Categorie archief: Recensies

25 – Jamal Ouariachi

Beschrijving
Is liefde in grammen uit te drukken? In meters? Het is 30 april 2013, de dag waarop Willem-Alexander koning wordt van Nederland. In de nacht voorafgaand aan de inhuldiging begint de vijfentwintigjarige Hanna aan een lange tocht door feestend Amsterdam – maar feest vieren is wel het laatste waar haar hoofd naar staat. Aan verschillende passanten die zij gedurende het etmaal van die 30ste april tegenkomt, vertelt zij broeierige verhalen over haar verloren liefde Arthur, die telkens een andere gedaante lijkt aan te nemen. Terwijl de dag vordert transformeert hij van erotische halfgod tot afhankelijke perverseling. Maar vanwaar al dat gefabuleer? Wat is het werkelijke drama dat achter Hanna’s verhalen schuilgaat?

Recensie
Na zijn studie psychologie werkte Jamal Ouariachi een aantal jaren als therapeut, maar in 2011 besloot hij om fulltime auteur te worden. Een jaar eerder debuteerde hij met De vernietiging van Prosper Morèl, een roman waarvoor hij veel waardering kreeg. In 2013 verscheen 25, het eerste deel van een erotische trilogie 25-45-70, waar David Pefko (45) en Daan Heerma van Voss (70) eveneens bij betrokken zijn. Voor zijn roman Een honger (2015), waarvan de filmrechten twee jaar later zijn verkocht, won hij de BNG Literatuurprijs en de European Prize for Literature.

Hoewel ze er eigenlijk niet zoveel zin in heeft, wordt de 25-jarige Hanna tijdens de Koninginnenacht van 2013 door een vriend overgehaald om cruisend door de Amsterdamse grachten een aantal feestjes af te gaan. Zowel die nacht als de dag daarop vertelt ze aan een aantal mensen die ze ontmoet haar verhaal over Arthur, een man die ze adoreert en bemint, maar wel verloren heeft. De verhalen die ze vertelt, verschillen voortdurend. Aanvankelijk is hij een fantastische minnaar en uiteindelijk verandert hij in een verdorven man. Vertelt Hanna deze fantasieën omdat ze een achterliggend probleem heeft?

Het verhaal in 25 wordt volledig verteld vanuit het perspectief van Hanna, de protagonist. Het speelt zich in één etmaal af, te beginnen bij de nacht, waarna het vervolgens ‘s ochtend, ‘s middags en ’s avonds verdergaat. Ieder dagdeel heeft een aantal hoofdstukken waarin Hanna telkens een ander personage aanklampt om, iedere keer in een andere versie, te vertellen wat haar grote liefde Arthur voor haar heeft betekend. Hierin gaat niets haar te ver, want wat ze kwijt moet, en zo goed als zeker alleen maar wil, gaat grotendeels over haar seksuele escapades met de man die ze zo vurig aanbidt. Zonder echt heel erg grof te worden, treedt de auteur daarbij behoorlijk in details. Niets laat hij onbenoemd, en niets laat hij de lezer zelf invullen.

De roman heeft de Koninginnenacht 2013 en de troonswisseling de dag erop als setting. Daarom besteedt de auteur uitgebreid aandacht aan de festiviteiten die rondom deze happening georganiseerd werden. Tijdens de diverse feestjes vloeit de drank rijkelijk en Hanna en haar vrienden maken daar ook dankbaar gebruik van. Het is echter niet alleen dat, want van de lijntjes cocaïne zijn ze eveneens niet vies. Op zich kan dit een vrij goede en representatieve weergave zijn van hoe een groep feestvierende mensen die nacht en dag doorgekomen is. De auteur laat zich bij vlagen kritisch uit over de monarchie en het koningshuis. Dit doet hij niet uit eigen naam, maar – vanzelfsprekend uiteraard – uit dat van enkele personages.

Vanaf het begin is het wel duidelijk dat Hanna niet lekker in haar vel zit. Ze zwelgt in haar liefdesverdriet en lijkt te willen dat haar toehoorders dat weten ook. 25 is echter geen treurig of zwaar verhaal, absoluut niet. Ouariachi geeft er zo nu en dan een humoristisch tintje aan en door de erotiek is het geheel op zich redelijk luchtig. Daarnaast is het zonder meer beeldend, de lezer kan de vele scènes die het verhaal heeft al vanaf het eerste hoofdstuk precies voor zich zien. Dat geldt in zeker opzicht ook voor de dialogen en personages, hij kan zich daarin verplaatsen en inleven.

Toch is het niet zo dat de verhalen die Hanna in die vier dagdelen vertelt allemaal even boeiend en interessant zijn. De nacht begint nog sterk, hierna zwakt het af waardoor de ochtend en middag langdradiger zijn en de avond is weer wat onderhoudender. Wie verwacht dat er een concreet antwoord komt wat er nou echt met Arthur is gebeurd, komt bedrogen uit. 25, dat over het algemeen onderhoudend is, eindigt namelijk met een enigszins open eind en laat in het midden of Hanna in de vervolgdelen van de trilogie nog meer over hem vertelt.

Waardering: 3/5

Boekinformatie
Auteur: Jamal Ouariachi
Titel: 25

ISBN: 9789021447889
Pagina’s: 156

Eerste uitgave: 2013

De rode koningin – Juan Gómez-Jurado

Beschrijving
Jon Gutiérrez is een zachtaardige rechercheur bij de politie van Madrid. Soms laat hij zich te veel meeslepen door het onrecht in zijn stad. Als hij zelf bewijsmateriaal achterlaat om een beruchte pooier op te kunnen pakken, wordt hij beschuldigd van corruptie en geschorst. Om het vertrouwen terug te winnen moet hij ene Antonia Scott ervan overtuigen de politie bij te staan in een spraakmakende moordzaak. Het probleem? Antonia Scott weigert al twee jaar om haar appartement te verlaten.

Ooit was Antonia een veelbelovende rekruut van ‘De rode koningin’, een eliteteam dat speciaal werd opgeleid om in het diepste geheim misdaden op te lossen. Maar na een tragisch verlies heeft Antonia zich teruggetrokken uit de maatschappij. Ze wil niemand spreken en al helemaal niet bijspringen in een moordonderzoek. Dat het slachtoffer de zoon is van een invloedrijke bankdirecteur, en dat zijn lijk midden in een zwaarbeveiligde villawijk tot op de laatste druppel is leeggebloed, verandert daar niets aan. Maar dan blijkt dat de tienerjongen niet het enige slachtoffer is. En dat alleen Antonia de gruwelijkheden kan stoppen.

