Sabines oorlog – Eva Taylor-Tazelaar

Flaptekst
Sabine had een onbezorgde jeugd. Ze hield van feestjes en ze zeilde graag. Ze was bevriend met Erik Hazelhoff Roelfzema, de latere Soldaat van Oranje. Toen de oorlog uitbrak rolde ze via hem het verzet in. Maar ze werd verraden en talloze malen gewelddadig verhoord. Velen van haar vrienden werden geëxecuteerd, zij werd als Nacht und Nebel-gevangene via Kamp Amersfoort en Ravensbrück uiteindelijk naar Mauthausen gestuurd.

Eva, Sabines dochter, vindt na haar moeders dood een archief, met daarin liefdesbrieven van piloot Taro, die met zijn Spitfire neerstortte, en van Sabines tweede geliefde Gerard, die door de Duitsers werd geëxecuteerd. Ze vindt piepkleine briefjes van Sabine, die ze vanuit de gevangenis stiekem aan haar moeder stuurde. En ze stuit op een stapel hartstochtelijke, maar ook angstaanjagende liefdesbrieven van ene Gebele, een Duitse beroepscrimineel die haar in Mauthausen het leven zou redden. Aan de hand van al deze documenten reconstrueerde Eva het nooit eerder vertelde en aangrijpende verhaal van Sabines oorlog.

Recensie
Een paar jaar na het overlijden van haar moeder opende Eva Taylor-Tazelaar voor het eerst de dozen die aan haar waren nagelaten. De inhoud – ze wist natuurlijk niet wat ze kon verwachten – bestond onder andere uit allerlei documenten, brieven en foto’s uit het verleden van haar moeder Sabine Zuur. Zo goed als alles heeft betrekking op de Tweede Wereldoorlog en nadat Taylor-Tazelaar maandenlang bezig was met het uitzoeken en op chronologische volgorde leggen van het materiaal kreeg ze een vrij goed beeld van het leven van haar moeder toen, en kwam ze dingen te weten die ze nooit van haar te horen heeft gekregen. Ze besloot van deze reconstructie een boek te schrijven. Dat werd het in 2021 verschenen Sabines oorlog.

Na een kort voorwoord vertelt de auteur in het eerste deel van het boek – er zijn vier delen en elk daarvan gaat, behalve over een andere periode tijdens de oorlogsjaren, ook over een andere locatie – beknopt hoe het niet lang na de oorlog bij haar thuis was. Dit is vooral bedoeld om de lezer te laten weten dat de gevolgen van de bezettingstijd dan nog niet tot de verleden tijd behoren. Daarnaast geeft ze ook wat globale informatie over hoe het leven van haar moeder vlak voor het uitbreken van WOII geweest is en met wie ze omging. Als de oorlog eenmaal uitgebroken is, gaat moeder Sabine in het verzet. Hierover wordt eveneens het een en ander verteld. Dit eerste gedeelte van het verhaal is met name een bondige weergave van onder andere de vele gebeurtenissen die zich toen voordeden. Dit gedeelte is voornamelijk informatief en daardoor lijkt het enigszins oppervlakkig.

Op een dag wordt Sabine gevangengenomen, zo goed als zeker omdat ze verraden is. Vanaf dat moment doet de auteur verslag van deze nieuwe situatie en krijg je inzicht in wat haar moeder in gevangenschap heeft moeten doorstaan. Aanvankelijk valt dat nog wel mee, hoofdzakelijk omdat ze zich in het begin nog in Nederlandse gevangenissen bevond. Uiteraard geen pretje, want de Duitsers waren de baas, maar het stelde niets voor in vergelijking met wat Sabine in eerst concentratiekamp Ravensbrück moest doormaken en later in het nog verschrikkelijkere Mauthausen. De ellende die daar heerste en de ontberingen waar de enorme aantallen gevangenen mee te maken kregen worden niet heel uitvoerig, maar wel duidelijk en bij vlagen invoelend naar voren gebracht.

Taylor-Tazelaar besteedt relatief veel aandacht aan een intensieve briefwisseling die haar moeder met de eveneens gevangenzittende Duitser Franz Josef Gebele heeft gehad. Deze man, die al vrij snel innig verliefd op haar werd, heeft een bijzonder belangrijke rol in Sabines leven in Mauthausen gespeeld, want dankzij hem heeft ze de korte tijd die ze in dit concentratiekamp verbleef wel kunnen overleven en is ze niet omgebracht. Toch kun je je niet aan de indruk onttrekken dat Gebele in feite een onbetrouwbaar en tamelijk wispelturig sujet was. De aandacht die aan hem en zijn brieven geschonken wordt, is iets te veel van het goede, maar dat zal ongetwijfeld komen omdat zijn handelen voor de auteur belangrijk is geweest. Want, zoals gezegd, door hem heeft haar moeder de oorlog wel overleefd.

Tussen de vele persoonlijke verhalen die over de oorlog verteld en opgetekend zijn, zal Sabines oorlog niet direct in het oog springen. Het boek is prima en toegankelijk geschreven, verschillende hoofdstukken zijn zonder meer intens en de ellende die de Tweede Wereldoorlog heeft veroorzaakt, komt absoluut goed naar voren. Aan de andere kant gaat het niet overal bijzonder diep op in. Dat kan komen door het ontbreken van meer informatie – hoewel het er wel op lijkt dat de auteur grondig research heeft gepleegd – maar ook omdat je het gevoel hebt dat Taylor-Tazelaar dit verhaal overwegend geschreven is om het leven van haar moeder inzichtelijk te krijgen. En daarin is ze zonder meer geslaagd.

Waardering: 3/5

Boekinformatie
Auteur: Eva Taylor-Tazelaar
Titel: Sabines oorlog

ISBN: 9789021340050
Pagina’s: 272

Eerste uitgave: 2021

De donkere straten van Caïro – Parker Bilal

Flaptekst
Privédetective Makana gaat op zoek naar een vermiste Egyptische stervoetballer. Het onderzoek leidt hem naar een gevaarlijke en betoverende wereld, waar hij in contact komt met extremistische moslims, Russische gangsters en een wanhopige moeder, die op zoek is naar haar dochter. Het wordt een zoektocht die pijnlijke herinneringen naar boven haalt en Makana uiteindelijk confronteert met een oude en gevaarlijke vijand…

Recensie
Onder het pseudoniem Parker Bilal begon de Brits-Soedanese auteur Jamal Mahjoub in 2012 met het publiceren van een aantal misdaadverhalen met privédetective Makana. De serie, die zich afspeelt in de Egyptische hoofdstad Caïro, bestaat uit zes delen. Alleen de eerste drie daarvan, te beginnen met De donkere straten van Caïro, zijn in het Nederlands vertaald. Voor werk dat hij onder zijn eigen naam schreef heeft hij een aantal nominaties en prijzen gewonnen.

