De 20 – Sam Holland

Flaptekst
In het holst van de nacht arriveert rechercheur Adam Bishop op de plek waar een flink toegetakeld lichaam is ontdekt. Het is een gruwelijk tafereel, maar het met spuitbus aangebrachte cijfer boven het lijk bezorgt Adam pas écht koude rillingen. Er zijn namelijk al meer slachtoffers, en bij elk lichaam is een nummer gevonden: 20, 19, 18… De moordenaar telt af, maar waarom?

Adam heeft geen idee wat het motief is, totdat dr. Romilly Cole bij hem aanklopt en hem erop wijst dat de zaak overeenkomsten vertoont met een reeks moorden die vijfentwintig jaar geleden plaatsvond. Het is een zaak uit Romilly’s verleden die haar blijft achtervolgen. Nu maakt de moordenaar het echter persoonlijk. 4, 3, 2…

Recensie
In 2022 debuteerde Sam Holland met De Echoman, het eerste deel van de Major Crime-serie. Deze thriller schokte en boeide zowel lezers als recensenten, voornamelijk vanwege sinistere weergave van een seriemoordenaar die beruchte moorden uit het verleden kopieert. Ook in haar tweede boek, De 20, dat in 2023 werd uitgebracht, gaat het er niet zachtzinnig aan toe en laat ze de lezer opnieuw getuige worden van een aantal seriemoorden. De fascinatie de ze voor moordenaars en misdadigers heeft, wordt hieruit onmiskenbaar duidelijk en opnieuw laat ze zien wat zich in het duistere brein van de seriemoordenaar afspeelt.

Inspecteur Adam Bishop wordt in het midden van de nacht opgeroepen om naar een verlaten en braakliggend terrein te komen waar een in deplorabele staat verkerend lichaam is gevonden. Niet ver bij het vandaan is het Romeinse cijfer XII aangebracht en dan is er maar één conclusie mogelijk: er zijn meer slachtoffers. Terwijl het onderzoek in volle gang is en er nog geen enkel aanknopingspunt naar het motief en de dader is, merkt Bishops ex-vrouw dr. Romilly Cole op dat deze zaak veel overeenkomsten heeft met een reeks moorden die vijfentwintig jaar eerder hebben plaatsgevonden. De dader hiervan zich echter een levenslange gevangenisstraf uit.

De korte proloog laat de lezer al meteen huiveren, want de scène die de auteur beschrijft, geeft het machteloze gevoel van iemand die geen kant op kan en in feite niets meer te winnen heeft uitstekend weer. Hiermee lijkt de toon voor de rest van het verhaal te zijn gezet. En inderdaad, je komt absoluut niet bedrogen uit. De gruwelijke en erg bloederige omstandigheden van de slachtoffers van de moordenaar worden gedetailleerd beschreven. Ook het psychologische spelletje dat de nog steeds vastzittende dader van de moorden die een kwart eeuw eerder zijn gepleegd speelt mag er zijn, hoewel dit in de verte wel doet denken aan het gedrag van de door Thomas Harris gecreëerde psychopaat Hannibal Lecter.

Al vrij snel wordt inspecteur Adam Bishop geïntroduceerd, en de plek waar dit gebeurt, is enigszins kenmerkend voor de gemoedstoestand waarin hij zich momenteel bevindt. Toch kun je van hem niet zeggen dat hij niet gedreven is, dat is hij zonder meer, want hij doet er werkelijk alles aan om deze gecompliceerde zaak tot een goed einde te brengen. Hierbij wordt hij geassisteerd door zijn team, van wie zijn rechterhand en vriend brigadier Jamie Hoxton en de jonge en onervaren rechercheur Ellie Quinn het meest in het oog springen. Gedrieën vormen ze een solide en goed op elkaar afgestemd trio, daarbij min of meer ook nog eens geassisteerd door Bishops ex-vrouw en oncoloog Romilly Cole. Alle vier zijn het sowieso interessante en intrigerende personages.

Het verhaal speelt zich in een moordend tempo af en bevat een groot aantal plotwendingen, waaronder enkele erg verrassende. De vele gebeurtenissen volgen elkaar snel op en verschillende intermezzo’s, zoals enkele cursieve passages waarin de lezer in het hoofd van de dader kruipt, zijn een goede aanvulling op de gebeurtenissen. Hierdoor krijg je een goed beeld van wat zich nu afspeelt, maar ook wat er vijfentwintig jaar eerder precies aan de hand was. Natuurlijk is het over het algemeen de bedoeling van een auteur de identiteit van de antagonist zo lang mogelijk in het ongewisse te laten en Holland doet dit feitelijk ook, maar de oplettende lezer kan ruim voor het einde wel doorhebben wie de seriemoordenaar is. Dit is overigens niet van invloed op de rest van de plot, want er gebeurt daarna nog meer dan voldoende, waaronder opnieuw enkele verrassingen.

Ondanks enkele elementen die vaker in thrillers voorkomen, laat De 20, dat uitermate beeldend is geschreven, de lezer overdonderd achter. De spanning is in ruime mate aanwezig, de plot is enerverend en een flink aantal situaties is macaber. En als je het boek dichtgeslagen hebt, zul je echt even een tijdje moeten bijkomen.

Waardering: 5/5

Boekinformatie
Auteur: Sam Holland
Titel: De 20

ISBN: 9789402712896
Pagina’s: 386

Eerste uitgave: 2023

Wachten op mijn arrestatie in de nacht – Tahir Hamut Izgil

Flaptekst
Eén voor één verdwenen de vrienden van de Oeigoerse dichter Tahir Hamut Izgil. De vervolging van de Oeigoeren door de Chinese regering was al jaren bezig, maar in 2017 nam de onderdrukking, versterkt door de opkomst van een hightech controlestaat, een angstaanjagende nieuwe vorm aan. Meer dan een miljoen mensen verdwenen in ‘heropvoedingskampen’.

Een oude vriend van Izgil werd veroordeeld tot een levenslange gevangenisstraf, omdat hij opriep tot handhaving van de wettelijke rechten van de Oeigoeren. De politie nam radio’s in beslag en installeerde storingsapparatuur om Oeigoeren van de buitenwereld af te snijden. Toen Izgil merkte dat het park bij zijn huis bijna leeg was omdat zoveel buren waren gearresteerd, wist hij dat vluchten de enige hoop voor zijn gezin was.

Wachten op mijn arrestatie in de nacht is het verhaal van de politieke, sociale en culturele vernietiging van het thuisland van Tahir Hamut Izgil. Zijn boek is een oproep aan de wereld om de catastrofe onder ogen te zien, en een eerbetoon aan zijn vrienden wier stem tot zwijgen is gebracht.