Recensie
In zijn thuisland Spanje is Juan Gómez-Jurado een van de meest succesvolle auteurs. Hij heeft meer dan tien boeken geschreven en zijn werk is in tweeënveertig talen vertaald. In 2007 debuteerde hij als fictie-auteur met Spion van God, dat zowel controversieel als succesvol was. De rode koningin, dat in 2021 is verschenen, is zijn Nederlandstalige debuut. Over deze thriller heeft hij drie jaar gedaan en is het eerste deel van een trilogie rond Antonia Scott en Jon Gutiérrez. Voor enkele boeken heeft hij prijzen en nominaties op zijn naam staan.

Ondanks dat inspecteur Jon Gutiérrez met bewijsmateriaal heeft geknoeid, krijgt hij nog een laatste kans zijn positie te redden. Hij moet de onwillige Antonia Scott overhalen de politie te helpen bij een bijzonder ingewikkelde moordzaak. Dat lukt hem ten dele, want het is vooral haar oma die haar wist te overtuigen. De zaak waar het om gaat, is de dood van de zoon van een schatrijke bankdirecteur. De jongen is volledig leeggebloed. Pas als de dochter van een rijke zakenman ontvoerd wordt, is Antonia erop gebrand de moordenaar, die ook de kidnapper is, te ontmaskeren.

De rode koningin bestaat uit drie delen, te weten Jon, Carla (de vrouw die ontvoerd is) en Antonia. Hoewel het verhaal in ieder deel vanuit verschillende perspectieven wordt verteld, hebben deze drie personages het grootste aandeel in hun eigen gedeelte. Zonder dat er heel erg diep op hun karakters wordt ingegaan, leert de lezer ze vrij goed kennen en daardoor kun je je heel goed met hen vereenzelvigen. Toch, en dat geldt dan uitsluitend voor Jon en Antonia – zij zijn immers de terugkerende personages – blijven er rondom hun persoon een paar vragen openstaan. De auteur kiest er waarschijnlijk voor deze in de andere twee delen van de trilogie te beantwoorden. Wel kun je al concluderen dat beiden interessant zijn, hun eigen eigenaardigheden hebben en een prima koppel vormen.

Het verhaal heeft tijd nodig om op gang te komen, maar als het eenmaal zover is, is het bij wijze van spreken niet meer te houden. Waar de spanning in het eerste deel grotendeels ontbrak, neemt die in het tweede toe en blijft vervolgens gehandhaafd tot het eind. De auteur maakt de lezer vanaf het begin nieuwsgierig, dat doet hij vooral door de lezer op gezette tijden de indruk te geven dat hij met een alles verhullende openbaring komt, maar uiteindelijk toch niets vertelt. Tot hij er later in de plot op terugkomt, is en blijft de spanningsboog wat dit betreft intact. Vanaf deel twee is er meer actie en doen zich diverse onverwachte ontwikkelingen voor. Dit deel eindigt met een heftige scène die voor een aantal politiemensen vervelende gevolgen heeft. Het verhaal sluit af met een ontknoping die enigszins zinderend genoemd mag worden.

De schrijfstijl van Gómez-Jurado is niet onprettig, hoewel je er aanvankelijk even aan moet wennen. Hij maakt met regelmaat gebruik van mooi geformuleerde zinnen, heeft het verhaal humor meegegeven en op zijn tijd is het zelfs ietwat cynisch. Het verhaal is overwegend beeldend, maar daarnaast zijn er fasen dat het meer vertellend is. De auteur weet beide stijlen goed te combineren. Door de korte hoofdstukken, sommige zijn ultrakort, zit het tempo er goed in; hierdoor heb je nooit het gevoel een langdradig of saai relaas te lezen.

Uit de epiloog, waar het verhaal mee eindigt, kan de lezer al opmaken dat er een vervolg aan zit te komen, iets dat in het nawoord van de auteur eveneens bevestigd wordt. Voor de geïnteresseerde lezer iets om naar uit te kijken, want De rode koningin is zonder twijfel een mooi en sterk begin van het drieluik met Scott en Gutiérrez.

Waardering: 4/5

Boekinformatie
Auteur: Juan Gómez-Jurado
Titel: De rode koningin

ISBN: 9789022593479
Pagina’s: 398

Eerste uitgave: 2021

Vogeleiland – Marion Pauw

Beschrijving
De opstandige Marianne haat haar ouders, school en de maatschappij. Ze loopt van huis weg en gaat met de oudere Berend op het onbewoonde Vogeleiland wonen. Ze leven een idyllisch leven totdat Marianne zwanger wordt en moet bevallen. Ze raakt in paniek en wil terug naar de bewoonde wereld. Berend realiseert zich dat hij in de cel zal belanden als hun verhaal naar buiten komt. Vanaf dat moment wordt Marianne zijn gevangene.

Jaren later kampt Nicole, het zusje van Marianne, nog steeds met het trauma van haar verdwijning. Een schokkende gebeurtenis doet de hoop oplaaien dat haar zus nog leeft.

Recensie
In 2015 kondigde Marion Pauw aan geen fictie meer te willen schrijven. Ze zag er het nut niet meer van in en wilde zich op andere zaken richten. Vier jaar later maakte ze haar beslissing ongedaan, want het verhaal van de in 2019 verschenen roman De experimenten kwam op haar pad. Op dat moment wist ze dat ze een verhalenverteller pur sang is. Het nieuws rond de Ruinerwold-zaak (een man woonde negen jaar lang met zijn zes kinderen in een afgesloten ruimte) inspireerde haar tot het schrijven van de in 2021 uitgebrachte thriller Vogeleiland.

De rebelse Marianne is nog maar vijftien jaar oud als ze van huis wegloopt. Op een achtergelaten briefje heeft ze geschreven dat ze overal schijtzat van is.  Ze ontmoet Berend, een oudere man met wie ze het goed lijkt te kunnen vinden. Samen besluiten ze om op het onbewoonde Vogeleiland te gaan wonen. Als Marianne in verwachting raakt en de weeën beginnen, wil ze naar het ziekenhuis om daar te bevallen. Omdat Berend bang is dat hij dan aangehouden zal worden, staat hij dat niet toe. Sindsdien is Marianne zijn gevangene en verandert haar leven in een nachtmerrie.