Oud-inspecteur Makana is jaren geleden vanuit Sudan naar Egypte gevlucht en om inkomen te hebben werkt hij er als privédetective. Op een dag wordt hij benaderd door de schatrijke, maar ook beruchte zakenman Hanafi, met het verzoek de sinds kort vermiste voetballer Adil Romario op te sporen. Ongeveer tegelijkertijd ontmoet hij een vrouw wier dochter zeventien jaar eerder plotseling verdween en waar ze sindsdien voortdurend naar op zoek is. Makana gaat aan de slag en krijgt tijdens zijn naspeuringen te maken met een Russische crimineel. Door dit alles komen nogal pijnlijke herinneringen bovendrijven.

De vrij lange proloog waar het verhaal mee begint doet exact wat een goede inleiding hoort te doen: hij maakt de lezer nieuwsgierig, zorgt voor spanning en laat weten wat er – in dit geval 1981 – gebeurd is. Hierna komt inspecteur Makana – het is inmiddels zeventien jaar later – in beeld. Hij is degene om wie de plot voornamelijk draait en heel geleidelijk wordt steeds meer over zijn persoon en zijn veelbewogen verleden bekendgemaakt. Het is prima om niet meteen alles over deze markante, maar sympathieke detective te weten te komen, want hierdoor blijft je gevoel van nieuwsgierigheid naar hem en wat hem in Sudan is overkomen tot in de eindfase gehandhaafd. Ook de twee vermissingen waar hij zich mee bezighoudt, blijven de lezer boeien, hoewel hij, net als Makana, aanvoelt dat ze beide met elkaar te maken hebben.

Ondanks het behoorlijke tempo waarin het verhaal zich afspeelt, lijkt de privédetective geen vorderingen te maken. Dat is echter schijn. Want stukje bij beetje komt hij almaar dichter bij de uiteindelijke oplossing en hoe Bilal dit hem laat aanpakken is uiterst subtiel. Dit gaat allemaal gepaard met diverse veelal bedaarde plotwendingen en onverwachte ontwikkelingen, waardoor verschillende spannende momenten ontstaan. De ontknoping bevat enkele scènes waarin de snelheid wordt opgevoerd en als gevolg daarvan ontstaat wat actie. Eveneens is er dan een emotioneel en enigszins aangrijpend en triest hoofdstuk waarin nog meer over Makana’s geschiedenis onthuld wordt.

De schrijfstijl van Bilal is bij vlagen poëtisch en regelmatig maakt hij gebruik van mooi geformuleerde zinnen. Hij schrijft tevens invoelend en zonder dat het er dik bovenop ligt heeft hij de politieke ontwikkelingen die Egypte in die periode in zijn greep hield in dit thrillerdebuut verwerkt. Dit komt de geloofwaardigheid van het verhaal zonder meer ten goede. De auteur waakt er echter voor dat het boek belerend of maatschappijkritisch overkomt. Verre van zelfs, want het Makana-avontuur is erg toegankelijk en eigentijds geschreven, waarbij hij een vleugje humor en een milde vorm van cynisme niet achterwege laat.

Al met al is De donkere straten van Caïro een van begin tot eind boeiende detective met een aantal interessante en intrigerende personages. Alleen daarom is het al jammer dat er maar drie delen met Makana in het Nederlands vertaald zijn.

Waardering: 4/5

Boekinformatie
Auteur: Parker Bilal
Titel: De donkere straten van Caïro

ISBN: 9789044531046
Pagina’s: 414

Eerste uitgave: 2012

Musserts schaduw – John Kuipers

Flaptekst
Hij is boomlang, onconventioneel en ongeduldig. Maar hij is ook bang voor honden, een zwakke schutter en voorzien van een goed gevoel voor humor. Hoofdinspecteur Charlie Swieninck is chef van het Bureau Bijzondere Delicten en moet zich verhouden tot de Duitse bezetter, die langzaam maar zeker zijn gezag doet gelden binnen de Haagse politie.

Op 29 juni 1940, Anjerdag, wordt Charlie opgeroepen na een moord op station Hollands Spoor. Het slachtoffer is Marnix Maas, een belangrijk juridisch raadsman van de NSB. Onvermijdelijk leidt het onderzoek naar zwaargewichten binnen de partij, onder wie Rost van Tonningen, Feldmeijer, en natuurlijk de leider van de nationaalsocialisten Anton Mussert. Intussen voert de NSB de druk op om de dader in een andere richting te zoeken.

Recensie
Voormalig journalist John Kuipers maakte in 2011 zijn schrijversdebuut met De geest van het spel, een biografie over schaker Jan Timman. Na zijn vervroegde pensionering gooide hij het over een andere boeg en begon hij aan het schrijven van een thriller. Dat werd het in 2022 verschenen Musserts schaduw, het eerste deel van een serie met hoofdinspecteur Charlie Swieninck van het Bureau Bijzondere Delicten van de Haagse politie. Het idee voor deze reeks bedacht hij overigens al in 1989.

Eind juni 1940, de Duitsers hebben Nederland inmiddels bezet, krijgt hoofdinspecteur Charlie Swieninck te maken met de moord op de vooraanstaande NSB-advocaat Marnix Maas. Hij blijkt in een trein op station Holland Spoor met een dolk in de keel te zijn gestoken. De inspecteur en zijn team starten een onderzoek en het is onvermijdelijk dat ze hun pijlen op de top van de partij richten. Hierdoor komt ook hun leider Anton Mussert in beeld. Het opsporingswerk wil echter niet vlotten en beïnvloeding door de NSB draagt evenmin bij aan een snelle voortgang van de werkzaamheden.