Recensie
Zo nu en dan besteden de Nederlandse en Vlaamse media aandacht aan de Chinese onderdrukking van de Oeigoeren, een Turks volk uit de Chinese autonome regio Xinjiang, maar voor de meeste mensen is hun problematiek een ver-van-mijn-bedshow en zijn derhalve onbekend met wat deze bevolkingsgroep allemaal moet doorstaan. De Oeigoerse dichter Tahir Hamut Izgil – in 2017 met zijn gezin naar de Verenigde Staten gevlucht – wil door middel van zijn in augustus 2023 verschenen autobiografie Wachten op mijn arrestatie in de nacht de wereld laten weten aan welk leed deze moslimminderheid wordt blootgesteld. Daarnaast is het een eerbetoon aan zijn vrienden, die hij noodgedwongen heeft moeten achterlaten en aan wie het zwijgen is opgelegd.

In de inleiding zet Joshua L. Freeman, de Engelse vertaler van het boek (de Nederlandse vertaling werd op basis van diens vertaling verzorgd door Pon Ruiter), kort uiteen wat poëzie voor de Oeigoeren betekent, hoe hij de auteur heeft leren kennen en in welke omstandigheden Izgil en vele anderen terecht zijn gekomen. Het échte verhaal, dus dat van de gevluchte dichter, begint meteen daarna en bestrijkt heel beknopt een periode van nog geen tien jaar, hoewel de Chinese annexatie van Oost-Turkestan, het gebied waar de Oeigoeren leven, al in 1949 aanving.

De auteur haalt als eerste een voorval aan uit 2009, wanneer hij door drie politiemensen in burger wordt opgehaald om mee te gaan naar het politiebureau, waar ze met hem over zijn woonvergunning willen praten. Een situatie als deze – Izgil beschrijft meer voorbeelden, waaronder veel serieuzere – is kenmerkend voor de werkwijze van de Chinese autoriteiten ten opzichte van de Oeigoeren. Intimidatie, bangmakerij, vernedering en controle zijn middelen die stelselmatig worden gehanteerd en na verloop van jaren alleen maar verergeren. De lezer te laten weten hoe dit in zijn werk gaat en welke impact dit op de mensen heeft, loopt als een rode draad door het boek heen.

Veel voorbeelden waar Izgil aandacht aan besteedt, vloeien uiteraard voort uit eigen ervaringen, maar ook uit die van vrienden en bekenden. Het valt hierbij op dat de Oeigoerse gemeenschap met de jaren onzekerder en angstiger wordt. Niemand weer meer wie wel of niet te vertrouwen is en wat wel of niet verboden is. Aan welke regels men zich precies moet houden is evenmin duidelijk. De medewerkers van de bijzonder bureaucratische Chinese ambtenarij verschuilen zich voortdurend achter de door hogerhand opgelegde reglementen en richtlijnen, alsof zij het spoor eveneens bijster zijn. Het lot dat de Oeigoeren moeten ondergaan, ook degenen die allang niet meer in hun eigen land wonen, doet in grote lijnen denken aan de omstandigheden in de voormalige DDR.

Vanaf 2017 nam de ‘heropvoeding’ van de Oeigoeren drastische vormen aan en de onzekerheid en angst die dit met zich meebracht, komt goed tot uiting in een wanhopige en veelzeggende uitspraak van een van de vrienden van de auteur. Een gedachte die zo goed als zeker niet bij één man leeft, maar bij het merendeel van de onderdrukten.

‘Ik wou dat de Chinezen de wereld veroverden. Het kan de wereld namelijk niks schelen wat er met ons gebeurt. De wereld begrijpt China niet. Als wij niet in vrijheid mogen leven, laat dan de hele wereld maar een geknecht bestaan leiden. Dan zijn we allemaal hetzelfde. Dan kennen niet alleen wij ellende.’

Wachten op mijn arrestatie in de nacht is grotendeels een voorstelling van zaken vanuit het perspectief van Izgil, maar omdat hij hier ook de verhalen van anderen in betrekt, krijgt de lezer een behoorlijk goede indruk van wat de Oeigoeren door- en meemaken. Omdat de auteur, die absoluut niet de activist uithangt (en dit ook niet wil zijn), hierbij de persoonlijke noot laat prevaleren, is dit boek bij vlagen aangrijpend, onthutsend en verbazingwekkend.

(Dit boek heb ik voor Hebban gerecenseerd.)

Waardering: 4/5

Boekinformatie
Auteur: Wachten op mijn arrestatie in de nacht
Titel: Tahir Hamut Izgil

ISBN: 9789403129662
Pagina’s: 240

Eerste uitgave: 2023

Mijn boek van jou – Claire Kendal

Flaptekst
Clarissa maakt de grootste nachtmerrie van elke vrouw mee. Nadat ze een dronken nacht heeft beleefd met een van haar collega’s, laat de man in kwestie haar niet meer met rust. Rafe is ervan overtuigd dat er een bijzondere band tussen hen is en wat Clarissa ook zegt of doet: het mag niet baten. Terwijl Clarissa zich steeds meer opgejaagd voelt, speelt Rafe de vermoorde onschuld. Hij weet Clarissa volledig te isoleren van haar omgeving. Haar enige mogelijke uitweg lijkt zich aan te dienen als ze wordt uitgekozen voor jurydienst. Maar haar poging aan hem te ontsnappen, lijkt Rafe finaal over de rand te duwen. Wanhopig probeert Clarissa genoeg bewijs te verzamelen om hem aan te geven bij de politie. Maar is ze op tijd?

Recensie
Claire Kendal is in de Verenigde Staten geboren, maar opgegroeid in Groot-Brittannië, waar ze nog steeds woonachtig is. Ze is werkzaam aan de Bath Spa University waar ze Engelstalige letterkunde en creatief schrijven doceert. Vanwege haar bewondering voor Syliva Plath schreef ze een boek over deze schrijfster en dichteres. In 2014 verscheen haar debuutroman Mijn boek van jou, dat een Sunday Times bestseller werd en in meer dan twintig talen vertaald is. Hoewel ze hierna nog twee boeken heeft geschreven, is dit het enige dat tot dusver in het Nederlands vertaald is.