Vogeleiland, dat aanvankelijk wordt verteld vanuit twee en later drie perspectieven, heeft twee verhaallijnen. De ene is die van Berend waarin hij vertelt wat er de aanleiding van was waarom hij en Marianne op het eiland zijn gaan wonen, hoe ze er, eerst samen en later met hun dochter Pup, overleefden en wat dit in mentaal opzicht met hen heeft gedaan. De andere is van Nicole, de zus van Marianne, en daarin gaat het over haar vertrek naar Spanje, waar ze een finca (boerderij) heeft geërfd, maar ook over de herinneringen die ze aan haar zus heeft. Hoewel de setting van beide verhalen volledig van elkaar verschilt, zijn eenzaamheid en angst een duidelijke overeenkomst.

Behalve dat de auteur de gevoelens die deze elementen met zich meebrengen goed weet over te brengen, zorgt ze er eveneens voor dat de lezer vanaf het begin bij het verhaal betrokken is, met de belangrijkste personages meeleeft en nieuwsgierig is naar hun doen en laten. Daarnaast doen zich enkele situaties voor waarbij de sfeer enigszins dreigend is. Het is dan, ondanks dat de omstandigheden waarin Marianne zich op een gegeven moment bevindt dat wel zijn, niet angstaanjagend, maar eerder beklemmend. Zoiets als de stilte in de atmosfeer vlak voordat er een flinke onweersbui losbarst. Hierdoor wordt er, zonder dat Vogeleiland zinderend spannend is of bol staat van de plotwendingen, een psychologisch spanningsveld gecreëerd.

Aanvankelijk is het niet helemaal duidelijk dat de twee verhalen zich in verschillende decennia afspelen, maar tijdens de plot vind je een paar aanwijzingen waaruit op te maken valt in welk jaar Marianne is weggelopen. Daarna verloopt die verhaallijn chronologisch, nadert het die van Nicole steeds meer en vloeien ze samen als Pup op zoek gaat naar Nicole en ze elkaar in Spanje ontmoeten. Voor Pup was dit een hele onderneming die niet helemaal geloofwaardig overkomt. Voordat ze aan deze zoektocht begon, had ze het eiland namelijk nog nooit verlaten en was ze in feite toch enigszins wereldvreemd. Haar gedragingen en manier van spreken laten dit in zekere zin ook zien.

Doordat het verhaal, dat in een prettige en toegankelijke stijl geschreven is, vanuit afwisselende perspectieven wordt verteld en het daarnaast korte hoofdstukken heeft, is het tempo heel behoorlijk. Vogeleiland is echter geen conventionele thriller, heeft veel weg van een roman, maar bevat desondanks voldoende onderhuidse spanning om ervoor te zorgen dat de lezer zich geen seconde hoeft te vervelen. Het bewijst dat Pauw weer terug is van niet helemaal weggeweest.

Waardering: 4/5

(Het boek heb ik onlangs gerecenseerd voor Hebban.)

Boekinformatie
Auteur: Marion Pauw
Titel: Vogeleiland
ISBN: 9789048854950
Pagina’s: 272
Eerste uitgave: 2021

Het late journaal – Petros Markaris

Beschrijving
Politiecommissaris Kostas Charitos wordt op een avond naar een televisiestudio geroepen, waar de onderzoeksjournaliste Janna Karajorgi dood is aangetroffen. Ze is vermoord, vlak voordat ze live in het late journaal zou onthullen dat eerder die dag een jong Albanees echtpaar werd neergestoken in een armoedig huis in Athene en dat de politie nog op zoek is naar hun verdwenen kind. Dat van die steekmoord klopt – vrijwel meteen erna rekende de politie een andere Albanees in, die bekende het echtpaar vermoord te hebben – maar noch deze verdachte noch de politie wist van het bestaan van een kind. Hoe zit dat? En wie vermoordde Janna Karajorgi?

Recensie
Nadat de Griekse auteur Petros Markaris (geboren als Bedros Markarian) afstudeerde in economie, debuteerde hij in 1965 als schrijver met het toneelstuk Het verhaal van Ali Retzo. Hierna schreef hij nog een aantal toneelstukken, bedacht hij series voor de Griekse televisie en schreef hij mee aan scenario’s voor enkele films. In 1995 begon hij aan een reeks met commissaris Kostas Charitos, waarvan Het late journaal, dat in 2005 in het Nederlands is vertaald, het eerste deel is. Hij schreef ook een non-fictieboek en in 2013 ontving hij de Goethe-medaille voor zijn gewaardeerde bijdrage aan de Duitse taal en de internationale culturele betrekkingen.

Vlak nadat commissaris Charitos de moord op een Albanees echtpaar heeft opgelost, wordt hij geconfronteerd met de moord op de journaliste Janna Karajorgi. Vlak daarvoor had ze aangegeven dat ze in het late journaal een opzienbarende onthulling zou doen. Terwijl de politie nog met het onderzoek bezig is, wordt haar opvolgster Martha Kostarakou eveneens om het leven gebracht. Het is duidelijk dat er een verband is tussen beide moorden, maar vooralsnog tast Charitos nog in het duister. Toch komt hij langzaam maar zeker steeds dichter bij de oplossing.

In dit eerste deel van de serie maakt de lezer kennis met commissaris Charitos en komt er dan al snel achter dat hij iemand is die nogal onverschillig, bot en ook enigszins bozig overkomt. In zijn doen en laten lijkt het erop dat hij het kolonelsregime, dat tot 1974 Griekenland overheerste en dat in het verhaal minimaal naar voren wordt gebracht, nog niet achter zich gelaten heeft. Toch heeft hij ook zijn zachte kanten, dat zich in zijn adoratie voor zijn dochter Katerina. Omdat Het late journaal volledig vanuit zijn perspectief wordt verteld, leert de lezer hem vrij goed kennen, ofschoon er over zijn verleden zo goed als niets bekend wordt gemaakt. Ondanks zijn hebbelijkheden en eigenzinnige karakter is de commissaris wel degelijk een interessant personage, hij is verre van kleurloos en door zijn cynisme weet hij zich voor je te winnen.