In Musserts schaduw maakt de lezer meteen kennis met hoofdinspecteur Charlie Swieninck, uit wiens perspectief het volledige verhaal wordt verteld. Hij leert hem daardoor goed kennen en komt te weten dat de sympathieke politieman in feite een wat teruggetrokken, maar niet volledig wereldvreemd leven leidt. Niet alleen zijn personage wordt goed uitgewerkt, want voor de collega’s met wie hij samenwerkt geldt hetzelfde, hoewel zij wel een stuk minder uitvoerig beschreven worden. De sfeer en omstandigheden van medio 1940 worden goed overgebracht. Voorbeelden zijn het verschil tussen de stad en het platteland tijdens de beginmaanden van de Tweede Wereldoorlog en de gestage veranderingen die de Duitse bezetter in de Nederlandse samenleving aanbracht.

Het oplossen van een moord, het ondervragen van verschillende personen en de tegenstand die de politie daarbij krijgt, zijn natuurlijk van alle tijden en komt in veel meer thrillers voor, maar de omstandigheden in dit boek zijn net even anders, waardoor het verhaal een toch enigszins uniek tintje krijgt. Dit komt overigens mede door de schrijfstijl, die behalve eigentijds bij vlagen cynisch is en zo nu en dan eveneens wat subtiele humor herbergt. Doordat de plot zich in de oorlog afspeelt, er veel werkelijk bestaande personages in voorkomen (achterin het boek is een namenlijst opgenomen van hen die echt geleefd hebben) en ook de omstandigheden waarheidsgetrouw zijn, is het verhaal bijzonder realistisch. Nergens krijg je het gevoel dat de gebeurtenissen fictief zijn, terwijl je eigenlijk weet dat dit wel zo is.

Ondanks dat de plot zich in een overwegend traag tempo afspeelt, is het niet langdradig of vervelend. Er zijn voldoende ontwikkelingen en wendingen – zowel op persoonlijk als professioneel vlak – maar van een zinderende spanning is nergens sprake. Pas in de slotfase wordt de spanningsboog een stuk strakker aangespannen. Dan wordt het tevens duidelijk waarom de advocaat vermoord is en door wie. Tot dan blijft het bij gissingen en verdachtmakingen, dus tot het eind is het voor de lezer een raadsel hoe alles af zal lopen. In de plot herhaalt de auteur zich af en toe, maar dat zijn welbeschouwd enkele kleine feitjes die betrekking hebben op een paar personages zelf. Storend is het in ieder geval niet.

De moord mag dan zijn opgelost, dit houdt evenwel niet in dat de lezer niets meer van Swieninck, zijn collega’s en zijn buurvrouw Fie Donkervoorth gaat horen. Kuipers heeft immers aangegeven dat Musserts schaduw het eerste deel van een serie is. Dit begin van de reeks met interessante personages, een prima setting en boeiende en geloofwaardige omstandigheden, is hoe dan ook een  veelbelovend en sterk thrillerdebuut.

Waardering: 4/5

Boekinformatie
Auteur: John Kuipers
Titel: Musserts schaduw

ISBN: 9789403172910
Pagina’s: 400

Eerste uitgave: 2022

Gouden nevel – Thijs Voortman

Flaptekst
Een onderzoeksteam van de Verenigde Naties doet op Antarctica een schokkende ontdekking. Op datzelfde moment neemt een onbekende vrouw via FaceTime contact op met professor Sarah Hallbrook, die als bioloog en klimaatwetenschapper verbonden is aan Oxford University. Sarah krijgt de opdracht op zoek te gaan naar een onderzoek van haar overleden vader.

In een split second verlaat Sarah haar appartement en vlucht naar Nederland. Een Noors klimaatinstituut blijkt jacht op haar te maken. Ze ontkomt er niet aan om de moord op haar vader, ruim twintig jaar geleden, opnieuw onder ogen te komen. Samen met forensisch rechercheur Floyd Walsh van de Rijksrecherche Amsterdam stelt Sarah alles in het werk om de onderzoeksresultaten in handen te krijgen. Gaandeweg wordt het haar steeds duidelijker dat haar vader baanbrekend werk heeft verricht. Het kon weleens de oplossing zijn voor een naderende klimaatramp, waarvan slechts een enkeling op de hoogte is.

Tijdens een levensgevaarlijke reis over verschillende continenten wordt Sarah geconfronteerd met de kwetsbaarheid van de natuur, zichzelf en onschuldige anderen. Lukt het Sarah om de onderzoeksresultaten uit verkeerde handen te houden? Wat hield haar vader verborgen? Waarom wordt er jacht op haar gemaakt? 

Recensie
Nadat Thijs Voortman als jurist afstudeerde heeft hij tien jaar als advocaat bij een aantal advocatenkantoren in Nederland en op Curaçao gewerkt. Hierna begon hij een eigen kantoor en specialiseerde hij zich in duurzaamheid. Zijn liefde voor en kennis van de natuur heeft hij gecombineerd met zijn passie voor schrijven, want in 2022 debuteerde hij met de eco-thriller Gouden nevel, waarmee hij een van de kanshebbers was voor de Hebban Debuutprijs 2023.

Twee leden van een VN-onderzoeksteam doen op Antarctica een ontdekking die van grote invloed kan zijn op het voortbestaan van de mensheid. Niet veel later ontvangt Sarah Hallbrook een bericht van een onbekende vrouw om onderzoeksgegevens, waar haar twintig jaar eerder vermoorde vader aan gewerkt heeft, veilig te stellen. Samen met forensisch rechercheur Floyd Walsh probeert ze dit rapport in handen te krijgen, maar ze blijken niet de enigen te zijn die er belangstelling voor hebben. Tijdens hun wereldwijde zoektocht worden ze zwaar gehinderd en komt hun leven regelmatig in gevaar.

Het verhaal gaat van start met een vrij lange proloog die zich in 1998 afspeelt, al voor de nodige spanning zorgt, zonder meer nieuwsgierig maakt en tijdens één specifieke scène nog invoelend is. Dat belooft dus wat voor de rest van de plot, die na dit begin een flashforward naar 2019 maakt, maar regelmatig terugkeert naar het verleden. Door deze sprongen in tijd komt de lezer stukje bij beetje te weten wat aan de gebeurtenissen die in het heden plaatsvinden ten grondslag ligt. Diens nieuwsgierigheid wordt hierdoor steeds meer bevredigd. Daarnaast leeft hij voortdurend mee met Sarah Hallbrook, uit wier perspectief het grootste deel van het verhaal wordt verteld.

