Auteursarchief: leeskees

Uitgekookt – Pat Craenbroek


Beschrijving
Margaux Bakker, een jonge ambitieuze openbaar aanklager, bijt zich vast in een zaak tegen een arts die een paar onvergeeflijke fouten maakte.

Ondertussen wordt het parket van Leuven geconfronteerd met een aantal bizarre sterfgevallen die op het eerste gezicht niets met elkaar te maken hebben. Maar schijn bedriegt, en wanneer een jonge man na een tragisch ongeluk volledig verlamd in het ziekenhuis belandt, wordt beetje bij beetje duidelijk wat er aan de hand is. Het geheim dat de jonge man met zich meedraagt zal niet enkel hemzelf maar ook anderen tot onherroepelijke keuzes dwingen.

Recensie
In 2018 verscheen Uitgebroed, het thrillerdebuut van Pat Craenbroek en werd meteen al overladen met positieve reacties en recensies. Het boek werd tevens genomineerd voor een aantal prijzen. Voordat ze met schrijven begon, was ze tot 2003 gerechtsarts (patholoog anatoom) en de kennis en ervaring die ze hierbij heeft opgedaan, gebruikt ze bij het schrijven van haar boeken. Naast haar werk als auteur is ze momenteel eveneens in de zakenwereld en in een kliniek werkzaam. In het najaar van 2020 kwam haar tweede thriller Uitgekookt uit, waarvoor ze de Hercule Poirot publieksprijs ontving.

Een patholoog van het ziekenhuis heeft een aantal onvergeeflijke fouten gemaakt waardoor patiënten kwamen te overlijden. Het komt voor de rechtbank en hoewel openbaar aanklager Margaux Bakker de zaak tegen haar zin in toegewezen krijgt, blijkt er uiteindelijk meer aan de hand te zijn dan aanvankelijk leek. Vervolgens wordt het OM geconfronteerd met een aantal opmerkelijke sterfgevallen en een jonge man belandt in het ziekenhuis nadat hij na een val van de trap verlamd is geraakt. De politie en het OM doen onderzoek waardoor ze geleidelijk steeds meer inzicht krijgen in wat er allemaal speelt.

Uitgekookt bestaat uit vier delen en het eerste gaat vooral over de rechtszaak tegen de arts uit het ziekenhuis. De lezer maakt dan tevens kennis met Margaux Bakker, maar ondanks dat je wel een paar dingen over haar te weten komt, blijft het over het algemeen toch vrij oppervlakkig. Het is dan ook lastig om je met haar te vereenzelvigen. Dat lukt stukken beter met het personage dat in het volgende deel de belangrijkste rol heeft. Over hem, Fréderic (Fre) Hartog, wordt ruim voldoende verteld en door middel van flashbacks duik je in zijn verleden. Hierdoor leer je hem beter kennen, maar wordt ook uit de doeken gedaan wat er destijds is gebeurd waardoor nu allerlei ogenschijnlijke ongelukken plaatsvinden.

Het verhaal begint met een proloog en vaak is het zo dat een inleiding de lezer nieuwsgierig maakt. In Uitgekookt is daar geen sprake van, waardoor die proloog, hoewel er aan het eind van het boek op teruggekomen wordt, er toch wat verloren bijhangt. Ook het merendeel van het eerste kwart, hoe aardig het ook is, is overbodig. Er wordt veel verteld wat niet ter zake doet en wat wel belangrijk is voor de resterende plot had in veel minder bewoordingen gebracht kunnen worden. De essentie zou daardoor niet verloren gaan. Wel zorgt dit deel, het tweede overigens ook, voor een paar vragen. Die worden gedurende de plot steeds meer beantwoord, maar het is vooral de ontknoping die volledige duidelijkheid geeft.

De route naar het slotakkoord is degelijk, er zijn zo goed als geen echt verrassende plotwendingen en spannend wordt het nergens. Vanaf het begin is het klip en klaar dat het vooral om wraak draait en zodra de wraaknemer (dat is op dat moment nog niet bekend) in beeld is, weet je dat er iets met deze figuur niet in de haak is. Toch kun je niet van het verhaal zeggen dat het voorspelbaar is, veel situaties zijn echter nogal voor de hand liggend en min of meer een gevolg van wat eraan voorafgegaan is. Ook maakt Craenbroek gebruik van een aantal kleine thrillerclichés, een voorbeeld daarvan is het sarcasme van de patholoog anatoom. Blijkbaar is het voor veel auteurs lastig om iemand in die functie uniek te laten zijn.

Craenbroek hanteert een zeer toegankelijke schrijfstijl, hoewel het soms wel al te simpel is, met name enkele dialogen. Ondanks het toch wel zware en misschien zelfs aangrijpende thema weet ze het verhaal luchtig te houden, maar over het geheel genomen is Uitgekookt echter geen thriller die een diepe indruk achter zal laten.

Waardering: 3/5

Boekinformatie
Auteur: Pat Craenbroek
Titel: Uitgekookt

ISBN: 9789463967150
Pagina’s: 424

Eerste uitgave: 2020

Indisch requiem – Tomas Ross


Beschrijving
December 1949. Terwijl koningin Juliana de soevereiniteitsoverdracht van Nederlands-Indië ondertekent, beraamt militair Raymond Westerling, bijgenaamd De beul van Celebes, plannen om Indië alsnog te behouden. Speerpunt zijn de Zuid-Molukken, waar de weerstand tegen de dominantie van Soekarno het hevigst is.

Als in november 1950 Soekarno de aanval opent op de kersverse Republiek der Zuid-Molukken krijgt Arnie Springer een bericht van de Buitenlandse Inlichtingendienst bid. Bij een ongeluk in Schotland is zijn Indische jeugdvriend Ferry omgekomen. Volgens de bid gaf Ferry zich voor Arnie uit in een poging om contact te leggen met een jonge Soendanese vrouw. Wanneer Arnie haar in Edinburgh ontmoet, blijkt dat de vrouw een boodschap voor hem heeft van een Indonesische handlanger van Westerling die opgesloten zit in de beruchte Glodok-gevangenis in Jakarta. Arnie en de jonge vrouw reizen naar Java om op zoek te gaan naar een geheime bandopname met cruciale informatie voor de Nederlandse regering. Hun zoektocht leidt tot een onverwachte ontmoeting met Erik Hazelhoff Roelfzema op het eiland Ceram in de Zuid-Molukken – een slangenkuil van intriges waarin de Amerikaanse en Russische inlichtingendiensten een smerig dubbelspel spelen.

