of meer uit de toon valt, die ogenschijnlijk veel minder met de andere te maken heeft. Ondanks dat Post er wel alles aan doet om een aantal verdachten op te voeren, heeft een ervaren thrillerlezer toch al vrij snel in de gaten wie de dader is en eveneens hoe de vork exact in de steel zit. Aan het eind blijkt hij het dus helemaal bij het rechte eind te hebben.

De schrijfstijl van de auteur is bijzonder vlot, eigentijds en toegankelijk. Dialogen zijn over het algemeen realistisch en de meeste omstandigheden zijn uit het echte leven gegrepen. Sommige dingen liggen er echter iets te dik bovenop en komen daardoor onwerkelijk over. Maar, en dat moet wel benadrukt worden, het is niet onmogelijk dat ze niet kunnen voorkomen. Post heeft het verhaal over het algemeen prima opgebouwd, maar het aantal plotwendingen is nogal beperkt. Veel is voor de hand liggend en verrassingen zijn behoorlijk schaars. Een leuke vondst is het eind van het verhaal, waarin een van de onderzoekende rechercheurs op een ludieke manier te horen krijgt wat er daadwerkelijk gebeurd is.

Al met al is Een aardig meisje een onderhoudend boek dat het midden houdt tussen een tamme thriller en een wat spanning bevattende roman en niets wegheeft van een onvervalste pageturner.

(Met dank aan Ambo|Anthos voor het beschikbaarstellen van een vooruitleesexemplaar.)

Waardering: 3/5

Boekinformatie
Auteur: Elvin Post
Titel: Een aardig meisje

ISBN: 9789026362583
Pagina’s: 320

Eerste uitgave: 2024