Omdat er ontzettend veel gebeurt, is het tempo aanzienlijk. Zo nu en dan maakt de auteur pas op de plaats, om er niet veel later opnieuw de vaart in te zetten. De vele plotwendingen, waaronder verschillende onverwachte, zorgen er samen met talrijke actiescènes voor dat de spanning behoorlijk groot is. Voortman heeft in zijn debuut diverse wetenschappelijke feiten verwerkt die met de natuur en het klimaat te maken hebben en hoewel het verhaal natuurlijk volledig fictief is, bevat het wel degelijk elementen die realistisch zijn. Toch heeft de lezer weleens het gevoel dat de nadruk iets te veel op de huidige klimatologische problematiek wordt gelegd, hoe verontrustend dit ook is. Verder zijn diverse situaties in de plot niet heel erg geloofwaardig, maar dit is absoluut niet storend en je krijgt eigenlijk niet de indruk dat het daarom te doen is.

De schrijfstijl is toegankelijk, vlot en over het algemeen erg beeldend. De auteur heeft echter niet kunnen voorkomen dat er enkele kleine taalkundige slordigheden in zijn boek zijn geslopen. Ook bevat de plot een paar niet taalkundige foutjes. Een voorbeeld hiervan is dat Voortman een dominee van een protestantse kerk een kruisje laat slaan en een mis laat voordragen. Beide religieuze uitingen horen echter niet bij het protestantse geloof. Op de gebeurtenissen en het verloop van het verhaal heeft dit overigens geen enkele invloed. De personages zijn, op een enkeling na, niet heel uitvoerig uitgewerkt, maar wel ruim voldoende voor hun rol in het geheel. Hallbrook maakt zelfs een positieve ontwikkeling door, hetgeen interessant is om te zien gebeuren.

In de ontknoping wordt de lezer nog getrakteerd op een verrassing en een kort zinnetje in een van de laatste hoofdstukken suggereert dat de avonturen van Sarah Hallbrook nog niet voorbij zijn. Het heeft er dus alle schijn van dat Gouden nevel, dat een eco-thriller pur sang is, een verdiend vervolg krijgt.

Waardering: 4/5

Boekinformatie
Auteur: Thijs Voortman
Titel: Gouden nevel

ISBN: 9789464375350
Pagina’s: 432

Eerste uitgave: 2022

De stille kamer – Nadine Matheson

Flaptekst
Inspecteur Anjelica Henley onderzoekt samen met haar team de moord op een populaire pastor in zijn kerk. Bij toeval ontdekt ze een tweede slachtoffer, vastgebonden aan een bed in een donkere kamer. Het slachtoffer is nog nauwelijks in leven en zijn lichaam vertoont tekenen van een zware marteling. Terwijl de media Anjelica vanwege haar reputatie in een eerdere zaak nauwlettend in de gaten houden, moet ze deze ingewikkelde zaak zien op te lossen. Als er weer een vastgebonden lichaam opduikt, is het Anjelica duidelijk dat er een seriemoordenaar actief is. Wanneer het aantal doden snel oploopt, moeten Anjelica en haar team alles op alles zetten om meer slachto$ers te voorkomen.

Recensie
Als onderdeel van de masteropleiding creatief schrijven schreef Nadine Matheson De puzzelman (2021), inmiddels uitgegroeid tot een bestseller en vertaald in vijftien talen. Om deze opleiding te kunnen volgen, stuurde ze een verhaal in over een vermoorde dominee en na het afronden van haar thrillerdebuut wist ze dat ze inspecteur Henley en haar team de moord op deze voorganger wilde laten onderzoeken. Dit gebeurt in het in 2023 verschenen De stille kamer, het tweede deel van de serie rond Anjelica Henley van de Serial Crime Unit.

In het kantoor van de Kerk van Annan de Profeet vindt de schoonmaakster het lichaam van pastor Caleb Annan. Tijdens het onderzoek naar deze moord ontdekt inspecteur Henley in een afgeschermde kamer een tweede slachtoffer. Deze zwaar toegetakelde man ligt vastgebonden aan een bed en is amper in leven. Henley en haar collega’s doen er alles aan deze zaak op te lossen en om nog meer moorden te voorkomen. Ze maken echter niet zo heel veel vorderingen, terwijl hun werkzaamheden ook nog eens in de gaten worden gehouden door een lokale politicus.

Inspecteur Anjelica Henley en haar collega, rechercheur Salim Ramouter, hebben hun vorige zaak nog niet mentaal verwerkt – beiden bezoeken niet voor niets een therapeut – of een nieuwe, die wederom het uiterste van hen vergt, dient zich alweer aan. De complexiteit daarvan zorgt ervoor dat de lezer de gebeurtenissen van begin tot eind met veel belangstelling en een gezonde dosis nieuwsgierigheid blijft volgen. Dit begin al in de korte proloog, die niets aan de verbeelding overlaat, maar waarvan je wel kunt raden wat er op dat moment aan de hand is. Ook zijn er meer dan voldoende ontwikkelingen waardoor de lezer zo goed als nooit weet waar hij aan toe is. Als hij denkt te weten hoe de vork precies in de steel zit, zorgt de auteur voor een wending en kun je, net als de recherche, weer aan een nieuwe theorie beginnen. Om er vervolgens in de ontknoping achter te komen dat alles toch anders is dan tijdens het lezen een paar keer leek.

Net als in De puzzelman, het voorgaande deel van de tot nu toe tweedelige serie, is de belangrijkste rol weggelegd voor inspecteur Henley, maar deze keer heeft haar rechterhand, rechercheur Ramauter, ook een wat groter aandeel in het verhaal gekregen. De ondersteunende personages – de rechercheurs Eastwood en Stanford, en in mindere mate ook hoofdinspecteur Pellacia – zijn overigens net zo belangrijk voor de SCU en met z’n vijven vormen ze een overwegend hecht en solide team. Omdat vooral Henley en Ramauter nog niet lang geleden het een en ander hebben meegemaakt, is het goed om de boeken op chronologische volgorde te lezen. Het is dan niet alleen beter te begrijpen waarom beide rechercheurs therapeutische hulp nodig hebben, maar tevens geeft dit meer inzicht in hun persoonlijke omstandigheden.