Recensie
Op jonge leeftijd was Tomas Ross, een pseudoniem voor Willem Hogendoorn, al geïntrigeerd door Nederlands-Indië (na de onafhankelijkheid in 1950 Indonesië). Voor hem was het dus eigenlijk wel een vanzelfsprekendheid dat hij één of meer boeken zou schrijven waarin dat land en zijn historische gebeurtenissen een belangrijke plaats zouden innemen. Dat werd de Indië-trilogie, waarvan het eerste deel in 2015 is verschenen. Zes jaar later, in januari 2021, werd Indisch requiem uitgebracht, een zelfstandig deel dat aansluit op de drieluik en waarin voormalig geheim agent Arnie Springer opnieuw een belangrijke rol heeft.

Na de soevereiniteitsoverdracht in december 1949 pleegt kapitein Raymond Westerling een mislukte coup tegen het bewind van Soekarno. Ondanks dat het verzet op de Zuid-Molukken het grootst is, lijkt het erop dat de president de republiek in november 1950 toch kan veroveren. Dan hoort Arnie Springer via de Buitenlandse Inlichtingendienst dat zijn jeugdvriend Ferry in Schotland verongelukt is, maar ook dat hij zich voor hem uitgaf bij zijn poging in contact te komen met een jonge Soendanese vrouw. Hij ontmoet haar en ze blijkt in het bezit te zijn van een tape met belastende informatie. Vanaf dat moment zijn ze niet meer zeker van hun leven.

Hoewel het woord vooraf, dat honderd procent waargebeurd is, niet specifiek bij het verhaal hoort, heeft het vanwege de strijd om de Zuid-Molukken en het Molukse ideaal er in geringe mate wel invloed op. De weerstand tegen Soekarno is op deze eilandengroep per slot van rekening het grootst en van de dreiging dat ze door hem veroverd kunnen worden, is namelijk door Ross in Indisch requiem verwerkt. Zoals de lezer van de auteur gewend is, is het boek ook deze keer weer een mix van feit en fictie waardoor het grootste deel van het verhaal behoorlijk realistisch overkomt.

Indisch requiem is echter geen eenvoudig verhaal om te volgen. De vele personages, Ross heeft voor in het boek niet voor niets een indrukwekkend overzicht met namen vermeld, en de toch ook wel vrij complexe verhaallijn zorgen ervoor dat de aandacht van de lezer op geen enkel moment kan verslappen. Het houdt echter niet in dat het een taai en langdradig verhaal is, verre van zelfs. Naarmate de plot vordert, krijgt de lezer er steeds meer vat op waarbij enkele onverwachte en vooral interessante plotwendingen daarop alleen maar een versterkend effect hebben. Ondanks het ontbreken van een zinderende spanning, dat is ook niet de stijl van Ross, zijn er wel degelijk momenten dat de spanningsboog wat strakker komt te staan. Dat doet zich dan hoofdzakelijk voor wanneer het verhaal zich in een iets sneller tempo afspeelt.

Het verhaal wordt verteld vanuit verschillende perspectieven, maar ook vanaf diverse locaties. Hierdoor lijkt het dat er een ogenschijnlijke herhaling van zetten plaatsvindt, dat er dus iets aangehaald wordt wat op zich al bekend is. Dit komt dan overwegend doordat een bepaalde situatie vanuit een ander perspectief beschreven wordt. Net als in de Indië-trilogie heeft Arnie ook in Indisch requiem de belangrijkste rol. Er wordt echter zo goed als niet op die drieluik ingegaan en in het sporadische geval dat het wel gebeurt, wordt er voldoende achtergrondinformatie gegeven om een specifieke situatie of persoon te kunnen plaatsen.

Aan het eind van het boek geeft de auteur een relevante opsomming van feiten en data over de periode 1945-1950 en in zijn nawoord geeft hij wat meer informatie over de soevereiniteitsoverdracht. Omdat het verhaal daarmee in een beter perspectief kan worden geplaatst is dit absoluut van toegevoegde waarde. Indisch requiem is derhalve meer dan alleen een (spionage)thriller, het biedt immers ook een globaal inzicht in de Nederlandse kolonisatiegeschiedenis van het huidige Indonesië. Daarnaast toont Ross andermaal aan dat hij een prima verhalenverteller is.

Waardering: 4/5

(Het boek heb ik onlangs gerecenseerd voor Hebban.)

Boekinformatie
Auteur: Tomas Ross
Titel: Indisch requiem

ISBN: 9789403177205
Pagina’s: 744

Eerste uitgave: 2021

Bob de straatkat – James Bowen


Beschrijving
James, een straatmuzikant in Londen, vindt een gewonde kat. Hoewel James nauwelijks voor zichzelf kan zorgen, neemt hij hem mee naar de dierenarts en verzorgt hem tot hij weer op eigen poten kan staaan. Maar Bob besluit te blijven en de twee worden onafscheidelijk. Samen verdienen ze hun kostje op straat en worden al gauw beroemd. Zo kunnen ze allebei hun moeilijke verleden achter zich laten.

Recensie
Na de scheiding van zijn ouders, James Bowen was toen nog erg jong, groeide hij op in zowel Groot-Brittannië als Australië, waar hij op driejarige leeftijd met zijn moeder naartoe verhuisde. Hij heeft er geen gemakkelijke jeugd gehad en toen hij vijftien jaar oud was, stopte hij met het volgen van onderwijs. Twee jaar later vertrok hij naar Londen om bij zijn halfzus en haar man te gaan wonen. Er ontstonden spanningen en hij werd weggestuurd. Dit betekende het begin van zijn leven op straat, waar hij met drugs in aanraking kwam. Hij raakte verslaafd aan heroïne om te vergeten dat hij dakloos was.