Het verhaal begint met de moord op twee Albanezen, maar deze misdaad wordt al snel overschaduwd door de dood van de journaliste Karajorgi. Beide moordzaken lijken helemaal niets met elkaar te maken te hebben en daarom verdwijnt de korte verhaallijn van de moord op de buitenlanders naar de achtergrond. Toch, maar dat is vrij laat in de plot, zijn beide zaken onlosmakelijk met elkaar verbonden, hoewel de moorden op zichzelf staan. Pas in de ontknoping wordt bekend wie te twee journalistes heeft vermoord. Aan de ene kant is dit verrassend, maar aan de andere kant is het ook al enigszins te voorzien. Er kan echter niet gezegd worden dat het een voorspelbaar verhaal is, dat is het niet. Er zijn namelijk verschillende plotwendingen, waaronder enkele echt onverwachte.

Markaris’ schrijfstijl is vanaf het begin beeldend. De lezer kan zich alle omstandigheden en situaties goed voor de geest halen, zoals de files waar Athene dagelijks door geteisterd wordt. Verder is het regelmatig humoristisch, hoe dan ook toegankelijk en gebruikt de auteur soms mooie vergelijkingen. Hoewel er geen zinderende en doorlopende spanning is, zijn er wel momenten waarop de spanningsboog iets strakker komt te staan. Dan gebeurt er vaak net wat meer dan elders in de plot. Het late journaal moet vooral gezien worden als een politieroman, een whodunit waarin de diverse intriges, complex en minder complex, belangrijker zijn dan de spanning. Wat in ieder geval een feit is, is dat het een prima begin van de serie is.

Waardering: 4/5

Boekinformatie
Auteur: Petros Markaris
Titel: Het late journaal

ISBN: 9789022995969
Pagina’s: 328

Eerste uitgave: 2005

Phineas’ feest – Sophie Tak

Beschrijving
Johannes is het zwarte schaap van de familie Ouwenaer. Met zijn grillige gedrag ontregelt hij het leven van zijn ouders en zussen. Als dan eindelijk die laatste druppel de emmer doet overlopen valt het gezin definitief uit elkaar. Vader Hilmar kiest voor een kluizenaarsbestaan, moeder Tanneke zakt weg in een depressie, Adelien stort zich op de wetenschap van het brein en Lea sticht een gezin dat almaar groter wordt. Johannes zelf lijkt van de aardbodem verdwenen. Tot hij na twintig jaar opduikt, vast van plan zijn opwachting te maken op het kraamfeest van zijn neefje Phineas. Het ophanden zijnde weerzien zet ieders zekerheden opnieuw op losse schroeven. Zou het mogelijk zijn nader tot elkaar te komen, of zijn de breuklijnen onherstelbaar?

Recensie
Tijdens haar studie aan de VU Amsterdam publiceerde Sophie Tak verhalen in het inmiddels opgeheven literaire tijdschrift Moxi. Daarnaast schreef ze recensies voor het dagblad Trouw en was ze redacteur voor het tijdschrift vakTaal. Momenteel is ze docent Nederlands en als auteur debuteerde ze in 2020 met de roman Phineas’ feest, waar ze vijf jaar aan heeft gewerkt en waar acht versies van zijn gemaakt. De personages zaten al langer in haar hoofd, maar ongeveer acht jaar geleden, tijdens het voeden van haar zoon, vielen alle stukjes op z’n plaats en had ze een verhaal.

Ter gelegenheid van de geboorte van haar zoontje Phineas geeft Lea Ouwenaer een kraamfeestje. Haar zus Adelien en haar moeder Tanneke/Tamarinde zijn hierbij ook aanwezig. Na een conflict hebben haar vader Hilmar en haar broer Johannes het ouderlijk huis verlaten en vervolgens niets meer van zich laten horen. Hilmar laat zich door Max, een vriend van Lea, overhalen om als introducé naar het feest te komen. Hij zal dan voor het eerst sinds lange tijd zijn familie weer zien. Tegelijkertijd laat ook Johannes iets van zich horen en eveneens op het feestje zijn. Hoe zullen de familieleden op elkaars aanwezigheid reageren?

Phineas’ feest wordt verteld vanuit het perspectief van de vijf leden van een lichtelijk ontwricht gezin. Elk van hen vertelt haar of zijn verhaal in een eigen deel. Dat gebeurt in het heden, hoewel het er alle schijn van heeft dat dat toch ook alweer een aantal jaren geleden is. Door middel van veel flashbacks maakt het eveneens een sprong naar eenentwintig jaar eerder. Twee decennia geleden is er namelijk iets gebeurd waardoor het gezin grotendeels uit elkaar is gevallen. Wat dit voorval was, wordt pas ver in de verhaallijn duidelijk. Dit zorgt voor een geringe mate van spanning, de lezer wil immers te weten komen wat de oorzaak van dat verstoorde gezinsleven is. Het is daarom vooral het gevoel van nieuwsgierigheid dat hem prikkelt, het willen weten.

Wat al meteen opvalt, is de beeldende en invoelende schrijfwijze van de auteur. Je ziet voor je wat er gebeurt, maar daarnaast kun je je ook heel goed in de personages inleven. De lezer, die alles in zekere zin van een afstand bekijkt, voelt met ieder van hen mee, kan zich met hen vereenzelvigen. Door de opzet van het verhaal kom je ruim voldoende over hen te weten en leer je ze ook goed kennen. Wanneer een van de personages in het eigen verhaal iets niet verteld heeft, komt het in dat van een ander wel naar voren. Zo ontstaat er een totaalbeeld van het gezin, hoe ze in het heden fungeren, maar ook hoe ze die twintig jaar eerder waren, wat ze deden en waardoor alles zo faliekant mis is gegaan.

Van begin af aan is te merken dat de plot erop gericht is de vijf gezinsleden weer bij elkaar te brengen, dit geldt dan in het bijzonder voor Hilmar en Johannes, zij zijn immers degenen die de anderen destijds hebben verlaten. Het pad naar die ontmoeting gaat gepaard met enkele plotwendingen, waarvan sommige ietwat verrassend zijn. Uiteindelijk leidt dat tot een enigszins open einde, de lezer kan er in wezen een eigen invulling aan geven. Vlak daarvoor vindt echter nog een dramatisch incident plaats, hiervan krijg je de indruk dat dit wat gezocht is, maar het past echter wel in de aard van het verhaal en met name het personage.

Ondanks de vijf verschillende subplots loopt er wel een rode draad door Phineas’ feest heen. Dat is Johannes, hij is de as waar alles om draait. Hij, maar zeker ook de anderen, zorgen voor een boeiend en intrigerend verhaal waardoor Tak over een prima debuut mag spreken.