De onenightstand die Clarissa met Rafe, een collega van de universiteit waar ze werkt, heeft gehad, is voor hem de aanleiding om voortdurend in haar nabijheid te zijn. Hij overlaadt haar met geschenken, stuurt haar continu berichtjes en weet alles van haar. Nadat ze wordt opgeroepen om aan haar juryplicht te voldoen, denkt ze een tijd van hem verlost te zijn. Dit is een misrekening, want zelfs in de rechtszaal wordt ze met zijn daden geconfronteerd. Het relaas van het slachtoffer komt namelijk zo goed als volledig overeen met wat haar overkomt.

Al meteen in het eerste hoofdstuk wordt de lezer geconfronteerd met het gevoel dat Clarissa heeft als ze continu door haar belager Rafe in de gaten wordt gehouden. De beangstigende gedachte die dit ongetwijfeld met zich meebrengt, komt op dat moment nog niet over, maar een stuk later in de plot is haar beklemming overduidelijk wel enigszins merk- en voelbaar. Desondanks is er niet zo heel erg veel spanning. Pas in de eindfase, net wanneer je denkt dat het verhaal als een nachtkaars uit lijkt te gaan, ontstaat een korte spannende situatie. Dit is heel wat, vooral als je in aanmerking neemt dat op de bladzijden daarvoor in feite niet zo erg veel gebeurt. Tot dan is het voornamelijk een weergave van wat Rafe uitspookt en hoe Clarissa zich daaronder voelt, maar ook haar jurylidmaatschap wordt veelvuldig onder de aandacht gebracht.

Hoewel het verhaal zich in zeven weken afspeelt, wat relatief niet eens zo heel erg lang is, verloopt het in een niet al te hoog tempo. Wie veel actie verwacht, komt bedrogen uit. De plot moet het daar absoluut niet van hebben, het is vooral gericht op het psychologische aspect wat stalken – en alles wat daarbij kan komen kijken – met het slachtoffer doet. Dit wordt, zowel door de ervaringen van Clarissa als de rechtszaak die ze bijwoont, over het algemeen vrij goed naar voren gebracht. Je kunt je op een bepaald moment goed voorstellen dat iemands leven flink op zijn kop wordt gezet als zij of hij dag in dag uit ongewenst benaderd wordt en de stalker haar of hem veelvuldig overlaadt met ongevraagde post of geschenken.

Aanvankelijk is de opzet van het verhaal even wennen, vooral omdat niet direct duidelijk is of de twee verhaallijnen – beide verteld vanuit het perspectief van Clarissa, maar elk in een andere persoonsvorm – zich in dezelfde periode afspelen. Dit blijkt wel zo te zijn, dus wat dat betreft zijn er geen belemmeringen meer. Verder bevat het boek een gering aantal plotwendingen, dus de verrassingen blijven eveneens tot een minimum beperkt. Zo nu en dan probeert de auteur de lezer in het ongewisse te laten, met name over een van de medejuryleden van Clarissa. Je vraag je regelmatig af of deze persoon wel of geen goede bedoelingen heeft en of hij wellicht met de stalker samenspant. Natuurlijk komt daar uitsluitsel over en is het toch wel anders dan je denkt, maar over het geheel bezien, is het niet bijster verheffend.

Al met al kan Mijn boek van jou, dat bij vlagen beklemmend is, niet volledig overtuigen. Daarvoor gebeurt er te weinig, is de spanning te matig en zijn de personages niet sterk genoeg. Een redelijk debuut, maar meer ook niet.

Waardering: 3/5

Boekinformatie
Auteur: Claire Kendal
Titel: Mijn boek van jou

ISBN: 9789022578704
Pagina’s: 328

Eerste uitgave: 2014

Stad der engelen – Jordan Harper

Flaptekst
Welkom in Mae Pruetts Los Angeles, waar ‘niemand praat, maar iedereen fluistert.’ Mae werkt voor een van L.A.’s machtigste en meest gewilde pr-crisisfirma’s, in het hart van een uitgebreid web van advocaten, persvoorlichters en privébeveiligingsbedrijven dat zij Het Beest noemt. Het beschermt de rich and famous met alle mogelijke middelen.
Nadat haar baas is neergeschoten voor het Beverly Hills Hotel in een ogenschijnlijk willekeurige aanval, neemt Mae het op zich om een onderzoek in te stellen en komt ze voor het eerst in aanraking met de wetteloze praktijken van Het Beest en de corrupte systemen die het in stand houden. Het neemt haar mee op een trip door een Los Angeles vol influencers die zijn volgespoten met drugs en fillers; uitgestrekte herenhuizen op een steenworp afstand van uitgestrekte daklozenkampen; corrupte agenten en mysterieuze sloopteams midden in de nacht.

Recensie
Voor de in 2017 uitgebrachte debuutthriller She rides shotgun (Kind van de rekening, 2019) won de Amerikaanse auteur Jordan Harper zowel de Edgar Award als de Alex Award. De opvolger van dit goed ontvangen boek heeft geruime tijd op zich laten wachten en uiteindelijk verscheen in 2023 Harpers tweede en door Dennis Keesmaat vertaalde thriller Stad der Engelen. De plot vindt zijn oorsprong in een eerder geschreven kort verhaal, maar kwam pas echt tot leven door Harpers ervaringen met het bewerken en produceren van James Ellroys L.A. Confidential voor de televisiezender CBS.

Terwijl Los Angeles in de ban is van een genadeloze brandstichter draait het gewone leven onveranderd door. Ook voor Mae Pruett, die voor Mitnick & Associates, L.A.’s grootste pr-crisisbureau dat alibi’s voor Hollywoods sterren verschaft, werkt. Op een dag wordt haar directe leidinggevende bij een ogenschijnlijke roofoverval om het leven gebracht, wat voor Pruett een drijfveer is om erachter te komen wie voor deze moord verantwoordelijk is. Al snel raakt ze verzeild in een wereld waarin de wet niet zo nauw genomen wordt en corrupte politieagenten en decadente feestjes met veel drank en drugs eerder regel dan uitzondering zijn.

Veel auteurs geven hun lezers de gelegenheid rustig en geleidelijk aan in het verhaal te groeien en de personages enigszins te leren kennen. Harper kiest echter voor een geheel andere aanpak, want zonder aanloop of introductie valt hij meteen met de deur in huis en word je geconfronteerd met het rauwe leven van Los Angeles, de aanvankelijk nogal onduidelijk werkzaamheden van Pruett en niet veel later ook die van Chris Tamburro, een ontslagen politieman die vervolgens voor L.A.’s grootste privébeveiligingsbedrijf BlackGuard Security is gaan werken. Door deze directe benadering, die zich vaker in de plot voordoet, lijkt het erop dat de structuur ontbreekt en scènes vanuit het niets uit de lucht komen vallen. De auteur hopt van de ene situatie naar de andere en een vloeiend lopende verhaallijn ontbreekt, voornamelijk veroorzaakt doordat het boek de opzet heeft van een filmscenario en eveneens als zodanig leest.