In het voorjaar van 2007 nam hij deel aan een methadonprogramma en kreeg hij een appartement toegewezen in het kader van een begeleid-wonen-project. Om in zijn onkosten te voorzien, verdiende hij zijn geld als straatmuzikant. Op een avond kwam hij thuis en trof hij voor de deur van een van de woningen een kat aan. Dit voorval herhaalde zich de volgende dagen en Bowen, hij was altijd al een kattenliefhebber, nam het dier mee naar huis en controleerde of de kat van een van de andere bewoners was. Omdat niemand een huisdier miste, besloot hij met de gewonde kat naar een dierenarts te gaan en hem de komende twee weken te verzorgen. Vervolgens gingen ze zich aan elkaar hechten en nam Bowen de kat, hij is hem Bob gaan noemen, definitief in huis.

Deze ontmoeting, maar ook hoe het hen de jaren daarna is vergaan, heeft Bowen opgetekend in zijn en Bobs autobiografie Bob de straatkat. De auteur vertelt hoe ze samen hun geld verdienen, hij als straatmuzikant, Bob als publiekslieveling. Dat dit hen goed afgaat, en dat is vooral te danken aan de steeds populairder wordende Bob, is aan de inkomsten te merken. Die zijn aanmerkelijk meer dan wanneer Bowen alleen aan het werk was. Toch gaat het hen niet altijd voor de wind, want Bowen vertelt ook over een paar tegenslagen waarmee ze te maken krijgen. Een paar voorbeelden daarvan zijn Bob die een paar keer weggelopen is en James die onterecht beschuldigd wordt van mishandeling en daarvoor door de politie verhoord wordt.

Dieren kunnen troosten, helpen en voor verandering zorgen. Het verhaal van Bowen is daar een bewijs van. Dankzij Bob is hij sterker geworden, heeft zijn leven een positieve wending genomen en is ook zijn houding en opstelling naar andere mensen toe anders geworden. Overigens, en dat blijkt ook heel duidelijk uit de autobiografie, is ook Bob veranderd. Van beide wordt wat over hun achtergrond verteld, hoewel dat in het geval van Bob wel wat lastiger is. Dit alles maakt dat Bob de straat kat meer is dan een verhaal over alleen maar een kat. Het geeft namelijk ook een globaal beeld over het leven van iemand die een groot deel van de dag op straat leeft, waar hij vervolgens mee te maken kan krijgen en ook hoe hij zijn eigen problemen weet te overwinnen. En dit alles heeft Bowen op een bijzonder toegankelijke, mooie en soms aandoenlijke manier gedaan.

Waardering: 3/5

Boekinformatie
Auteur: James Bowen
Titel: Bob de straatkat

ISBN: 9789044351828
Pagina’s: 224

Eerste uitgave: 2012

Cupido – Kristiaan Vandenbussche


Beschrijving
Vijf vrienden. Eén jeugdzonde. Getekend door het verleden. Een gesloten jeugdinstelling. Een uit de hand gelopen grap eindigt tragisch. De vijf schuldigen besluiten de waarheid verborgen te houden, maar blijft hun geheim bewaard, ook als hun relatie onder druk komt te staan? Seppe en zijn vrienden waren nog kinderen toen ze in de jeugdinstelling verbleven, jaren later moeten ze als volwassenen instaan voor hun daden en wordt hun band opnieuw op de proef gesteld. Een nieuw ongeval, een moord, en een nieuwe belofte tot zwijgplicht. Maar het lijkt erop dat iemand het op de groep vrienden heeft gemunt.

Recensie
De Vlaamse topadvocaat Kristaan Vandenbussche is altijd al bezig geweest met verhalen en ook met het schrijven daarvan. Toen hij nog op school zat, was hij bijvoorbeeld redacteur van een satirisch blad. In het begin van zijn carrière als advocaat verdedigde hij jeugddelinquenten en later kreeg hij te maken met een zaak over een in een nachtkluis gevonden geldbedrag. Dit inspireerde hem tot het schrijven van een thriller waarin hij beide zaken combineerde. Na een schrijfproces van zeven jaar verscheen in november 2020 zijn debuut Cupido.

Seppe en zijn vier vrienden doen mee aan een wielerwedstrijd die door de jeugdinstelling waarin ze verblijven is georganiseerd. Met z’n vijven hebben ze een grap uitgehaald die een noodlottige afloop heeft. Ze spreken vervolgens af dit geheim te houden. Zeven jaar later verbouwen Seppe en zijn vrienden diens pas aangekochte woning, een voormalig bankkantoor. In een achtergebleven nachtkluis vinden ze een grote som geld. Vanaf dat moment wordt hun vriendschap op de proef gesteld, worden ze geconfronteerd met de daden uit hun verleden en lijkt iemand het op hen gemunt te hebben.

Vandenbussche is niet de eerste advocaat die een thriller schrijft en zo goed als zeker zal hij ook niet de laatste zijn. Net als veel van zijn voorgangers deden, heeft ook hij zijn vakkennis en ervaring gebruikt bij het schrijven van een verhaal. Een paar goede voorbeelden daarvan zijn wat er allemaal in een jeugdinstelling kan gebeuren, welke achtergrond de jongeren hebben die daar verblijven en ook hoe ze zich er vaak gedragen. Wat dit aspect betreft, is Cupido bijzonder realistisch. Maar dat geldt, ondanks dat de thriller in geringe mate gebaseerd is op waargebeurde feiten, niet voor het hele verhaal. Door een aanzienlijk aantal bizarre gebeurtenissen schuurt het voor een groot deel tegen het onwaarschijnlijke aan. Neem onder andere de politie, die niet overal even professioneel overkomt en daardoor verre van overtuigt.

Daarentegen is het begin van het verhaal beeldend, de lezer kan zich dan precies voorstellen wat er gebeurt, situaties als het ware voor zich zien, en in zekere zin maak je ook mee wat de personages beleven en (moeten) doorstaan. Al snel verandert de schrijfstijl naar verhalend, dan vertelt de auteur de lezer wat er gebeurt, alsof hij zich in de rol van een verslaggever heeft verplaatst. Met betrekking tot de personages, dat geldt dan vooral voor de vijf vrienden, wordt vrij veel verteld waardoor je ruim voldoende over hen te weten komt. Natuurlijk komt dit in de eerste plaats omdat het verhaal vanuit hun perspectieven wordt verteld, maar eveneens omdat Cupido een tijdspanne van een kleine tien jaar beslaat. Die termijn heeft een belangrijke invloed op het tempo van het verhaal, want dat is heel behoorlijk. Eigenlijk is er geen moment dat de lezer rust krijgt, want er gebeurt aldoor wel wat.