Waardering: 4/5

Boekinformatie
Auteur: Sophie Tak
Titel: Phineas’ feest

ISBN: 9789026348051
Pagina’s: 336

Eerste uitgave: 2020

De smeekbede – Lianne Damen

Beschrijving
‘Mijn meester, ach neemt mijn bede aan,’ schrijft een vrijgemaakte zwarte vrouw, Dédé, in 1795 vanuit Suriname aan haar voormalige meester in Holland. Deze brief, die nooit op zijn bestemming aankwam en pas in 1980 in de National Archives in Londen werd teruggevonden, ligt aan de basis van een bijzonder verhaal. Voor de roman De smeekbede deed Lianne Damen diepgravend historisch onderzoek om te achterhalen waarom deze oude vrouw zich met een roep om hulp uitgerekend wendt tot de man die haar jarenlang in eigendom had. Damen ontrafelt het leven van de vrouw en legt het schrijnende contrast bloot tussen het leven van een in slavernij geboren zwarte vrouw en dat van haar meester, een Utrechtse jurist die zijn gezin achterliet om in Suriname fortuin te maken.

Recensie
Na haar studie geschiedenis aan de Universiteit van Utrecht heeft Lianne Damen lange tijd gewerkt als uitgever bij verschillende uitgeverijen. Daarnaast heeft ze een aantal schrijfcursussen aan de schrijversvakschool gevolgd. Behalve als auteur werkt ze op dit moment ook als zelfstandig redacteur en scenarist. Voor de televisie heeft ze de scenario’s geschreven voor Sync (2013) en Daan durft (2014). Haar korte en prijswinnende verhaal Wilde kust verscheen in de bundel Historische verhalen. In het voorjaar van 2020 werd haar debuutroman De smeekbede uitgegeven, een verhaal dat gebaseerd is op een brief uit 1795.

Dédé is nog maar negen jaar oud als ze ziet dat een meisje van haar leeftijd en dat net in Suriname is gearriveerd gebrandmerkt wordt. Als haar moeder haar het verhaal vertelt hoe zij vanuit Afrika naar Suriname werd getransporteerd, weet ze dat ook zij hetzelfde lot als het meisje moet ondergaan. Ze wordt slavin, eerst op het veld en later in het huis van haar meester Engelbert Kelderman. Hoewel ze het bij hem niet slecht getroffen heeft, realiseert ze zich wel dat ze geen vrije vrouw is. Ze wordt geconfronteerd met het leed dat de veldslaven moeten ondergaan, maar ook met de zich superieur voelende blanken.

Net als veel andere landen heeft ook Nederland een slavernijverleden waar het niet trots op mag zijn. In De smeekbede wordt deze zwarte periode uit de vaderlandse geschiedenis aan de kaak gesteld. Het toont de schrijnende omstandigheden waar de vanuit Afrika naar Suriname verbannen mensen aan onderworpen werden, hoe de blanke overheersers zich naar hen opstelden, hoe ze hen behandelden, maar ook hoe ze hen als een minderwaardig wezen beschouwden. Daarnaast geeft het inzicht in de rijkdom van de blanke en de armoe en het mensonwaardige bestaan van de slaven.

Het verhaal heeft twee verhaallijnen, dat van Dédé en dat van Engelbert. De smeekbede bestrijkt een periode van ongeveer tachtig jaar en de lezer volgt de levensloop van beide personages, uiteraard bezien vanuit hun eigen perspectief. Hij merkt dan dat Kelderman eigenlijk niet eens de meest slechte is en dat Dédé, ondanks haar situatie, ook wel krachtig is. Het verhaal van Dédé is aanvankelijk het meest interessant, in dat van Engelbert zijn dan vrij veel feiten verwerkt. Dat wordt anders als Kelderman besluit naar Suriname te vertrekken en Dédé als huisslaaf neemt. Dan komen hun levens samen, maar ook beide subplots raken elkaar steeds meer, hoewel ze nergens volledig samenvloeien. Wel zijn ze uiteraard onlosmakelijk met elkaar verbonden.

De schrijfstijl van de auteur is bijzonder beeldend en inlevend. De lezer kan zich uitstekend voorstellen wat de slaven hebben moeten doorstaan, vooral op de momenten dat ze voor straf met de zweep gegeseld werden of een straf in de vorm van de Spaanse bok kregen. Dan zie je beelden voor je die bepaald niet prettig zijn. Toch is het niet alleen kommer en kwel, want ook mooie momenten worden door Damen prima weergegeven. Denk daarbij onder andere aan de moeder-zoonrelatie tussen Dédé en Antó, dan voel je, ondanks alle ellende waar ze mee te kampen hebben, heel duidelijk de liefde die er tussen hen bestaat.

Hoewel het verhaal in het begin even op gang moet komen, gaat het naarmate de plot vordert steeds meer boeien en intrigeren. Het is overduidelijk dat Damen zich in de materie heeft verdiept en weet waar ze het over heeft. De smeekbede is een debuut waar Damen trots op mag zijn en zonder enige twijfel indrukwekkend is.

Waardering: 4/5

Boekinformatie
Auteur: Lianne Damen
Titel: De smeekbede

ISBN: 9789493081420
Pagina’s: 336 

Eerste uitgave: 2020

Handtekening van het kwaad – Chris Carter

Beschrijving
Als de politie in een verlaten buitenhuis het toegetakelde lichaam van een jonge vrouw vindt, wordt de hulp van profiler Robert Hunter ingeroepen. In de nek van het slachtoffer is een vreemd teken zichtbaar: een dubbel kruis, de handtekening van een seriemoordenaar die Robert Hunter twee jaar eerder arresteerde, waarna de dader de doodstraf kreeg.

Is er een copycat actief die het werk van zijn voorganger eert? Of is de echte dader nooit veroordeeld en begint hij opnieuw zijn genadeloze spel? Robert Hunter en zijn partner Carlos Garcia vechten tegen de tijd en moeten zien te voorkomen dat er nog meer slachtoffers vallen…

Recensie
Na de middelbare school, die Chris Carter in Brazilië heeft gevolgd, verhuisde hij naar de Verenigde Staten en volgde daar een studie psychologie met als specialisme crimineel gedrag. Hierna werkte hij als psycholoog en speelde gitaar in enkele bekende glamrockbands. Hoewel hij nooit de ambitie heeft gehad auteur te worden, besloot hij in 2007 op aanraden van zijn toenmalige vriendin om met schrijven te gaan beginnen. Uiteindelijk verscheen twee jaar later zijn thrillerdebuut De crucifix-killer, dat in april 2021 onder de titel Handtekening van het kwaad is heruitgebracht.