De auteur heeft een aantal aansprekende en actuele thema’s als rassendiscriminatie, extreme geloofsbeleving en psychische problematiek in de plot verwerkt en dat pakt bijzonder goed uit. Het verhaal gaat hierdoor leven, waardoor het bijzonder geloofwaardig overkomt. Dit alles gaat absoluut niet ten koste van de spanning, die voornamelijk onderliggend, maar sowieso continu aanwezig is. Korte hoofdstukken en een toegankelijke en eigentijdse schrijfstijl zorgen voor een behoorlijk tempo, waarbij de beeldende beschrijvingen de lezer naar een niet te voorziene en een voor hem bevredigende ontknoping leiden. Het team van de Serial Crime Unit heeft zijn waarde en bestaansrecht in het door Iris Bol en Marcel Rouwé vertaalde De stille kamer opnieuw bewezen en in het aan het eind van 2023 te verschijnen vervolg mag het zich andermaal van hun beste kant laten zien.

(Dit boek heb ik voor Hebban gerecenseerd.)

Waardering: 4/5

Boekinformatie
Auteur: Nadine Matheson
Titel: De stille kamer

ISBN: 9789402711455
Pagina’s: 398

Eerste uitgave: 2023

De schaduwman – Helen Fields

Flaptekst
Elspeth en Meggy zitten opgesloten in een flat. Ze weten niet waar ze zijn en ze weten niet waarom ze daar worden vastgehouden. Het enige wat ze weten is dat een man ze heeft ontvoerd, en hij laat ze niet gaan. Ze zinnen op ontsnapping uit deze nachtmerrie, voordat de schaduwman meer slachtoffers maakt. Maar ze moeten voorzichtig zijn, want de seriemoordenaar houdt alles in de gaten…

Recensie
Helen Fields, in het dagelijks leven werkzaam als scenarioschrijver en producer, werd wereldwijd bekend met de inmiddels in zestien talen vertaalde Perfecte-serie, waarin de rechercheurs Ava Turner en Luc Callanach de hoofdrol hebben. Ze wilde echter ook een aantal nieuwe personages creëren, maar haar interesse in profilering en forensische psychologie speelde eveneens een belangrijke rol, begon ze aan een boek met Connie Woolwine, een Amerikaanse forensische psychologe, en Brodie Baarda, een gereserveerde politieman. De titel van deze eind mei verschenen thriller is De schaduwman en wordt min of meer beschouwd als een spin-off van de reeks met Turner en Callanach.

De politie van Edinburgh heeft de hulp ingeroepen van de Amerikaanse forensisch psychologe Connie Woolwine en de Londense inspecteur Brodie Baarda. Beiden mogen hun specialisme inzetten om de ontvoering van een jonge vrouw, een twaalfjarig meisje en een gehandicapte man tot een goed eind te brengen. Ze weten niet meer dan dat een extreem magere man hen meegenomen heeft. De drie ontvoerden zitten opgesloten in één ruimte en na een poosje maken een plan om te ontsnappen. Eenvoudig is dit evenwel niet, vooral omdat lijkt of de dader hen continu in de gaten houdt.

Het verhaal heeft een relatief lange tijd nodig om goed op gang te komen. De beginfase, de korte proloog inbegrepen, heeft een paar spannende momenten, maar het draait dan voornamelijk om de introductie personages, de ontvoering van Elspeth en Meggy en het daaruit voortvloeiende politieonderzoek. Hierbij springen met name Woolwine en Fergus (de ontvoerder) in het oog. Beiden zijn om uiteenlopende redenen opvallend anders dat het gemiddelde karakter in een thriller, en daardoor zonder enige vorm van twijfel intrigerend en bijzonder. In aanzienlijk mindere mate geldt dit voor Baarda, die als een enigszins grijze muis wordt neergezet, maar niettemin wel degelijk zijn mannetje staat en onmisbaar is in het geheel. Aardig is dat twee personen uit de Perfecte-serie ook in dit boek hun opwachting mogen maken.

Als de plot zich in een vergevorderd stadium bevindt, gaat Fields écht los. Allerlei ontwikkelingen volgen zich in hoog tempo op, de omstandigheden worden dreigender – zowel voor de drie die ontvoerd zijn als voor de ontvoerder zelf – en de lezer weet niet meer wat hij van het verloop van het verhaal moet of kan verwachten. De gebeurtenissen stapelen zich op en het gedrag van Fergus wordt gaandeweg steeds grilliger en onvoorspelbaarder. De auteur – ze staat hier toch enigszins om bekend – schuwt er ook in dit boek niet voor om de lezer te trakteren op de meest gruwelijke en bizarre details. Uiteindelijk leidt dit alles naar een heftige en intense ontknoping die zijn weerga niet kent. Onverwachte situaties, gedragingen en handelingen zorgen ervoor dat wat zich dan allemaal voordoet in je huid kruipt.

De schrijfstijl van Fields is zoals je van haar kunt verwachten: toegankelijk, beeldend en inlevend. In de hele plot, maar zeker aan het eind van de meeste hoofdstukken, weet ze de nieuwsgierigheid van de lezer op te wekken. Desondanks bevat het verhaal ook een paar minimale clichés, want een politieleiding die het liefst wil dat een zaak gisteren al is opgelost, komt namelijk in de meeste politiethrillers voor. Daarentegen is het buitengewoon origineel om Fergus te laten kampen met het zeldzame en overwegend onbekende syndroom van Cotard. Zijn gedrag en daden worden hier toch voor een groot deel door bepaald.

Het uitstapje van Fields om een standalone te schrijven heeft erg goed uitgepakt, want ondanks de vrij lange en stroeve start, is De schaduwman boeiend van begin tot eind. In de laatste paar regels van dit boek lijkt de auteur zelfs nog te speculeren op een terugkeer van Woolwine en Baarda en dat kan alleen maar worden toegejuicht, want het is een koppel dat veel potentie heeft.

Met dank aan uitgeverij Ambo Anthos voor het beschikbaar stellen van een vooruitleesexemplaar.