Al die gebeurtenissen zijn echter geen garantie voor een buitengewoon spannend verhaal. Hoewel de plot zich er in principe goed voor leent en er wel degelijk enkele momenten zijn waarop er een licht spanningsveld ontstaat, blijft die spanning in het verhaal toch ondermaats. De opbouw, die chronologisch verloopt, is verzorgd en zo nu en dan doet zich een onverwachte ontwikkeling voor. Die zorgt er echter niet voor dat het verhaal een andere wending krijgt. De auteur speelt op zeker en wijkt niet af van het door hem ingeslagen pad, hoewel hij aan het eind wel een uitglijder maakt met de niet bestaande datum 29 februari 2007. Het uiteindelijke resultaat is dat Cupido geen groots, maar wel vermakelijk debuut is.

Waardering: 3/5

(Het boek heb ik onlangs gerecenseerd voor Hebban.)

Boekinformatie
Auteur: Kristaan Vandenbussche
Titel: Cupido

ISBN: 9789460416712
Pagina’s: 424

Eerste uitgave: 2020

De meisjes van Ravensbrück – Anna Ellory


Beschrijving
1989, Berlijn. De Muur is gevallen en Berlijn viert feest. Miriam is uit een lastig huwelijk gevlucht om voor haar stervende vader Henryk te zorgen. Ze voelt zich schuldig dat ze hem al jaren maar heel weinig heeft gezien; hij was het niet eens met haar huwelijk. Dan ziet ze tijdens het verzorgen een kamptatoeage op zijn arm en kantelt alles wat ze over hem dacht te weten. Hij is niet Joods, waarom heeft hij dan in een concentratiekamp gezeten? Hij heeft nooit een woord gesproken over de oorlog. Ze gaat op zoek naar antwoorden en in zijn spullen vindt ze tot haar ontzetting een kampuniform van Ravensbrück, het vrouwenkamp. Wanneer ze in de zomen van het uniform geheime brieven aan haar vader ontdekt, die daar al 40 jaar verstopt zitten, probeert ze het mysterie van zijn verleden te ontrafelen.

Recensie
Nog voordat ze ooit iets geschreven had, las Anna Ellory een artikel over een Poolse vroedvrouw in Auschwitz. Dit zette haar aan het denken over vrouwelijke holocaustverhalen, hoe ze reageren op de gruwelijkheden die hen overkwamen. Ze kwam tot de conclusie dat ze vervolgens een verhaal wilde vertellen dat een stem gaf aan degenen die er geen hadden. Hierna deed ze onderzoek naar het voor haar onbekende Ravensbrück, een concentratiekamp voor vrouwen, en volgde een aantal schrijfcursussen. Na een aantal pogingen leidde dit uiteindelijk tot haar in 2020 verschenen en in meer dan tien landen uitgebrachte debuutroman De meisjes van Ravensbrück.

Het is december 1989, de Muur in Berlijn is net gevallen en de bewoners vieren feest. Voor Miriam voelt alles echter anders, ze is bij haar man weggevlucht en zorgt nu voor haar vader die op sterven ligt. Wanneer ze hem op een dag verzorgt, valt haar een kamptatoeage op, verstopt onder zijn horloge. Ze vraagt zich af waarom hij in een concentratiekamp gezeten heeft en waarom hij er nooit over gesproken heeft. Dan vindt ze, verstopt in een uniformjurk, een groot aantal briefjes die aan hem gericht zijn. Ze leest ze allemaal om te weten te komen wat hij heeft doorgemaakt, maar ook om hem antwoord te geven op een door hem gestelde vraag.

Hoewel de Tweede Wereldoorlog al vijfenzeventig jaar achter ons ligt, wordt er nog steeds over geschreven of is het een belangrijk thema in romans of thrillers. Ook Ellory heeft in De meisjes van Ravensbrück voor deze zwarte periode in de wereldgeschiedenis gekozen. Dat doet ze door Miriam de door haar in een kampuniform gevonden briefjes te laten lezen die Frieda, een van de vrouwen die in dit concentratiekamp gevangen gehouden werd, heimelijk geschreven heeft. Die briefjes vertellen het verhaal over de liefde die Frieda voor Miriams vader Henryk voelde, maar ook wat zij en de andere vrouwen in het kamp moesten doormaken. Het verhaal speelt zich daardoor af in zowel het heden (1989) als het verleden, zonder dat er eigenlijk gerichte flashbacks in voorkomen.

Naast het verhaal van Miriam, die ook nog eens te maken heeft met de gevolgen van een slecht huwelijk, is er het verhaal van Henryk. De meisjes van Ravensbrück wordt dan ook afwisselend vanuit hun perspectieven verteld. Dat zorgt ervoor dat er een soort spanningsboog ontstaat, de lezer wil immers weten wat hen overkomen is, wat er nog gaat gebeuren, maar vooral ook wat de gevangenen allemaal hebben moeten doorstaan. Die gruwelijkheden en ontberingen zijn door Ellory zo levensecht beschreven dat veel fragmenten bijzonder aangrijpend zijn. De beeldende schrijfstijl is er dan ook nog eens debet aan dat alles wat verteld wordt als het ware op je netvlies gebrand staat.

Ellory’s keuze voor het jaar 1989 is een bewuste en in zekere zin ook een symbolische. Vooral voor de Oost-Duitsers was de val van de Berlijnse Muur in november van dat jaar een opening naar de vrijheid. Een vrijheid waar Miriam in feite nog naar op zoek is, en in zekere zin geldt dit ook voor Henryk, hoewel hij zich daar door zijn zeer zwakke gezondheid niet actief van bewust is. Dat zowel Miriam als haar vader gevangenzitten in hun eigen verleden komt erg goed tot uiting. De gevonden briefjes zijn echter voor beiden, Miriam leest er regelmatig een voor aan haar vader, een opening naar hun eigen vrijheid.

Een onderwerp als de Tweede Wereldoorlog is vaak zwaar beladen, maar de auteur heeft haar roman op een behoorlijk toegankelijke manier geschreven. Natuurlijk is het geen al te vrolijk verhaal, is het op momenten aangrijpend en indringend, maar nergens krijgt de lezer de indruk er niet doorheen te komen. Ellory’s debuut zal dan ook nog wel even blijven hangen.