Naast de twee protagonisten Pruett en Tamburro, over wie vrij weinig wordt bekendgemaakt, zijn er nog talloze andere personages. Eigenlijk te veel om hen van een gezicht te voorzien, hen te kunnen plaatsen én om hen in één keer met bepaalde omstandigheden in verband te kunnen brengen. Een in het boek opgenomen overzicht waarin hun namen én hun rol vermeld staan, had dit beslist voorkomen. De vele zijwegen die de auteur bewandelt en alleen geschreven lijken te zijn om aan te tonen hoe verdorven de filmscene van Los Angeles kan zijn, zorgen regelmatig voor verwarring en leiden af van de eigenlijke bedoeling. Omdat lang niet alles relevant is, is het lastig een lijn in het verhaal te ontdekken en wellicht is dit Harpers opzet ook helemaal niet.

Ondanks de vele en vaak onnodige details is het tempo onveranderd hoog. Er gebeurt veel, de ontwikkelingen zijn talrijk en incidenteel is het tamelijk explosief. Desondanks zijn en blijven de spannende momenten beperkt tot net geen twee handenvol. Te weinig voor een thriller die het gevaarlijke en verdorven L.A. als uitgangspunt heeft en waarin wel degelijk ruimte is gemaakt voor enkele gruwelijkere scènes. Wat Harper daarentegen wel heel duidelijk naar voren laat komen, is dat geld en macht zo goed als altijd de winnaars zijn in een wereld die door deze factoren wordt beheerst en dat velen die hierover beschikken zichzelf als onoverwinnelijk beschouwen.

Hoewel de nadruk van Stad der engelen – een letterlijke vertaling van Los Angeles – wel erg veel op L.A.’s filmscene en diens sterren wordt gelegd en de spanning daardoor behoorlijk achterblijft, is het geen onaangenaam boek om te lezen.

(Dit boek heb ik voor Hebban gerecenseerd.)

Waardering: 3/5

Boekinformatie
Auteur: Stad der engelen
Titel: Jordan Harper

ISBN: 9789021040486
Pagina’s: 288

Eerste uitgave: 2023

Het vierkant van de wraak – Pieter Aspe

Flaptekst
De positie van Ludovic Degroof, een van Brugge’s rijkste en machtigste mannen, komt in gevaar na een mysterieuze inbraak in de juwelierszaak van zijn zoon. Degroof doet alles om het onderzoek, geleid door Van In, te bemoeilijken. Tot Degroofs kleinzoon wordt ontvoerd en de kidnappers een bizarre eis stellen in ruil voor vrijlating.

Recensie
Voordat Pieter Aspe, het pseudoniem van Pierre Aspeslag, in 1996 fulltime auteur werd, heeft hij allerlei beroepen uitgeoefend. Op zijn veertigste besloot hij het roer volledig om te gooien en bedacht hij in een gekke bui om schrijver te worden. Geïnspireerd door Jef Geeraerts koos hij voor het misdaadgenre, mede omdat hij in de veronderstelde dat dit gemakkelijker was vol te houden. Vervolgens debuteerde hij in 1995 met Het vierkant van de wraak, het eerste deel van een lange serie met onder andere commissaris Pieter van In. Op 1 mei 2021 overleed hij op achtenzestigjarige leeftijd als gevolg van ziekte.

In de juwelierszaak van Ghislain Degroof, zoon van een van de machtigste en rijkste mannen van Brugge, is een mysterieuze inbraak gepleegd. Zijn vader Ludovic wil koste wat kost voorkomen dat hier ruchtbaarheid aan gegeven wordt. Commissaris Pieter van In daarentegen wil de zaak zo spoedig mogelijk oplossen, maar slaagt daar vooralsnog niet in. Dan wordt Degroofs kleinzoon ontvoerd en de eisen die de ontvoerders stellen zijn nogal uitzonderlijk. Van In is er niet alleen van overtuigd dat beide misdaden met elkaar te maken hebben, maar ook dat de daders het op Degroof senior hebben voorzien.

In dit eerste deel van de langlopende serie – het laatste verscheen in 2017 – maakt de lezer kennis met de belangrijkste personages: Pieter van In, Hannelore Martens en Guido Versavel. Hij komt hierdoor het een en ander over hen te weten, maar kan zich niet aan de indruk onttrekken dat de auteur het een en ander achterlaat (wellicht om dit in de vervolgdelen te onthullen). Van deze drie zijn Van In en Martens het meest uitgewerkt. Alle overige karakters, en dat zijn er nogal wat, blijven over het algemeen vrij oppervlakkig. Voor het verhaal geldt dat iets minder, maar zware thema’s en/of diepzinnige gedachten moeten hierin zeker niet verwacht worden, hetgeen ook niet de bedoeling van Aspe is geweest.

De plot heeft een volledig chronologisch verloop, maar sporadisch vindt er een korte flashback plaats naar het verleden, vooral tijdens de informele verhoren door de politie en met name in de slotfase van het debuut. Hoewel het verhaal, dat even op gang moet komen, niet nagelbijtend spannend is, bevat het daarentegen wel diverse wendingen die je niet aan ziet komen. De delicten die Van In en collega’s mogen oplossen, zijn interessant en komen in het echte leven eveneens voor, maar hoe deze worden uitgevoerd grenzen aan het onrealistische. Dat kan tevens gezegd worden van het onderzoek zelf, want daarin gebeuren dingen die bij de echte professionals zo goed als zeker de wenkbrauwen doen fronsen.

Aspe hanteert een overwegend vlotte en luchtige schrijfstijl, overigens zonder dat het simpel overkomt. Verder gebruikt hij bij tijd en wijle humor (Van In is soms ronduit cynisch), weet hij de vele situaties beeldend en inlevend te beschrijven en houdt hij er een behoorlijk tempo op na. Erg opvallend is het exorbitante alcoholgebruik van de commissaris. Het komt voor dat hij ’s morgens vroeg om kwart voor acht al aan een Duvel gaat, dit heeft toch wel erg veel weg van alcoholisme. Voor de ontwikkeling van Van In zal het goed zijn als hij hier in de volgende delen iets aan gaat doen.