Rechercheur Robert Hunter wordt naar een afgelegen plek geroepen waar in een oud houten huis het zwaar verminkte lichaam van een jonge vrouw wordt gevonden. In haar nek is een symbool gekerfd dat eruit ziet als twee kruisen in één. Dit teken is een paar jaar eerder ook gebruikt door een door Hunter gearresteerde en tot de doodstraf veroordeelde seriemoordenaar. Het lijkt er nu echter op dat de werkelijke dader nog altijd vrij rondloopt en opnieuw met zijn spel begonnen is. Samen met zijn partner Carlos Garcia probeert Hunter nieuwe moorden te voorkomen.

Handtekening van het kwaad begint met twee erg korte, maar spannende hoofdstukken. Rechercheur Robert Hunter krijgt namelijk een telefoontje dat hem dusdanig verontrust waardoor hij in grote haast naar een locatie elders in Los Angeles vertrekt. Eenmaal daar merkt hij al snel dat er een spelletje met hem wordt gespeeld en dat tijd daarbij een belangrijke factor is. De auteur brengt de paniek die dat met zich meebrengt heel goed over. Dan volgt er meteen een flashback van vijf maanden en vanaf dat moment heeft de plot een chronologisch verloop, tot het in de ontknoping weer terechtkomt bij de situatie uit het begin.

Na die explosieve start belandt het verhaal in een wat rustiger vaarwater. De auteur besteedt dan aandacht aan enkele omstandigheden, zoals de vondst van het lichaam van de vrouw en, als terugblik, de arrestatie en ondervraging van de anderhalf jaar geleden veroordeelde seriemoordenaar. Zonder dat Carter al te uitvoerig op hun verleden ingaat, worden Hunter en Garcia eveneens nader aan de lezer voorgesteld. De aan elkaar gekoppelde rechercheurs vormen een aardig duo, maar meer ook niet. Ze zijn, net als een aantal andere personages, nogal cliché. Hunter bijvoorbeeld voelt zich vaak alleen, drinkt vooral whisky en wil nog wel eens zijn eigen gang gaan. Eigenschappen die bij een rechercheur vaker voorkomen.

In het verhaal, dat vanuit verschillende perspectieven wordt verteld, is de spanningsboog niet continu gespannen. Op het begin en eind na, zijn het voornamelijk enkele momenten die daarvoor zorgen. Daarbij maakt de auteur regelmatig gebruik van plotwendingen en cliffhangers, maar ze hebben niet altijd het door hem beoogde effect. Toch verveelt Handtekening van het kwaad geen tel, daarvoor gebeurt er te veel, is het boeiend, bij vlagen intrigerend en is het zodanig opgebouwd dat je als lezer zonder meer nieuwsgierig blijft. Ondanks het feit dat de plot redelijk voorspelbaar en voor de hand liggend verloopt, doen zich wel een paar onverwachte ontwikkelingen voor. Het motief voor de moorden is nogal triviaal, maar daarentegen is de werkelijke identiteit van de seriemoordenaar verrassend.

Carter houdt er een nogal wisselvallige manier van schrijven op na. De ene keer is het beeldend en kan de lezer zich in de personages en de soms huiveringwekkende scènes inleven, de andere keer is het afstandelijker en lijkt het net alsof je een verslag leest. Het heeft er daarom alle schijn van dat de auteur nog op zoek is naar een eigen stijl. Handtekening van het kwaad, dat vertaald is door Lia Belt, is desondanks een niet unieke en opzienbarende, maar wel interessante start van een serie met Robert Hunter.

Waardering: 3/5

(Het boek heb ik onlangs gerecenseerd voor Hebban.)

Boekinformatie
Auteur: Chris Carter
Titel: Handtekening van het kwaad

ISBN: 9789402760439
Pagina’s: 320

Eerste uitgave: 2021

Stenen eten – Koen Caris

Beschrijving
Het dorp van de 17-jarige Ben en zijn moeder wordt opgeschrikt door een reeks zelfmoorden onder jongeren. Drie jaar eerder maakte Kim, Bens oudere zus, een einde aan haar leven. De zelfmoorden blazen het smeulende verdriet van Ben en zijn moeder opnieuw aan en zetten hen in het middelpunt van een mysterie waarmee ze niets te maken willen hebben. Tijdens een hittegolf die iedereen in het dorp van binnenuit droogkookt, wordt Ben gedwongen om zijn gevoelens van schuld en schaamte omtrent Kims dood onder ogen te zien.

Recensie
Na het in 2011 succesvol afronden van zijn opleiding Writing for performance aan de HKU werkt Koen Caris als schrijver, dramaturg en docent. Omdat hij ervan houdt in andere werelden rond te dolen is hij gaan schrijven. Zo schreef hij theaterstukken en hoorspelen voor onder andere de VPRO en De Hoorspelfabriek. Voor zijn werk heeft hij diverse prijzen gewonnen, waaronder de Zilveren Reismicrofoon en de Prix Europa. In juli 2021 verscheen zijn debuutroman Stenen eten, dat gebaseerd is op enkele gebeurtenissen die hij in zijn jeugd heeft meegemaakt.

Drie jaar na de zelfmoord van Kim, de oudere zus van de nu zeventienjarige Ben, maakt een aantal jongeren uit zijn dorp eveneens een eind aan hun eigen leven. Hun daden werpen een inktzwarte schaduw over de eindexamens en de bloedhete zomer. Voor Ben betekent dit dat hij weer geconfronteerd wordt met het leed dat de dood van zijn zus veroorzaakt heeft, maar ook dat zijn herinneringen aan de laatste dag dat hij haar zag naar de oppervlakte komen. Behalve met het schuldgevoel dat hij al die jaren met zich meedraagt, worstelt hij tevens met zijn eigen identiteit.