Waardering: 4/5

Boekinformatie
Auteur: Anna Ellory
Titel: De meisjes van Ravensbrück

ISBN:  9789021026428
Pagina’s: 352

Eerste uitgave: 2020

Rosy – Pierre Lemaitre


Beschrijving
Maak kennis met Jean Garnier, een eenzame mislukkeling die alles in het leven al verloren heeft: hij heeft geen baan meer, zijn moeder zit in de gevangenis en zijn vriendin is vermoord. Om zijn ongenoegen met de wereld te delen verzint hij een dodelijk plan: zeven bommen verspreid over heel Parijs die binnen zeven dagen afgaan.

Lang hoeft de politie niet naar de dader te zoeken. Totaal in shock door het effect van de eerste bom geeft Jean zichzelf aan. Zijn verzoek is simpel: de vrijlating van zijn moeder, of de dagelijkse ontploffingen zullen doorgaan. Rechercheur Camille Verhoeven staat voor het grootste dilemma uit zijn carrière: vormt Jean een bedreiging voor de nationale veiligheid of is het een zielige prutser die te veel televisieseries heeft gezien?

Terwijl de inspecteur probeert te ontdekken wie de mysterieuze jongen is, tikt de tijd angstvallig door. Kan Verhoeven het leven van honderden onschuldige burgers redden? 

Recensie
Voordat de Franse auteur Pierre Lemaitre in 2006 ‘echt’ met schrijven begon, was hij leraar literatuur. De kennis die hij anderen overbracht, heeft hem geholpen bij het schrijven van zijn debuut, Irène, het eerste deel van de Camille Verhoeven-trilogie. Hiervoor won hij in 2006, het jaar van uitgifte, de Prix du Festival de Cognac. In 2013 verscheen Rosy, een novelle, maar ook de vierde Verhoeven-thriller die aan de trilogie is toegevoegd en een herbewerking is van het niet in het Nederlands vertaalde Les grands moyens uit 2011.

Het is een koude dag in december wanneer Parijs wordt opgeschrikt door de explosie van een bom. Er vallen geen doden, alleen maar gewonden. Niet lang daarna meldt zich een man bij de politie. Deze man, Jean Garnier, heeft informatie en stelt eisen die hij alleen aan commissaris Camille Verhoeven wil vertellen. Het blijkt dat er verspreid over de stad zeven bommen liggen, iedere dag zal er een afgaan, tenzij de eisen worden ingewilligd. Verhoeven wil niet toegeven, maar vraagt zich wel af of het een zaak van nationale veiligheid is of het werk van een amateur.

Rosy, het niet al te dikke boekje is toegevoegd aan de Verhoeven-trilogie, vandaar dat de uitgever zo goed als zeker voor deze titel gekozen heeft in plaats van de oorspronkelijke. Het boek maakt echter geen deel uit van de drieluik en is, ondanks dat Camille Verhoeven er een belangrijke rol in speelt, uitstekend afzonderlijk te lezen. Het heeft een verhaal dat op zichzelf staat en van Verhoeven komt de lezer alleen het allerbelangrijkste te weten. Verder wordt er op geen enkele wijze gerefereerd naar een van de drie delen uit de trilogie.

Het verhaal speelt zich in een kort tijdbestek af, drie dagen maar. Desondanks krijg je het gevoel dat het een veel langere periode behelst. Dit zal vooral worden veroorzaakt doordat er in die paar dagen vrij veel gebeurt, ondanks dat het absoluut geen actiethriller is. Iedere dag kan gezien worden als een afzonderlijk hoofdstuk, die vervolgens weer onderverdeeld zijn in een aantal tijdstippen waarop (of vanaf wanneer) iets plaatsvindt. Hierdoor krijgt het verhaal tempo, maar wordt de spanning ook opgevoerd, vooral omdat er een deadline is. Want niemand weet waar en wanneer de bommen tot ontploffing zullen worden gebracht.

Omdat het verhaal chronologisch is opgebouwd en het spanningsveld gedurende de plot langzaam toeneemt, is het overduidelijk dat de auteur naar een climax toewerkt. Die vindt – uiteraard – in de ontknoping plaats en is zowel bijzonder als onverwacht, hoewel je, als je echt heel goed na zou denken, dat aan zou moeten zien komen. Dat dat niet gebeurd is, is de verdienste van Lemaitre. Hij weet het mogelijk voorspelbare onvoorspelbaar te maken. Daardoor kan die ontknoping, net als enkele kleine, maar zo belangrijke plotwendingen toch verrassend worden genoemd.

Lemaitre weet de lezers te van begin tot eind te boeien, zijn schrijfstijl is beeldend en aangenaam en daardoor leest het verhaal bijzonder prettig. En de interessante personages en vooral de intrigerende Verhoeven dragen daar eveneens aan bij. Vergeleken bij de boeken uit de trilogie is de omvang van Rosy minimaal, maar kwalitatief doet het er niet voor onder.

Waardering: 4/5

Boekinformatie
Auteur: Pierre Lemaitre
Titel: Rosy

ISBN: 9789401604253
Pagina’s: 185

Eerste uitgave: 2015

Soms lieg ik – Alice Feeney


Beschrijving
Amber Reynolds ligt in coma. Ze kan zich niet herinneren hoe dat is gebeurd. Maar ze weet dat het geen ongeluk was… Ze heeft het zogeheten locked-in-syndroom: ze hoort alles, maar kan zich niet bewegen en kan niet praten.

Doodsbang, opgesloten in haar eigen lichaam, probeert ze haar herinneringen van de afgelopen week te reconstrueren. Met een echtgenoot die niet meer van haar houdt, een zus met een geheim en een ex die nog steeds door haar geobsedeerd is, weet Amber dat er iemand liegt over wat er met haar gebeurd is. Haar leven is nog steeds in gevaar. Lukt het haar wakker te worden voor het te laat is?

Recensie
Hoewel Alice Feeney ervan hield om journalist te zijn, bleef ze altijd dromen van een carrière als auteur. Terwijl ze nog voor het BBC-journaal werkte, schreef ze onder andere in haar pauzes aan haar debuutthriller Soms lieg ik, dat een New York Times en een internationale bestseller werd. In 2018 is het in het Nederlands verschenen en is inmiddels in meer dan twintig talen vertaald. Tevens wordt door Ellen DeGeneres en Warner Bros een tv-serie van gemaakt, waarin Sarah Michelle Gellar de hoofdrol speelt.