Het vierkant van de wraak
, waarvan de ontknoping onverwacht, onthullend en ook enigszins gezocht is, is over het geheel genomen een goed begin van een op het eerste oog boeiende serie met enkele innemende personages. Aspe toont hier sowieso mee aan dat hij verhaal kan vertellen. En misschien is de charme daarvan wel dat het aan de gemoedelijke kant is.

Waardering: 3/5

Boekinformatie
Auteur: Pieter Aspe
Titel: Het vierkant van de wraak

ISBN: 9789022326145
Pagina’s: 302

Eerste uitgave: 1995

De provocatie – David Baldacci

Flaptekst
In een kleine plattelandsgemeenschap waar nooit iets opzienbarends gebeurt, wordt een gruwelijke vondst gedaan. Een echtpaar is in hun eigen woning op brute wijze om het leven gebracht. Het lijkt in eerste instantie een zaak voor de plaatselijke politie, totdat blijkt dat de vermoorde man een militair was en zijn vrouw connecties had met het Pentagon.

De Army’s Criminal Investigative Division -ACID- zet zijn beste man op de zaak. Voormalig militair John Puller is iemand die weinig bezit of nodig heeft, die graag alleen werkt en die onverzettelijkheid koppelt aan een diepgewortelde hang naar de waarheid. Al snel nadat hij op de zaak is gezet, botst hij met de vrouwelijke rechercheur van Moordzaken die het onderzoek leidt. Maar wat Puller en zijn nieuwe partner niet weten, is dat hun een verrassing wacht die deze toch al complexe zaak volkomen op zijn kop zet. Terwijl Puller zich een weg probeert te banen door leugens, dwaalsporen en bedrog, beseft hij dat niets en niemand is wat het lijkt in dit onschuldig ogende, slaperige stadje?

Recensie
In 2011 verscheen De provocatie, het eerste deel van een serie met adjudant John Puller van de US Army’s Criminal Investigation Division (ACID). Voor auteur David Baldacci was de militaire wereld een compleet nieuwe en hij heeft daarom veel onderzoek moeten verrichten om zich de gebruiken en terminologie van het leger eigen te maken. Hij heeft hiervoor zelfs een militaire training in Fort Benning, een legerbasis in de staat Georgia, gevolgd. Dit alles kostte hem veel inspanning, maar aan de andere kant gaf het hem ook een flinke hoeveelheid energie.

Op een warme zomermiddag treft een postbezorger het kleine plaatsje Drake de levenloze lichamen aan van een gezin van vier. Een van hen is kolonel in het leger en werkzaam bij de militaire inlichtingendienst DIA. Om deze reden wordt CID-agent John Puller opgedragen de lokale politie met het onderzoek te helpen. Samen met rechercheur Samantha Cole gaat hij aan de slag, maar veel vorderingen maken ze niet. De zaak wordt complexer als ze nog twee vermoorde mensen vinden. Van de bewoners van het plattelandsstadje hoeven de speurders niet te rekenen op veel medewerking. De tijd begint echter wel steeds meer te dringen.

Voor de inwoners van de Amerikaanse staat West-Virginia was de steenkoolwinning een van hun belangrijkste inkomstenbronnen, maar nadat hier aan het eind van de jaren tachtig van de vorige eeuw de klad in kwam, betekende dit voor hen het begin van een armoedig bestaan. Bergdorpjes stierven uit en zagen er steeds meer uit als spookstadjes. Het kleine – waarschijnlijk fictieve – plaatsje Drake, dat de setting vormt voor het verhaal in De provocatie, is daar een goed voorbeeld van. Baldacci geeft de sfeer die er heerst uitstekend weer: de armoede, de vijandigheid ten opzichte van vreemdelingen en superrijken, maar toch ook het redelijk gemoedelijke, hoewel dat voor niet iedereen geldt. In ieder geval kan de lezer zich volledig verplaatsen in de omstandigheden en kan hij     zich een goede voorstelling van de omgeving maken.

In het verhaal maakt diezelfde lezer kennis met John Puller, een uit de kuiten gewassen militair die een oorlogsverleden in Afghanistan en Irak heeft. Dit speelt hem soms parten, maar desondanks heeft hij er eveneens wel voordelen van. Omdat er mondjesmaat iets over hem verteld wordt, leer je hem vrij goed kennen en blijkt hij het ruwe bolster, blanke pit-type te zijn. Hij is geen onoverwinnelijke superheld, maar laat evenmin over zich heenlopen. Hij neemt de lezer al snel voor zich in, waarbij zijn cynisme een van zijn opvallendste en mooiste karaktertrekken is. Samantha Cole, met wie hij tijdelijk samenwerkt, is heel anders dan hem, maar niet minder interessant. Ook over haar wordt meer dan voldoende verteld om je een beeld van haar te kunnen vormen.

Aanvankelijk begint de plot nogal stroef, onder andere veroorzaakt door de vele afkortingen – die overigens wel worden verklaard – aan het begin van het verhaal. Dit verandert echter al snel, waarna het tempo heel behoorlijk wordt, er voldoende spanning is en zich diverse onverwachte situaties voordoen. De opbouw is zorgvuldig en goed en de auteur werkt naar een climax toe die zowel bevredigend als onbevredigend is, maar wel alle eventuele openstaande vragen beantwoordt. Tussendoor heeft het er alle schijn van dat Baldacci een enigszins verkapte vorm van kritiek geeft op de behandeling van iedereen die de dupe is geworden van de steenkoolperikelen en de gevolgen daarvan. Een minimaal politiek statement innemen is hem dus niet vreemd.

Natuurlijk is het bij een eerste deel van een nieuwe serie altijd afwachten of het zal aanslaan. Wat betreft De provocatie kan daar geen enkele twijfel over bestaan, want dat doet het boek zonder meer. Het eerste optreden van John Puller als personage is hoe dan ook zeer geslaagd.