Waardering: 4/5

Boekinformatie
Auteur: Helen Fields
Titel: De schaduwman

ISBN: 9789026362699
Pagina’s: 416

Eerste uitgave: 2023

Win Win – Jan Van der Cruysse

Flaptekst
Laura staat op het punt af te studeren als ingenieur wanneer ze een envelop ontvangt, afzender onbekend. Inhoud: een ansichtkaart en een ticket voor een vlucht in businessclass naar San Francisco. Van Nigeria tot China wacht haar een verhaal van verdronken bootvluchtelingen, grootschalige zwendel met COVID-vaccins, moord en inbraak op bestelling en dealers in een traagwerkend gif. Haar gastheer is specialist in cryptofoons en cryptomunten. 

Recensie
Door een tijdelijke werkloosheid is Jan Van der Cruysse pas op vijfenvijftigjarige leeftijd gaan schrijven en is daardoor in feite een laatbloeier. In 2016 debuteerde hij met Diamantroof in Delhi, het eerste deel van de Bling Bling-trilogie. Mede dankzij een aantal prijzen en nominaties is het drieluik een van de succesvolste van de laatste paar jaar. Vijf jaar later, in november 2021, verscheen zijn alweer zesde thriller Win Win. Naast auteur is hij in het dagelijkse leven ook werkzaam als  communicatiespecialist.

Laura van Opstal is zo goed als afgestudeerd als ze een envelop van een onbekende afzender ontvangt waarin zich een ansichtkaart met een cryptische boodschap en een vliegticket naar San Francisco bevinden. Door nieuwsgierigheid gedreven besluit ze op het aanbod om naar de VS te vertrekken in te gaan. Pas in het vliegtuig krijgt ze het adres waar ze moet zijn: een dure villa aan de kust. Als ze daar arriveert, wordt ze geconfronteerd met omstandigheden waar ze part noch deel aan heeft, maar die haar leven wel in gevaar brengen.

Het verhaal zit, door een dertiental delen en een epiloog én een bijzonder groot aantal personages (achter in het boek is niet voor niets een personenlijst opgenomen), nogal complex in elkaar. De diverse flashbacks en -forwards maken het er niet altijd eenvoudiger op, want de lezer zal het grootste deel van de plot bij de les moeten blijven om de meeste hoofdstukken en situaties in het juiste perspectief te kunnen plaatsen – het is immers zo goed als ondoenlijk om alle data te onthouden. De complexiteit komt eveneens doordat er een behoorlijk wat verhaallijnen zijn die zich ook nog eens op verschillende locaties afspelen. De lezer vraagt zich aanvankelijk af wat ze allemaal met het grote geheel te maken hebben, totdat duidelijk wordt dat er één gemeenschappelijke deler is, hoewel deze relatief weinig in het verhaal betrokken wordt, maar desondanks wel belangrijk is.

De eerste hoofdstukken zijn nog vrij rustig, maar wel enigszins geheimzinnig. Dat komt door de envelop met de mysterieuze boodschap die Laura van Opstal op een dag ontvangt. Het verhaal verandert al gauw van strekking, want het wordt zonder meer interessanter als Van Opstal vlak voor haar aankomst in de Verenigde Staten een nieuwe envelop overhandigd krijgt. Vanaf dat moment gaat de plot boeien en wordt het tempo enigszins opgevoerd. De gebeurtenissen volgen elkaar vanaf dan snel op en de lezer hoeft zich geen moment te vervelen. Rustigere momenten, die hoe dan ook noodzakelijk zijn, worden afgewisseld met scènes waarin veel actie voorkomt en waarbij zo nu en dan een dosis geweld te pas komt. In ieder geval ben je verzekerd van een flinke hoeveelheid spanning.

De schrijfstijl van Van der Cruysse is beeldend, toegankelijk en vlot. De lezer kan zich niet alleen een voorstelling maken van de omstandigheden waarin de vele personages zich bevinden, maar ook van de omgeving die de setting van de scènes vormen. Toch is het moeilijk om je in de karakters te kunnen verplaatsen en inleven. Er zijn er gewoon te veel en daardoor kun je onmogelijk een band met hen opbouwen. Daarnaast spreekt het merendeel van hen niet aan vanwege hun dubieuze praktijken of hun gewelddadige inborst. Verder heeft die veelheid aan personen tot gevolg dat ze vrij oppervlakkig zijn en blijven, maar evenmin een ontwikkeling doormaken.

Ondanks de paar mindere punten van het boek is Win Win een intrigerende, maar overwegend ongeloofwaardige thriller die de lezer van begin tot eind bezighoudt. Bij het schrijven van dit boek heeft de auteur enkele destijds actuelere onderwerpen (ze zijn dat eigenlijk nog steeds) in het verhaal verwerkt. Hierdoor spreekt het meer aan dan normaliter het geval zou zijn, sommige onvoorstelbare situaties die in het dagelijkse leven gelukkig niet voorkomen, zijn in dit geval de spreekwoordelijke kers op de taart.

Waardering: 4/5

Boekinformatie
Auteur: Jan Van der Cruysse
Titel: Win Win

ISBN: 9789022338230
Pagina’s: 422
Eerste uitgave: 2021

Mungo – Douglas Stuart

Flaptekst
De protestantse Mungo en de katholieke James leven in de hypermannelijke en gevaarlijke buitenwijken van Glasgow. Van gezworen vijanden worden ze beste vrienden wanneer ze beiden een toevluchtsoord vinden in de duiventil die James voor zijn prijswinnende duiven heeft gebouwd.

De vriendschap verandert langzaam in liefde, maar Mungo moet er alles aan doen zijn ware zelf en zijn ware liefde geheim te houden – met name voor zijn oudere broer Hamish, een meedogenloze bendeleider. Dan stuurt Mungo’s moeder hem met twee onbekenden op een kampeertrip die zijn leven voorgoed verandert. Vindt hij de moed en de kracht terug te keren en is er een toekomst voor Mungo met James?

Recensie
De in 2020 verschenen debuutroman Shuggie Bain was voor Douglas Stuart meteen een wereldwijd succes. Hij won er onder andere de prestigieuze Booker Prize mee en van het boek zijn inmiddels meer dan anderhalf miljoen exemplaren verkocht. Twee jaar later verscheen de opvolger Mungo, dat zich afspeelt in het armoedige Glasgow aan het begin van de jaren negentig van de vorige eeuw, voor een aantal prijzen is genomineerd en opnieuw elementen bevat die de auteur zelf heeft meegemaakt.