Na een ongeluk wordt Amber Reynolds in het ziekenhuis opgenomen. Ze weet niet hoe het gebeurd is, maar wel dat er opzet in het spel was. Omdat ze in coma ligt, kan ze zich niet bewegen. Ze krijgt echter wel alles mee wat er om haar heen gebeurt. Ook probeert ze zich te herinneren hoe ze in deze situatie terecht is gekomen. Stukje bij beetje komen haar herinneringen weer terug, waarbij ze zich realiseert dat haar man niet meer om haar geeft en haar zus iets te verbergen heeft. Omdat ze ervan overtuigd is dat haar leven in gevaar is, zal ze op tijd uit haar coma moeten raken. Zal dat haar lukken?

Het verhaal speelt zich afwisselend af in het heden (nu), het verleden (eerder), dat overigens maar een week is en vroeger. De hoofdstukken ‘nu’ en ‘eerder’ worden verteld vanuit het perspectief van Amber en de hoofdstukken ‘vroeger’ zijn dagboekteksten uit 1992 en opgetekend door een ongeveer tienjarig meisje waarvan de naam niet wordt genoemd. Deze opzet zorgt er in geringe mate voor dat de lezer nieuwsgierig wordt naar wat er gebeurd is. Het moet ook een spanningsveld creëren, maar daarvan is zo goed als geen sprake. Dat wordt vooral veroorzaakt door het te trage tempo waarmee Soms lieg ik begint. Ongeveer halverwege komt daar wel wat verbetering in, maar echt snel wordt het nooit.

Door middel van cliffhangers aan het eind van sommige hoofdstukken probeert Feeney de spanning op te bouwen. Dit heeft echter niet het beoogde effect, want de spannende momenten blijven zo goed als achterwege. Omdat de lezer eveneens niet verwend wordt met verrassende plotwendingen kabbelt het verhaal maar voort. Pas in de ontknoping wordt de lezer getrakteerd op een onverwacht cadeautje en dan blijkt dat het hele verhaal toch iets anders in elkaar steekt dan je aldoor vermoedde. Het is echter niet zo dat je dan omver geblazen wordt door deze welkome twist, daarvoor waren er toch ook situaties die je van tevoren kon zien aankomen en was het zeker niet spectaculair genoeg.

Soms lieg ik draait om een beperkt aantal personages: Amber, haar man Paul, haar zus Claire en in mindere mate haar ex-vriendje Edward. Hierdoor blijft het overzichtelijk en weet je als lezer al snel met wie je te maken hebt. Niet ieder van hen is uitvoerig uitgewerkt, maar dat is ook niet nodig. Wat je moet weten, kom je te weten, en daar gaat het in dit verhaal feitelijk om. Tijdens het lezen vraag je je regelmatig af wat wel of niet waar is, dat is vooral het gevolg van de titel van het boek, maar ook door het laatste punt wat je van Amber Reynolds moet weten en die aan het verhaal voorafgaan. Zelfs als het boek uit is, blijf je aan de waarheid (voor wat het waard is) twijfelen.

Het verhaal doet enigszins denken aan Als ik doodga voor ik opsta van Emily Koch. In beide boeken is het locked-insyndroom een belangrijk thema en twijfelen de hoofdpersonen aan de oorzaak van hun comateuze staat. Uiteraard zijn er ook voldoende verschillen, maar niet zodanig dat Soms lieg ik een bijzonder debuut is. Daarvoor ontbreken domweg de belangrijkste thrillerelementen.

Waardering: 2/5

Boekinformatie
Auteur: Alice Feeney
Titel: Soms lieg ik

ISBN: 9789400509757
Pagina’s: 336

Eerste uitgave: 2018

De kaalvreter – Machteld Siegmann


Beschrijving
Leie Blum wordt in de Tweede Wereldoorlog als driejarige ondergebracht bij een boerengezin in Zanegeest. Sindsdien is Leie aan het wachten, eerst op haar ouders, later op iets wat ze niet kan definiëren. Het wachten lijkt voorbij als ze met Dirk trouwt en twee zonen krijgt. In de zomer van 1974 wordt Leies zorgvuldig opgebouwde leven op z’n kop gezet door het overlijden van de vrouw bij wie ze als kind was ondergedoken. Ze gaat naar de begrafenis, maar kan niet terugkeren naar het leven met haar man en zonen. Ze zwijgt en wacht.

Recensie
Op jonge leeftijd wist Machteld Siegmann al dat ze wilde gaan schrijven én dat ze daar goed in wilde worden. Vanaf haar veertiende schreef ze gedichten, studeerde ze Nederlands en cultuurgeschiedenis en pas in 2012 besloot ze om een roman te gaan schrijven, maar daarna duurde het nog een paar jaar voordat ze haar eigen stijl had ontwikkeld. Het resultaat was haar debuutroman De kaalvreter, dat in augustus 2019 is verschenen. Het verhaal is niet autobiografisch, maar een aantal plekken uit haar jeugd komen wel in het boek voor.

Een paar jaar na het begin van de Tweede Wereldoorlog wordt de driejarige Leie Blum naar een boerengezin in Zanegeest gebracht. Zestien jaar later trouwt ze met Dirk Rook en samen krijgen ze twee kinderen, Anton en Meeus. In de zomer van 1974 gaat ze naar de begrafenis van haar pleegmoeder en wanneer ze terugkomt, is ze niet meer dezelfde als daarvoor. Ze zit alleen maar te wachten en zwijgt praktisch als de hele dag. De rest van het gezin weet hier niet mee om te gaan en de hele situatie is ook van invloed op hun onderlinge relatie. Zal het ooit nog worden zoals het is geweest?