De korte proloog, waarmee Stenen eten begint, geeft de lezer inzage in de paar weken vanaf de eerste dag van de eindexamens tot en met de feestjes die de dagen erna plaatsvinden. Ook volgt hij een aanvankelijk onbekend meisje dat door de verduisterde straten rent. Ze heeft een doel voor ogen, en ze heeft een naam: Kim. Hierna gaat het verhaal verder, het is inmiddels drie jaar later, en wordt het volledig verteld vanuit het perspectief van Ben. Je maakt dan uitgebreid kennis met hemzelf en in iets mindere mate met zijn vrienden Hettie en Tom. Omdat het eindexamen voor de deur staat, komen de herinneringen aan de gebeurtenis van drie jaar eerder bovendrijven. Het was toen een snikhete zomer, dat is het nu weer.

Voor Ben wordt het helemaal een soort van déjà vu wanneer een meisje zelfmoord pleegt op nagenoeg dezelfde wijze als zijn zus. Omdat hij hier niet aan wil denken, iedere gedachte aan de dood van zijn zus verdrukt hij, heeft hij moeite met zijn gevoelens. Hij weigert ze te uiten en het is overduidelijk dat hij het gevoel heeft schuldig te zijn aan haar dood. Deze strijd met zichzelf komt tijdens de plot heel duidelijk naar voren. Het is echter niet alleen díe worsteling waar Ben mee zit, zijn anders-zijn is namelijk eveneens een probleem waar hij het bijzonder lastig mee heeft. De auteur weet dit heel goed tot uiting te brengen. De lezer krijgt daarbij heel sterk de indruk dat de auteur uit eigen ervaring heeft geput.

De schrijfstijl van Caris is uitermate beeldend en inlevend. Je kunt je met de meeste personages identificeren en situaties en omstandigheden beleef je alsof je er zelf bij bent. De thema’s in Stenen eten zijn over het algemeen niet de meest vrolijke en/of toegankelijkste, maar ondanks dat het enkele aangrijpende en aandoenlijke momenten heeft, heeft de auteur er wel voor gezorgd dat de roman niet al te zwaarmoedig is. In heldere en eigentijdse taal brengt hij over wat er onder de jongeren van het dorp leeft, hoe Ben het gevecht met zichzelf aangaat en, maar dat is pas aan het eind, hoe de volwassenen met alles omgaan. Hierbij maakt hij regelmatig gebruik van mooi geformuleerde zinnen en vergelijkingen.

Uiteindelijk leidt een aantal onbezonnen acties die Ben samen met Jack, destijds de vriend van Kim, onderneemt ertoe dat hij de dood van zijn zus, maar ook zijn identiteit accepteert. De vrede die hij ermee heeft, betekent het einde van zijn onzekerheid en het verhaal. Caris heeft dit alles haarscherp weergegeven in zijn erg sterke debuut Stenen eten.

Met dank aan De Club van Echte Lezers (Atlas Contact) voor het beschikbaar stellen van een recensie-exemplaar.

Waardering: 4/5

Boekinformatie
Auteur: Koen Caris
Titel: Stenen eten

ISBN: 9789254548876
Pagina’s: 254

Eerste uitgave: 2021

De heren van de tijd – Eva García Sáenz de Urturi

Beschrijving
Vitoria, 2019. De roman De heren van de tijd, die zich afspeelt in de Middeleeuwen, is een groot succes. Hij verschijnt onder het mysterieuze pseudoniem Diego Veilaz. Vitoria, 1192. De legendarische graaf Diago Vela komt thuis na een missie van twee jaar, hem opgedragen door de koning. Hij treft zijn broer aan, getrouwd met de vrouw die ooit zíjn bruid was. In het heden krijgt Unai López de Ayala te maken met een reeks gruwelijke moorden, identiek aan beschrijvingen in De heren van de tijd. Zijn onderzoek leidt naar de toren van Nograro, een fort dat al eeuwen bewoond wordt door dezelfde familie. Gaandeweg vindt Unai in De heren van de tijd allerlei overeenkomsten met zijn eigen verleden. En deze ontdekking zal voor hem en zijn familie alles veranderen.

Recensie
De heren van de tijd, dat in 2020 in het Nederlands verscheen, is het laatste deel van de door Eva García Sáenz de Urturi geschreven trilogie van De witte stad. Het eerste deel, De stilte van de witte stad (2019), dat in 2019 verfilmd is, deed door een mond-op-mond-reclame de literaire wereld verbazen en betekende het begin van het wereldwijde succes van de drieluik. De trilogie speelt zich volledig af in en rond het Baskische plaatsje Vitoria en profiler Unia López de Ayala is een van de belangrijkste personages.

Tijdens de presentatie van de succesvolle roman De heren van de tijd wordt het lichaam van een man gevonden. Hij blijkt te zijn vergiftigd. Terwijl de inspecteurs Unai en Estíbaliz het onderzoek naar de moord leiden, vinden er nog enkele moorden plaats die identiek zijn aan die in de zich in 1192 afspelende roman. Ze komen tijdens hun naspeuringen terecht in de toren van Nograro, waar het boek geschreven moet zijn. De toren wordt bewoond door Ramiro Alvar, een nazaat van een familie die er al eeuwenlang woonachtig is. Hij bekent dat hij de roman onder pseudoniem geschreven heeft, maar is hij ook verantwoordelijk voor de moorden?

Een roman in een thriller. Dat is waar García Sáenz de Urturi deze keer voor gekozen heeft. Het verhaal kent daardoor een andere opzet dan zijn voorgangers, want het speelt zich deze keer in twee perioden af. Eén verhaallijn in het heden (2019), waarin Unai en Estíbaliz met een aantal geheimzinnige moorden te maken krijgen, en één in het verleden, te beginnen in het jaar 1192. In deze laatste subplot speelt de geschiedenis van Vitoria en omgeving een belangrijke rol, maar vormt het in zekere zin ook de aanleiding van de moorden die in de huidige tijd plaatsvinden. Beide verhaallijnen zijn geheel verschillend, maar hebben daarentegen ook weer met elkaar te maken.

Door deze veranderde, maar zeker niet oninteressante opzet komt Unai veel minder prominent in beeld dan in de voorgaande twee delen. Het verhaal in het heden wordt, zoals in De stilte van de witte stad en De riten van het water, vanuit zijn perspectief verteld, maar dat in het verleden door Diago Vela, een man die destijds graaf werd genoemd. Tussen hen bestaat ogenschijnlijk geen enkele overeenkomst, maar in het laatste hoofdstuk krijgt Unai iets te horen waardoor zijn afkomst in een heel ander daglicht komt te staan.