De vijftienjarige jongens Mungo en James wonen dicht bij elkaar in een van de armoedigste en gevaarlijkste buitenwijken van Glasgow. Ondanks hun achtergrond – Mungo is protestants en James katholiek – worden ze vrienden, maar na verloop van tijd gaat dit verder dan vriendschap alleen. Beiden moeten de liefde voor elkaar geheim houden. Op een dag wordt Mungo door zijn moeder met twee onbekende mannen meegestuurd voor een vis- en kampeerweekend, maar tijdens hun verblijf in het noorden van Schotland gebeurt er iets dat van grote invloed op zijn leven is.

Hoewel Mungo een heel ander verhaal is en daardoor ook een andere strekking heeft, zijn er desondanks veel overeenkomsten met Stuarts voorganger Shuggie Bain. De meest in het oog springende zijn de zo treffend beschreven armoede in een van de grootste achterstandswijken van Glasgow, de troosteloosheid die hier een gevolg van is, de ontwrichte gezinnen, overvloedig alcoholgebruik of misschien wel -misbruik, de onderlinge verstandhouding tussen een jongen en zijn moeder en ten slotte de liefde voor iemand van hetzelfde geslacht. Hieruit valt overduidelijk op te maken dat de auteur tijdens het schrijven van beide boeken zijn eigen ervaringen voor een belangrijk en aanzienlijk deel heeft laten meewegen. Een pré daarvan is dat de roman hierdoor authentiek is en eveneens realistisch overkomt.

De rauwheid van een groot deel van het verhaal is aan het begin van het eerste hoofdstuk al merkbaar, met name wanneer Mungo samen met de twee onbekende mannen op pad gaat voor hun weekend weg. Tegelijkertijd weet de lezer ook dat zich tijdens die paar dagen iets gaat voordoen en heeft hij een erg sterk vermoeden wat dit zal zijn. Wordt het hierdoor dan voorspelbaar? Absoluut niet. Er zijn immers ruim voldoende wendingen en gebeurtenissen die onverwacht zijn en/of een andere draai aan de plot geven, ook tijdens die paar dagen in het noorden van Schotland. Dit zorgt niet alleen voor afwisseling, maar tevens voor een aantal situaties waarbij het enigszins spannend wordt. Ondanks de barre omstandigheden zijn er echter ook diverse tedere en liefdevolle momenten, voornamelijk wanneer Mungo en James hun tijd in elkaars gezelschap doorbrengen.

Omdat de plot praktisch volledig wordt verteld vanuit het perspectief van Mungo leert de lezer hem behoorlijk goed kennen. Door wat hem allemaal overkomt, zie je hem veranderen en merk je waar hij mee worstelt. Het kan bijna niet anders dan dat je een zwak voor hem krijgt. De overige personages worden overigens ook sterk neergezet, ongeacht of ze wel of niet sympathiek zijn. In een beeldende en soms met mooie metaforen voorziene schrijfstijl loodst de auteur de lezer door een vrij korte periode in het leven van de vijftienjarige jongen. Maanden waarin hem erg veel overkomt, maar waarin hij tevens veel ontdekt. Dit alles wordt door Stuart zowel indringend als liefdevol verwoord en dat maakt dat Mungo een waardig opvolger van zijn debuut is.

Waardering: 4/5

Boekinformatie
Auteur: Douglas Stuart
Titel: Mungo

ISBN: 9789046829417
Pagina’s: 400

Eerste uitgave: 2022

De Ripper connectie – Gerrit Barendrecht

Flaptekst
December 1889. Een prostituee wordt gevonden, hevig toegetakeld op een manier die
onmiskenbaar het gruwelijke werk is van Jack the Ripper. Alleen ligt het slachtoffer niet in de straten van Londen, maar in een steeg in Amsterdam. Heeft de schrik van Whitechapel zijn werkterrein verlegd naar onze hoofdstad? Alles wijst die kant op wanneer het bloed blijft vloeien. Dan wordt duidelijk dat de moordenaar zich op één persoon in het bijzonder richt…
Nog nooit was de inzet zo hoog en zo persoonlijk voor journalist Ida de Morsain en inspecteur Julius Katz. En hun tegenstander was nog nooit zo ongrijpbaar, zo wreed en zo berucht.

Recensie
Gerrit Barendrecht was rond de twintig toen hij een grote interesse kreeg in het schrijven van thrillers. Over de verhalen die hij destijds schreef, was hij ontevreden, tot hij dacht om gewoon maar aan een spannend boek te beginnen. Dat werd zijn in 2018 verschenen debuutthriller De Parijse connectie. Vier jaar later werd De Ripper connectie, het derde deel uit de serie met Julius Katz en Ida de Morsain, uitgebracht. Voor dit boek heeft hij uitgebreid onderzoek gedaan naar de geestelijke gezondheidszorg aan het eind van de negentiende eeuw.

Het is december 1889 wanneer het zwaar verminkte en levenloze lichaam van een prostituee wordt gevonden. Alles wijst erop dat de befaamde Londense seriemoordenaar Jack de Ripper weer heeft toegeslagen. De moord is echter in Amsterdam gepleegd, dus de vraag is of hij naar de Nederlandse hoofdstad is uitgeweken. Hoewel de voltallige politiemacht, onder leiding van inspecteur Julius Katz, jacht op hem maakt, lijkt hij ongrijpbaar. Op een gegeven moment wordt echter wel duidelijk dat de moordenaar zijn vizier op één specifiek iemand heeft gericht. Dit betekent dat het voor Katz allemaal wel heel erg dichtbij komt.

In dit derde deel van de Katz/De Morsain-serie ontwikkelen beide personages zich opnieuw een klein beetje meer. Om hun doen en laten van meet af aan te kunnen volgen, is het raadzaam bij het eerste boek uit de reeks (De Parijse connectie) te beginnen. Het voordeel daarvan is dat je hun groei meemaakt zonder daar iets van te missen. Dit is dan ook de enige reden om de reeks op volgorde te lezen, want de verhalen kunnen uitstekend afzonderlijk van de andere gevolgd worden. Deze keer krijgt het tweetal te maken met een moordenaar die nogal wat afschuw opwekt. Niet alleen door zijn daden, maar eveneens wegens zijn uiterlijk. Barendrecht beschrijft ook hem minutieus, waardoor de lezer hem behoorlijk goed leert kennen.