Hoewel het verhaal in 1942 begint, speelt het grootste deel zich tweeëndertig jaar later, het is dan 1974, af. Het wordt verteld vanuit het perspectief van de vier leden van het gezin Rook: Dirk, Leie, Anton en Meeus. In korte, soms zijn het zelfs erg korte, hoofdstukken geven deze vier personages zijn of haar visie over bepaalde omstandigheden of situaties. Omdat ieder van hen regelmatig aan het woord komt, leert de lezer ze erg goed kennen, komt zo te weten waar ze zich wel of niet mee bezig houden en daardoor kan hij zich prima met hen identificeren. Wat Siegmann trouwens erg zorgvuldig heeft gedaan, is zich in hen te verplaatsen. Neem bijvoorbeeld Meeus, hij is een elfjarige jongen en in het boek komt hij ook zo over. Voor de rest geldt hetzelfde, maar dan passend bij zijn of haar identiteit als personage.

Door middel van flashbacks, een periode van 1942 tot en met 1958, krijgt de lezer steeds meer te weten waar de depressie van Leie, want het is al meteen duidelijk dat dat haar probleem is, door veroorzaakt is. Dat de Tweede Wereldoorlog daaraan ten grondslag ligt, is in feite een understatement. Die sprong terug vertelt overigens ook hoe Leie en Dirk elkaar hebben ontmoet. De diverse sprongen in tijd, maar ook de wisselende perspectieven zorgen ervoor dat De kaalvreter blijft boeien, de lezer wordt in het begin al nieuwsgierig gemaakt, maar blijft dat ook gedurende de plot. Voor ieder tijdvak geldt trouwens ook dat de sfeer van toen heel mooi wordt overgebracht. De lezer die die tijd heeft meegemaakt, zal dat kunnen beamen.

Onderwerpen als depressie en de Tweede Wereldoorlog zijn natuurlijk niet de meest vrolijke en wanneer hier een verhaal over geschreven wordt, bestaat de kans dat het boek nogal zwaar is, dat het veel van de lezer vergt. Bij De kaalvreter is hier geen enkele sprake van. De auteur heeft de roman toegankelijk gemaakt. In heldere taal en met regelmatig voorkomende en mooi geformuleerde zinnen weet ze de juiste snaar te raken. Gevoelens komen over zoals ze zijn: de onmacht van Dirk, het pubergedrag van Anton, de gevoeligheid van Meeus, maar bovenal de leegte die ze alle drie voelen. Nergens krijg je het gevoel dat er iets ontbreekt of dat ze te veel aan het uitweiden is. Alle factoren tezamen leiden ertoe dat Siegmann met haar debuutroman een blijvende indruk achterlaat.

Waardering: 4/5

Boekinformatie
Auteur: Machteld Siegmann
Titel: De kaalvreter

ISBN: 9789026343100
Pagina’s: 352

Eerste uitgave: 2019

Wat ik nooit eerder heb gezegd – Celeste Ng


Beschrijving
Juni 1977. In het universiteitsstadje Middlewood ontdekt de familie Lee dat hun dochter verdwenen is. Een paar dagen later wordt het lichaam van de zestienjarige Lydia uit het meer gevist. Verteerd door schuldgevoelens slaat haar vader een roekeloze weg in die hem zijn huwelijk kan kosten. Haar moeder Marilyn is gebroken, maar vastbesloten om een dader te vinden – tegen elke prijs. Lydia’s broer is er zeker van dat hun getroebleerde buurjongen Jack iets te maken heeft met het drama. Maar het is de jongste in de familie, Hannah, die meer ziet dan iemand zich realiseert en die wel eens de enige zou kunnen zijn die weet wat er echt gebeurd is.

Recensie
Na de middelbare school studeerde Celeste Ng Engels aan Harvard University en vervolgens haalde ze haar Master of Fine Arts in schrijven aan de Universiteit van Michigan. Haar schrijfcarrière begon met het schrijven van korte verhalen en in 2012 won ze met Girls, at play de Pushcart Prize. Haar korte verhalen en essays werden in een aantal kranten gepubliceerd, waaronder de New York Times. In 2014 verscheen haar eerste debuutroman Everything I never told you, dat een jaar later in het Nederlands werd vertaald en de titel Wat ik nooit eerder heb gezegd kreeg.

Het is 3 mei 1977 en de zestienjarige Lydia Lee ontbreekt bij het ontbijt en niet veel later ontdekt haar familie dat ze is verdwenen. Na een paar dagen wordt haar lichaam in het meer gevonden. Haar ouders lijken ontroostbaar en verwerken hun verdriet op hun eigen manier en dat geldt in feite ook voor haar broer Nathan. De een trekt zich in schuldgevoel terug, de ander is vastberaden de dader te vinden of beschuldigt een buurjongen ervan dat hij er meer van weet. Er is er echter een die zich afzijdig houdt en meer lijkt te weten dan iedereen vermoedt, dat is haar zusje Hannah.

‘Lydia is dood. Maar dat weten ze nog niet.’ Negen woorden die er al meteen voor zorgen dat je als lezer nieuwsgierig wordt gemaakt en tevens met een aantal vragen komt te zitten. Want wat is er met haar gebeurd, hoe komt het dat ze het nog niet weten en wie zijn die ze eigenlijk? Vragen die gedurende de plot uiteraard worden beantwoord, de een wel sneller dan de ander, maar er komen antwoorden. Al snel wordt duidelijk dat met die ‘ze’ de familie van Lydia wordt bedoeld: haar vader, haar moeder en haar broer en zus. Het verhaal wordt dan ook vanuit deze vijf personages verteld. Dan weer in het heden, dan weer in het verleden. Door deze flashbacks, vaak weergegeven in gedachtevorm, wordt langzaam maar zeker onthuld wat er de reden van is dat Lydia niet meer leeft.

Door deze opzet leer je de personages vrij goed kennen en merk je dat ieder van hen hun eigen geheimen heeft, maar in feite ook hun eigen demonen. De enige die daar wat minder last van lijkt te hebben, is Hannah, zij is de meest onbevangene van de vijf. James en Marilyn, de ouders van Lydia, hebben daarnaast ook nog erg veel last van hun verleden, dat wordt goed tot uiting gebracht. Marilyn is Amerikaans, maar heeft er last van dat ze ambitieus is. Dat wordt niet gewaardeerd en is in de jaren zeventig verre van gebruikelijk. James is van Chinese afkomst en wordt in zijn omgeving niet echt geaccepteerd en voor vol aangezien. Ook hun kinderen hebben er last van dat ze van gedeeltelijk Chinese origine zijn. De auteur maakt met deze vijf mensen heel goed duidelijk dat (rassen)discriminatie in die tijd gemeengoed was. Het gezin komt hierdoor nogal eenzaam over.