Waardering: 4/5

Boekinformatie
Auteur: David Baldacci
Titel: De provocatie

ISBN: 9789022999028
Pagina’s: 368

Eerste uitgave: 2011

It – Stephen King

Flaptekst
Een zesjarig jongetje speelt in Derry tijdens een stortbui met een papieren bootje in de goot. Plotseling verdwijnt het bootje. Als het jongetje op zijn knieën in het donkere gat tuurt, staren twee felgele ogen hem aan vanuit het riool…

De zeven leden van de Stumpersclub waren tieners toen ze werden geconfronteerd met het kwaad dat geen naam heeft: Het. Ze zwoeren om weer samen te komen als de demon die aast op kinderen opnieuw zou verschijnen. Nu, 28 jaar later, zijn ze volwassen en op zoek naar succes en geluk. Maar als er weer kinderen ontvoerd en vermoord worden in Derry is het tijd voor de zeven om terug te keren, om het kwaadaardige wezen dat loert vanuit het riool eens en voor altijd uit te schakelen…

Recensie
Een van de meest productieve en wereldwijd bestverkopende auteurs van de Verenigde Staten is Stephen King. Zijn boeken zijn dan ook in vele talen vertaald. Hij begon al op jonge leeftijd met schrijven, veelal in het horror- en sciencefictiongenre, waar hij al vroeg aan verslingerd raakte. Zijn debuut Carrie werd in 1974 uitgebracht en dit boek is diverse keren verfilmd. In 1986 verscheen It (Het), dat tot zijn meest omvangrijke publicaties behoort en waarin hij de monsters die hij zich uit zijn kindertijd herinnert op laat draven.

Het is 1957 en in het plaatsje Derry (Maine) worden enkele kinderen om het leven gebracht, waaronder George, het jongere broertje van Bill. Met zes andere tieners vormt Bill de Stumpersclub en op een dag spreken de zeven af om samen te komen als het wezen, dat zij voor de moorden verantwoordelijk houden, opnieuw toeslaat. Achtentwintig jaar later is het zover, dus komt het groepje in hun geboorteplaats bijeen om het van gedaanten wisselende monster, dat ze It (Het) hebben genoemd, definitief uit te schakelen.

It (Het) speelt zich in twee perioden af: 1957/58 en 1984/85, en in beide jaren worden de vele gebeurtenissen verteld vanuit het perspectief van een zevenhoofdige vriendengroep – eerst als ongeveer elfjarigen en later als ze zevenentwintig jaar ouder zijn. De vorm waarin King dit gegoten heeft, is niet uit een vertelling door henzelf, maar omdat een van hen de voorvallen uit beide jaren als een soort alwetend of alziend oog aan de lezer vertelt. Deze techniek, die wel vaker in boeken wordt gebruikt, is absoluut niet van invloed op de beleving van de lezer en hoe alles op hem overkomt. Van begin af aan ben je bij zowel het verhaal als de personages betrokken, voel je met hen mee en zie je de omstandigheden voor je.

Nog voor het verhaal goed op gang gekomen is, is de mysterieuze sfeer, die in de hele plot merk- en voelbaar is, al aanwezig. Er gebeuren in de beginfase dingen die eigenlijk niet te bevatten, en in feite ook nog eens erg onwerkelijk, zijn. Uiteraard gaat dit eveneens op voor de grote hoeveelheid voorvallen waar de vrienden vervolgens mee te maken krijgen. Toch is het niet een en al mysterie, want de auteur heeft namelijk een thema in het boek verwerkt waar vooral Amerika destijds veel mee te maken had: rassenongelijkheid en de daaraan voortvloeiende discriminatie. Wat daarnaast goed naar voren komt, is de hechte band die echte vriendschap op kan leveren, ook al zit er een lange periode tussen dat je elkaar gezien noch gesproken hebt.

Hoewel het verhaal nog vrij rustig begint, ontwikkelt het zich gaandeweg de plot steeds meer en nemen de onverwachte gebeurtenissen zienderogen toe. Het gevolg is dat de spanning toeneemt en de ontknoping een enigszins apocalyptisch karakter heeft. Desondanks kan de lezer zich niet aan de indruk onttrekken dat dit eind nogal (ver)gezocht is, alsof King probeert zichzelf te overtreffen. In ieder geval doet de eindfase wel wat afbreuk aan alles wat eraan voorafgaat. In de beschrijvingen van omgeving, situaties en personages is de auteur bijzonder gedetailleerd, maar omdat er over het algemeen vrij veel gebeurt, heeft dit geen nadelig effect op de plot en perceptie die je daarvan hebt.

Van het feit dat It (Het) een nogal omvangrijk boek is, is op zich niet zo heel veel te merken. Het verhaal boeit van begin tot eind en verveelt geen moment. King laat, mede door zijn toegankelijke en inlevende schrijfstijl, wederom zien dat hij een begenadigd verhalenverteller is die de lezer aan zich weet te binden.    

Waardering: 4/5

Boekinformatie
Auteur: Stephen King
Titel: It

ISBN: 9789024586790
Pagina’s: 1162

Eerste uitgave: 1986

Mannen die vrouwen haten – Stieg Larsson

Flaptekst
Twee tegenpolen, Mikael Blomkvist en Lisbeth Salander. Hij is een charmante man en een kritische journalist, en uitgever van het tijdschrift Millennium. Zij is een jonge, gecompliceerde, uiterst intelligente vrouw met zwartgeverfd haar, piercings en tatoeages én ze is een hacker van wereldklasse. Mikael wordt benaderd door oud-zakenman Henrik Vanger. Veertig jaar geleden is de zestienjarige Harriët Vanger op mysterieuze wijze verdwenen en vermoedelijk vermoord. De zaak is echter nooit opgelost en inmiddels verjaard. Toch wil Henrik Vanger graag dat Mikael zich hier nog eens op stort. Met hulp van Lisbeth Salander stuit Mikael op een spoor dat rechtstreeks naar een zeer duister en bloedig familiegeheim voert …

Recensie
Nadat Stieg Larsson zijn werk als militair adviseur om gezondheidsredenen moest beëindigen, ging hij aan de slag bij Tidningarnas Telegrambyrå, het grootste persbureau van Zweden. In 2001 begon hij voor de aardigheid aan een detectiveroman en ontdekte hij zijn schrijverstalent en twee jaar later was hij al bezig met zijn derde boek. Niet lang na zijn plotselinge overlijden werd zijn debuut, Mannen die vrouwen haten (2005, in het Nederlands in 2006) postuum uitgebracht. Dit was het eerste deel van de Millenniumtrilogie, meteen na publicatie een groot succes en beloond met diverse prijzen.

Op verzoek van voormalig zakenman Henrik Vanger doet journalist Mikael Blomkvist onderzoek naar de plotselinge en bijna veertig jaar oude verdwijning en mogelijke moord van de toen zestienjarige Harriët Vanger. De zaak is destijds grondig uitgeplozen, maar nooit opgelost. Blomkvists naspeuringen leiden nergens toe, tot hij de hulp inschakelt van Lisbeth Salander, een jonge gecompliceerde vrouw en uitstekend hacker. Samen komen ze erachter dat enkele leden van de Vanger-familie, waarvan de onderlinge verhoudingen toch al troebel zijn, een bizar geheim te verbergen hebben.