De auteur is er opnieuw in geslaagd de sfeer van Amsterdam aan het eind van de negentiende eeuw weer te geven. De armoede, de vuiligheid, de slechte bewoningen, et cetera, et cetera. Hierdoor, maar ook omdat in het verhaal verschillende waargebeurde historische feiten zijn verwerkt, is wat er allemaal gebeurt bijzonder realistisch. Dat de nog immer tot de verbeelding sprekende seriemoordenaar Jack de Ripper hier deel van uitmaakt, draagt daar uiteraard eveneens aan bij.  Barendrecht heeft zijn research zonder meer op orde, want aan de vooruitgang waar de stad mee te maken heeft, wordt bij tijd en wijle tevens aandacht besteed. De details van de toenmalige geestelijke gezondheidszorg worden nauwkeurig beschreven en zijn waarheidsgetrouw.

Aanvankelijk bevindt de plot zich nog in een overwegend rustig vaarwater, maar als het er nogal heet aan toegaat en de ontwikkelingen zienderogen toenemen, neemt de snelheid navenant toe. Tot dit in de eindfase van het verhaal zijn hoogtepunt bereikt. De gebeurtenissen volgen zich rap tempo op en voor een aantal personages wordt hun situatie nogal hachelijk. Hierdoor komt de spanning, die in de plot sowieso al latent aanwezig is, nog beter tot zijn recht. In een vlotte en uitermate toegankelijke schrijfstijl weet de auteur de lezer van begin tot eind te boeien. De afwisselende vertelperspectieven zorgen voor voldoende variatie en, in samenhang met alle voorvallen, een interessant en bij vlagen intrigerend verhaal.

Katz en De Morsain zijn personages die nog niet zijn uitgegroeid. Ze vormen met z’n tweeën een sterk koppel en het moet wel heel raar lopen wil de lezer niet nog meer van hen horen. Al met al heeft Barendrecht met De Ripper connectie andermaal bewezen dat hij indertijd een goede keuze heeft gemaakt om spannende boeken te gaan schrijven.

Waardering: 4/5

Boekinformatie
Auteur: Gerrit Barendrecht
Titel: De Ripper connectie

ISBN: 978902103081
Pagina’s: 352

Eerste uitgave: 2022

Niet de race maar de reis – Jolanda Linschooten

Flaptekst
Hoe is het om in je eentje dwars door Engeland, Wales en Schotland te rennen? Ultraloopster Jolanda Linschooten deed het. Ze liep in zes weken een trailrun van 2000 km, in de eenzaamheid van de ruige natuur, door weer en wind.

Het was heerlijk – ze voelde de snelheid in haar benen, in haar hele wezen, en ze was één met de elementen. Maar het was ook afzien door kou en intense vermoeidheid. De reis keerde haar emotioneel binnenstebuiten, maar uiteindelijk overwon ze zichzelf.

Recensie
Nadat haar moeder vele jaren geleden overleed, nam Jolanda Linschooten een drastische, maar vanuit haar hart komende beslissing. Ze zegde haar baan als leerkracht in het speciaal onderwijs op en gaf zichzelf daarna twee jaar de tijd om te bekijken of ze met schrijven, fotograferen en fotoreizen van het avonturier zijn kon leven. Dat dit haar gelukt is, valt onder andere op te maken uit het tiental boeken dat ze inmiddels geschreven heeft. Eén daarvan is het in 2015 verschenen Niet de race maar de reis, waarin ze uit de doeken doet hoe het was om in zeven weken tijd dwars door Groot-Brittannië te rennen, een afstand van bijna 2.000 kilometer.


Na een niet al te lange proloog begint het avontuur waar Linschooten aan begint pas echt. Haar trail vangt aan in Land’s End, in het zuidwesten van Engeland om vervolgens zo’n 2.000 kilometer later te eindigen in John O’ Groats, in het noordoosten van Schotland. Achtenveertig dagen heeft ze erover gedaan, rennend welteverstaan. In alle eenzaamheid, over verschillende soorten terrein en door weer en wind. Dat zoiets niet voor iedereen is weggelegd, heeft auteur en renster zelf ook ervaren, want ze geeft in haar verhaal ruiterlijk toe dat ze een paar keer twijfels heeft gehad om haar reis te vervolgen. Steun of afstand en eigen doorzettingsvermogen hebben haar geholpen om toch door te gaan.

In het boek laat de auteur de lezer als het ware met haar meelopen. Dit komt voor een groot deel door de beeldende beschrijvingen van de omgeving, wat ze zoal doormaakt en hoe de weersomstandigheden waren. Omdat ze praktisch iedere dag aan het rennen is, valt ze zo nu en dan wel in herhaling. Eigenlijk kan dat ook niet anders, want in feite lijken de dagen op elkaar. Af en toe heeft ze een ontmoeting met iemand en na haar aanvankelijke terughoudendheid – ze wordt het liefst met rust gelaten – blijken deze gesprekjes juist louterend te werken. Van sommige krijgt ze extra energie.

Tijdens haar trail kijkt Linschooten regelmatig terug naar haar eigen leven. De ellende die haar overkomen is en moeilijkheden waar ze tegenaan gelopen is. Op deze momenten stelt ze zich kwetsbaar op, maar is ze ook zo sterk om onder ogen te zien dat ze door haar onderneming dingen af kan sluiten en om verder te kunnen met haar eigen leven. Wat dat betreft kan dit alles ook enigszins gezien worden als een vorm van zelftherapie. Niet de race maar de race is echter geen zwaar of zwaarmoedig verhaal, want in een toegankelijke en vlotte schrijfstijl heeft de auteur precies overgebracht wat ze wilde vertellen. Haar reis was er in feite niet alleen een die door Groot-Brittannië liep, maar ook door (of in) zichzelf. En dat alles op een overwegend leuke en mooie manier beschreven.

Waardering: 3/5

Boekinformatie
Auteur: Jolanda Linschooten
Titel: Niet de race maar de reis

ISBN: 9789024566822
Pagina’s: 272

Eerste uitgave: 2015