De schrijfstijl van de auteur is beeldend, waarbij ze ook de gevoelens van de personages bijzonder goed weet over te brengen. De lezer kan zich daardoor prima met hen vereenzelvigen. Hoewel Wat ik nooit eerder heb gezegd absoluut geen thriller is, heeft het wel degelijk een continue spanningsboog. Dat komt vooral doordat je wilt weten wat er allemaal aan de hand is, en dat is op zich best wel wat, maar tevens hoe het met ieder van de gezinsleden gaat aflopen en hoe ze uiteindelijk met het verlies van Lydia om kunnen gaan. Het laatste hoofdstuk, waarin het lijkt dat de situaties enigszins uit de lucht komen vallen, zal daar uitsluitsel over geven. Al met al is dit een prima debuutroman, die zowel beklemmend, triest als boeiend is.

Waardering: 4/5

Boekinformatie
Auteur: Celeste Ng
Titel: Wat ik nooit eerder heb gezegd

ISBN: 9789400508019
Pagina’s: 288

Eerste uitgave: 2015

De bidsprinkhaan – Jacob Vis


Beschrijving
IJsselmonde, oudejaarsavond. Een vrouw valt uit haar flat op de auto van een vrijend paartje. Ze was de minnares van Carlo van Beuningen, directeur van het slachthuis, die dood in haar flat wordt gevonden. Zijn vrouw Helga twijfelt aan de conclusie van de politie: moord en zelfmoord. Ze neemt de leiding van het slachthuis over en ondervindt dubieuze belangstelling voor haar en haar zaak. Bijvoorbeeld van Anton Krans, een keiharde veehandelaar, die echter merkt waarom Helga ‘de bidsprinkhaan’ genoemd wordt.

Inspecteur Ben van Arkel, die Helga’s vermoeden onderzoekt, ontdekt dat er flink met hormonen wordt geknoeid in de veehandel.

Recensie
Jacob Vis, een pseudoniem voor Job Vis, wordt gezien als een van de beste Nederlandse thrillerauteurs. Hoewel hij al vanaf 1987 boeken schrijft, werkte hij nog tot 2001 als bosbouwer bij Staatsbosbeheer. Vanaf dat moment streefde hij ernaar om ieder jaar een boek te schrijven, dat zijn standalones maar ook boeken die deel uitmaken van de IJsselmonde-serie. Het eerste boek van die reeks, Het hoofd, verscheen in 1994 en daarin maakt commissaris Ben van Arkel zijn opwachting. In datzelfde jaar werd het tweede deel, De bidspinkhaan, uitgegeven.

Het is oudjaarsavond en in een geparkeerde auto bij een flatgebouw is een stelletje net een vrijpartij begonnen. Door een plotselinge klap op het dak van de auto schrikken ze. Het blijkt het lichaam van een vrouw te zijn. In haar appartement treft de politie het lichaam van Carlo van Beuningen, de directeur van het lokale slachthuis, aan. Er wordt uitgegaan van moord en zelfmoord, maar Helga, de vrouw van Carlo, heeft haar twijfels. Commissaris Ben van Arkel doet onderzoek en ontdekt daarbij dat er in de veehandel met hormonen wordt geknoeid. Hij vraagt zich af of er een onderling verband is.

Voordat het verhaal begint, krijgt de lezer een aantal overlijdensadvertenties te zien, drie van Carlo van Beuningen, en één van Linda Stam, de vrouw die op het dak van de auto terechtgekomen is. Het vermoeden dat beide sterfgevallen met elkaar te maken hebben, wordt in het eerste hoofdstuk overigens ook al bevestigd. Dit was ook de bedoeling, want het gaat immers om het onderzoek naar de oorzaak van de dood van hen beiden. Dit onderzoek verloopt zoals het in detectives wel vaker gaat, rustig en zonder al te veel onverwachte ontwikkelingen. Het gaat er nogal gemoedelijk aan toe, hoewel Ben van Arkel zo nu en dan wel uit zijn slof kan schieten.

De bidsprinkhaan wordt vooral verteld vanuit het perspectief van Ben van Arkel, maar er zijn ook hoofdstukken waarin Helga van Beuningen haar verhaal vertelt. Daarin wordt voor een groot deel aandacht besteed aan het huwelijk tussen haar en Carlo, maar komt ook aan het licht wat zijn precieze relatie met Linda Stam is. Het knoeien met groeihormonen in de veeteelt is een zijweg in het verhaal en komt voort uit het politieonderzoek. Hierdoor zijn er in feite twee subplots, maar vanaf het begin van de tweede verhaallijn is duidelijk dat ze onlosmakelijk met elkaar verbonden zijn. Door dit onderwerp erin te verwerken, heeft de auteur een rond 1994 actueel thema aangesneden.

Het aantal plotwendingen is, zoals hiervoor al aangegeven, miniem. Een enkele keer draait het verhaal net iets anders dan je had verwacht, maar dat is niet dusdanig dat je van een verrassing kunt spreken. Het is gewoon een rechttoe rechtaan detective waarin het vooral gaat om het politieonderzoek. Het enige echt onvoorziene moment doet zich in de ontknoping voor, wanneer de uiteindelijke dader ontmaskerd wordt. Toch kun je je er niet aan onttrekken dat het eigenlijk wel te verwachten was dat het dit personage zou zijn. Daarvoor lag het te veel voor de hand.

In een destijds geschreven recensie heeft het Algemeen Dagblad vermeld dat De bidsprinkhaan alles heeft voor een spannende televisieserie of politiefilm. Dit is er nooit van gekomen en zal nu ook niet meer gebeuren, maar het boek is zodanig geschreven dat dit heel goed mogelijk was. Waarschijnlijk zou deze serie of film spannender zijn dan het boek zelf, want daarin is van spanning niet zo heel veel te merken. Desondanks is het tweede deel van de IJsselmonde-serie geen straf om te lezen. Alleen had het wel wat minder braaf mogen zijn.

Waardering: 3/5

Boekinformatie
Auteur: Jacob Vis
Titel: De bidsprinkhaan

ISBN: 9789070282127
Pagina’s: 242

Eerste uitgave: 1994