Het verhaal bestrijkt een periode van ruim één jaar en het aantal gebeurtenissen dat zich in dit tijdsbestek afspeelt is talrijk. Desondanks neemt de auteur er ruim de tijd voor om zijn debuut op gang te laten komen. Hij begint met uitgebreide en zeer gedetailleerde beschrijvingen van de personages, waar ze zich tot dusver mee bezig hebben gehouden en wat ze momenteel doen. Larsson gaat zelfs zover dat hij ook over minder belangrijke personen het een en ander vertelt. Veel daarvan is in feite overbodig en voor de plot dus van geen enkele meerwaarde, maar – en dat moet wel gezegd worden – ook niet vervelend om te lezen. Ondanks de vele details zijn er voldoende ontwikkelingen waardoor de lezer geen moment weet wat hij nog meer kan verwachten.

Aanvankelijk lijkt het erop dat de meeste aandacht uitgaat naar Mikael Blomkvist, maar ver in de plot wordt de rol van Lisbeth Salander, die tot dan sporadisch in het verhaal voorkwam, een stuk groter. Haar aandeel moet niet onderschat worden, want ze is van grote waarde voor de onderzoeksjournalist. Zij zijn degenen die het verhaal dragen en omdat Larsson hun personage buitengewoon uitvoerig uiteenzet leert de lezer hen vrij goed kennen, hoewel Salander, die zich zichtbaar positief ontwikkelt, wel iets minder dan Blomkvist. Beiden zijn in ieder geval interessante en markante karakters en de lezer kan niet anders dan sympathie voor hen opbrengen. Dit laatste gaat niet op voor een groot aantal leden van de Vanger-clan. Zij zijn onaangenaam en lijken er alles aan te doen om niet vriendelijk en oprecht gevonden te worden.

Het gebrek aan spanning in het eerste gedeelte van het verhaal, dat in die fase veel wegheeft van een familiekroniek, wordt ruimschoots vergoed in het ruime restant ervan. Hoofdstukken eindigen met cliffhangers, je wordt een stuk nieuwsgieriger en de plot, die sowieso al boeide, intrigeert meer en meer. Bij vlagen ligt het tempo een stuk hoger dan daarvoor en de diverse verwikkelingen waar de protagonisten in terechtkomen zijn hachelijker. In de ontknoping en de epiloog worden alle lossen eindjes aan elkaar geknoopt en krijgt de lezer een antwoord op nog openstaande vragen. Mannen die vrouwen haten – een erg toepasselijke titel – is al met al een bijzonder verdienstelijk debuut en eerste deel van de Millennium-trilogie en smaakt hoe dan ook naar meer.

Waardering: 4/5

Boekinformatie
Auteur: Stieg Larsson
Titel: Mannen die vrouwen haten

ISBN: 9789056723088
Pagina’s: 560

Eerste uitgave: 2006

Zeg maar Agaath – Margôt Ros en Jeroen Kleijne

Flaptekst
Na het overlijden van haar man besluit Agaath (78) haar villa in Amsterdam-Zuid te ontruimen, onder toeziend oog van kaketoe De Generaal. Tijd om bij de pakken neer te zitten heeft ze niet. Of, zoals ze zelf zegt: Memory Lane is een mooie straat, maar je moet er niet gaan wonen. Dankzij een advertentie in de supermarkt krijgt ze hulp van vakkenvuller Karim (18), die nog geen idee heeft wat hij wil met zijn leven. Samen slaan ze nieuwe wegen in. Hij leert haar hiphop, zij leert hem Arabisch. Dan stuit Karim op een stapel oude liefdesbrieven. Wie is die mysterieuze man die Agaath zo aanbad? En kan Karim haar helpen op zoek te gaan naar haar grote liefde?

Recensie
Actrice Margôt Ros en auteur Jeroen Kleijne, met wie ze een relatie heeft, ontmoetten in een park een oudere vrouw waarmee ze in gesprek raakten. Het verhaal dat ze hen vertelde en ook de levenslustige uitstraling die ze had, inspireerde het duo dusdanig dat ze de vrouw als voorbeeld namen voor een romanpersonage. Zo ontstond hun gezamenlijke feelgoodroman Zeg maar Agaath, dat in 2022 is verschenen. Twee jaar daarvoor brachten ze samen al Hersenschorsing uit, dat vertelt over de hersenschudding die Ros in 2018 opliep.

Niet lang na het overlijden van haar man besluit de achtenzeventigjarige Agaath haar villa te verlaten en te verhuizen naar een appartement. Omdat er nogal wat spullen op zolder opgeslagen liggen, hangt ze een advertentie op het prikbord in de supermarkt waarin ze om hulp bij het opruimen  vraagt. De achttienjarige vakkenvuller Karim gaat hierop in en biedt aan haar te helpen. Ze gaat akkoord, waarna het leven van haar een andere wending aanneemt. Vooral nadat Karim een stapeltje brieven heeft gevonden die haar jeugdliefde aan haar geschreven heeft.

Het verhaal wordt verteld vanuit de perspectieven van de oudere en levenswijze Agaath en de nog jonge Karim, die uiteraard een stuk minder levenservaring heeft. Toch heeft hij een bijzonder positieve invloed op het doen en laten van de hoogbejaarde vrouw, want hij zorgt ervoor dat ze activiteiten onderneemt waar ze tijdens haar huwelijk, waarin ze door de werkzaamheden van haar man veel in het buitenland verbleef en eveneens aan een soort leiband was gelegd, niet over had kunnen en durven dromen. Gaandeweg de plot maakt ze een overduidelijk zichtbare ontwikkeling door en zie je haar veranderen van een ietwat stijve en principevaste vrouw in iemand die echt van het leven wil en gaat genieten. Karim daarentegen is vanaf het begin zichzelf: een ongecompliceerde, goedwillende, vriendelijke en bovenal behulpzame jongen. De auteurs hebben beide personages in ieder geval dusdanig geprofileerd dat het onmogelijk is om geen zwak voor hen te krijgen.

De roman, die een bijzonder hoog feelgoodgehalte heeft, kenmerkt zich door een opeenvolging van verschillende gebeurtenissen die voor een groot deel luchtig, humoristisch en af en toe zelfs ronduit cynisch zijn. Er doen zich echter ook voldoende momenten voor die een serieuze ondertoon hebben en thema’s als racisme, vooroordelen, alcoholisme, verlies en eenzaamheid naar voren brengen. Daarnaast tonen de auteurs tevens aan dat het in stand houden van bijvoorbeeld een buurthuis van groot belang is, zodat zowel jongeren als ouderen ergens terecht kunnen om hun vrije tijd door te brengen of een activiteit te volgen. Ze waken er echt wel voor belerend over te komen, ze willen de lezer in de eerste plaats vermaken, maar hem daarnaast wel op enkele prangende kwesties wijzen.