De twee verhaallijnen verschillen volledig van elkaar, maar op hun eigen manier zijn ze beide interessant, hebben diverse onverwachte ontwikkelingen, komen er sterke personages in voor en zijn er voldoende spannende momenten. Dat is dan voornamelijk een soort onderhuidse spanning, momenten van actie komen niet veel voor. Dat is niet erg, want de twee verhaallijnen zijn zo subtiel met elkaar verweven dat alleen dat al voor een gestaag toenemende nieuwsgierigheid bij de lezer zorgt. De plot uit 1192 begint overigens wel wat stroef, maar naarmate dit vordert, gaat het, net als dat uit 2019, steeds meer boeien en intrigeren. In beide verhalen doet zich trouwens een aantal dramatische gebeurtenissen voor, de ene keer met een goede afloop, de andere keer met een slechte.

Ook in dit afsluitende deel van de trilogie is te merken dat de auteur haar research uitstekend voor elkaar heeft, in haar dankwoord geeft García Sáenz de Urturi aan dat ze er jaren mee bezig is geweest. Deze arbeid heeft een prima resultaat opgeleverd, want De heren van de tijd, dat ook weer erg toegankelijk geschreven is, is een waardige afsluiter van de sterke en bijzondere drieluik.

Waardering: 4/5

Boekinformatie
Auteur: Eva García Sáenz de Urturi
Titel: De heren van de tijd

ISBN: 9789400511422
Pagina’s: 480

Eerste uitgave: 2020

De riten van het water – Eva García Sáenz de Urturi

Beschrijving
Inspecteur en profiler Unai López de Ayala – beter bekend als Kraken – krijgt het vreselijke nieuws dat zijn ex-vriendin, Ana Belén Liaño, vermoord is aangetroffen. Ze was zwanger, en is op een 2600 jaar oude, rituele manier gedood.

Kraken moet een moordenaar zien te stoppen die de Riten van het Water imiteert op historische plekken in Baskenland en Cantabrië – en waarvan alle slachtoffers zwanger blijken te zijn.

Commissaris Alba Díaz de Salvatierra is zwanger, maar haar stilzwijgen brengt haar in gevaar. Als Kraken de vader is, zoals wel wordt beweerd, zal ook Alba zich binnenkort bevinden op de lijst van vrouwen die bedreigd worden door de Riten van het Water…

Recensie
De Baskische auteur Eva García Sáenz de Urturi heeft zich nooit op één specifiek genre willen toeleggen. Daarom schreef ze historische en moderne romans, maar ook thrillers met een historische achtergrond. In haar thuisland was ze al succesvol, maar wereldwijd kwam daar verandering in na het schrijven van de trilogie van De witte stad. Het eerste deel, De stilte van de witte stad, dat in 2019 in een Nederlandse vertaling verscheen, betekende haar wereldwijde doorbraak en is de best verkopende auteur van Spanje. Het tweede deel van de drieluik, De riten van het water, werd eveneens in 2019 in het Nederlands uitgebracht.

In de bergen bij Vitoria wordt het lichaam van een vrouw gevonden, opgehangen aan haar voeten en haar hoofd ondergedompeld in water. Het slachtoffer, een jeugdvriendin van profiler Unai López de Ayala, blijkt zwanger te zijn en het heeft er alle schijn van dat het om een rituele moord gaat. Ondanks dat Unai verlof heeft, wordt hij wel opgeroepen om naar de plaats delict te komen, waarna hij zich met zijn collega Estíbaliz op het onderzoek stort. Dan vindt er een vergelijkbare moord plaats en wordt het voor Unai steeds persoonlijker.

De opzet van De riten van het water is identiek aan die in het eerste deel van de trilogie. Het verhaal wordt voornamelijk verteld vanuit het perspectief van Unai, het speelt zich in de omgeving van het Baskische Vitoria af, er zijn historische feiten in verwerkt en het is bijzonder beeldend geschreven. Ook lijkt het opnieuw alsof de protagonist, inspecteur en profiler Unai López de Ayala, zich rechtstreeks tot de lezer richt. Er zijn echter ook verschillen, want de aandacht wordt in dit verhaal niet zozeer gericht op de geschiedenis van Vitoria en omgeving, maar het zijn vooral de Keltische en Keltiberische rituelen die voor een groot deel de sfeer bepalen. Daarnaast, en dat is van wezenlijk belang, is dit tweede deel een stuk spannender dan het voorgaande.

In de proloog, waarin heel summier wordt gerefereerd naar wat er in De stilte van de witte stad met Unai is gebeurd, ontstaat al een lichte spanningsboog en maakt zeker nieuwsgierig. De lezer zit daardoor al meteen volop in het verhaal. Die nieuwsgierigheid wordt aangewakkerd doordat er zo nu en dan een flashback naar het verleden is, in het bijzonder het jaar 1992. Wat er toen gebeurd is, is onlosmakelijk van invloed op de gebeurtenissen in het heden. Heel geleidelijk wordt onthuld wat dat precies is geweest, maar het brengt de politie niet dichter bij de moordenaar. Dat wordt pas in de ontknoping duidelijk, maar niet voordat diverse personages als verdachte worden beschouwd. Zoals in de vorige alinea al aangegeven, heeft dit verhaal een aanzienlijke spanning. Diverse cliffhangers en onverwachte ontwikkelingen zijn daar onder andere debet aan.

Ten opzichte van het eerste deel van de drieluik hebben de terugkerende personages een positieve ontwikkeling doorgemaakt. De lezer komt meer over hen te weten, waardoor ze in feite nog interessanter worden dan ze eigenlijk al waren. Alleen al daarom is het aan te bevelen om de delen van de trilogie op volgorde te lezen. Voor het verhaal zelf hoeft dat in principe niet, maar om alle karakters, maar ook de omgeving, beter te kunnen plaatsen en te begrijpen, is het wel beter.

Met De riten van het water heeft García Sáenz de Urturi zich ten opzichte van het eerdere deel sterk verbeterd. Het is spannender, minder gedetailleerd, minstens even boeiend en het geeft in bepaald opzicht ook nog een boodschap aan (toekomstige) ouders mee. Wat dat betreft is het een complete thriller.

Waardering: 5/5

Boekinformatie
Auteur: Eva García Sáenz de Urturi
Titel: De riten van het water

ISBN: 9789400511408
Pagina’s: 478

Eerste uitgave: 2019