Korte hoofdstukken en een bijzonder vlotte schrijfstijl zorgen ervoor dat het verhaal voorbij vliegt en daardoor hoeft de lezer zich geen enkel moment te vervelen. Onverwachte situaties doen zich regelmatig voor, hoewel de plot wel een paar kleine voorspelbaarheden bevat. Deze zijn over de hele linie echter te verwaarlozen en absoluut niet storend. Vanaf het begin weet de roman te boeien en dat komt mede door de mooie en soms ontroerende interactie tussen Agaath en Karim, maar eveneens door wat er allemaal gebeurt en hoe het beperkte aantal personages acteert. De hoofdpersonages zijn echter degenen die de show stelen en dat doen ze beiden met verve. Met Zeg maar Agaath hebben Ros en Kleijne een romandebuut geschreven over een ongebruikelijke vriendschap en dat bij de lezer een goed gevoel achterlaat.

Waardering: 4/5

Boekinformatie
Auteur: Margôt Ros & Jeroen Kleijne
Titel: Zeg maar Agaath

ISBN: 9789038810836
Pagina’s: 256

Eerste uitgave: 2022

Wij zijn vrij – Emily Reekers

Flaptekst
Ze zijn anders dan andere gezinnen. Dit voelen ze wanneer ze tegen de wind in door de rivierduinen rennen. Wanneer ze als een magische eenheid in de woonkamer dansen tot ze zweten. Of wanneer ze in de badkamer elkaars lichamen insmeren met diepzeeklei.

Nadat Alexa een paar jaar met haar moeder in het buitenland heeft gewoond, wordt ze herenigd met haar vader Willem en zijn gezin. Terwijl Alexa en haar stiefzus om de aandacht van hun (stief)vader vechten, beseft Alexa’s stiefmoeder dat zijzelf nog niet zo lang geleden zijn muze was. Willem probeert hun twijfels weg te nemen en hen ervan te overtuigen dat ze bij elkaar horen. Want samen zijn ze open en onbegrensd. Vrij.

Recensie
Emily Reekers studeerde in 2016 als scenarist af aan de Nederlandse Filmacademie en werkt sindsdien als auteur en filmmaker. Ze schreef mee aan het scenario voor de film Beenlampman en was tevens coauteur en regisseur van Hannah’s Dream uit 2021. In het eerste jaar na haar afstuderen kreeg ze een idee voor een roman, een jaar later begon ze met het uitwerken en schrijven hiervan, maar het duurde nog tot 2022 voordat dit romandebuut, Wij zijn vrij, uiteindelijk verscheen.

Nadat Alexa en haar moeder Jona een paar jaar in Japan hebben gewoond, zijn ze teruggekeerd naar Nederland. Hier wordt Alexa herenigd met haar vader Willem, die samenwoont met Marion en haar dochter Claire. Omdat haar moeder psychische problemen heeft, trekt ze bij het gezin in, waarna ze met haar stiefzus Claire om de aandacht van Willem vragen. Hij heeft echter voornamelijk oog voor zijn stiefdochter, wat zijn eigen dochter maar moeilijk kan aanvaarden. Marion merkt dit op een gegeven moment, maar sluit haar ogen voor de werkelijkheid. Vooral omdat Willem haar er telkens van weet te overtuigen dat ze bij elkaar horen.

In de proloog zijn de op dat moment tienjarige Alexa en Claire stiekem getuige van Willem en Marions nachtelijke vrijpartij in de openlucht. Deze scène is in grote lijnen tekenend voor de hele plot, want een aanzienlijk aantal hoofdstukken en fragmenten draait om weinig anders dan seks. Niet erg, want dit hoort vanzelfsprekend bij het leven, maar de nadruk die Reekers hierop legt verwacht je eerder in een erotisch getint verhaal dan in een roman. Het gevolg is dat de eigenlijke thema’s van het boek (onder andere individuele eenzaamheid, seksuele ontdekkingstocht) enigszins ondersneeuwen en daardoor onvoldoende naar voren komen.

De verschillende verhaallijnen worden afwisselend verteld vanuit de perspectieven van de vier hoofdpersonages. De lezer komt hierdoor het een en ander over hen te weten, maar omdat er niet heel uitvoerig op hun karakters etc. ingegaan wordt, blijven ze desondanks vrij oppervlakkig. Als lezer krijg je een globale indruk hoe ieder van hen in elkaar steekt, in mindere mate wat hun dagelijkse bezigheden zijn en wat hun persoonlijke worsteling is. En daar blijft het dan eigenlijk ook wel bij. Het verhaal zelf mist ook de broodnodige diepgang. Er is bijvoorbeeld een situatie die onbetwistbaar neigt naar ongewenst gedrag, maar hier wordt vervolgens niets meer mee gedaan. Een gemiste kans. Net als de mogelijkheid van Marion om het gedrag van Willem écht aan de kaak te stellen.

Reekers’ schrijfstijl is zonder meer toegankelijk en beeldend – haar expertise als scenarist is in de hele plot overduidelijk merk- en zichtbaar. Met korte en heldere zinnen gaat ze recht op haar doel af: vertellen wat er gebeurt en waar de personages zich mee bezig houden. Mooi geformuleerde en/of omslachtig taalgebruik is haar volkomen vreemd, wat overigens absoluut niet erg is, want iets dergelijks zou in een roman als dit absoluut misplaatst zijn. Het boek bevat echter wel een paar onjuist geformuleerde, maar niet storende, zinnen. Hieruit kan de lezer wel opmaken wat er gebeurt en wat de auteur bedoelt, maar taalkundig zijn ze niet helemaal correct.

Met Wij zijn vrij toont Reekers onomstotelijk aan dat ze het beheerst een verhaal te vertellen – dit heeft ze in feite ook al bewezen met haar filmscenario’s – maar in haar romandebuut kan ze nog niet volledig overtuigen. De seksuele escapades van de personages gaan op den duur vervelen en het verhaal heeft in bepaald opzicht niet eens zo heel veel om het lijf. De roman gaat niet als een nachtkaars uit, maar een literair hoogstandje is het evenmin.

Waardering: 3/5

Boekinformatie
Auteur: Emily Reekers
Titel: Wij zijn vrij

ISBN: 9789048863563
Pagina’s: 256

Eerste uitgave: 2022